Vandaag in de Agneskerk

1 augustus: Sint Petrus' Banden -- Boete- en gebedsdag voor christenen in het Midden-Oosten

Wij bidden voor de vervolgde christenen uit het Midden-Oosten op vrijdag 1 augustus tussen 12.00 en 14.00 uur voor het uitgestelde Allerheiligste Sacrament.

30 juli 2010

Informatiebulletin voor de maand augustus is verschenen

Het Informatiebulletin van onze kerk voor de maand augustus is verschenen. Hierin aandacht voor het feest van Maria Tenhemelopneming dat we op zondag 15 augustus a.s. op grootse wijze willen vieren, met als bijzondere gast zijne hoogwaardige excellentie mgr François Bacqué, apostolisch nuntius in Nederland.

Het bulletin is op deze site te vinden onder het tabblad 'Informatiebulletin'. Ook bestaat de mogelijkheid om het blad elke maand gratis per e-mail (klik hier) te ontvangen.


25 juli 2010

Preek voor de negende zondag na Pinksteren

Gij hebt uw tijd van genade niet erkend.

Epistel (1 Kor. 10, 6-13)
Broeders, laten wij geen begeerten koesteren naar het kwade, zoals zij (de Israëlieten) dat hebben gedaan. Wordt dus geen afgodendienaars, zoals sommigen van hen; er staat immers geschreven: “Het volk zette zich neer om te eten en te drinken, en zij stonden op om te spelen.” Laten wij ook geen onkuisheid bedrijven, zoals sommigen van hen zich overgaven aan ontucht; en op één dag vielen er drieëntwintigduizend. En laten wij Christus niet tergen, zoals sommigen van hen dat hebben gedaan; en zij kwamen om door de slangen. En wilt ook niet morren, zoals sommigen van hen dat deden; en zij kwamen om door de verderfengel. Dit alles nu is hun overkomen bij wijze van voorbeeld, en het werd opgeschreven als een waarschuwing voor ons, die het einde der tijden beleven. Daarom – wie meent, dat hij staat, laat hij toezien, dat hij niet valt. Geen beproeving moge u aangrijpen, die niet menselijk is; doch – God is getrouw, en Hij zal niet toelaten, dat gij beproefd wordt boven uw krachten; maar met de beproeving zal Hij ook uitkomst geven, om ze te kunnen doorstaan.

Evangelie (Lc. 19, 41-47)
In die tijd, toen Jezus in de nabijheid van Jeruzalem kwam en de stad daar voor Zich zag liggen, weende Hij over haar en sprak: Ach, mocht ook gij, tenminste op deze uwe dag, nog inzien, wat u tot vrede strekt! Maar thans is dat voor uw ogen verborgen. Want er zullen dagen over u komen, dat uw vijanden u met een stormwal zullen omringen, u zullen omsingelen en van alle kanten in het nauw brengen; en zij zullen u en uw kinderen binnen uw muren ter aarde neerslaan; en zij zullen bij u geen steen op de ander laten, omdat gij uw tijd van genade niet hebt erkend. En Hij ging de tempel binnen en begon de kopers en verkopers, die daar waren, uit te drijven met de woorden: Er staat geschreven: “Mijn huis is een huis van gebed”; maar gij hebt er een rovershol van gemaakt! En iedere dag gaf Hij onderricht in de tempel.

Preek
In het Evangelie van deze zondag vernemen wij dat Jezus over Jeruzalem weent, want er zou iets verschrikkelijks over deze stad en over de joden komen, omdat zij niet begrepen wat hen tot vrede strekt. Jezus weent omdat Hij de stad en het joodse volk liefheeft. De stad was de glorie van het volk, het heilige Jeruzalem met zijn tempel, en het centrum van de uitverkiezing en de daarmee verbonden beloften. Maar Jezus weet dat de beloften zullen overgaan naar het nieuwe Jeruzalem en het nieuwe volk Gods – dat is de katholieke Kerk. Als Jezus nu de stad ziet, badend in het zonlicht, dat weerkaatst wordt door het witte marmer van de tempel, dan ziet hij ook de toekomst van de stad: de verwoestende, rokende puinhopen, de lucht vervuld met de geur van lijken. En Hij weent, want het erge is dat het zo niet had hoeven gaan, als de stad maar had willen erkennen wat haar tot vrede strekt. Dat is en zal voor de ogen van de joden echter verborgen blijven, want in schuldige verblinding miskennen zij de tijd van Gods bezoeking en versmaden zij hun redding, die in Jezus tot hen komt. Het is de tragiek van de verloren kans, van het verworpen heil. Het is voor Jezus op dit ogenblik zoals wanneer een voor ons zeer dierbaar mens door eigen schuld ten onder gaat. En daarom weent Hij.

Beminde gelovigen, wij vinden in het Evangelieverhaal van vandaag een tweevoudige lering. In de eerste plaats kunnen wij hieruit een strikt persoonlijke toepassing maken. Wat geldt voor het oude en verworpen volk Gods bevat ook een ernstige les voor ons als afzonderlijke christenen. Het epistel van vandaag houdt ons een waarschuwing voor, want wij zijn niet zeker van ons eigen heil voordat wij de genade hebben verkregen van een zalige dood. Voor de christenen die uiteindelijk door hun eigen zondige leven verloren gaan, geldt het woord van het Evangelie: “Mocht u toch begrijpen wat u tot vrede strekt.” Want wat wellicht eenmaal voor de zondaar zou gelden hoeft niet werkelijk zo te zijn, omdat God een God van liefde is Die Zich ontfermt over de rouwmoedige zondaar. Het vraagt echter berouw, boete en bekering om God zo te mogen ervaren.
Het lot van het ontrouwe en toch eens zo heilige Jeruzalem zal ook het lot van deze door onkuisheid en zedenbederf verrotte stad van ons worden als er geen ommekeer plaatsvindt. De tragiek van de mogelijkheid om verloren te gaan moet een voortdurende herinnering zijn aan de ernst van de tijd en de verantwoordelijkheid van ons leven. Wij moeten met diepe afschuw ons afwenden van het lichtvaardige spel van onze vrijheid met de verlokkingen van de zelfzucht. Dit lichtvaardige spel is niets anders dan een spel met de laatste dingen, een spel met het hellevuur.

De tweede les uit het huidige Evangelie, beminde gelovigen, is deze: Wat Jezus zei over Jeruzalem geldt collectief voor de mensheid en de wereld “Versmaad uw heil niet, nog is bekering en redding mogelijk.” Al is er nog zo veel keren ellende en gruwelijkheden over de wereld gekomen, wij begrijpen nog steeds niet dat wij ons zouden moeten bekeren, want de gruwelijkste gebeurtenissen in deze wereld zijn slechts een voorspel van de tweede dood in de poel van vuur en zwavel.

Indien wij zelf van mening zijn dat wij staan in de genade, mogen wij niet denken dat dit alles ons niet aangaat. Christus heeft Zijn Kerk de zorg opgelegd voor het heil van de wereld. Ieder van ons die naar de Kerk luistert, is op zijn eigen plaats en met zijn eigen mogelijkheden medeverantwoordelijk voor de redding van velen. Ook hier heerst de wet van de goddelijke mogelijkheden: Indien wij volledig en in vrijheid meewerken, indien wij meer goed doen en boete doen, dan zullen anderen meer en rijkere genade ontvangen. Amen.


24 juli 2010

Vooraankondiging: Hoogfeest van Maria Tenhemelopneming

Op 15 augustus viert de Kerk het hoogfeest van Maria Tenhemelopneming, hét Mariafeest bij uitstek, omdat Maria ten deel is gevallen waarop wij allen mogen hopen: het eeuwig geluk bij de Drie-ene God.

Dit jaar valt het feest op zondag. In de Agneskerk zal om 11.00 uur een Hoogmis worden opgedragen waarbij de priester geassisteerd wordt door een diaken en een subdiaken, een zogenaamde Drieherenmis.

Heel bijzonder is dat de pauselijke nuntius in Nederland, zijne hoogwaardige excellentie mgr F.R. Bacqué, heeft toegezegd aanwezig te zullen zijn en de heilige Mis zal presideren 'vanaf de troon'. Tevens zal hij die zondag de homilie verzorgen.

Het belooft een bijzondere gebeurtenis te worden. Het zal de eerste keer zijn sinds de inwerkingtreding van het motu proprio 'Summorum Pontificum' uit 2007, waarin paus Benedictus XVI de Tridentijnse ritus volledig vrijgeeft, dat er in Nederland een heilige Mis gecelebreerd wordt in de buitengewone vorm van de Romeinse liturgie in de aanwezigheid van een bisschop.

21 juli 2010

Brief van de Bisschop over geloofscrisis

Naar aanleiding van het recente schandaal in de kerk van Obdam waar op de zondag van de WK-finale de heilige Mis werd misbruikt door vermenging met voetbal, dus een wereldse zaak, heeft de bisschop van Haarlem-Amsterdam, mgr dr J.M. Punt, een brief geschreven aan de geloven. Aan alle parochies in het bisdom wordt gevraagd om de brief voor te lezen of onder de gelovigen te verspreiden.

De Bisschop schrijft dat de Kerk in Nederland in een dubbele crisis verkeert: een morele crisis - waarbij hij onder meer doelt op het schandaal van kindermisbruik - en een geloofscrisis: "(...) Er is (...) sprake van een geloofscrisis, die het zicht op wezenlijke geloofswaarheden vertroebelt. De werkelijke Aanwezigheid van de verrezen Heer in heel zijn goddelijke Majesteit in de heilige Eucharistie en Communie is hier één van. Alle eredienst moet gericht zijn op de aanbidding van Hem en de vereniging met Hem, en door Hem ook met elkaar. Daaruit putten
wij kracht en leven."

De Bisschop schrijft verder: "Ik denk dat wij hierbij een voorbeeld kunnen nemen aan anderen. In alle orthodoxe en oriëntaalse christelijke kerken is de eerbied voor dit verheven mysterie absoluut onaantastbaar en elke profanisatie uitgesloten. Maar ook bij alle niet-christelijke religies zien we hetzelfde. In Jodendom, Islam, Boeddhisme en andere oosterse religies zou iedere vermenging van eredienst met profane rituelen, teksten en muziek ondenkbaar zijn. Allen keren ze zich naar de plaats die voor hen heilig is of buigen zich ter aarde als ze zich tot God richten. En wij, die het meest diepgaande besef hebben van Gods aanwezigheid onder ons, een God die mens wordt, die ons zijn Lichaam en Bloed nalaat in brood en wijn, wij vergeten zo vaak Hem de eer te geven die Hem toekomt."

Misschien heeft de Bisschop het zo niet bedoeld, maar in feite houdt hij hier een pleidooi voor de Tridentijnse Mis, zoals die in de Agneskerk wordt gecelebreerd. Als katholieken hoeven we dus niet zo ver weg te kijken, en niet naar andere religies. Onze eigen Rooms-katholieke Traditie, die nog altijd springlevend is, laat zien hoe een eredienst aan God gevierd kan worden in het meest diepgaande besef van Gods aanwezigheid onder ons, waarbij vermenging met profane rituelen is uitgesloten.

De volledige brief van mgr Punt kan hier worden bekeken.

19 juli 2010

Preek voor de achtste zondag na Pinksteren

Epistel (Rom. 8, 12-17)
Broeders, wij hebben wel verplichtingen, maar niet tegenover het vlees, dat wij naar het vlees zouden moeten leven, want als gij leeft naar het vlees, zult gij zeker sterven; maar als gij door de geest de werken van het vlees doet sterven, dan zult gij leven. Want allen, die door de Geest van God worden gedreven, dat zijn kinderen van God. Immers, gij hebt geen slavengeest ontvangen, om weer te leven in vrees; maar gij hebt een geest ontvangen, waardoor wij tot kinderen zijn aangenomen en roepen: Abba (Vader). Immers de Geest Zelf getuigt aan onze geest, dat wij kinderen van zijn van God. Maar zijn wij kinderen, dan ook erfgenamen: erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus.

Evangelie (Lc. 16, 1-9)
In die tijd hield Jezus Zijn leerlingen de volgende gelijkenis voor: Er was eens een rijk man, die een rentmeester had; en deze werd bij hem aangeklaagd, dat hij zijn goederen verkwistte.
En hij liet hem roepen en zei tot hem: Wat hoor ik daar van u? Gij hebt verantwoording te doen van uw beheer; want gij kunt niet langer rentmeester blijven. Toen dacht de rentmeester bij zichzelf: Wat moet ik beginnen, nu mijn meester mij het rentmeesterschap afneemt? Spitten kan ik niet, en bedelen, daarvoor schaam ik mij! - Maar ik weet al, wat ik zal doen, opdat zij mij in huis zullen opnemen, wanneer ik als rentmeester ben afgezet. Hij liet dan de schuldenaars van zijn heer een voor een bij zich komen. En hij vroeg aan de eerste: hoeveel zijt gij aan mijn heer schuldig? En deze antwoordde: honderd vat olie. En hij sprak tot hem: Hier, neem uw schuldbekentenis, ga gauw zitten, en maak er vijftig van. Vervolgens vroeg hij aan een ander: En gij, hoeveel zijt gij schuldig? En deze antwoordde: honderd mud tarwe. En hij sprak tot hem: Hier, neem uw schuldbekentenis, en maak er tachtig van. En de eigenaar prees in de onrechtvaardige rentmeester, dat hij met overleg te werk was gegaan. Want inderdaad, de kinderen van deze wereld gaan onder elkander met meer overleg te werk dan de kinderen van het licht. Ook Ik zeg tot u: Maakt u vrienden door middel van de mammon, zo vol ongerechtigheid, opdat zij u bij uw sterven opnemen in de eeuwige woontenten.

Preek
Het klinkt aanvankelijk nogal vreemd als de onrechtvaardige rentmeester wordt geprezen. Velen van ons kunnen moeite hebben met het Evangelie van vandaag. Wat bedoelt Jezus? Waarom prijst Hij zo’n onrechtvaardige rentmeester die eigenlijk alles doet wat God niet goed vindt? Hoe kan dat? De meesten van ons zouden iets anders verwachten, namelijk dat Jezus op het einde zou zeggen dat alles wat deze man deed niet goed is en dat wij zo niet mogen handelen. Maar er staat geheel iets anders: wij moeten net zo handelen als de onrechtvaardige rentmeester. Hij wordt ons als voorbeeld gegeven.

Beminde gelovigen! Om dit Evangelie goed te begrijpen mogen wij niet vergeten dat het hier om een gelijkenis gaat. Het is een vergelijking waarin het een gebruikt wordt om iets anders aan te duiden. Jezus prijst de man hier niet omdat hij onrechtvaardig was, maar omdat hij slim was. Het gaat dus niet om de onrechtvaardige dingen, want die mogen wij niet doen en hierin mogen wij de rentmeester niet navolgen. Maar de slimheid, waarmee hij handelt, wordt geprezen, het overleg en het denken aan de toekomst. Hierin hebben wij iets te leren – goed overleggen en nadenken over onze toekomst, waarheen wij gaan en hoe wij ons doel kunnen bereiken.

De kinderen van deze wereld denken alleen aan het tijdelijke: aan geld, macht en plezier. Daar streven zij naar en dat doen zij planmatig en consequent. Zij maken een plan op en handelen ernaar zonder het einddoel van hun handelingen uit het oog te verliezen. Natuurlijk zijn voor de kinderen van deze wereld alle middelen acceptabel en nuttig. En ook de onrechtvaardige rentmeester handelt op die manier: zelfs fraude is goed genoeg om zijn gemakkelijke leventje voort te zetten.

Hoe anders is het met ons, met de kinderen van het licht!? Wij handelen in de dingen van het rijk Gods niet met overleg. Soms lijken wij op iemand die helemaal niet weet wat hij moet doen. Het is niet alleen een kwestie van gebrek aan goede wil; wij denken gewoon niet na. Wij gaan aan het werk zonder systeem, zonder plan. Misschien weten wij in theorie waarover het in het leven gaat, maar in de praktijk doen wij iets anders. Het geloof is niet alleen theorie; wij moeten er ook naar handelen. God is de Schepper van alles en de mens leeft in de orde van Zijn schepping. Zijn einddoel is het eeuwige leven met God. Om dat te bereiken moet hij leven volgens deze orde en mag hij dit doel nooit uit het oog verliezen. Wij moeten in het geestelijk leven ons verstand gebruiken, wij moeten vooruitzien en altijd de gevolgen van ons doen en laten berekenen. Wij moeten consequent en doelbewust handelen. Als de christenen de helft van het overleg en de energie die de mensen besteden aan hun vooruitgang in het tijdelijke zouden aanwenden om hun zelfzucht te overwinnen, hun naaste lief te hebben en God alleen te zoeken, dan zou de wereld er heel anders uitzien.

Soms beginnen wij met een of ander voornemen, dan laten wij dat liggen voor iets anders. Vaak werpen wij ons op onbelangrijke dingen en vergeten wij de hoofdzaak, namelijk Gods wil voor mij. Soms zien wij duidelijk in wat het zwaarste moet wegen: de liefde tot God, die ook zichtbaar moet worden in mijn gedrag tegenover de leer van Zijn Kerk, in het gebed, en in de zelfverloochening, maar dan verzuimen wij om er de consequenties uit te trekken.

Zo zijn er veel mensen die zich actief voor de Kerk inzetten, maar op het gebied van het sacramentele leven zijn zij ver weg van de leer van onze Heer. Zij willen misschien veel voor hun naasten en voor de Kerk doen, maar zij negeren de waarheid en de eisen van het katholieke geloof. Alleen iemand die in volledige vrede met God leeft (dus in staat van genade) kan ook anderen tot God trekken.

Maar het is nog zichtbaarder hoe onachtzaam de kinderen van het licht handelen in het maatschappelijke leven. Hoe is het mogelijk dat in landen die nog steeds christelijk zijn (althans de meerderheid van de inwoners is christen) zo veel onchristelijke wetten en regels domineren? De goddelijke wetten worden afgewezen, en allerlei onzin, die zelfs ingaat tegen de menselijke natuur en tegen de scheppingsorde, wordt niet alleen getolereerd maar ook gelijk gesteld. En dat alles vindt plaats met instemming van de christenen, al is die passief.

Beminde gelovigen! De kinderen van de duisternis weten hun verstand goed te gebruiken om hun doel te bereiken. Zo moet het ook met ons zijn. Wij moeten goed overleggen en vooruitzien en nooit het eeuwige leven uit het oog verliezen. Zorgen wij ervoor dat wij planmatig handelen in de zaken van het rijk Gods. Door het sacramentele leven, door het gebed en door zelfverloochening komen wij steeds dichter bij ons einddoel. Alleen dan laten wij ons niet overwinnen door deze wereld en haar kinderen. Amen.


17 juli 2010

Wekelijks Rozenkransgebed vóór de Hoogmis

Vanaf zondag 18 juli (morgen) zal in onze kerk wekelijks vóór de Hoogmis de Rozenkrans worden gebeden. Het krachtige Rozenkransgebed wordt in veel kerken waar priesters van de Sint-Petrusbroederschap werkzaam zijn op zondag voor de Hoogmis gebeden, en de Agneskerk sluit zich nu bij deze Mariale devotie aan.

Elke zondag:
10.30 uur: Rozenkransgebed
11.00 uur: Hoogmis


11 juli 2010

Preek voor de zevende zondag na Pinksteren

Epistel (Rom. 6, 19-23)
Broeders, ik wil gewoon-menselijk spreken, vanwege de zwakheid van uw vlees. Evenals gij namelijk in het verleden uw ledematen als slaven in dienst hebt gesteld van de onreinheid en ongerechtigheid, om kwaad te doen, zo moet gij thans uw ledematen als slaven in dienst stellen van de gerechtigheid, om heilig te worden. Want in de tijd, dat gij slaven waart van de zonde, stondt gij niet in dienst van de gerechtigheid. Maar wat voor vrucht hadt gij toen van datgene, waarover gij u thans schaamt? Het einde immers daarvan is de dood. Thans echter, nu gij vrijgemaakt zijt van de zonde, maar slaaf zijt geworden van God, nu hebt gij als vrucht ervan, dat gij heilig wordt, en tot slot: het eeuwige leven. Want de soldij van de zonde is de dood; maar de genadegave van God is het eeuwige leven in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie (Mattheüs 7, 15-21)
In die tijd sprak Jezus tot Zijn leerlingen: Weest op uw hoede voor de valse profeten; want zij komen tot u in schaapskleren, maar van binnen zijn het roofgierige wolven. Aan hun vruchten kunt gij ze kennen. Kan men wel druiven plukken van doornen, of vijgen van distels? Zó draagt iedere goede boom goede vruchten, maar een slechte boom draagt slechte vruchten. Een goede boom kan geen slechte vruchten dragen, en een slechte boom kan geen goede vruchten dragen. Elke boom, die geen goede vruchten draagt, zal worden omgehakt, en in het vuur geworpen. Dus aan hun vruchten kunt gij ze kennen. Niet ieder die tot Mij zegt: Heer! Heer! zal het rijk der hemelen binnengaan; maar alleen hij, die de wil volbrengt van Mijn Vader in de hemel, hij zal het rijk der hemelen binnengaan.

Preek
Noch het heidendom, noch het jodendom – zo heeft Paulus uitvoerig betoogd – kan ons redden. Het heil is alléén in Jezus Christus. Wie daadwerkelijk in Hem leeft, dat wil zeggen in Zijn genade blijft, hoeft geen angst meer te hebben, want het leven in Christus redt de mens van de eeuwige verdoemenis. Wij zijn door Hem gered, wij zijn gelukkige kinderen van God, met de verwachting van de erfenis van hierboven die een eeuwig geluk bevat, dat onverwoestbaar zal blijven voortbestaan.

De meesten van ons zijn het helaas vergeten of misschien denken wij er niet voldoende over na, maar wat hebben wij toch vele redenen tot diepe dankbaarheid en tot blijdschap! Wij mogen vol geluk en vreugde iedere dag uit Gods hand aanwaarden als een stap voorwaarts naar het leven met Hem. Elke dag die in Hem wordt geleefd stappen wij in de richting van de eindeloze zaligheid. Zo geeft de Meester ons door Zijn liefde, die ons verloste van de eeuwige ondergang, een schat aan levensmoed, aan kracht en apostolische blijdschap, die wij alleen maar kunnen ontdekken als wij naar boven toe willen leven.

Beminde gelovigen, wij zijn gedoopt, wij behoren Christus toe als ledematen van Zijn mystieke Lichaam. Maar al heeft de Vader Zijn Zoon gegeven en Hij, de Zoon, ons de genade van het heilig doopsel gebracht, toch moeten wij Hem willen toebehoren, want Hij vraagt van ons een daadwerkelijk en levend geloof. Het gaat om het dagelijks leven met Jezus Christus, om het leven uit het geloof, want dat is de eigenlijke gerechtvaardigheid die God behaagt.

Een leven in Jezus Christus leiden, dat doen wij door dagelijks ons geloof in Hem te vernieuwen en te bevestigen. Het blijkt uit ons gebedsleven, het aandachtig mee offeren van de heilige Mis: al ons lijden, pijn, verdriet en ongeluk aan Hem opdragen, het goed voorbereid ontvangen van de heilige communie, en de vaak herhaalde herrinering aan Hem in Wie wij onze Redder erkennen. Leven in Christus betekent dat Zijn geest in ons heerst en regeert en dat wij een grenzeloos vertrouwen stellen op Hem. Zo een vertrouwen op Hem te hebben is een genade en geen wonder. Het vraagt onze goede wil en medewerking. Misschien hebben de meeste christenen van vandaag zo weinig vertrouwen op God, omdat wij moe geworden zijn en te veel zijn gaan lijken op de wereld, die alleen het tijdelijke zoekt.

Beminde gelovigen, onze christelijke hoop is buiten de tijd in de eeuwigheid en daar is ook het eeuwige onveranderlijke geluk van degenen die zich door Christus hebben willen laten redden. Deze zekerheid kan het leven van een mens radicaal veranderen en verheffen. Zo is het gegaan in het leven van talloze heiligen die ons zijn voorgegaan. Deze werkelijkheid moet opnieuw de katholieke Kerk doorstralen, waardoor het licht, dat Christus is, opnieuw voor de wereld zichtbaar zal worden tot hoop en redding voor allen die Hem willen aanvaarden. Amen.


Vaticaan: geen handcommunie in Tridentijnse heilige Mis

De Commissie Ecclesia Dei (onderdeel van de Congregatie voor de Geloofsleer) heeft onlangs in een schrijven als antwoord op een vraag van een gelovige uit München verklaard dat de Communie in de buitengewone vorm van de Romeinse ritus (de zogenaamde Tridentijnse ritus) geknield en op de tong ontvangen dient te worden.

Communie op de hand, zoals die in sommige landen bij wijze van uitzondering (indult) in de nieuwe ritus toegelaten is, is niet voorzien in de oude ritus.

Uit het antwoord van de commissie blijkt nogmaals dat ontvangst van de heilige communie op de tong de norm is in de gehele katholieke Kerk, in beide Romeinse riten.

Bron: Mysterium Fidei


8 juli 2010

Wijding vijf nieuwe priesters in Priesterbroederschap Sint Petrus

Afgelopen zaterdag 3 juli 2010 werd in het Duitse Wigratzbad de priesterwijding toegediend aan vijf diakens van de Priesterbroederschap Sint Petrus. Celebrant en wijdend bisschop is kardinaal Antonio Canizares Llovera, prefect van de Congregatie voor de Goddelijke Eredienst en de Regeling van de Sacramenten.

Bidden wij in vreugde en met dankbaarheid voor deze nieuwe priesters. Dat de Kerk mede door hun arbeid steeds vlekkelozer mag stralen. En dat de Heer van de oogst nieuwe werkers mag blijven schenken in Zijn wijngaard.


Van de parochie-administrator

Beminde gelovigen,

Ons leven in deze wereld is als een lange wandeling naar een doel, waarvan de contouren aan de horizon zichtbaar worden. Het doel van ons leven is God te bereiken. Zijn contouren zijn te vinden in ons geopenbaard geloof. Zo is het voor een gelovig mens, en wij willen dat het ook zo zal blijven, maar dat vraagt van ons dagelijks de moeite om de contouren van ons doel levendig voor de geest te halen. Anders vervallen wij in de gewoonte van de wereld, die steeds op zoek is naar het bereiken van nieuwe, voorbijgaande doelen om daarmee de leegte van het bestaan zonder God op te vullen.

Gedurende het kerkelijk jaar worden ons steeds de levens van de heiligen voorgesteld. Zij kunnen ons bemoedigen om ook zelf verder de levensweg te bewandelen, die ons uiteindelijk zal brengen tot de vreugde die de heiligen reeds zijn ingegaan door hun volharding in de christelijke hoop.

Wij, priesters, weten hoe belangrijk het sacramentele leven is om te kunnen volharden in het geloof. Om die reden bidden wij ook dagelijks voor de aan onze pastorale zorg toevertrouwde gelovigen: dat zij de genaden mogen gebruiken en heilig zullen worden. Uit dankbaarheid voor de genaden die u door de Kerk mag ontvangen is het vanzelfsprekend dat het gelovige volk om nieuwe roepingen bidt. Vorige maand is het Jaar van de Priester afgesloten. Dat betekent echter niet dat wij niet meer hoeven te bidden voor de priesters en om roepingen. De vrucht van dit jaar is juist een nieuw besef van de noodzaak van het gebed om priesters en van de intieme band die er is tussen onze wandeling door het leven en het priesterschap, want de priester schenkt ons alles uit de hand van God dat nodig is om ons ware doel veilig te kunnen bereiken.

ik wens u een fijne zomer toe, en groet u van harte!

Met mijn priesterlijke zegen,

pater M. Kromann Knudsen FSSP,
administrator Sint-Agnesparochie


4 juli 2010

Preek voor de zesde zondag na Pinksteren

“Wij allen, die gedoopt zijn tot de gemeenschap met Christus Jezus, zijn gedoopt tot de gemeenschap met Zijn dood.”, aldus begint het epistel van deze zondag, waarin Sint Paulus spreekt over het heilig doopsel. Het doopsel is allereerst een opgenomen worden in Christus. Wij worden dus één met Hem, zodat alle zonde verdwijnt en God Zelf in ons komt wonen. Dat is het kernpunt van onze gemeenschap met Christus en onze allergrootste opdracht.

Deze gemeenschap met Christus is een eenwording met Hem, waaruit voortvloeit dat geheel ons geestelijk wezen naar Hem wordt toegekeerd en wij gaan leven van Zijn gedachten en waarderingen. Dit zou, als er geen beletselen waren, leiden tot een voortdurend denken en handelen in de geest van Christus en naar Zijn voorbeeld. Maar wij weten dat er binnen en buiten ons allerei dingen zijn die dit onbelemmerde goddelijke leven en de volle gemeenschap met Christus herhaaldelijk tegenwerken. Het is voor ons, die herschapen zijn in Christus, een opdracht dit nieuwe leven steeds te verdedigen en veilig te stellen. Deze opdracht wordt helaas door de meeste gedoopten niet meer nagekomen en wordt als overbodig en achterhaald beschouwd. Het gebrek aan bereidheid om de ontvangen genade te versterken, door de versterving van de zondige neigingen in onze menselijke natuur, is de reden waarom zo vele christenen van vandaag in zelfzucht verkeren, en niet het evenbeeld van Christus zijn.

De weg die de apostel schetst is deze: Aan het begin van het christelijke leven staat het doopsel. Dit schenkt de mens een gelijkenis met Christus. Deze gelijkenis is, om het zo te zeggen, onze nieuwe geestelijke natuur, die wij trouwens alleen door Hem kunnen ontvangen omdat Hij de bron van elk bovennatuurlijk leven is. Het is onze opdracht om deze nieuwe natuur in ons te verstevigen. Dat doen wij door de oefening van de deugden, die altijd gepaard gaan met herhaaldelijke verstervingen van de neigingen om het kwaad te bedrijven die na het doopsel in ons zijn achtergebleven. Wij moeten dat doen, opdat onze in Christus herschapen geestelijke natuur ook naar buiten toe zichtbaar wordt en zo ons gehele mens-zijn in bezit gaat nemen.

Het is noodzakelijk om deze weg te gaan, want in het doopsel sterft de zonde op mystieke wijze, maar het egoïsme sterft op materiële wijze slechts langzaam en geleidelijk. Het uitroeien van de zonde, het doodmaken van onze zondige neigingen, doen wij door versterving en door in ons leven plaats te maken voor het beoefenen van de deugden. Die deugden moeten naar buiten toe de natuur zijn van wie in Christus herschapen is. Zo heeft Christus het Zelf gewild, want wij zijn door het doopsel leden van Zijn mystieke Lichaam, de Kerk, geworden, en deze Kerk is een zichtbaar handelen, die God verheerlijkt door haar leven. Ook wij zijn er verantwoordelijk voor dat dit lichaam zichtbaar heilig blijft stralen, door zelf de heiligheid te oefenen die voor ons vlekkeloos in de Kerk wordt weerspiegeld. Amen.


Kindermissaal 'Wij offeren mee'

De heilige Mis in onze kerk wordt door een toenemend aantal kinderen bezocht. Daar zijn we vanzelfsprekend heel blij mee. Door de onbekendheid met de Tridentijnse ritus duurt de Mis voor hen wel eens wat lang en wat aan het altaar plaatsvindt wordt niet altijd begrepen.

Om die reden heeft onze koster, de heer L. Wijnands, het initiatief genomen om een speciaal kindermissaaltje te vervaardigen. Het missaaltje heet ‘Wij offeren mee’ en is bestemd voor kinderen in de leeftijd van 7 tot 10 jaar.

Dit missaaltje is gebaseerd op het gelijknamige misboekje van fr. M. Bellarminus Mol dat in de jaren ’50 van de vorige eeuw een grote populariteit genoot.
Dat misboekje ging uit van de 'stille Mis'. De huidige uitgave is aangepast en geheel afgestemd op de Hoogmis zoals deze elke zondag in onze kerk wordt gevierd. Op elke linkerbladzijde staat een foto van een bepaalde handeling aan het altaar en op de rechterbladzijde het bijbehorende gebed. De tekst is, waar nodig, aangevuld met enige uitleg. Naast de Nederlandse tekst kan het kind in geringe mate kennismaken met het Latijn.

Naast de volledige Mis bevat het missaaltje een korte levensbeschrijving van de heilige Agnes, patrones van onze kerk, en enkele gebeden, zoals de Oefeningen van Geloof, Hoop, Liefde en Berouw.

Wij hopen dat kinderen door gebruik van dit missaaltje meer vertrouwd raken met de Tridentijnse heilige Mis en de weg naar onze kerk blijvend zullen weten te vinden.

‘Wij offeren mee’ – kindermissaaltje voor de Tridentijnse heilige Mis, volledig in kleur, gratis verkrijgbaar in de pastorie of bij de koster (oplage is beperkt).


1 juli 2010

Litanie van het heilig en kostbaar Bloed van onze Heer Jezus Christus

Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons. Christus, aanhoor ons. Christus, verhoor ons.
God, hemelse Vader, ontferm U over ons.
God, Heilige Geest, ontferm U over ons.
God Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.

Jezus, onbevlekt Lam, Die van alle eeuwigheid voorbestemd was, om door het storten van Uw kostbaar Bloed het zondige mensdom te redden, ontferm U over ons.
Jezus, mensgeworden Woord van God, Die Uw heilig Vlees en kostbaar Bloed hebt aangenomen in de zuivere schoot van de onbevlekte maagd Maria,
Jezus, Die in de loop van Uw sterfelijk leven verlangd hebt om Uw heilig Bloed tot onze zaligheid te vergieten,
Jezus, Die Uw Bloed vergoten hebt voor de bekering van de zondaars,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, van een oneindige en onwaardeerbare prijs,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, zegel van het nieuw en eeuwig verbond,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, altijd stromende bron van genaden en zegen,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, Wiens stem Zich onophoudelijk tot de hemel verheft en voor ons bidt,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, dat de zonden van de wereld wegneemt,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, deze kostelijke balsem van het geestelijk leven,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, dit onderpand van onze hoop en van het eeuwig geluk,
Jezus, omwille van Uw kostbaar Bloed, sieraad en kroon van alle heiligen,

Door Uw kostbaar Bloed, hoor ons, Jezus.
Door Uw kostbaar Bloed, verhoor ons, Jezus.
Van alle kwaad naar ziel en lichaam, verlos ons, Jezus.
Van alle zonden,
Van alle onzuiverheid in woorden, werken en begeerten,
Van het verachten en bespotten van heilige zaken,
Van ketterij, leugentaal en ongeloof,
Van trouweloosheid en onrechtvaardigheid,
Van het overtreden van Uw heilige geboden,
Van alle gelegenheden tot zonden,
Van het onwaardig nuttigen van Uw heilig Lichaam en Bloed,
Van een plotselinge, onvoorziene dood,

Door Uw kostbaar Bloed, dat Gij in Uw besnijdenis hebt opgeofferd,
Door Uw kostbaar Zweet en Bloed, dat in de Hof van Olijven ter aarde viel,
Door Uw kostbaar Bloed, dat Gij vergoten hebt bij de geseling,
Door uw kostbaar Bloed, dat Gij gestort hebt, toen de soldaten U met doornen kroonden,
Door Uw kostbaar Bloed, dat Gij vergoten hebt bij het dragen van Uw kruis tot op de Calvarieberg,
Door Uw kostbaar Bloed, dat Gij vergoten hebt bij Uw kruisiging,
Door Uw kostbaar Bloed, dat Gij vergoten hebt gedurende de drie uren, dat Gij aan het kruis gehangen hebt,
Door Uw kostbaar Bloed en het heilig Water dat na Uw dood uit Uw doorstoken zijde vloeide,
Door Uw kostbaar Bloed, dat nog dagelijks op veel altaren in het heilig Misoffer aan de Vader geofferd wordt,
Door Uw kostbaar Lichaam en Bloed, dat tot voedsel van onze ziel voortdurend tegenwoordig is in het heilig Sacrament van het Altaar,

Wij zondaars, wij bidden U, verhoor ons, Jezus.
Dat Gij onze zonden wilt vergeven en onze harten wilt zuiveren, wij bidden U, verhoor ons, Jezus.
Dat Gij in ons wilt storten een levend geloof, een sterke hoop en een brandende liefde,
Dat Gij de heilige Kerk, die Gij door Uw kostbaar Bloed hebt verworven, wilt besturen en bewaren,
Dat Gij de Paus en de gehele geestelijkheid in de heilige godsdienst wilt bewaren,
Dat Gij aan de gehele christenheid vrede en eenheid wilt verlenen,
Dat Gij onszelf in Uw heilige dienst wilt versterken en bewaren,
Dat Gij onze harten tot hemelse verlangens wilt opwekken,
Dat Gij al onze weldoeners met eeuwige goederen wilt vergelden,
Dat Gij alle overledenen de eeuwige rust wilt geven,
Dat Gij ons gebed wilt verhoren,

Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, ontferm U over ons.
U, Heer, smeken wij, kom Uw dienaren te hulp, dat Gij met Uw kostbaar Bloed gered hebt.

Laat ons bidden:
God, door het kostbaar Bloed van Uw eniggeboren Zoon hebt Gij alle mensen verlost. Zet het werk van Uw barmhartigheid in ons voort en laat ons altijd, bij de overweging van dit mysterie, de genade van de verlossing ontvangen. Door Christus, onze Heer. Amen.