Te Deum laudamus
31 december 2011
30 december 2011
ANBI-status toegekend aan Stichting Sint-Agneskerk Amsterdam
Met terugwerkende kracht tot 2 november 2011 heeft de belastingdienst aan de Stichting Sint-Agneskerk Amsterdam de status van Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) toegekend. Dat betekent dat giften aan deze stichting - onder de gebruikelijke voorwaarden - aftrekbaar zijn voor de inkomstenbelasting. Wie op deze laatste werkdag van het jaar 2011 nog een gift overmaakt, profiteert dus nog van belastingteruggave over het belastingjaar 2011.
Wilt u de Stichting Sint-Agneskerk Amsterdam financieel ondersteunen, dan kunt u een gift overmaken op bankrekening 5440482. Deze rekening is bedoeld voor uw giften ter financiering van de aankoop, instandhouding, onderhoud en restauratie van het kerkgebouw.
Rekeningnummer 311311 van de H. Agnesparochie is en blijft bestemd voor uw giften ter ondersteuning van de dagelijkse kosten (gas, elektriciteit, water, kaarsen, salarissen, verzekeringen, belastingen enz.), die ook noodzakelijk zijn. Ook deze giften zijn aftrekbaar voor de inkomstenbelasting.
Voor al uw gaven - groot of klein - bij voorbaat hartelijk dank.
28 december 2011
28 december: Heilige Onnozele Kinderen, martelaren
Zodra Herodes bemerkte, dat hij door de Wijzen om de tuin geleid was, ontstak hij in hevige toorn; hij zond zijn mannen uit en liet in Bethlehem en heel het gebied daarvan al de jongens vermoorden van twee jaar en jonger, in overeenstemming met de tijd waarnaar hij de Wijzen nauwkeurig had gevraagd. Toen ging in vervulling het woord dat door de profeet Jeremia gesproken was: "Een klacht werd in Rama gehoord, geween en luid gejammer: Rachel, wenend om haar kinderen, wil niet getroost worden, omdat zij niet meer zijn". (Mt. 2, 16-18)
Vandaag viert de Kerk het martelaarschap van de onschuldige jongetjes van Bethlehem die op gezag van koning Herodes de Grote werden vermoord. Het tweede hoofdstuk van het Evangelie van Mattheüs meldt dat Herodes bang was dat de komst van een nieuwe joodse koning het einde van zijn macht zou betekenen. Van de Wijzen uit het Oosten hoorde hij dat die nieuwe koning in Bethlehem geboren zou worden. Toen de Wijzen in een droom vernamen dat Herodes kwaadaardige bedoelingen had en het Kerstkind wilde doden, leidden ze hem om de tuin. Daarop ontstak Herodes in een hevige toorn.
De katholieke traditie leert dat God de onschuldige jongetjes van Bethlehem had voorbestemd om door hun dood te getuigen van de Messias. Sinds de vijfde eeuw worden zij daarom als heiligen vereerd. In de loop van de tijd werd Onnozele Kinderen een kerkelijk kinderfeest.
Ook de Onnozele (onschuldige) Kinderen staan rond de kribbe. Zij zijn de eerste martelaren die voor de pasgeboren Koning hun leven hebben gegeven.
In onze dagen
Helaas zijn de Herodessen van alle tijden. In onze tijd zijn ongeboren kinderen, jongetjes én meisjes, hun leven niet zeker. Zij geven hun leven niet rechtstreeks voor de Heer, maar zij zijn met miljoenen per jaar een bewijs van de barbarij in onze 'beschaving'. De slavernij is afgeschaft, de Holocaust is voorbij, maar de slachting van ongeboren kinderen gaat onverminderd door en wordt gepropageerd door instituties als de Verenigde Naties en de Europese Unie, door zogenaamde wereldleiders en door 'hulp'organisaties zoals Amnesty International, Unicef, Artsen zonder Grenzen en andere.
De Rooms-katholieke Kerk verdedigt als een van de weinige telkens weer en onverminderd het recht op leven vanaf de natuurlijke conceptie tot aan de natuurlijke dood, omdat het menselijk leven heilig is. Want het leven is niet van de mens, maar van God.
Bidden wij dat op voorspraak van de heilige Onnozele Kinderen van Bethlehem het kwaad van abortus in de wereld gestopt mag worden.
26 december 2011
Middagsluiting van kerk en pastorie tijdens Kersttijd
In de periode van maandag 26 december 2011 tot en met vrijdag 6 januari 2012 zullen kerk en pastorie vanaf 13.00 uur gesloten zijn, met uitzondering van geplande (liturgische) activiteiten.
In noodsituaties (zoals een sterfgeval) is de pastorie telefonisch bereikbaar.
25 december 2011
Preek voor het hoogfeest van Kerstmis
Epistel
Hebr. 1, 1-12
Broeders, nadat God vroeger vele malen en op velerlei wijze tot de vaderen gesproken had door de profeten, heeft Hij nu, op het einde van de dagen, tot ons gesproken door de Zoon, die Hij tot erfgenaam gemaakt heeft van al wat bestaat, door wie Hij ook het heelal heeft geschapen. Hij is de afstraling van Gods heerlijkheid en het evenbeeld van zijn wezen, en Hij houdt alles in stand door zijn machtig woord. En na de reiniging van de zonden te hebben voltrokken, heeft Hij zich neergezet aan de rechterhand van de majesteit in den hoge, even hoog verheven boven de engelen als de naam, die zijn erfdeel is geworden, de hunne overtreft. Want tegen welke engel heeft Hij ooit gezegd: Mijn zoon ben jij, Ik heb je vandaag verwekt? Of: Ik zal voor hem een vader zijn, en hij zal voor Mij een zoon zijn? Wanneer Hij evenwel de eerstgeborene opnieuw de wereld binnenleidt, zegt Hij: Alle engelen van God moeten zich voor Hem neerwerpen. Over de engelen zegt Hij: Hij die zijn engelen tot stormwinden maakt en zijn dienaren tot laaiend vuur, maar over de zoon: Uw troon, o God, staat voor altijd en eeuwig, en: De scepter van het recht is de scepter van uw koningschap. Gerechtigheid hebt U liefgehad en onrecht gehaat; daarom, o God, heeft uw God U gezalfd met de olie van de vreugde, als geen van uw gelijken. En: In het begin, Heer, hebt U de aarde gegrondvest, en de hemel is het werk van uw handen. Zij zullen vergaan, U echter blijft. Alle zullen ze verslijten als kleren, U zult ze opvouwen als een mantel, als een kledingstuk zullen zij verwisseld worden. U echter bent dezelfde en uw jaren nemen geen einde.
Evangelie
Joh. 1, 1-14
In het begin was het woord, en het woord was bij God, en het woord was God. Het was in het begin bij God. Alles is door Hem ontstaan, en buiten Hem om is er niets ontstaan. Wat ontstaan was, had leven in Hem, en het leven was het licht van de mensen. Het licht schijnt in de duisternis, en de duisternis kon het niet aan. Er is een mens geweest, een gezondene van God; zijn naam was Johannes. Hij kwam als getuige: hij moest getuigen van het licht, opdat allen door hem tot geloof zouden komen. Hij was niet het licht, hij moest getuigen van het licht. Het ware licht was er, dat elke mens verlicht en dat in de wereld moest komen. Het was in de wereld, een wereld die door Hem was ontstaan, en die wereld heeft Hem niet erkend. In zijn eigen huis is Hij gekomen, en zijn eigen mensen hebben Hem niet opgenomen. Aan diegenen die Hem toch opnamen, heeft Hij het vermogen gegeven om kinderen te worden van God: aan hen die geloven in zijn naam. Niet langs de weg van het bloed, niet door de begeerte van het vlees of door mannelijk streven, maar uit God zijn ze geboren. Ja, het woord is vlees geworden! Hij is onder ons zijn tent komen opslaan en we hebben zijn heerlijkheid gezien, de heerlijkheid die Hij als eniggeboren Zoon aan de Vader ontleende, vervuld als Hij was van genade en waarheid.
Preek
Christus Die in de Kerstnacht is geboren, is dezelfde Christus Die altijd onder de mensen is gebleven en Die zal komen als rechter van de wereld op het einde van de tijden. Kerstmis is dus niet het begin van een sentimenteel verhaal, maar het begin van Gods rijk onder de mensen.
God werd als mens geboren in de Kerstnacht, en is als concrete werkelijkheid zichtbaar en hoorbaar geweest. Hij werd geboren om de verlossing van de mensheid te bewerkstelligen door Zijn kruisdood. Dat God mens wordt en rechtstreeks aan de wereld Zijn wil te kennen geeft is geen vage uitnodiging om naar Hem te luisteren en Hem dagelijks te dienen, maar een absolute noodzaak om het heil te ontvangen.
Dit brengt ons bij Zijn blijvende aanwezigheid in onze wereld. Ook vandaag is Hij, Die eens geboren werd, bij ons om ons te heiligen. Door de katholieke Kerk deelt Hij het goddelijke leven mee aan een ieder die zich daar voor openstelt. Dat gebeurt door de sacramenten, waarin wij deel krijgen aan Zijn goddelijk leven. Vooral het heilig Sacrament van het altaar, waarin Hij aanwezig is met Zijn godheid en Zijn mensheid, is de werkelijkheid van Zijn blijvende aanwezigheid onder ons. Als wij beseffen dat Christus tot ons is gekomen en steeds bij ons is gebleven, dan zullen wij de noodzaak inzien van voortdurende aanbidding van de mens geworden God. Vooral de vervulling van de zondagse plicht om de heilige Mis bij te wonen en een regelmatige biechtpraktijk zijn fundamentele en vereiste verplichtingen die onmisbaar zijn bij het dienen van God.
Eens, op het einde der tijden, zal God Die als mens werd geboren en bij ons is gebleven om ons voortdurend het heil aan te bieden, terugkomen als wereldrechter. Dan zullen zij die door de vervulling van hun liefdesplichten zich in Hem hebben geheiligd en daardoor in Hem leven, verrijzen tot het leven in de volkomen zaligheid die erin bestaat dat zij het ondoordringbare aanschijn van God zullen zien en aanbidden. Degenen die de werkelijkheid van God genegeerd hebben, zullen zich moeten werpen in een helse zee van vuur en tot in alle eeuwigheid het leven verspillen.
Beminde gelovigen, dit – en niets minder – is de boodschap van Kerstmis en de werkelijkheid van Gods wonderbare heilswil. Wij moeten ons bekeren tot Hem Die gekomen is om ons het leven te geven. Reeds nu, op aarde, moeten wij met Hem willen leven, niet zoals wij het fijn of goed vinden, maar zoals Hij Zelf aan ons heeft geopenbaard en zoals Hij ons voorhoudt door de prediking van de katholieke Kerk.
Aan u allen een zalig Kerstfeest toegewenst. Amen.
De heilige Kerstnacht
Epistel
Titus 2, 11-15
Veelgeliefde, de genade van God, onze Zaligmaker, is verschenen, aan alle mensen; zij leert ons, dat wij de goddeloosheid en wereldse verlangens moeten verzaken, en zedig en rechtschapen en godvruchtig moeten leven in deze wereld, terwijl wij met verlangen uitzien naar de zaligheid, die wij verwachten bij het glorievol verschijnen van onze grote God en Zaligmaker Jezus Christus. Deze immers heeft zich voor ons gegeven, om ons van alle ongerechtigheden vrij te kopen, en ons te reinigen tot een volk, dat Hem welgevallig is, vol ijver voor goede werken. Over deze dingen moet gij spreken, en zo moet gij vermanen in Christus Jezus, onze Heer.
Evangelie
Lc. 2, 1-14
In die dagen vaardigde keizer Augustus een decreet uit dat de hele wereld zich moest laten registreren. Deze eerste registratie vond plaats toen Quirinius gouverneur van Syrië was. Allen gingen op weg om zich te laten inschrijven, ieder in zijn eigen stad. Zo ook Jozef; hij ging van de stad Nazareth in Galilea naar Judea, naar de stad van David, Bethlehem genaamd, omdat hij uit het huis van David stamde, om zich te laten inschrijven, samen met Maria, zijn verloofde, die zwanger was. Terwijl ze daar waren kwam voor haar de tijd dat ze moest bevallen, en ze baarde een zoon, haar eerstgeborene; ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voerbak, omdat er geen plaats voor hen was in het gastenverblijf. Er waren daar in de buurt herders, die in het veld overnachtten om de wacht te houden bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en de heerlijkheid van de Heer omstraalde hen. Ze schrokken hevig. Maar de engel zei: ‘Schrik niet, want ik heb een goede boodschap voor u, een grote vreugde voor het hele volk. Vandaag is in de stad van David uw redder geboren; Hij is de Messias, de Heer. Dit is het teken voor u: u zult een kind vinden dat in doeken is gewikkeld en in een voerbak ligt.’ Plotseling was er bij de engel een heel leger uit de hemel; ze loofden God met de woorden: ‘Glorie aan God in de hoogste hemel, en op aarde vrede onder de mensen in wie Hij een welgevallen heeft.’
24 december 2011
Vigilie van Kerstmis
Vandaag zult gij weten dat de Heer zal komen en ons zal verlossen;
En morgen zult gij Zijn heerlijkheid aanschouwen.
22 december 2011
Adventslied: O Heiland, open wijd de poort
O Heiland, open wijd de poort:
En daal omlaag, Gods eeuwig Woord,
Die aller mensen redder zijt,
zo lang voorzegd, zo lang verbeid.
Besproei ons hart, zo dor en droog,
Met dauw en regen van omhoog:
Gij zijt het zacht ootmoedig lam,
Gij zijt de leeuw uit Juda's stam.
O aarde met Gods vloek belaan,
Laat uit uw bodem bloeien gaan
De vreugd der eng'len, onze roem,
De lelieblanke Jessebloem.
O Morgenstond, zo lang verbeid,
O Zon van algerechtigheid,
De dag breekt aan, de nacht is om:
Wij wachten: ach, Heer Jezus kom.
21 december 2011
21 december: Heilige Thomas, apostel

Op de avond van de eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats der leerlingen gesloten waren uit vrees voor de joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: Vrede zij u. Na dit gezegd te hebben toonde Hij hun Zijn handen en Zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. Nogmaals zei Jezus tot hen: Vrede zij u. Zoals de vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u. Na deze woorden blies Hij over hen en zei: Ontvangt de Heilige Geest. Aan wie ge zonden vergeeft, zijn ze vergeven, en aan wie ge ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.
Thomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd, was echter niet bij hen toen Jezus kwam. De andere leerlingen vertelden hem: Wij hebben de Heer gezien. Maar hij antwoordde: Als ik niet in Zijn handen het teken van de nagelen zie en mijn vinger in de plaats van de nagelen kan steken en mijn hand in Zijn zijde leggen, zal ik zeker niet geloven.
Acht dagen later waren zijn leerlingen weer in het huis bijeen, en nu was Thomas er bij. Hoewel de deuren gesloten waren, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: Vrede zij u. Vervolgens zei Hij tot Thomas: Kom hier met uw vinger en bezie Mijn handen. Steek uw hand uit en leg die in Mijn zijde, en wees niet langer ongelovig maar gelovig. Toen riep Thomas uit: Mijn Heer en mijn God! Toen zei Jezus tot hem: Omdat ge Mij gezien hebt, gelooft ge? Zalig die niet gezien en toch geloofd hebben. (Joh. 21,19-29)
Thomas was een eenvoudige visser. Zijn belijdenis tegenover de Verrezen Heer is zijn lijfspreuk geworden bij al zijn missiereizen. Hij missioneerde in Perzië en India waar hij (zo vertelt een legende) de heilige Driekoningen zou zijn tegengekomen. Daarop heeft Thomas hen gedoopt en tot bisschop benoemd.
Koning Gundaphar van India werd door de heilige Thomas bekeerd. Tijdens een van zijn vele missiereizen werd hij in het jaar 72 in Calamina door een horde heidenen in de rug aangevallen en neergestoken. De Kopten in Egypte hebben van Thomas het eerst de Blijde Boodschap vernomen.
Thomas is patroon van theologen, timmerlieden, metselaars, architecten, bouwvakkers, landmeters, steenhouwers en het huwelijk, en patroon tegen rugklachten.
20 december 2011
Liturgisch programma Kerstmis 2011
12.00-13.00 uur: Biechtgelegenheid
17.00-18.00 uur: Biechtgelegenheid
Zaterdag 24 december: Vigilie van Kerstmis
10.30 uur: Priem en aankondiging van Jezus' geboorte
11.00 uur: Gelezen H. Mis
22.15 uur: Kerk open
22.40 uur: Samenzang van Kerstliederen
23.00 uur: Plechtige gezongen Nachtmis van Kerstmis (Mis in C - C. Gounod)
Zondag 25 december: Hoogfeest van Kerstmis - Geboorte van onze Heer Jezus Christus
11.00 uur: Plechtige gezongen Dagmis van Kerstmis
Maandag 26 december: H. Stefanus, eerste martelaar (Tweede Kerstdag)
11.00 uur: Gezongen Hoogmis (mannenschola)
Zaterdag 31 december: Zaterdag onder het Octaaf van Kerstmis (Oudejaarsdag)
11.00 uur: Gelezen H. Mis
14.15 uur: Gelezen H. Mis
15.00 uur: Plechtig Oudejaarslof met gezongen Te Deum (vrouwenschola)
Zondag 1 januari 2012: Octaafdag van Kerstmis (Nieuwjaarsdag)
11.00 uur: Gezongen Hoogmis (vrouwenschola)
19 december 2011
Van de parochie-administrator: Kerstmis 2011
Beminde gelovigen,
De zalige tijd van Kerstmis en de komst van onze Verlosser naderen. Het Evangelie vertelt ons hoe God geboren werd onder de mensen in een armoedige stal te Bethlehem, maar ook hoe Hij in diezelfde stal werd aanbeden door Zijn heilige Moeder en door de herders.
De herinnering aan deze armoedige stal zou in ons het verlangen moeten opwekken om Hem, wanneer Hij – in de heilige communie – bij ons Zijn intrek neemt, te kunnen verwelkomen in een ziel die prachtig versierd is door de heiligmakende genade.
Mag Zijn geboorte in ons ook het verlangen intensiveren om het kerk¬gebouw van de heilige Agnes te willen behouden als het huis dat alleen voor Hem bestemd is, voor Hem, Die altijd onder ons aanwezig is gebleven in het allerheiligste Sacrament van het altaar.
Moge dit dubbele verlangen ons bezighouden gedurende de Kersttijd en in het komende nieuwe jaar 2012.
Een Zalig Kerstfeest wenst u,
Pater M. Kromann Knudsen FSSP,
administrator Sint-Agnesparochie
18 december 2011
Preek voor de vierde zondag van de Advent
![]() |
| De prediking van H. Johannes de Doper. |
Epistel
1 Kor. 4, 1-5
Broeders, de mensen moeten ons zó beschouwen, dat wij dienaars zijn van Christus en beheerders van Gods geheimen. Welnu, van beheerders wordt verlangd, dat men trouw bevonden wordt. Maar ik voor mij hecht er niet de minste waarde aan, dat ik door u beoordeeld wordt of door een menselijke rechter. Ja, ook zelf beoordeel ik mij niet; want al ben ik mij ook van niets bewust, daardoor ben ik toch niet gerechtvaardigd. Immers het is de Heer, Die oordeelt over mij. Daarom, oordeelt niet vóór de tijd, vóórdat de Heer komt; want Hij zal aan het licht brengen, wat in duisternis verborgen is, en openbaar maken, wat er in de harten omgaat; en dan zal een ieder zijn lof ontvangen van God.
Evangelie
Lucas 1, 3-6
In het vijftiende regeringsjaar van keizer Tiberius, - toen Pontius Pilatus landvoogd was van Galilea, zijn broeder Philippus viervorst van Iturea en het gewest Trachonitis, en Lysanias viervorst van Abilene, - onder de hogepriesters Annas en Caiphas, kwam het Woord des Heren tot Johannes, de zoon van Zacharias, in de woestijn. En hij trad op in geheel de Jordaanstreek, en preekte een doopsel van boetvaardigheid tot vergiffenis van zonden: zoals er geschreven staat in het boek der voorspellingen van de profeet Isaias: "De stem van een roepende in de woestijn: Bereidt de weg des Heren, maakt Zijn paden recht. Elke kloof moet worden gedempt, iedere berg en heuvel worden geslecht. De kronkelpaden moeten recht, de oneffen wegen effen worden. En alle vlees zal het heil van God aanschouwen."
Preek
Als wij het Kerstfeest waardig en vruchtbaar willen vieren, dan moeten wij onszelf in het licht van God trachten te oordelen. “indien wij onszelf naar waarheid beoordelen, zouden wij niet onder het oordeel Gods komen.”
De laatste zondag van de Advent grijpt terug naar de eerste. In het epistel stelt de Kerk ons wederom Christus’ komst ten oordeel voor ogen als de goddelijke voltooiing van Zijn komst in nederigheid, die wij over enkele dagen vieren. “Wel ben ik mij niets bewust”, schrijft de apostel Paulus, “maar daarmee ben ik nog niet gerechtvaardigd.” Het is de Heer Die mij werkelijk beoordeelt, en niemand anders dan Hij is goed. Anders gezegd: Als wij niet in de rechtvaardigheid en heiligheid van Christus worden herboren, dan zouden wij voor het goddelijk oordeel geen stand houden, want zonder de goddelijke genade is de mens hulpeloos verloren en dood.
Zal een dergelijke onbarmhartige kritiek ons niet de moed ontnemen? Ik geloof dat zij ons op lange termijn juist voor moedeloosheid kan bewaren. Wanneer wij werkelijk weten en erkennen dat uit onszelf geen enkele, ook niet de minste, positieve geschiktheid voor het eeuwig heil voortkomt, dan zullen wij in deze leegheid de zuiverheid en de nuchterheid vinden die nodig zijn voor Gods komst in onze ziel. Deze vorm van zelfverloochening is waarheid. Zij bevestigt ons in onze eigen werkelijkheid en zal ons uiteindelijk genezen van het uitzichtloze kijken naar onszelf en de ogen van onze geest vertrouwensvol wenden naar het Kind van Wie ons heil komt, alleen en volledig van Hem. Dat wij ons dit bewust worden is de eerste noodzakelijkheid om Christus dichtbij te zijn en Hem in een geest van aanbidding te benaderen.
Beminde gelovigen, Jezus verlost ons van de zonde die als een tiran de wereld buiten de Kerk beheerst. Hij geneest ons van de diepe wonden die de zonde ons heeft toegebracht. Hij is de waarheid, de openbaring van de werkelijkheid van God en van de werkelijkheid van de mens. “Ik ben het Licht van de wereld. Wie Mij volgt, zal nimmer in duisternis wandelen, maar hij zal het licht van het leven hebben.” Pas door het vleesgeworden Woord kunnen mens en wereld hun eigen duisternis kennen en erkennen. Daardoor kan de mens zich omkeren naar het Licht en zodoende niet langer toebehoren aan de wereld, maar binnentreden in de heilige Kerk als nieuw geschapene in Christus. Wij verlaten door Christus het oude rijk van de zonde, dat de wereld is, en treden binnen in Zijn rijk, de heilige Kerk. Versierd met de heiligmakende genade en verder geheiligd door de andere sacramenten tijdens ons leven, behoren wij toe aan Zijn uitverkoren volk. Als wij aan Hem onderdanig blijven, dan zal Zijn komst in heerlijkheid, die wordt voorbereid door Zijn komst in de genade, de vervulling zijn van Zijn eerste komst in nederigheid. Amen.
16 december 2011
Uitstelling van het Allerheiligste Sacrament
Telkens wanneer de pastoor van Ars overdag de kerk binnenging, trof hij daar een eenvoudige boer aan. De man bleef urenlang geknield voor het tabernakel, urenlang stil en zwijgend aldaar. Zonder een moment zijn lippen te bewegen. Op een dag stelde de pastoor hem toch maar eens de vraag: “Wat doet u eigenlijk hier de hele tijd?” En de man antwoordde in heel simpele woorden: “Hij, Christus, kijkt naar mij, en ik, ik kijk naar Hem”.
Aanbidding is inderdaad contact van hart tot Hart, het is de persoonlijke ontmoeting van Christus met ieder van ons. Dat allerbelangrijkste moment in mijn leven dat ik naar Hem mag opzien en Hij mij aanziet, en naar mij omziet.
16 december: Heilige Eusebius, bisschop en martelaar
Eusebius is de eerste gekende bisschop van het Noord-Italiaanse Vercelli. Geboren op Sardinië, verhuisde hij op jonge leeftijd naar Rome. Later werd hij daar tot lector gewijd en hoorde zo bij de clerus van de stad in een tijd waarin de Kerk zwaar beproefd werd door de ariaanse ketterij. De groeiende waardering voor Eusebius verklaart zijn verkiezing tot bisschop van Vercelli in 345.
Eusebius verdedigt krachtig de volle goddelijkheid van Jezus Christus. Hij was met de grote vaders van de vierde eeuw verbonden tegen de ariaans-vriendelijke politiek van de keizer. Voor deze was het simpele ariaanse geloof politiek nuttig. Voor de keizer telde niet de waarheid, maar politieke opportuniteit: religie als bindmiddel voor staatseenheid. De grote vaders boden weerstand en verdedigden de waarheid tegen de dominantie van de keizerlijke politiek. Daarom werden Eusebius en andere bisschoppen veroordeeld tot ballingschap. In 361 stierf keizer Constantius II. Zijn opvolger, Julianus de Afvallige, was niet geïnteresseerd in het christendom als rijksreligie, maar wilde restauratie van het heidendom. Julianus beëindigde de ballingschap der bisschoppen en stond hen toe – ook aan Eusebius – om hun zetels weer in te nemen.
De relatie tussen de bisschop van Vercelli en zijn stad wordt duidelijk door twee getuigenissen. De eerste staat in een brief van Eusebius, in ballingschap geschreven aan de geliefde broeders en presbyters, alsook aan de heilige en vast in het geloof staande volken van Vercelli. Deze roerende beginwoorden van de goede herder tegenover zijn kudde worden nog eens bevestigd in het slot van de brief in de hartelijke groeten van de vader van allen en van elk van zijn kinderen in Vercelli. Een ander interessant element staat ook in de slotgroet van de brief, waar Eusebius vraagt om ook hen te groeten, die buiten de Kerk staan en uitzien naar onze gevoelens van liefde. De relatie van de bisschop met zijn bisschopsstad beperkt zich niet alleen beperkt tot de christelijke bevolking, maar strekt zich uit tot eenieder die op een bepaalde wijze zijn geestelijke autoriteit erkent.
De tweede getuigenis is uit een brief van Ambrosius van Milaan aan de bevolking van Vercelli, meer dan twintig jaar na Eusebius’ dood. De Kerk van Vercelli maakte toen moeilijke tijden door, was verdeeld en zonder herder. Het valt Ambrosius zwaar in de bewoners van Vercelli de afstamming te herkennen van de heilige vaders, die Eusebius direct accepteerden zonder hem ooit eerder gekend te hebben. De bewondering van Ambrosius voor Eusebius baseert zich vooral op het feit dat de bisschop van Vercelli zijn diocees bestuurde met getuigenis van zijn eigen leven. In feite was Ambrosius gefascineerd door het monastieke ideaal van de contemplatie van God, dat Eusebius volgde. Als eerste bisschop, aldus Ambrosius, bracht Eusebius zijn clerus bijeen in vita communis en gehoorzaamheid aan de monastieke regel, ondanks dat men midden in de stad leefde.
Zoals Eusebius zich bekommerde om ‘het heilige volk’ van Vercelli, zo leefde hij ook midden in de stad als monnik en stelde de stad open naar God. Dit heeft een bijzondere dimensie. Net als de apostelen, voor wie Jezus tijdens het Laatste Avondmaal bad, zijn ook de herders en de gelovigen van de Kerk in de wereld (Joh. 17, 11 ev), maar niet van de wereld. Daarom, aldus Eusebius, moeten de herders de gelovigen aansporen de stad in de wereld niet te zien als stabiele woonplaats, maar dienen zij naar de toekomstige stad, het definitieve hemelse Jeruzalem, op zoek te gaan. Dit eschatologische voorbehoud maakt het herders en gelovigen mogelijk de gerechte waarden te bewaren, zonder zich te buigen voor de mode van het moment en de ongerechte aanspraken van de heersende politieke macht. De authentieke waarden komen niet van de keizers van gisteren of vandaag, maar van Jezus Christus, de perfecte Mens, aan de Vader gelijk in de goddelijkheid en toch mens zoals wij. Verwijzend naar dit waardenscala wordt Eusebius niet moe zijn gelovigen aan te sporen met zorg het geloof te bewaren, de eendracht te behouden en te volharden in het gebed.
14 december 2011
Quatertemperdagen in de Advent
Dit jaar vallen de Quatertemperdagen in de Advent - ter voorbereiding op het Kerstfeest - op woensdag 14, vrijdag 16 en zaterdag 17 december.
Quatertemperdagen komen voor op de liturgische kalender behorende bij het Tridentijns Missaal van 1962, dat wij in de Agneskerk volgen. (In 2005 hebben de bisschoppen van Nederland deze dagen opnieuw vastgesteld voor de gehele Kerkprovincie.) Het zijn dagen van boete, inkeer, gebed, vasten en onthouding bij de wisseling van de seizoenen of ter voorbereiding op een groot feest, zoals Kerstmis.
De woensdag en de zaterdag zijn halve onthoudingsdagen, dat wil zeggen dat het gebruik van vlees uitsluitend is toegestaan tijdens de hoofdmaaltijd. De vrijdag is een volledige onthoudingsdag, zoals alle vrijdagen in het jaar, met uitzondering van kerkelijke feestdagen.
Regelmatig vasten is een oude christelijke traditie. Het gaat erom onze geest te onthechten aan het aardse en te richten op de Heer, onze God. Vasten wapent ons bovendien tegen allerlei grote en kleine bekoringen waaraan we dagelijks zijn blootgesteld.
11 december 2011
Preek voor de derde zondag van de Advent (Zondag Gaudete)
Epistel
Fil. 4, 4-7
Broeders, weest altijd blijmoedig in de Heer; nog eens zeg ik: weest blijmoedig. Laat uw goedheid aan alle mensen zien. De Heer is dichtbij. Maakt u nergens bezorgd over, maar geeft uw verlangens altijd door bidden en smeken aan God te kennen, met een dankbaar hart. En dan moge de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, uw hart en uw verstand bewaren in Christus Jezus, onze Heer.
Evangelie
Joh. 1, 19-28
In die tijd, zonden de joden uit Jeruzalem priesters en levieten tot Johannes met de vraag: ‘Wie zijt gij?’ En onomwonden verklaarde hij met de meeste nadruk “Ik ben de Christus niet”. Toen vroegen zij hem: “Wat dan? Zijt gij Elias?”. Hij zeide: “Dat ben ik niet.” “Zijt gij de profeet?” – Hij antwoordde: “Neen”. ‘Zij zeiden hem nu: “Wie zijt gij dan? Opdat wij antwoord kunnen geven aan hen, die ons gezonden hebben. Wat zegt gij van u zelf?” Hij sprak: “Ik ben de stem van een roepende in de woestijn: Maakt recht de weg des Heren, zoals de profeet Isaias gezegd heeft.” De afgevaardigden, behoorden tot de Farizeeën. En zij stelden hem de vraag: “ Wat doopt ge dan, als ge niet de Christus zijt, noch Elias, noch de profeet?” Johannes gaf hun ten antwoord: “Ik doop met water. Maar midden onder u staat Hij, die gij niet kent! Hij is het, die na mij komt, maar de voorgang heeft op mij; ik ben niet waardig zijn schoenriem los te maken.” Dit gebeurde te Betanië, aan de overzijde van de Jordaan, waar Johannes toen doopte.
Preek
Verblijdt u in de Heer, ik herhaal het: verblijdt u.
Zo nodigt de Kerk ons uit met de woorden van de heilige Paulus. Het is de dag die ons reeds wijst op de vreugde van het Kerstfeest en de komst van onze Verlosser, die nu snel naderbij komt. Niemand kan leven zonder een bepaalde mate van geluk. Zware droefheid of langdurige spanning houdt niemand uit. Gedruktheid breekt de kracht en vermindert daardoor het goede.
Maar wij dienen ook goed te weten waar de eigenlijke vreugde te vinden is. Al kan men een zekere mate van zintuiglijke voldoening niet missen, wij doen onszelf schromelijk tekort als wij alleen daar op zouden willen teren. De ziel en de geest hebben eveneens hun vreugde nodig en de bron daarvan wordt ons vandaag gewezen: Het is de Heer.
Verblijdt u in de Heer, zegt Paulus. Zich verblijden in de Heer is de vreugde zoeken van Zijn vriendschap. Het is blij zijn, omdat Hij zo barmhartig is, omdat Hij bij ons en onder ons wil wonen. Wij zullen deze blijdschap slechts vluchtig of zelfs nauwelijks ervaren als wij van de vriendschap met de Heer niet stelselmatig veel werk maken, als wij Hem niet zoeken in offer, liefde en gebed.
De Heer is nabij. Ook nu is Hij ons nabij in Zijn Geest en in Zijn Kerk, in Zijn genade en in Zijn sacramenten. Door het geloof en de liefde is Hij altijd te vinden en te bereiken, gereed om de milde goedheid van Zijn Hart te verheffen en te heiligen wie tot Hem komt. De omgang met Jezus, het gesprek met Hem, is als de kunst van het inwendig leven. Wie voortdurend bidt en Hem zijn nood en zorgen voorlegt, zal ondervinden hoezeer de Heer nabij is.
Jezus is de Vorst van de vrede. Als Vredevorst vieren wij Hem bij Zijn komst in de stal van Bethlehem. Reeds nu zegt Paulus ons: “En de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal uw hart en uw verstand bewaren in Christus Jezus.” De vrede die alle begrip te boven gaat… Het is Gods geheim tot welke hoogte en tot welke diepte wij daarin worden meegevoerd, maar wie trouw is aan de genade betreedt steeds weer een nieuw gebied van de goddelijke intimiteit.
O Jezus, Die vrede en vreugde brengt aan allen die van goede wil zijn, trek mij op onweerstaanbare wijze op tot u, opdat ik steeds meer prijs mag geven van wat mij weerhoudt en mag zoeken wat mij met U verbindt. Amen.
10 december 2011
Stichting Sint-Agneskerk Amsterdam
Wilt u de Stichting Sint-Agneskerk Amsterdam ondersteunen, dan kunt u – eenmalig of regelmatig – een gift overmaken op bankrekening 5440482. Deze rekening is bedoeld voor uw giften ter financiering van de aankoop, instandhouding, onderhoud en restauratie van het kerkgebouw.
Rekeningnummer 311311 van de Sint-Agnesparochie is en blijft bestemd voor uw giften ter ondersteuning van de dagelijkse kosten (kaarsen, gas, elektriciteit, water, salarissen, verzekeringen enz.), die ook noodzakelijk zijn.
9 december 2011
Lezing door pater Daniël Fringeli FSSPX
Pater Daniël Fringeli, priester van de priesterbroederschap Sint Pius X, zal op zaterdag 10 december in de pastorie een lezing verzorgen over de rol die het Tweede Vaticaans Concilie speelt in de verhouding tussen Rome en de Piusbroederschap.
De lezing begint rond 11.00 uur in de grote zaal. Voorafgaand is er om 10.00 uur een gelezen heilige Mis in de kerk.
Om 12.45 uur wordt in de kerk de Rozenkrans gebeden.
8 december 2011
8 december: Onbevlekte Ontvangenis van de heilige maagd Maria, feest
"Tota pulchra es! O Maria, gij zijt geheel zuiver, onbevlekt door de erfzonde." Dat zijn de woorden van verering die de Kerk ons vandaag in de mond legt. Zij drukken het gevoel uit van de mensheid, die door de zonde wordt verlamd, voor de smetteloze zuiverheid van Onze Lieve Vrouw.
In alle eeuwigheid heeft God Maria uitgekozen om de Moeder te worden van het Vleesgeworden Woord. Daarom heeft Hij haar met heiligheid getooid en haar gevrijwaard van elke smet om haar tot een waardige woning te maken voor Zijn Zoon.
De heilige Maagd was reeds vanaf het moment van haar conceptie verlost, doordat zij gevrijwaard was van de erfzonde. Haar verlossing kan niet worden losgezien van onze verlossing door Christus. Daarom is het feest van de Onbevlekte Ontvangenis, midden in de Adventstijd, een aankondiging van de grootsheid van de Vleeswording van onze Verlosser.
Het feest van vandaag is ingesteld door paus Pius IX met de afkondiging van het dogma op 8 december 1854. Lang daarvoor bestond er echter reeds een feest van de 'conceptie'. In de achtste eeuw werd het reeds gevierd in de Kerken van het Oosten, in de negende eeuw in Ierland, en in de elfde eeuw in Engeland. De vlekkeloze Maagd werd dus al eeuwen door de christenheid gevierd toen Pius IX het dogma plechtig afkondigde. Hij bevestigde het traditionele geloof van de Kerk en bracht het in een dogma onder woorden.
Een video van 'Tota pulchra es' (componist: Anton Brückner):
| Tota pulchra es, Maria. Et macula originalis non est in te. Tu gloria Ierusalem. Tu laetitia Israel. Tu honorificentia populi nostri. Tu advocata peccatorum. O Maria, Virgo prudentissima. Mater clementissima, ora pro nobis. Intercede pro nobis ad Dominum Iesum Christum. In conceptione tua, Immaculata fuisti. Ora pro nobis Patrem cuius Filium peperisti. Domina, protege orationem meam. Et clamor meus ad te veniat. Amen. | U zijt gans schoon, Maria. En de vlek der erfzonde kleeft niet aan u. U zijt de roem van Jeruzalem. U zijt de blijheid van Israël. U zijt de luister van ons volk. U zijt de voorspreekster der zondaren. O Maria, allervoorzichtigste Maagd, allergenadigste Moeder, bid voor ons. Wees onze bemiddelaarster bij onze Heer Jezus Christus. In uw conceptie bent u onbevlekt gebleven. Bid voor ons tot de Vader, Wiens Zoon gij gebaard hebt. O Vrouwe, ondersteun mijn gebed. En mijn noodkreet kome tot u. Amen. |
7 december 2011
7 december: Heilige Ambrosius, bisschop, belijder en Kerkleraar
In het jaar 340 werd Ambrosius te Trier uit Romeinse ouders geboren. Een legende vertelt dat er eens een bijenzwerm boven de wieg van Ambrosius zweefde. De bijen vlogen in zijn mondje en er druppelde honing naar binnen. Vandaar dat de latere beschermheilige van de imkers als bisschop zo honingzoet kon preken.
Na het overlijden van zijn vader, verhuisde het gezin naar Rome, waar Ambrosius zich voorbereidde op een ambtelijke loopbaan te Sirmium. De jonge Ambrosius ambieerde allesbehalve het bisschopsambt. Hij studeerde rechten en retorica, omdat hij politicus wilde worden. Zijn eerste publieke functie bekleedde hij in Sirmium, een stad gelegen in het huidige Slovenië. In 370 werd hij prefect van de twee provincies Liguria en Aemilia met als standplaats Milaan. In 373 werd hij door keizer Valentianus tot stadhouder van Noord-Italië benoemd. In zijn standplaats Milaan werd hij al spoedig een gerespecteerd en geliefd bestuurder.
Na de dood van de bisschop van Milaan trachtte Ambrosius de vrede te herstellen in het door theologische twisten verscheurde bisdom. Orthodoxe katholieken en Christus’ goddelijkheid loochende arianen streden om de lege bisschopszetel. Toen Ambrosius in 374 als neutrale waarnemer aanwezig was bij de turbulente bisschopsverkiezing in de kathedraal, viel plots de keus op hem. Iemand had geopperd: "Ambrosius als bisschop!" Prompt scandeerden de gelovigen dezelfde leus en werd Ambrosius bij acclamatie tot bisschop gekozen. Opmerkelijk, want Ambrosius was nog niet gedoopt; hij was slechts geloofsleerling.
Ambrosius ontving het doopsel en werd op 7 december tot bisschop gewijd. Na zijn wijding begon Ambrosius aan zijn theologiestudie. Al spoedig ontpopte hij zich tot een kundig priester, met een voorliefde voor de armen. Zijn populariteit was zo groot dat een menigte zich verdrong rond zijn werkvertrek, alleen maar om hem te zien lezen en bidden. Zo ook ene Augustinus uit Carthago, de latere bisschop van Hippo. Die was zo onder de indruk van Ambrosius, dat hij zich bekeerde tot het christendom en zich door hem liet dopen.
Ambrosius stelde het gezag van de Kerk boven de autoriteit van de keizer. Hij beval keizer Theodosius I in het openbaar boete te doen, nadat deze bij een opstand in Thessalonika zevenduizend personen in het circus ter dood had laten brengen. De bisschop ontzegde de machtige keizer zelfs de toegang tot de kathedraal. Later wist Ambrosius de keizer ertoe te bewegen alle heidense culten te verbieden. In 391 zou Theodosius het christendom zelfs tot staatsgodsdienst verheffen.
Sint Ambrosius stierf op paaszaterdag 4 april 397. Hij is de geschiedenis ingegaan als een onverschrokken herder en verkondiger van het Woord. Door zijn preken en catechetische geschriften verdiepte hij het katholieke geloof en droeg hij bij tot de verrijking van de theologische traditie. Ambrosius heeft steeds geijverd voor de zuiverheid van het geloof, voor de goede zeden, voor het kloosterleven en voor de eredienst. Hij dichtte Latijnse hymnen en voerde de beurtzang in. Tot de meest bekende behoort wel het 'Te Deum'.
Sinds 1298 wordt hij samen met Augustinus, Hiëronymus en Gregorius de Grote vereerd als Kerkvader van het Westen. Zijn relieken rusten in de Basilica di Sant’Ambrogio in Milaan.
De heilige Ambrosius is patroon van imkers, bijen en huisdieren.
6 december 2011
6 december: Heilige Nicolaas, bisschop en belijder
Nicolaas van Myra of Nicolaas de Wonderdoener, Nicolaas van Bari of Nicolaas van Patara is waarschijnlijk geboren omstreeks het jaar 280 te Patara in Lycië en overleden op 6 december in 342 of 352. In de vierde eeuw was hij bisschop te Myra, de toenmalige hoofdplaats van Lycië in Klein-Azië. Hij werd later heilig verklaard en is de hoofdpersoon in tal van legenden, bijvoorbeeld de Legenda Aurea van de 13e-eeuwse geleerde dominicaan Jacobus de Voragine. Belangrijke elementen van het Sinterklaasfeest gaan op hem terug.
Aan de kleine Nicolaas werden al vanaf de geboorte wonderen toegewezen. Zo kon hij direct na de geboorte rechtop in zijn badje staan, de handen ten hemel geheven, alsof hij God dankte voor het mirakel van zijn geboorte en wilde hij op de vastendagen, woensdag en vrijdag, niet van moeders borst drinken. Verder kende hij op vroege leeftijd de namen van de hemellichamen uit zijn hoofd.
Het was al snel duidelijk dat Nicolaas - vernoemd naar zijn oom, met wie hij vaak verward wordt, bisschop in een naburige gemeente - zijn leven aan de dienst van God zou wijden. Er werd een verband gezien met de Bijbelse figuur Samuel. Nicolaas' moeder kon net als de moeder van Samuel geen kinderen krijgen, en kreeg uiteindelijk een kind in ruil voor de belofte dat het in dienst van God zou treden. Net als Samuel was Nicolaas al op vroege leeftijd geliefd bij de bevolking. Hij begreep snel dat hij een hogere taak te vervullen had (I Samuel 3:20). Samuel was de laatste en belangrijkste der Richteren, die ook koningen zou zalven. Ook hier ligt een overeenkomst, want tijdens Nicolaas' leven zou het christendom in het Romeinse Rijk belangrijk worden.
Volgens de later heiligverklaarde Simeon de Vertaler was Nicolaas een goede leerling, ging hij met regelmaat naar de kerk en was hij - waar nodig - behulpzaam. Reeds op 19-jarige leeftijd werd de jonge Nicolaas door zijn oom, de bisschop, tot priester gewijd en legde hij de kloostergeloften af. Zijn oom sprak de verwachting uit dat Nicolaas zelf óók bisschop zou worden en een leven van verlichting zou leiden. Door zijn strenge discipline in het vasten, zijn goede wil en zijn gebeden voor iedereen was hij een voorbeeld voor anderen.
Toen zijn oom een reis maakte naar Jeruzalem, werd de jonge Nicolaas benoemd tot gevolmachtigde in zijn klooster Nieuw Zion. Volgens de overlevering bestuurde hij het klooster zó goed dat het leek alsof de bisschop zelf aanwezig was.
Volgens dezelfde Simeon de Vertaler heeft de heilige meermalen het Heilig Land bezocht, en vatte hij telkens het plan op om er meerdere weken te verblijven, maar een "engel des Heeren beval hem om huiswaarts te keren". Dit betekende dat zijn parochie in gevaar was en hij zijn bovenmenselijke krachten aldaar moest gebruiken. Eens probeerde bij zo'n gelegenheid een zeeman hem te bedriegen, maar Nicolaas verijdelde dat plan, en sprak streng: Probeer nu nooit meer iemand te bedriegen. Vaar naar huis, en mijn zegen zal je vergezellen. Vandaar staat hij bekend als vergevingsgezind.
Aan de vooravond van zijn bisschopswijding ontving Nicolaas een versie van de Bijbel uit de handen van Jezus.
Naar verluidt nam Nicolaas in 325 als bisschop deel aan het Concilie van Nicea, al zijn hiervoor geen bewijzen gevonden. De voornaamste aanleiding tot bijeenroepen van het concilie was de onrust, ontstaan door de leer verspreid door Arius. Tijdens dit concilie liep Nicolaas, een fervent tegenstander van Arius, naar hem toe, en gaf hem een klap in het gezicht. Hiervoor werd Nicolaas in de kerker gegooid, maar 's nachts werd hij uit zijn boeien bevrijd door Maria, en kreeg hij van haar zijn bisschoppelijke gewaden terug samen met een een Bijbel. Gedurende de rest van het concilie werd er bij grote vraagstukken beslist volgens de mening van Nicolaas.
Gedurende zijn leven zou Nicolaas vele malen de bevolking tegen demonen hebben beschermd, maar ook na zijn dood zou hij verder voor zijn mensen hebben gezorgd. Zo zou hij tijdens hongersnoden schepen hebben behoed voor de ondergang.
Nicolaas van Myra werd begraven in Myra, nabij het huidige Demre in het zuidwesten van Turkije. In 1087 werden zijn relieken door Italiaanse kooplieden van Myra naar Bari overgebracht, om ze te beschermen tegen de oprukkende Islam. Hier werd speciaal voor hem een kerk gebouwd, de basiliek van Sint Nicolaas.
Er worden vele legenden verteld over de heilige Nicolaas die een verklaring zijn voor het Sinterklaasfeest dat in Nederland en België wordt gevierd en ook voor het bestaan van de Kerstman (Nikolaus, Saint Nic).
De Legenda Aurea vertelt het verhaal van een arme man, die drie dochters had. In die dagen werd van de vader verwacht, dat hij de toekomstige echtgenoot iets van waarde aanbood: een bruidsschat. Hoe hoger de bruidsschat, des te groter de kans dat een jonge vrouw een goede echtgenoot zou vinden. Zonder bruidsschat was het onwaarschijnlijk dat de vrouw ooit zou trouwen. Vanwege de armoede van de man waren zijn dochters gedoemd als slavinnen te worden verkocht. Echter, op drie verschillende gelegenheden verscheen een buidel met goud in het huis, die voorzien waren van een volwaardige bruidsschat. Van de geldbuidels, die door een open raam werden gegooid, wordt gezegd dat ze in de schoenen terecht kwamen die voor de haard stonden te drogen. Soms zijn de geldbuidels weergegeven dan wel geïnterpreteerd als sinaasappels of mandarijnen, hetgeen kan verklaren waarom de Sint uit Spanje komt. Dit verhaal verklaart ook het strooigoed en het zetten van de schoen. Drie zakjes met goud staan symbool voor Sint Nicolaas.
Een ander verhaal vertelt van drie theologiestudenten, die op hun weg naar Athene door een herbergier werden vermoord. De herbergier borg het vlees van de studenten op in een ton met pekel. Enige tijd later bezocht Sint Nicolaas dezelfde herberg, en droomde ’s nachts van de misdaad die de herbergier begaan had. Nicolaas riep de herbergier en bad tot God, waarna de studenten weer tot leven werden gewekt. In Frankrijk is er een soortgelijk verhaal, waarin drie kleine kinderen tijdens hun spel verdwaald raken en worden verleid en gevangen door een slager. Sint Nicolaas verschijnt, roept tot God, herstelt de kinderen het leven en brengt ze terug naar hun ouders.
Nicolaas vermenigvuldigde zakken graan die per schip in de haven van Myra kwamen. Hierdoor werd een hongersnood vermeden. Deze legende doet denken aan de wonderbare broodvermenigvuldiging van Christus.
De zoon van een edelman was krijgsgevangen gemaakt door een heidense koning. Hij vertelde de koning over Sint Nicolaas. De koning sprak honend dat Nicolaas de jongen niet kon bevrijden. Hierop verscheen Nicolaas in een glorie van wolken. De jongen werd bevrijd en overgedragen aan zijn vader.
Een andere versie van dit verhaal vindt plaats na de dood van Sint Nicolaas. De stedelingen van Myra waren zijn naamdag aan het vieren toen een groep Arabische piraten vanuit Kreta in het gebied van Myra kwamen. Zij stalen de relikwieën uit de kerk van Sint Nicolaas. Terwijl zij de stad verlieten, ontvoerden zij een jongen, Basilios, om hem als slaaf te kunnen verkopen. In dienst getreden als slaaf werkte Basilios voor een koning als wijnschenker, die hem gekocht had omdat Basilios niet zou kunnen verstaan wat de koning tegen zijn raadslieden zou zeggen. Het hele volgende jaar zou Basilios de koning zijn wijn schenken in een prachtige, gouden karaf. In Myra kwam Nicolaas’ naamdag steeds dichterbij. Basilios’ moeder wilde niet aan het feest meedoen, omdat de dag voor haar tragische herinneringen opriep. In plaats mee te doen aan het feest bad zij om Basilios’ veiligheid. Terwijl Basilios zijn diensten voor de koning verrichtte, werd hij plotseling uit de zaal geplukt, de gouden karaf nog in de hand. Sint Nicolaas verscheen voor de doodsbange jongen, zegende hem en bracht hem terug naar zijn ouders in Myra.
Sint-Nicolaas is de beschermheilige van kinderen, ongehuwde vrouwen, kooplieden, studenten, geliefden, slagers, dieven, moordenaars, piraten en schutspatroon van de zeelieden. Veel havensteden hebben Sint-Nicolaas als beschermheilige, zoals Aberdeen, Amsterdam, Bari en Sint-Niklaas (België).
5 december 2011
Van de parochie-administrator: De toekomst van het apostolaat bij de Agneskerk
Beminde gelovigen,
Als verantwoordelijk priester voor het Amsterdamse apostolaat van de priesterbroederschap Sint Petrus vraag ik uw aandacht voor de toekomst van ons apostolaat en van de Agneskerk.
Na drie jaar van onderzoek naar en overleg over de toekomst van de Tridentijnse Mis in Amsterdam is het nu zo ver dat de Petrusbroederschap heeft besloten om te proberen de Agneskerk over te nemen van het bisdom. Wij zijn tot dit besluit gekomen omdat er geen geschikte andere locaties zijn te vinden en omdat het bisdom zich gedwongen voelt om het aantal kerkgebouwen te verminderen. De Agneskerk staat daarbij op de nominatie om gesloten en afgestoten te worden.
Om te proberen dit te voorkomen heeft de broederschap onlangs – na maanden van voorbereiding – een beheersstichting voor deze kerk opgericht met de naam ‘Stichting Sint-Agneskerk Amsterdam’.
In de afgelopen jaren zijn er rijke geestelijke vruchten voortgekomen van ons apostolaat. Er studeert reeds een seminarist aan ons seminarie; anderen overwegen die stap te zetten. Maar ook onder de kerkgangers zien wij, priesters, rijke spirituele vruchten. Dat danken wij aan de genade Gods en aan de oude Latijnse Mis. Om deze redenen willen wij er alles aan doen om ons apostolaat en onze aanwezigheid te bewaren en te versterken. Indien wij de kerk niet kunnen kopen, dan zullen onze priesters hoogstwaarschijnlijk op een andere plaats worden ingezet. Het gaat dus om alles of niets.
Wij zullen op korte termijn een bedrag van één miljoen euro moeten vinden voor aankoop, behoud en beheer van de kerk en bijgebouwen. De broederschap beschikt zelf niet over een dergelijk bedrag, daarom zou dat in Nederland gevonden moeten worden.
Andere wegen zijn onderzocht en beproefd maar blijken niet haalbaar. Het is duidelijk wat ons te doen staat. Meer informatie vindt u elders in dit bulletin. Laten wij Gods zegen hierover afsmeken op voorspraak van de H. Jozef, patroon van de Kerk. Wij hopen op uw hulp te mogen rekenen.
Moge God u rijkelijk zegenen. Alle weldoeners zullen worden opgenomen in een Misbond. Voor de levende en overleden leden van deze Misbond zal maandelijks een H. Mis worden opgedragen.
Met mijn priesterlijke zegen,
Pater M. Kromann Knudsen FSSP,
administrator Sint-Agnesparochie
4 december 2011
Preek voor de tweede zondag van de Advent
![]() |
| De wortel van Jesse. |
Epistel
Rom. 15, 4-13
Broeders, alles wat er geschreven staat, werd geschreven om ons te onderrichten; opdat wij door het geduld en de vertroosting, die in de Schriften te vinden zijn, zouden versterkt worden in Godsvertrouwen. God, van Wie het geduld en de vertroosting komen, geve u, dat gij eensgezind zijt onder elkander, naar de geest van Jezus Christus; om zo eendrachtig en eenstemmig God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, te verheerlijken. Daarom, neemt elkander op, zoals Christus u heeft opgenomen ter ere Gods. Ik bedoel, dat Christus Jezus dienaar der besnedenen is geworden omwille van Gods waarachtigheid, om de beloften aan de vaderen gegeven in vervulling te doen gaan; maar ook, dat de heidenen God zijn gaan prijzen om Zijn barmhartigheid. Zo toch staat er geschreven: Daarom zal ik U loven onder de heidenen, o Heer, en Uw Naam lofzingen. En verder heet het: Verblijdt u, heidenen samen met Zijn volk. En elders: Gij heidenen, looft allen de Heer; prijst Hem, alle volkeren. En dan zegt Isaias nog: Komen zal de spruit van Jesse, Hij, Die zal opstaan om over de heidenen te heersen; op Hem zullen de heidenen hun hoop vestigen. God nu, op Wie onze hoop gericht is, vervulle u met alle vreugde en vrede door het bezit van het geloof, opdat uw hoop overvloedig moge toenemen door de kracht van de Heilige Geest.
Evangelie
Mt. 11, 2-10
In die tijd, toen Johannes in de gevangenis hoorde van de werken van Christus, zond hij twee van zijn leerlingen om Hem te vragen: “Zijt Gij het, die komen moet of hebben wij een ander te verwachten?” Jezus gaf hun ten antwoord: "Gaat aan Johannes berichten, wat gij gehoord en gezien hebt. Blinden zien, kreupelen lopen, melaatsen worden gereinigd, doven horen, doden verrijzen, en aan armen wordt het Evangelie verkondigd. Zalig is hij, die geen aanstoot neemt aan Mij”. Toen zij weggingen, begon Jezus tot het volk te spreken over Johannes: “Wat zijt gij in de woestijn gaan zien? Een riet dat door de wind wordt heen en weer bewogen? Maar wat zijt gij dan gaan zien? Een mens in zachte kleren? Zie, mensen met zachte kleren zijn te vinden in de paleizen van de koningen. Maar wat zijt gij er dan gaan zien? Een profeet? Ja, zeg Ik u, zelfs meer dan een profeet. Want hij is het, van wie geschreven staat: Zie, Ik zend mijn gezant voor U uit, om vóór U de weg te bereiden."
Preek
Om ons met meer hoop en vertrouwen te doen uitzien naar de komst van de Heer, herinnert de Kerk ons vandaag in het epistel aan de getuigenis van de profeten, die deze komst hebben aangekondigd en voorspeld tot heil van niet alleen de joden, maar van alle volkeren.
De voorspellers van dit heil, die ons in deze Adventsweken door de Kerk voor ogen worden gesteld, zoals de profeet Jesaja en de boetgezant Johannes, zijn de gestalten van de zeer geduldige en sterk hopende zielen van het oude verbond, die bijna allen zijn gestorven zonder het heil met het menselijk oog te hebben aanschouwd, maar die niet wankelden in hun rotsvast vertrouwen op God. Onder hen neemt Maria, de gezegende Maagd en Moeder Gods, de eerste plaats in. De moederlijke verwachting van de geboorte van haar Kind verdubbelde het verlangen naar de Heiland van de wereld.
Zo moet in deze tijd ook de houding van onze ziel zijn; vervuld van hoop en verlangen, smachtend uitziend naar de komst van de Heer, naar de komst van Zijn genade, naar de komst van Zijn koninkrijk op aarde in onze ziel door de genademiddelen van de Kerk, en naar de uiteindelijke en definitieve openbaring van dit koninkrijk bij de verschijning van Jezus als de wereldrechter aan het einde van de tijden.
Beminde gelovigen, voor ons persoonlijk komt de Heer in ons sterven. Eerst in de hemel is God voor ons gekomen, wanneer de Bruidegom de trouw wachtende ziel in Zijn eeuwige feestzaal heeft binnengevoerd. Dat betekent dat ons hele leven op aarde Adventstijd is, een geduldig en liefdevol wachten. Het leven is dus een wachten op de komst van God, onze rechter en verlosser. Heffen wij onze ogen omhoog naar God, want zie, uw verlossing is nabij.
Maar zijn wij wel voldoende doordrongen van deze realiteit van het menselijk leven? Dat het slechts een afwachten is? Dat het maar een voorbereiding is, iets voorlopigs? Het is onze grote fout dat wij ons niet ernstig genoeg bewust zijn van dit eigenlijke wezen van ons leven als voorbijsnellende voorbereiding. Wij hopen niet echt en wij verlangen niet werkelijk, omdat wij niet ontberen, omdat wij de naaktheid van de ziel niet ervaren. Wij vinden het zo wel goed, want wij gaan op in het aardse en in onszelf. Onze geest is gevangen in duizenden kleine dingen, zorgen, verlangens, genietingen, eerzucht en zelfzucht.
Om Christus als verlosser te ontmoeten moeten wij de aardse dingen verachten en de hemelse beminnen. Pas als wij de leegte van de aardse zaken ervaren en de woestijn die in ons en om ons is, dan kan het verlangen naar hogere dingen ontstaan: het werkelijke verlangen naar God, Die ook voor ons zal komen. Amen.
3 december 2011
3 december: Heilige Franciscus Xaverius, belijder
Franciscus de Jassu y Javier werd op 7 april 1506 geboren op het Spaanse kasteel Xavier in Navarra (Spaans Baskenland). Hij studeerde in Parijs (1525) aan de universiteit en werd daar door de jonge Ignatius van Loyola voor het heilig dienstwerk gewonnen. Hij sloot zich in 1534 aan bij het groepje dat Ignatius de 'Societeit van Jezus' noemt. In het jaar 1537 werd Franciscus in Venetie tot priester gewijd en ging samen met Ignatius werken in Rome. Op 27 september 1540 ontvingen zij de bevestiging van de orderegels door paus Paulus III. Al snel trekt hem het werk als missionaris in de kolonieën en hij gaat, op verzoek van paus Paulus III en de Portugese koning, in 1541 werken in Goa in Indië, onder de losbandige Portugezen.
Drie jaar later vertrekt hij naar de Molukken, waar hij op Ternate een centraal punt voor de missionering vestigt. Hier doopt hij in een maand 10.000 vissers. In het jaar 1549 vertrekt hij naar het pas ontdekte Japan en vestigt daar het christendom. In 1551 wordt hij provinciaal van de orde in Goa, waar hij weer naar terugreist. Van hieruit regelt hij de hele missie. Overal waar Xaverius kwam stichtte hij missieposten van waaruit het geloof verkondigd werd. Vlak voor de overtocht vanaf het eiland Sancian bij Kanton naar China, sterft Franciscus op 3 december 1552. Vanuit China wilde hij de moeilijk te bekeren Japanners bewegen het geloof in het heilig Evangelie aan te nemen.
In het jaar 1622 werd Franciscus Xaverius (zoals hij in de volksmond wordt genoemd) door paus Gregorius XV heilig verklaard en in 1748 door paus Benedictus XIV benoemd tot patroon van Indië. Paus Pius X benoemde hem in 1904 tot patroon van de geloofsverkondigers en in 1927 werd Franciscus Xaverius door paus Pius XI benoemd tot patroon van alle missies. Zijn lichaam rust in Goa.
Franciscus Xaverius is patroon van China, missionarissen, missie in het Oosten, zeelieden, de katholieke pers en voor een goed stervensuur; hij is patroon tegen storm en de pest.
2 december 2011
Informatiebulletin voor de Advent is verschenen
Het Informatiebulletin van onze kerk voor de periode van 1 tot en met 18 december is verschenen. Daarin wordt u nader geïnformeerd over de pas opgerichte Stichting Sint-Agneskerk Amsterdam.
Het bulletin is op deze site te vinden onder het tabblad 'Informatiebulletin 1-18december'. Ook bestaat de mogelijkheid om het blad elke maand gratis per e-mail (klik hier) te ontvangen.














