Website van de parochie van de H. Jozef, patroon van de H. Kerk, de Rooms-katholieke personele parochie voor de traditionele Latijnse liturgie bij de Agneskerk te Amsterdam

Vandaag in de Agneskerk

De kalender is bijgewerkt tot en met 31 mei 2017, onder voorbehoud van wijzigingen.

Meimaand - Mariamaand: Marialof van dinsdag tot en met vrijdag om 10.15 uur. Openingslof op maandag 1 mei.

28 april 2017

28 april: Heilige Paulus van het Kruis, belijder

Paulus van het Kruis werd op 3 januari 1694 geboren in Ovada, Piemonte als Paolo Francesco Danei.

Na een tijd bij zijn vader in de handel te hebben gewerkt, besloot Paolo zijn leven in dienst van Christus te stellen. Het besef van Jezus’ martelgang en wrede kruisdood hadden hem zo zwaar aangegrepen dat hij kluizenaar werd om dieper tot de zin ervan door te dringen. Al spoedig kwam hij tot het inzicht dat bezinning op het Lijden van Christus leidt tot compassie met de mensen die in ellendige omstandigheden verkeren. Hij deed afstand van al zijn bezittingen en begon een leven van ascese, boete en naastenliefde.

Op een zeker moment kreeg hij een verschijning van de heilige maagd Maria, die - gekleed in een zwart habijt - hem opdroeg om een gemeenschap te stichten die permanent rouwt om de dood van haar Kind. Paolo verbleef toen in het stadje Castallazzo in het bisdom Alessandria. Hij vertelde de plaatselijke bisschop, Arborio di Gattinara, wat hij had ervaren. Die bekleedde hem op 22 november 1720 met het zwarte habijt dat Maria hem had opgedragen te dragen uit rouw om haar zoon. Vanaf dat moment droeg hij de naam Paolo della Croce (Paulus van het Kruis).

Aangemoedigd door bisschop Arborio trok Paolo zich in de maanden november en december 1720 terug in een torenkamertje van de kerk van Castallazzo voor een veertigdaagse retraite. Daar schreef hij een leefregel voor zijn toekomstige communiteit: de door hem gestichte Congregatie van het Lijden van Jezus Christus, beter bekend onder de naam Passionisten. Deze leefregel vormde de basis van zijn kloosterregel, die in 1741 door paus Benedictus XIV zou worden goedgekeurd. Ook schreef hij in Castallazzo zijn geestelijke ervaringen op in een soort dagboek, dat onder de klassieke teksten van de mystiek wordt gerekend.

Paolo werd in 1727 tot priester gewijd. Een jaar later trok hij zich met zijn broer, Giovanni Battista, terug op de berg Argentaro op het Toscaanse schiereiland Orbetello. Daar stichtte hij samen met enkele volgelingen het eerste passionistenklooster. Steeds meer begonnen de eerste passionisten zich toe te leggen op de prediking onder de armen in de toenmalige Pauselijke Staten en Toscane. Paus Clemens XII bevestigde hen daarin en verleende hun de titel 'apostolisch missionaris'; dat betekende dat zij in diens naam het Evangelie verkondigden. In 1771 stichtte Paolo de vrouwelijke en zuiver comtemplatieve tak van de congregatie: de Passionistinnen.

Paulus van het Kruis staat bekend als een groot mysticus. Meer dan 45 jaar ging hij de spirituele weg van de Verlatenheid om uiteindelijk steeds meer verenigd te raken met de gekruisigde Christus. Als geestelijk leidsman en biechtvader oefende hij veel invloed uit op het leven van geestelijken en leken. Paulus van het Kruis stierf op 18 oktober 1775 in Rome. Zijn lichaam ligt begraven in de Romeinse basiliek SS. Giovanni e Paolo, de kerk van het gelijknamige klooster dat door paus Clemens XIV aan hem geschonken was. Paus Pius IX verklaarde hem in 1852 zalig en in 1867 heilig.

27 april 2017

Agneskerk in buitengewoon perspectief

Fotograaf Hans van den Bosch legde enkele weken geleden het in- en exterieur van onze Agneskerk op buitengewone wijze vast. Dat hij graag kerken fotografeert blijkt uit het onderdeel 'kerken' op zijn website, waarop ook onderstaande foto's zijn terug te vinden.








27 april: Heilige Petrus Canisius, belijder en Kerkleraar

Peter Canisius werd op 8 mei 1521 te Nijmegen geboren. Hij was de zoon van de burgemeester van deze stad. Hij studeerde in Keulen, waar de jezuïetenorde de eerste vestiging buiten Frankrijk stichtte. De orde van Ignatius van Loyola werd voor Petrus het middelpunt van zijn leven. Hier vond de geleerde filosofiedoctor wetenschap en apostolische bezigheden in harmonie verenigd.

Hij heeft zich ingezet voor het behoud en de vernieuwing van het katholiek geloof. In woord en geschrift werd hij een alom gewaardeerd persoon. Hij was de pauselijke theoloog tijdens het concilie van Trente (1545-1564), universiteitsrector en theologieprofessor in Ingolstadt, dompredikant in Wenen, studeerde in Messina (Sicilië) en werkte in Milaan, Praag, München, Augsburg en Innsbruck.

Tot driemaal toe werd hem de bisschopszetel van Wenen aangeboden en even zoveel keer heeft hij deze geweigerd. Hij was een persoon in aanzien in de katholieke wereld. In bijna alle kerkelijk-politieke ontwerpen en beslissingen is zijn aanwezigheid tastbaar. Hij werkte stichtend voor zijn orde. Het bekendste werk dat Petrus Canisius heeft geschreven is de grote catechismus (Canisius-catechismus), reeds bij zijn dood was men toe aan de 200e druk.

In 1580 werd hij naar Fribourg in Zwitserland verplaatst, waar hij het tegenwoordige Sint-Michaelscollege stichtte. Op 21 december 1597 stierf hij in deze stad en werd onder het hoofdaltaar van de Sint-Michaelskerk begraven.

Een deel van zijn relieken is naar Nijmegen overgebracht. Op 21 mei 1925 werd hij door paus Pius XI heilig verklaard en tot Kerkleraar verheven. Petrus Canisius wordt ook wel de tweede apostel van Duitsland genoemd.

26 april 2017

26 april: Moeder van Goede Raad

Gebed tot de Moeder van Goede Raad

Roemrijke Maagd,
door het eeuwig raadsbesluit uitverkoren
tot Moeder van het mensgeworden Woord,
schatbewaarster van de goddelijke genaden
en voorspreekster van de zondaren,
ik, uw onwaardigste dienaar,
neem mijn toevlucht tot u,
opdat gij in dit tranendal
mijn gids en raad zult zijn.

Verkrijg voor mij,
door het kostbaar Bloed
van uw goddelijke Zoon,
vergiffenis van mijn zonden,
de zaligheid voor mijn ziel
en de nodige middelen
om dit te bewerkstelligen.

Verkrijg voor de heilige Kerk
de zegepraal over haar vijanden
en de verspreiding van Jezus’ Rijk
over de gehele aarde.

Amen.

26 april: H.H. Cletus en Marcellinus, pausen en martelaren

Paus Cletus (linkerfoto, uit de Sint-Pietersbasiliek in Rome) is tot het christendom bekeerd door de heilige Petrus en is ook door hem tot priester gewijd. Hij is mogelijk de Cletus over wie de heilige Augustinus heeft geschreven. Cletus was de derde paus en trad aan in het jaar 76. Hij stierf als martelaar rond het jaar 89. Zijn relieken worden bewaard in de kerk toegewijd aan de heilige Linus in Rome.

Paus Marcellinus was de 29e paus. Van hem is niet veel meer bekend dan dat hij de Romeinse catacomben uitbreidde. Hij trad aan als paus in het jaar 296 en stierf als martelaar in Rome in het jaar 304.

Beide pausen worden genoemd in de Canon van de heilige Mis. Zij worden gezamenlijk gevierd omdat hun beider pontificaat in het teken stond van zware Kerkvervolging onder het Romeinse rijk.

24 april 2017

24 april: Heilige Fidelis van Sigmaringen, martelaar

De heilige Fidelis van Sigmaringen werd op 1 oktober 1577 geboren als Marc Roy. Zijn medestudenten noemden hem de christelijke filosoof. Hij was vroom, bekommerde zich om de armen en de zieken en bad en mediteerde veel. Hij studeerde recht in Freiburg im Breisgau, werd advocaat in Colmar en kreeg er de bijnaam advocaat van de armen. Hij wilde echter zijn leven aan God wijden en aan de verkondiging van het Evangelie. Hij trad in 1612 in bij de Capucijnen in Freiburg im Breisgau en nam de naam Fidelis aan.

De eerste jaren van zijn kloosterleven waren moeilijk en hij viel ten prooi aan diepe twijfel en zware verleidingen. Hij verkocht zijn bezittingen en vond opnieuw rust. Hij leefde in een zeer bescheiden inboedel, droeg versleten kleding en deed veel boete en verstervingen.

Fidelis was geliefd om zijn naastenliefde, zijn geleerdheid en zijn geloof. Hij werd door de Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren naar Graubünden gezonden om er het protestantisme te bestrijden. Hij vervulde zijn taak met volle ijver en leidde een streng en heilig leven, waardoor hij vele bekeerlingen maakte. Hij werd echter verraden en doodgeslagen door een groep mannen die zijn activiteiten bestreden. Zo stierf hij op 24 april 1622 in Seewis im Prättigau (Zwitserland) als martelaar.

Fidelis werd in 1729 door paus Benedictus XIII zalig verklaard en in 1746 heilig verklaard door paus Benedictus XIV.

23 april 2017

Beloken Pasen - Feest van de goddelijke Barmhartigheid

"Thomas, kom hier met uw hand en leg ze in Mijn zijde."

Epistel
1 Joh. 5, 4-10
Veelgeliefden, al wat uit God is geboren, is overwinnaar van de wereld; en dit is de zegevierende macht, waardoor de wereld overwonnen wordt, ons geloof. Wie anders is er overwinnaar van de wereld, dan hij die gelooft, dat Jezus is de Zoon van God? Deze is het, Die gekomen is in water en in bloed, Jezus Christus; niet alleen in het water, maar in het water én in het bloed. En het is de Geest, Die getuigt, dat Christus de waarheid is. Want het zijn er drie, Die getuigenis geven in de hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze Drie zijn één. En het zijn er drie, die getuigenis geven op de aarde: de Geest, en het water, en het bloed; en deze drie zijn het eens. Indien wij het getuigenis van mensen aannemen, Gods getuigenis heeft groter waarde; inderdaad hebben wij hierin dat getuigenis van God met die grotere waarde, dat Hij getuigenis heeft gegeven omtrent Zijn Zoon. Wie gelooft in de Zoon van God, draagt het getuigenis van God in zich.

Evangelie
Joh. 20, 19-31
In die tijd, toen de avond van die dag, de eerste dag der week, reeds was gevallen, en de deuren van de plaats, waar de leerlingen samen waren, uit vrees voor de joden waren gelosten, kwam Jezus, en stond plotseling in hun midden; en Hij sprak tot hen: Vrede zij u! En na dit gezegd te hebben toonde Hij hun Zijn handen en Zijn zijde. En de leerlingen waren zeer verheugd, toen zij de Heer zagen. Vervolgens sprak Hij andermaal tot hen: Vrede zij u! Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u. En na deze woorden blies Hij over hen en zei hun: Ontvangt de Heilige Geest. Aan wie gij de zonden vergeeft, hun zijn ze vergeven, en aan wie gij de zonden laat houden, zij blijven ze houden. Maar Thomas, één van de Twaalf, ook wel Didymus genoemd, was niet bij hen, toen Jezus kwam. Daarom zeiden de andere leerlingen tot hem: Wij hebben de Heer gezien! Maar hij antwoordde hun: Als ik niet in Zijn handen de wonden der nagelen zie, en mijn vinger niet in de plaats van de nagelen kan steken, en mijn hand niet kan leggen in Zijn zijde, zal ik niet geloven. En acht dagen later waren Zijn leerlingen weer daarbinnen bijeen; en ook Thomas was bij hen. En terwijl de deuren gesloten bleven, kwam Jezus binnen; en plotseling stond Hij in hun midden, en sprak: Vrede zij u! Daarop zei Hij tot Thomas: Steek uw vinger hierin, en bezie Mijn handen; en kom hier met uw hand, en leg ze in Mijn zijde; en wees niet meer ongelovig, maar gelovig! Thomas gaf Hem ten antwoord: Mijn Heer en mijn God! Toen sprak Jezus tot hem: Omdat gij Mij gezien hebt, Thomas, daarom gelooft gij; zalig zij, die niet zien, en toch geloven. Nog vele andere tekenen, heeft Jezus voor het oog van Zijn leerlingen verricht, die in dit boek niet staan opgetekend. Maar deze zijn opgetekend, opdat gij zoudt geloven, dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en opdat gij door dat geloof het leven moogt bezitten in Zijn Naam.

Overweging
Op deze octaafdag van Pasen, die tevens het feest van de goddelijke Barmhartigheid is, zouden wij met de apostel Thomas van harte een van de allermooiste en meest hoopvolle gebeden kunnen uitspreken, en daardoor iedere twijfel, die wellicht nog in ons leeft, uitroeien: “Mijn Heer en mijn God”. Daar gaat het in het christelijke leven om: om God. En omdat het in ons leven om God gaat, moeten wij bereid zijn om alles wat met God verbonden is, dus de Kerk van God en haar bevrijdende en tot zaligheid noodzakelijke geloofsleer, innig en volledig te omhelzen.

God is mens geworden en heeft op het Kruis de wereld Zijn barmhartigheid getoond, een barmhartigheid die ieder van ons zou kunnen omvatten als wij maar bereid zijn om ons hart in volledig vertrouwen aan Hem over te geven. In deze overgave, die een bekering inhoudt, ligt het begin van het leven met God, een leven dat als het ernstig wordt genomen, zich openbaart als een leven door God. Door de goddelijke barmhartigheid en genade mogen wij leven en eens de hemelse zaligheid aanschouwen. De deur tot dit bovennatuurlijke leven heeft Christus geopend door Zijn heilswerk, het heilswerk dat door de tijden heen wordt voortgezet door de katholieke Kerk. Daar wacht Hij ook nu op de zielen om Zijn liefde te tonen aan degenen die de duisternis en het bedrog van de wereld verlaten.

22 april 2017

Octaafdag van Pasen: Feest van de goddelijke Barmhartigheid

Jezus, ik vertrouw op U

Op 25 augustus 1905 wordt in het Poolse dorpje Glogowiec een meisje geboren: Helena Kowalska. Op 20-jarige leeftijd treedt ze in bij de zusters van Onze Lieve Vrouw van Barmhartigheid in Warschau. Ze krijgt de kloosternaam Maria Faustina (‘begunstigde’). Al heel vroeg heeft ze bovennatuurlijke ontmoetingen. Jezus Zelf geeft haar aanwijzingen wat ze moet doen. Twijfel, angst en verwijten van haar medezusters achtervolgen haar als Jezus haar opdraagt de devotie van de goddelijke Barmhartigheid openlijk te verspreiden. Opvallend is haar grote gehoorzaamheid aan haar oversten en aan haar biechtvader, zoals Jezus dat van haar verlangt.

Vanaf 1933 lijdt ze aan tuberculose, met heftige pijnen. Daarnaast lijdt zuster Faustina onbeschrijflijke geestelijke pijnen door onzichtbare stigmata, Godverlatenheid en het verdriet om de zondaars, maar toch kent ze een diepe, innerlijke vreugde. Ze weet dat de prijs van haar liefde het lijden is. Ze wil alles doen om zielen te redden. En Jezus laat haar lijden, bijna 13 jaar in het klooster. Op 5 oktober 1938 sterft zuster Faustina, 33 jaar oud, net zo oud als haar goddelijke Vriend.

In 1965 leidt de Poolse aartsbisschop Karol Wojtyla het zaligverklaringsproces in. Op de eerste zondag na Pasen in 1993 verklaart hij als paus Johannes Paulus II haar zalig en in het heilig jaar 2000, op de zondag van de goddelijke Barmhartigheid, verklaart hij haar heilig.

Uit haar dagboek komt naar voren hoe graag Jezus wil dat de mensen in de hemel komen. Geen mens, hoe groot zijn zonden ook zijn, hoeft verloren te gaan. God wil de dood van de zondaar niet. Het enige dat wij hoeven te doen is ons vol vertrouwen, en berouwvol, aan Zijn eindeloze Barmhartigheid over te geven.

Bij Zijn eerste verschijning aan zuster Faustina geeft Jezus haar de opdracht: “Schilder een afbeelding die overeenkomt met het voorbeeld dat je ziet, met het onderschrift: Jezus, ik vertrouw op U. Ik wil dat deze afbeelding vereerd wordt, eerst in jouw kapel en daarna over de hele wereld. Ik beloof je dat de ziel die deze afbeelding zal vereren, niet verloren zal gaan.”

Jezus heeft aan zuster Faustina gezegd dat Hij wil dat op de zondag na Pasen het feest van de goddelijke Barmhartigheid wordt gevierd: “Op die dag staan de diepste diepten van Mijn tedere barmhartigheid open. Ik stort een hele oceaan van genaden uit over die zielen die tot de fontein van Mijn barmhartigheid naderen. De ziel die te biechten zal gaan en de heilige communie zal ontvangen, zal volledige vergeving van zonden en straf ontvangen. Op die dag staan alle sluizen van de hemel, waardoor de genade vloeit, open.”

20 april 2017

Programma Sint-Nicolaasacademie op zaterdag 22 april 2017

De derde zaterdag in april was Paaszaterdag, daarom worden deze maand de lezing en de voorafgaande heilige Mis voor de Sint-Nicolaasacademie een week verschoven naar zaterdag 22 april. De lezing wordt gegeven door de heer dr Alexander de Groot, historicus en werkzaam aan de Universiteit van Leiden. Hij bespreekt de scheiding van islam en Staat met als voorbeeld het Ottomaanse Rijk en de republiek Turkije.

De lezing wordt om 10.00 uur voorafgegaan door een H. Mis in de kerk.

Zie: De website van de academie.

18 april 2017

17 april 2017

Maandag onder het Octaaf van Pasen

Op weg naar Emmaus: "Zijt Gij dan de enige vreemdeling, die in Jeruzalem is geweest
en die niet weet wat daar gebeurd is dezer dagen?"

Epistel
Hand. 10, 37-43
In die dagen stond Petrus te midden van het volk en sprak: Mannen, broeders, gij hebt gehoord van hetgeen er in geheel het joodse land, van Galilea uit, gebeurd is, na het doopsel, dat Johannes predikte: van Jezus van Nazareth, hoe God Hem heeft gezalfd met Heilige Geest en kracht, en hoe Hij weldoende rondging, en allen genas, die in de macht waren van de duivel, omdat God met Hem was. En wij zijn getuigen van alles, wat Hij in het land der joden en in Jeruzalem heeft gedaan. Maar men heeft Hem aan het kruishout gehangen en gedood. God echter heeft Hem opgewekt op de derde dag, en Hem gegeven, zichtbaar te verschijnen, niet aan geheel het volk, maar aan getuigen, die God te voren daartoe had uitgekozen, namelijk aan ons, die met Hem gegeten en gedronken hebben, nadat Hij van de doden was opgestaan. Ook heeft Hij ons bevel gegeven, aan het volk te prediken en te getuigen, dat Hij het is, Die door God is aangesteld als rechter van levenden en doden. Van Hem getuigen al de profeten dat allen, die in Hem geloven, in Zijn Naam vergiffenis van zonden verkrijgen.

Evangelie
Lc. 24, 13-35
In die tijd gingen twee van Jezus' leerlingen diezelfde dag naar een dorp, dat zestig stadiën van Jeruzalem gelegen was en Emmaus heette. En zij spraken met elkander over alles, wat er gebeurd was. Terwijl zij nu in gesprek waren en van gedachten wisselden, kwam Jezus zelf bij hen, en ging met hen mee; maar hun ogen werden verhinderd, opdat zij Hem niet zouden herkennen. Hij vroeg hun: Wat voor gesprek voert gij samen onderweg, dat gij zo bedroefd zijt? De ene nu, die Cleophas heette, gaf Hem ten antwoord: Zijt Gij dan de enige vreemdeling, die in Jeruzalem is geweest en die niet weet, wat daar gebeurd is dezer dagen? Doch Hij antwoordde hun: Wat dan? En zij zeiden: Met Jezus van Nazareth, Die een profeet was, machtig in werk en in woord, voor God en geheel het volk; en hoe onze opperpriesters en oversten Hem ter doodstraf hebben overgeleverd en gekruisigd hebben. Wij nu hadden de hoop, dat Hij het was, Die Israël zou verlossen; maar met dat al is het nu reeds de derde dag sinds deze dingen zijn gebeurd. Bovendien hebben enige vrouwen uit onze kring, die vóór het daglicht reeds bij het graf waren, ons doen ontstellen, want zij vonden er Zijn lichaam niet; en toen zij terugkwamen, vertelden zij ook nog, dat zij een verschijning van engelen hadden gehad, die zeiden, dat Hij weer leefde. Toen zijn enigen van ons naar het graf gegaan, en hebben het juist zo bevonden, als de vrouwen gezegd hadden maar Hemzelf vonden zij niet. Toen sprak Hij tot hen: O gij onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet beter geloof hecht aan alles, wat de profeten hebben gezegd. Moest dan de Christus dit alles niet lijden, en zó zijn glorie binnengaan? En te beginnen met Mozes en de andere profeten, verklaarde Hij hun, wat in heel de Schrift over Hem was voorspeld. Intussen waren zij bij het dorp gekomen, waar zij heengingen; en Hij hield Zich, alsof Hij verder wilde gaan. Maar zij drongen bij Hem aan, en zeiden: Blijf bij ons, want het wordt avond en de dag loopt reeds ten einde. Hij ging dan met hen naar binnen. Toen Hij nu met hen aan tafel was, nam Hij het brood, sprak een dankgebed uit, brak het, en reikte het hun toe. Toen gingen hun de ogen open, en zij herkenden Hem. Maar Hij verdween uit hun ogen. En zij zeiden tot elkander: Brandde ons hart niet in ons, toen Hij onderweg tot ons sprak en ons de Schriften verklaarde? Onmiddellijk stonden zij op, en keerden naar Jeruzalem terug; daar vonden zij de elf met hun gezellen bijeen; en dezen zeiden: De Heer is waarlijk verrezen, en verschenen aan Simon. Toen verhaalden ook zij, wat er onderweg was gebeurd, en hoe zij Hem hadden herkend bij het breken van het brood.

16 april 2017

Hoogfeest van Pasen - Verrijzenis van onze Heer Jezus Christus

Christus is waarlijk verrezen, alleluia!

Epistel
1 Kor. 5, 7-8
Broeders, doet het oude zuurdeeg weg, om aldus een nieuw deeg te zijn. Gij zijt toch immers ongedesemd. Want ook ons Paaslam is geslacht, dat is Christus. Laten wij daarom ons feestmaal vieren, niet met oude zuurdesem, dat wil zeggen: niet met zuurdesem van slechtheid en boosheid; maar met ongedesemd brood van zuiverheid en waarheid.

Evangelie
Mc. 16, 1-7
In die tijd kochten Maria Magdalena en Maria van Jacobus en Salóme reukwerken, om Jezus te gaan balsemen. En zeer vroeg in de morgen, op de eerste dag der week, kwamen zij bij het graf, toen de zon reeds was opgegaan. En zij zeiden tot elkander: Wie zal ons de steen voor de ingang van het graf wegrollen? Maar toen zij gingen zien, bemerkten zij, dat de steen reeds weggerold was. Deze nu was buitengewoon groot. Zij gingen dan het graf binnen, en zagen aan de rechterkant een jongeling zitten, gekleed in een wit gewaad; en zij ontstelden hevig. Maar deze sprak tot haar: Weest niet ontsteld. Gij zoekt Jezus van Nazareth, Die gekruisigd is. Hij is verrezen; Hij is hier niet meer; ziet hier de plaats, waar men Hem had neergelegd. Maar gaat heen, en zegt aan Zijn leerlingen, met name aan Petrus, dat Hij weer voor u uitgaat naar Galilea; daar zult gij Hem zien, zoals Hij u gezegd heeft.

Overweging
Vandaag viert de Kerk haar gloriedag, het ‘feest der feesten’, omdat zij de overwinning van Jezus Christus, haar Stichter, viert. Het Paasfeest is het jubelfeest om de verlossing. De redding is een feit geworden. Gods belofte, lang geleden gegeven, werd op Paasdag vervuld. Jezus, voor ons gestorven, vernietigde de schuld en de angst en Hij gaf ons de hemel terug. Na Zijn verschrikkelijk lijden, dat Hij uit liefde op Zich had genomen, is Hij nu doorstraald van licht en heerlijkheid.

“Vreest niet! Gij zoekt Jezus van Nazareth Die gekruisigd is. Hij is verrezen. Hij is niet hier. Ziet de plaats waar men Hem had neergelegd.” Deze woorden van een engel hoorden de heilige vrouwen die naar het graf van Jezus gingen om Zijn lichaam te balsemen. Hij is verrezen – met deze woorden nodigt de Kerk ook ons in de gehele Paasliturgie uit tot een innige blijdschap. “Hij is waarlijk verrezen.” Zijn lijden en dood waren voor Hem geen ondergang: zij waren de hoge losprijs voor de zielen, voor onze zielen. Dit was het herstel uit de zonde, de prijs van de nieuwe vriendschap tussen God en de mensen.

Geheel de Kerk is vol van blijdschap en dankt God. Wat kunnen wij anders doen dan blij zijn zowel inwendig als naar buiten om dit grote geluk, deze vernieuwing van het leven, om deze glorie vooral van onze Heer en Redder, Jezus Christus? Maar niet alleen blijdschap regeert in deze tijd in de Kerk. Zij is ook enorm dankbaar voor alles wat Christus voor ons heeft gedaan. En dit is: ons de hemel teruggegeven en Gods liefde.

Met dankbaarheid en vreugde moeten ook onze harten vervuld worden. “Dit is de dag die de Heer gemaakt heeft; laat ons heden juichen en blij zijn” – zingen wij in het graduale. Naast de blijdschap brengt het feest van Pasen ons de hoop, de hoop dat wij op een dag ook zullen verrijzen om met God eeuwig te leven. En dit leven zal een heel ander leven zijn, een nieuw leven.

Hoogfeest van Pasen

Christus, de Heer, is waarlijk verrezen!


"O waarlijk heilige nacht", zingt het Exsultet, "de enige die tijd en uur mocht kennen waarop Christus uit de doden verrees!" Niemand is immers ooggetuige geweest van de gebeurtenis zelf van de verrijzenis en geen enkele evangelist beschrijft haar. Niemand heeft kunnen zeggen hoe zij fysiek gezien tot stand gekomen is. En het diepste wezen ervan, de overgang naar een ander leven, was nog minder zintuiglijk waarneembaar.

Hoewel de verrijzenis een historische gebeurtenis is, die door het teken van het lege graf en de werkelijkheid van de ontmoetingen van de apostelen met de verrezen Christus vast te stellen is, blijft ze, in zoverre ze de geschiedenis te boven gaat en daarboven uitstijgt, ten diepste een geloofsmysterie. Daarom toont de verrezen Christus Zich niet aan de wereld (Vgl. Joh. 14,22), maar wel aan Zijn leerlingen, "aan degenen die Hem van Galilea naar Jeruzalem hadden vergezeld, juist aan degenen die nu getuigen van Hem zijn voor het volk" (Hand. 13,31).

15 april 2017

Paaszaterdag: Nedergedaald ter helle

De icoon toont ons het Gelaat van de gestorven Jezus. De Man van Smarten heeft - in uiterste gehoorzaamheid aan Zijn hemelse Vader - de marteldood aan het Kruis doorstaan. Hij heeft voor ons de prijs betaald die wij zelf nooit hadden kunnen betalen.

Christus heeft de duivel en de dood voor alle mensen overwonnen, ook voor de mensen die leefden voordat het Kruisoffer werd gebracht. De Kerk leert dat Christus op deze dag 'nedergedaald is ter helle'. Alle mensen die vóór het offer van de Kruisdood rechtvaardig waren geworden, heeft Christus - voorafgaand aan Zijn Verrijzenis - bevrijd uit het dodenrijk.

De dood van Jezus is de poort geworden tot het eeuwige leven, zowel voor Hem als voor ons. God heeft namelijk een sterfelijk lichaam aangenomen om met dit lichaam strijd te leveren tegen de dood en over de dood te zegevieren. Volgens de kerkvaders heeft de dood zich op Christus geworpen en Hem willen verslinden, zoals dat bij alle mensen gebeurt. Maar de dood kon Christus niet verteren, omdat God in Hem was. En zo is de dood zelf vernietigd. Christus heeft de dood gedood met de Geest Die niet kon sterven. Zo heeft Hij onze dood teniet gedaan. Sinds de dood van Christus is de menselijke dood niet meer als voorheen. Dat kon alleen geschieden doordat God op aarde kwam.

Wij zijn in verbinding met die mensgeworden God, met Zijn lijden en met Zijn dood, weliswaar op mystieke wijze, maar die is niet minder reëel. Wij hebben daar in zo grote mate deel aan, dat de apostel op grond van dit geloof durft te verkondigen: "Gij zijt gestorven. En uw leven is nu met Christus verborgen in God." (Kol. 3, 3)

Het altaar is leeg, de Kerk viert vandaag geen heilig Misoffer, maar omdat wij weten dat de dood is overwonnen, zien wij vandaag reeds hoopvol uit naar de Verrijzenis van Pasen.

14 april 2017

Goede Vrijdag

Vandaag heeft God de Vader Zich met ons verzoend.
De prijs voor die verzoening is niet door ons betaald, maar door de Vader Zelf.
En Hij betaalde niet de laagste prijs, maar de hoogste:
Het offer van Zijn enige Zoon, Die Hij zo innig liefheeft,
onze Heer Jezus Christus.


Mijn volk, wat heb Ik u gedaan
of waarmee heb Ik u bedroefd?
Antwoord mij.
Wat had Ik voor u moeten doen
dat Ik niet gedaan heb?


13 april 2017

Donkere metten

'Donkere metten' is de benaming van het nachtofficie van de Kerk voor Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Paaszaterdag. De metten vormen het langste officie van het getijdengebed, en bestaan uit twee nocturnen die elk bestaan uit zes psalmen en een langere lezing, de eerste uit de Bijbel, de tweede uit de kerkvaders. ('s Zondags komt daar nog een nocturn van drie lofzangen uit het Oude Testament met een evangelielezing en het 'Te Deum' bij.) In zeer veel kloosters worden de metten ingekort (vandaar de uitdrukking 'korte metten maken'). In de lange versie duren de metten op zijn minst anderhalf uur, meestal langer.

In de Goede Week zijn de donkere metten nog uitgebreider. In deze getijdegezangen van de drie nachten voor Pasen staan de klaagzangen van Jeremia centraal. Men noemt ze 'donker' omdat tijdens de liturgie de kaarsen één voor één gedoofd worden. Uiteindelijk blijft slechts één kaars branden, terwijl de kerk verder in duisternis gehuld is. Deze donkere metten en lauden van het Triduum Sacrum zijn lange en indrukwekkende meditaties op het lijden van Christus in een opeenvolging van psalmodie, klaagzangen en dramatische responsories. Door de eeuwen heen is het mooiste gregoriaans repertoire in deze liturgie bijeengebracht.

Vanwege het aantal psalmen dat in de metten (9) en de lauden (5) wordt gebeden, staan er vijftien (14 + 1) kaarsen opgesteld. Na iedere psalm wordt er één kaars gedoofd. Zo blijft er op het eind van de lauden slechts één kaars branden, het licht van Christus. De kerk is dan vrijwel in duisternis gehuld, alleen de vurige hoop op de verrijzenis blijft gloren. In de duistere kerk wordt dan het 'Christus factus est' gezongen.

Witte Donderdag

Het Kruisoffer op Goede Vrijdag (l.) en het heilig Misoffer (r.): één en hetzelfde Offer aan de Vader.

“Dit is het heilsgeheim dat sinds de aanvang van de tijden en geslachten verborgen is geweest, maar dat thans aan Zijn heiligen is geopenbaard. Aan hen heeft God bekend willen maken hoe rijk aan glorie dit heilsgeheim onder de heidenen is, hoe Christus namelijk onder u is, de hoop op de glorie”.

Dit is de grote schat, de erfenis van liefde die Christus bij Zijn dood de wereld naliet, Zijn eigen Vlees en Bloed als offer en spijs voor onze zielen. Hij is door dit offer Zelf blijven zorgen voor Gods eer in de wereld en Hij is door dit heilig Sacrament Zelf blijven zorgen voor onze heiliging. Dit is het geheim van deze dag: Christus is blijvend onder ons aanwezig en zal aanwezig blijven tot aan het einde van de tijden, om alles tot Zich te trekken.

12 april 2017

Aan wie gij de zonden vergeeft…

Op Witte Donderdag herdenken we niet alleen de instelling van het heilig Altaar¬sacrament maar ook van het heilig priesterschap. De pastoor van Ars zei over de priester: “Zonder de priester zouden de dood en het lijden van onze Heer tot niets dienen. Het is de priester die het werk van de verlossing op aarde voortzet (…) Wat zouden we hebben aan een huis vol goud als er niemand was die de deur ervan voor ons opende? De priester bezit de sleutel tot de hemelse schatten: hij is het die de deur opent; hij is de rentmeester van de goede God, de beheerder van Zijn goederen.”

Er is dagelijks biechtgelegenheid vanaf een half uur voor iedere H. Mis of na (telefonische) afspraak. In de Goede Week is er extra biechtgelegenheid op vrijdag en zaterdag (zie kalender).

Uit diepte van ellende
roep ik tot U, o Heer.
Gij kunt verlossing zenden,
ik werp mij voor U neer.
O, laat Uw oor zich neigen
tot mijn bedeesd gebed,
dat ik gehoor verkrijge
en door U word gered.

Heer God, laat ons verwerven
na dood verrijzenis,
door met Uw Zoon te sterven
aan al wat zondig is.
Wil ons om Hem vergeven,
was door Zijn dood ons rein,
opdat Zijn nieuwe leven
ons Pasen moge zijn.

9 april 2017

Vexilla Regis

Des konings vaandels gaan vooraan,
't geheim des kruises grijpt ons aan,
dat op het schandhout uitgespreid
de Schepper als een schepsel lijdt.

Het harde ijzer van de speer
stak in de zijde van de Heer,
opdat het water en het bloed
ons reinigde in overvloed.

Wat David in zijn vrome lied
voorspeld heeft, dat is nu geschied.
Hij heeft de volkeren geleerd
dat God vanaf het hout regeert.

O kruis, u groet ik, want gij zijt
mijn hoop in deze lijdenstijd.
Geef vrolijkheid wie U vertrouwt,
genade wie zijn kwaad berouwt.

U brenge al wat leeft de eer,
Drievuldigheid, o ene Heer,
Die ons door 't kruisgeheim bevrijdt,
regeer ons tot in eeuwigheid.


(Vertaling: J.W. Schulte Nordholt)

8 april 2017

Liturgische plechtigheden in de Goede Week en met Pasen

In de Goede Week en met Pasen zijn de plechtigheden als volgt:

Triduum sacrum

Donderdag 13 april: Witte Donderdag
19.00 uur: Plechtige gezongen Drieherenmis – herdenking van de instelling van het Sacrament des Altaars en van het priesterschap; na afloop gelegenheid tot aanbidding van het Allerheiligste Sacrament bij het rustaltaar (tot 22.00 uur); tijdens de aanbidding om
21.00 uur: Donkere metten

Vrijdag 14 april: Goede Vrijdag (vasten- en onthoudingsdag)
13.00-13.50 uur: Biechtgelegenheid
14.00 uur: Kruiswegoefening
15.00 uur: Plechtige herdenking van het Lijden en Sterven van onze Heer Jezus Christus
21.00 uur: Donkere metten

Zaterdag 15 april: Paaszaterdag
12.00-16.00 uur: Biechtgelegenheid
21.30 uur: Plechtige gezongen Paaswake

Zondag 16 april: Hoogfeest van Pasen – Verrijzenis van onze Heer Jezus Christus
10.30 uur: Rozenkransgebed
11.00 uur: Gezongen Hoogmis

Maandag 17 april: Tweede Paasdag
10.00 uur: Gelezen H. Mis (let op: afwijkend tijdstip)

Dinsdag 18 april: Dinsdag onder het Octaaf van Pasen
11.00 uur: Gelezen H. Mis

Woensdag 19 april: Woensdag onder het Octaaf van Pasen
11.00 uur: Gelezen H. Mis

Donderdag 20 april: Donderdag onder het Octaaf van Pasen
11.00 uur: Gelezen H. Mis

Vrijdag 21 april: Vrijdag onder het Octaaf van Pasen
10.30 uur: Lof
11.00 uur: Gelezen H. Mis

Zaterdag 22 april: Zaterdag onder het Octaaf van Pasen
10.00 uur: Gelezen H. Mis
11.00 uur: Gelezen H. Mis

Zondag 23 april: Beloken Pasen - Witte Zondag - Feest van de goddelijke Barmhartigheid
10.30 uur: Rozenkrans van de goddelijke Barmhartigheid voor het uitgestelde Allerheiligste Sacrament des Altaars
11.00 uur: Gezongen Hoogmis

7 april 2017

Geen catechese in april

In verband met de drukte rondom Pasen en afwezigheid van de Pastoor zal in de maand april geen volwassenencatechese worden gegeven. In de maand mei zal de reeks worden voortgezet.

4 april 2017

Van de pastoor: In zekerheid de Verlossing verwachten

Beminde gelovigen,

In het Informatiebulletin voor de maand april vindt u alle liturgische plechtigheden die plaatsvinden in de Goede Week en gedurende het Paasoctaaf, waaronder de (extra) mogelijkheden voor het sacrament van de biecht. Ik vraag u dringend om niet op het laatste moment te komen, omdat de priester in verband met de aansluitende plechtigheden dan niet voldoende tijd heeft voor dit belangrijke sacrament.

Graag herinner ik u aan de vijf geboden van de heilige Kerk, die nu juist vooral betrekking hebben op de vastentijd en de Paastijd:
1. Zon- en feestdag zult gij eren.
2. Op boet- en vrijdag vlees ontberen.
3. Houd de vasten ongeschonden.
4. Biecht minstens eens per jaar uw zonden.
5. En nut rond Pasen ’t Brood des Heren.

De mens die na het biechten de heilige communie kan ontvangen, en dus in staat van genade verkeert, kan ook in zekerheid de verlossing verwachten die door het heilswerk van Christus ons deelachtig is geworden. Laten wij in de loop der tijd en door de bezigheden van ons aardse leven niet vergeten dat wij alleen door Hem gered kunnen worden. Het gevaar om in onverschilligheid te vervallen is groot en zeer ernstig, omdat wij daarmee het eeuwige doel van ons bestaan uit het oog verliezen.

Met Pasen is deze heilswerkelijkheid direct voor onze ogen zichtbaar geworden. Laten wij dan ook trouw blijven aan deze weg door ons leven, gesterkt door de sacramenten.

Ik wens u een Zalig Pasen!

Met mijn priesterlijke zegen,

Pater M. Kromann Knudsen FSSP, pastoor

2 april 2017

Passiezondag

De passie van Christus.

Epistel
Hebr. 9, 11-15
Broeders, Christus is opgetreden als Hogepriester van de goederen der toekomst. En door een grotere en volmaaktere tabernakeltent – niet met handen gemaakt en niet van deze schepping – is Hij, niet met bloed van bokken of kalveren, maar met Zijn eigen Bloed, eens en voor altijd binnengaan in het Heiligdom, en heeft eeuwiggeldende verlossing bewerkt. Want als het bloed van bokken en stieren, en de besprenkeling met de as van een koe onreinen kan heiligen, zodat zij uiterlijk gereinigd worden, hoeveel te meer zal dan het Bloed van Christus, Die door de Heilige Geest Zichzelf als smetteloos offer aan God heeft opgedragen, ons geweten van dode werken zuiveren, om voortaan de levende God te dienen. En juist daarom is Hij Middelaar van een Nieuw Verbond, opdat door tussenkomst van Zijn dood de overtredingen, onder het vroegere Verbond bedreven, zouden worden afgekocht, en zij, die geroepen zijn, de belofte van de eeuwige erfenis zouden ontvangen, in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie
Joh. 8, 46-59
In die tijd sprak Jezus tot de scharen der joden: Wie uwer kan Mij enige zonde bewijzen? Als Ik u de waarheid zeg, waarom gelooft gij Mij dan niet? Iemand, die uit God is, luistert naar Gods woorden. Dáárom luistert gij niet, omdat gij niet uit God zijt. De joden gaven Hem ten antwoord: Zeggen wij niet met recht, dat Gij een Samaritaan zijt en van de duivel zijt bezeten? Jezus antwoordde: Ik ben niet van de duivel bezeten, maar Ik verheerlijk Mijn Vader; en gij tast Mij in Mijn eer aan. Ik echter zoek Mijn eer niet; Eén is er, die ze zoekt en die oordeelt. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: wie Mijn woord onderhoudt, zal de dood niet zien in eeuwigheid. Toen zeiden de joden: Nu weten wij zeker, dat Gij van de duivel bezeten zijt! Abraham is gestorven en ook de profeten, en Gij zegt: wie Mijn woord onderhoudt, zal de dood niet sterven in eeuwigheid. Zijt Gij dan groter dan onze vader Abraham, die wèl gestorven is! Ook de profeten zijn gestorven. Voor wie houdt Gij Uzelf toch wel? Jezus antwoordde: Indien Ik Mijzelf verheerlijk, dan betekent Mijn heerlijkheid niets; het is Mijn Vader, Die Mij verheerlijkt: Hij, van Wie gij zegt, dat Hij uw God is; maar gij kent Hem niet! Ik echter ken Hem. En als Ik zei, dat Ik Hem niet kende, dan zou Ik een leugenaar zijn, zoals gij. Maar Ik ken Hem, en Ik onderhoud Zijn woord. Uw vader Abraham verheugde zich er op Mijn dag te mogen zien; hij heeft die gezien en zich verblijd. Doch de joden zeiden tot Hem: Gij zijt nog geen vijftig jaar oud, en Gij hebt Abraham gezien? Jezus gaf hun ten antwoord: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Vóórdat Abraham werd, ben Ik. Toen grepen zij stenen op, om Hem te stenigen; maar Jezus trok Zich terug, en verliet de tempel.

Overweging
Over het gehele leven van Christus op aarde hangt de schaduw van de passie. Vanaf de geboorte te Bethlehem, door het leven te Nazareth en door Zijn openbaar leven – de schaduw van het kruis was overal aanwezig. Het kruis staat in het middelpunt van het leven van Jezus Christus en het lijden is het hoogtepunt van het werk dat Hij hier op aarde is komen volbrengen. Het bloed van de stieren en bokken was niet voldoende om de verloren mensheid met God te verzoenen. God wilde een volmaakt offer – een offer van Zijn eigen Zoon, op het kruis.

De eerste grote stap naar het kruis toe heeft de Zoon van God gedaan in Zijn menswording. Deze stap van de hemel omlaag naar de aarde, uit Zijn gestalte van God in die van de knecht, was een veel grotere stap dan Zijn laatste schreden naar Golgotha. En deze stap zette Hij in volledige en bewuste belijdenis van het kruis. Over Christus zegt de psalmist: ”slachtoffer noch gave hebt Gij gewild, maar een lichaam hebt Gij Mij bereid”. Het offer van Christus begint al in de stal, omdat er geen plaats voor Hem in de herberg was. De zijnen aanvaardden Hem niet. De zijnen haatten Hem al en vervolgden Hem en Hij moest voor hen vluchten en Zich verbergen. Hij vernederde Zich onder hun wetten en onder de behoeften van Zijn aangenomen menselijke natuur.

En nu treden wij de laatste momenten van het lijden binnen. Hoe zouden we de gevoelens van Jezus’ heilig Hart in deze dagen kunnen uitdrukken? Alle afschuwelijke lichamelijke en psychische pijnen en smarten stonden Hem voor ogen. De ondankbaarheid van de mensen, de ontrouw van Zijn leerlingen, de onuitsprekelijke smarten van Zijn Moeder – dat alles heeft Zijn heilige Ziel moeten verduren. En dat alles uit liefde.

De goddelijke Verlosser, Die zo vastberaden op Zijn lijden afgaat, Die al onze zonden op Zich neemt, lijdt door onze ondankbaarheid. Toen Hij aan het kruis hing, zag Hij allen, die het uur waarop Gods genade hen bezoekt niet erkennen. Hij zag alle mensen van alle tijden, die Zijn heil niet willen ontvangen. Is het niet schokkend, dat er zo veel mensen zijn die de Zoon van God afwijzen, terwijl Hij zonder klagen of verwijten bereid is Zich voor hen te laten slachtofferen? Dat er zo veel mensen tussen staan die onverschillig en koud, en misschien zelfs vervuld van haat, Zijn kruis aanstaren en niet willen begrijpen dat het om hen gaat, om hun heil of onheil, om hun leven of dood, hun hemel of hel?

Dit is wat het kruis van ons eist: oriëntering van heel ons wezen op God. Wanneer dat niet de vrucht van dit uur en van deze grote heilige weken zal zijn, dan heeft de goddelijke Verlosser ook ons gezien onder hen die Zijn lijden afwijzen. De belangrijkste taak, die we in ons leven te vervullen hebben, luidt: we moeten offers worden, altijd en overal onszelf overgeven aan God, Hem de eerste plaats geven, Hem in het middelpunt van ons leven plaatsen bij iedere gedachte, bij elk woord, bij iedere beslissing. Dat deze heilige passietijd ons allen een stap dieper mag binnenvoeren in het begrip en in de navolging van de totale overgave van Christus.

31 maart 2017

Kruiswegoefening op vrijdag

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,
omdat Gij door Uw heilig Kruis de wereld hebt verlost.


Vanavond wordt om 19.00 uur in onze kerk de kruisweg gebeden.
Aansluitend is er een korte kruisverering.

30 maart 2017

Vastenactie 2017: Christian Solidarity International

Dit jaar wordt de vastenactie in onze parochie gehouden voor Christian Solidarity International, een organisatie gevestigd in München, Duitsland, die zich onder leiding van voorzitter Peter Fuchs, priester, inzet voor de heropbouw van christelijke gemeenschappen in de door islamitische terreur verwoeste oude apostolische kerken in het Midden-Oosten.

U kunt uw bijdrage storten op bankrekening NL48 ABNA 0589 9700 89 ten name van parochie H. Jozef, onder vermelding van ‘vastenactie 2017’, of deponeren in de speciale ronde bus achter in de kerk. Bij voorbaat hartelijk dank!

29 maart 2017

Informatiebulletin voor de maand april is verschenen

Het Informatiebulletin van de Sint-Jozefparochie bij de Agneskerk voor de maand april is verschenen. Hierin onder meer aandacht voor de liturgische plechtigheden in de Goede Week en met Pasen, de vastenactie 2017, de lezing voor de Sint-Nicolaasacademie en het sacrament van de biecht.

Het bulletin is op deze site te vinden onder het tabblad 'Informatiebulletin april' of klik op onderstaande afbeelding. Ook bestaat de mogelijkheid om het blad elke maand gratis en in kleur per e-mail (klik hier) te ontvangen.

Informatiebulletin april 2017

27 maart 2017

Informatiebulletin elke maand per e-mail



Wilt u het Informatiebulletin van de personele parochie Sint Jozef bij de Agneskerk voortaan als eerste per e-mail ontvangen? Stuurt u dan een (lege) e-mail naar bulletin@agneskerk.org met als onderwerp: “Bulletin: ja”.

26 maart 2017

Vierde zondag van de Vasten - Zondag Laetare

Zondag Laetare: Een glimp van vreugde te midden van de droefheid.

Epistel
Gal. 4, 22-31
Broeders, er staat geschreven, dat Abraham twee zonen had: één bij zijn slavin, en één bij zij vrijgeboren vrouw. Maar die van de slavin werd geboren op gewoon-natuurlijke wijze; die van de vrije vrouw echter krachtens de belofte. Deze dingen hebben een diepere zin. Het zijn twee verbonden. Het ene is van de berg Sinai; het brengt slavenkinderen voort. En dat is Agar; want de berg Sinai is gelegen in Arabië. En deze houdt verband met het Jeruzalem van thans, dat immers met haar kinderen verkeert in slavernij. Maar het andere, het Jeruzalem van boven, is vrij; en dat is de moeder van ons. Er staat immers geschreven: "Verblijd u, gij onvruchtbare, die geen kinderen voortbrengt; breek uit in gejubel, gij, die geen moedersmart kent; want de kinderen van de vrouw die verlaten staat, zijn talrijker dan die van haar, die de man bij zich heeft." En wij, broeders, wij zijn – evenals Isaac – kinderen van belofte. Maar zoals destijds de zoon, die naar het vlees geboren was, de ander vervolgde, die was geboren naar de geest, zo geschiedt het ook nu. Maar wat zegt de Schrift? "Jaag de slavin met haar zoon weg; want de zoon van de slavin zal niet meeërven met de zoon van de vrije vrouw." Derhalve, broeders, wij zijn geen slavenkinderen, maar kinderen van de vrije vrouw. En deze vrijheid heeft Christus ons bewerkt.

Evangelie
Joh. 6, 1-15
In die tijd begaf Jezus Zich naar de overzijde van het meer van Galilea of Tiberias. En een grote menigte volgde Hem, omdat zij de wonderen zagen, die Hij aan de zieken verrichtte. Dan besteeg Jezus het gebergte en zette Zich daar neer met Zijn leerlingen. Het was kort vóór Pasen, het grote feest van de joden. Toen Jezus de ogen opsloeg en zag, dat er zeer veel volk tot Hem kwam, zei Hij tot Philippus : Wáár zullen wij brood kopen, opdat zij wat te eten hebben? Hij zei dit echter, om hem op de proef te stellen, want Hij voor Zich wist wel, wat Hij zou doen. Philippus gaf Hem ten antwoord: Voor tweehonderd tienlingen brood is nog niet genoeg voor hen, om voor ieder ook maar een weinig te kunnen krijgen! Toen zei Hem een van Zijn leerlingen, Andreas, de broeder van Simon Petrus: Hier is een jongen, die vijf gerstebroden heeft en twee vissen; maar wat betekent dat voor zovelen! Jezus zei: Laat de mensen gaan zitten. – Er was namelijk veel gras daar ter plaatse – Zij zetten zich dan neder, de mannen ongeveer vijfduizend in getal. Toen nam Jezus de broden, sprak een dankgebed en deelde er van uit aan hen, die daar gezeten waren; eveneens ook van de vissen, zoveel als ieder wenste. En toen zij verzadigd waren, zei Hij tot Zijn leerlingen: Verzamelt de overgebleven brokken, opdat ze niet verloren gaan! Zij verzamelden ze dan, en vulden twaalf korven met brokken, die er van de vijf gerstebroden waren overgebleven, nadat zij gegeten hadden. Toen nu die mensen het wonder zagen, dat Jezus verricht had, zeiden zij: Deze is werkelijk de Profeet, die in de wereld moet komen! Maar Jezus begreep, dat zij zouden komen, om Hem mee te nemen en koning te maken; daarom trok Hij Zich weer terug in het gebergte. Hij alleen.

Overweging

Verheug u, Jeruzalem!

Wij zijn kinderen van de vrijheid, de vrijheid die Christus ons gaf in Zijn genade. Door de Kerk zijn wij vrij van de dood van de zonde. Verheug u, Jeruzalem, zo begint de intrede van deze Mis. Dit verheugen vindt zijn volle werkelijkheid in de Kerk, het nieuwe Jeruzalem.

De heilige apostel Paulus beschrijft in zijn epistel onze vrijheid als volgt: wij zijn immers geboren uit het geestelijk Jeruzalem, dat is de heilige Kerk, die geen slavin maar de vrije bruid van Jezus Christus is. Laat ons nooit door de zonden slaven van de duivel en van onze driften zijn, anders zouden ook wij, zoals de zoon van Abrahams slavin, verstoten worden en onwaardig verklaard om mede-erfgenaam te zijn van Jezus Christus.

Abraham had twee zonen, een van de slavin Agar en een van Sara, de vrije vrouw. De zoon van de slavin werd naar het vlees geboren, die van de vrije vrouw echter werd geboren uit de kracht van de belofte, die God aan Abraham had gedaan. Dit alles heeft een diepe zinnebeeldende betekenis: het verbeeldt de twee testamenten. Het eerste of oude verbond, dat op de berg Sinaï werd aangegaan, baart tot dienstbaarheid en wordt door de slavin Agar voorgesteld, want de Sinaï is een berg in Arabië die met het aardse Jeruzalem overeenkomt, het aardse Jeruzalem dat de mensheid niet zelf uit de zonde kon verlossen. Maar het hemels Jeruzalem van hierboven is vrij en dit is onze Moeder, de Kerk, het nieuwe verbond, waardoor wij gered zullen worden.

“Verblijd u, onvruchtbare, die niet baart; jubel in vreugde, gij die niet ter wereld brengt, want de eenzame heeft vele kinderen.” Wij zijn kinderen van de belofte, zoals Isaac, want wij zijn naar Gods belofte uit de vrije wettige bruid, de heilige Kerk, geboren. Wij zijn dus geen kinderen van een slavin, maar van de vrije vrouw, krachtens de vrijheid waarmee Christus ons heeft vrijgemaakt.

Het hoofdthema dat de apostel Paulus vandaag schildert is de vrijheid van Christus en de vrijheid in Christus. Niet altijd zijn wij ons de vrijheid bewust, die ons gegeven werd juist door de diepe verbondenheid met de Zoon van God. Hij heeft ons immers van de zonde vrijgemaakt, Hij heeft het ons mogelijk gemaakt naar God op te zien, niet als slaven en knechten, maar als hoopvolle kinderen.

Zouden wij dan niet reeds uit dankbaarheid hiervoor moeten leven in de vrijheid die bestaat in het loslaten van zonden? Zouden wij niet moeten leven in het bewustzijn van de goedheid van de Vader en van de eeuwige eindbestemming die ons wacht? Beseffen wij wel hoe de liefde van Jezus Christus ons als het ware achtervolgt? Denk eens aan hoe vaak Hij u heeft vergeven. Deze vergeving heeft Hij trouwens voor ons verdiend door Zijn bitter lijden en door Zijn gehoorzaamheid aan de Vader, tot in de dood, de dood op het Kruishout. Door het lijden toonde Hij ons Zijn liefde.

Er zijn genoeg redenen tot vreugde, want de goddelijke liefde is volkomen. Verheugen wij ons daarover, maar laten wij tegelijkertijd deze goddelijke goedheid niet misbruiken door te leven in zorgeloze middelmatigheid, want wij zijn geroepen tot volkomenheid.

25 maart 2017

Zomertijd

Vannacht om 2.00 uur gaat de zomertijd in. Dat betekent dat de klok één uur vooruit wordt gezet.

De zondagse Hoogmis in onze kerk - deze zondag wordt halfvasten gevierd met Zondag Laetare - begint om 11.00 uur (zomertijd), voorafgegaan door het Rozenkransgebed om 10.30 uur (zomertijd).

25 maart: Maria Boodschap, hoogfeest

De Kerk viert op 25 maart, negen maanden vóór Kerstmis, de ontvangenis van Jezus Christus. Deze gebeurtenis valt samen met de verschijning van de aartsengel Gabriël aan de heilige maagd Maria, waarbij de engel haar de Menswording van God aankondigt.

In de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, met de naam Nazaret, naar een maagd die verloofd was met een man genaamd Jozef, die uit het huis van David stamde; haar naam was Maria. De engel trad bij haar binnen en zei: `Verheug u, begenadigde, de Heer is met u.' Zij raakte geheel in verwarring door wat hij zei en vroeg zich af wat deze begroeting te betekenen had. Maar de engel zei: ‘Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’ ‘Maar hoe moet dat dan?' zei Maria tegen de engel. ‘Ik heb geen omgang met een man.' De engel antwoordde haar: ‘Heilige Geest zal op u komen en kracht van de Allerhoogste zal u overdekken. Daarom zal het kind heilig genoemd worden, Zoon van God. Bovendien, ook Elisabet, uw verwante, is op haar oude dag zwanger van een zoon; zij werd onvruchtbaar genoemd, maar zij is al in haar zesde maand. Want voor God is niets onmogelijk.' Toen zei Maria: ‘Ik ben de dienares van de Heer; laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt.' Toen ging de engel van haar weg.

Op deze dag vieren wij het begin van onze verlossing, de vervulling van het profetische woord zoals dit in het Evangelie wordt vermeld: 'Zie de maagd zal zwanger worden en een zoon ter wereld brengen' (Mt. 1,23), de intrede van Christus in deze wereld: 'Slachtoffers en gaven hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt voor mij een lichaam bereid...Ik ben gekomen, o God, om Uw wil te doen' (Heb. 10,5-7).

De Kerk die - als een van de weinige in deze wereld - opkomt voor het ongeboren menselijk leven, ziet in het feest van Maria Boodschap een getuigenis van de waardigheid van de mens vanaf zijn conceptie tot aan zijn natuurlijke dood. Er wordt immers verkondigd dat de Zoon van God al bij de Annunciatie Zijn intrede in de wereld deed. De Incarnatie begint dus bij Christus' ontvangenis en niet pas bij Zijn geboorte.

In Nazareth wordt Maria Boodschap luisterrijk gevierd in de kerk van de Annunciatie (ook wel Verkondigingsbasiliek genoemd). Dit heiligdom is gebouwd op de fundamenten van kerken uit de Byzantijnse tijd en de kruisvaardersperiode. Op die plaats kreeg Maria de verschijning van Gabriël.

24 maart 2017

24 maart: Heilige Gabriël, aartsengel (commemoratie)

De aartsengel Gabriël treedt twee keer op in het boek Daniël in het Oude Testament. In Daniël 8, 15-26 wordt een visioen van de profeet beschreven. Daarin verschijnt hem iemand 'die er uitzag als een man'. Een stem vanuit de verte over het Ulaikanaal beveelt Gabriël ervoor te zorgen dat Daniël zijn visioen begrijpt.
In hoofdstuk 9, vers 21, van datzelfde Bijbelboek vliegt Gabriël tijdens het gebed van Daniël naar hem toe om uitleg te geven over hoe en wanneer God de zonden van de Israëlieten zal vergeven.

In het Boek Henoch wordt Gabriël beschreven als 'een van de heilige engelen, die aangesteld is over het paradijs, de slangen en de Cherubijnen' (1 Henoch 20, 7-8).

In de joodse traditie wordt Gabriël niet alleen als boodschapper van God beschouwd, maar ook als de ‘engel des doods’.

Gabriël komt ook twee maal voor in het Evangelie volgens Lucas. In Lucas 1, 11-20 kondigt een engel aan Zacharias de geboorte van zijn zoon, Johannes de Doper, aan. Zacharias vraagt hem of die boodschap wel juist is. Hierop antwoordt de engel: "Ik ben Gabriël die altijd in Gods nabijheid is, en ik ben gezonden om je dit goede nieuws te brengen."
De belangrijkste rol van Gabriël beschrijft Lucas in hoofdstuk 1, 26-38, als hij aan de maagd Maria aankondigt dat zij – in haar maagdelijkheid – zwanger zal worden, en een zoon zal baren die Jezus, Zoon van de Allerhoogste zal worden genoemd. Deze gebeurtenis noemen we Annunciatie of Maria Boodschap, een van de grootste christelijke feesten, dat we op 25 maart (morgen), precies negen maanden vóór Kerstmis, vieren.

Bij de Annunciatie wordt Gabriël vaak afgebeeld met witte lelies in zijn hand, als symbool van de maagdelijkheid van Maria. Soms ook met een bazuin, als symbool van de aankondiging van Jezus’ geboorte. Indien hij alleen wordt afgebeeld, dan draagt hij vaak een scepter, als teken van door God gegeven autoriteit.

In 1946 publiceerde Gabriël Smit een boekje over heiligen voor kinderen. Daarin komt ook een rijmpje voor over de aartsengel Gabriël:

Sint Gabriël, die vlug en zacht,
de Maagd de liefste boodschap bracht,
zij heeft uw tijding blij aanvaard
al bleef geen droefheid haar gespaard.
Kom bij mij engel, als 'k vergeet
wat Jezus’ Moeder voor ons leed.

23 maart 2017

35ste Pinksterbedevaart Parijs-Chartres

In het Pinksterweekeinde op zaterdag 3, zondag 4 en maandag 5 juni 2017 wordt voor de 35ste keer de Parijs-Chartres pelgrimage gelopen. Aan deze driedaagse pelgrimage van in totaal 100 kilometer, waarvan de oorsprong teruggaat tot de twaalfde eeuw en die voert van de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal van Parijs (Cathédrale Notre-Dame de Paris) naar de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal van Chartres (Cathédrale Notre-Dame de Chartres), nemen elk jaar duizenden enthousiaste bedevaartgangers van over de hele wereld deel. De deelnemers lopen mee in afdelingen (chapitres) per land, regio of parochie van ongeveer 20-60 personen.

De bedevaart gaat van hartje Parijs door het glooiende Noord-Franse platteland naar Chartres en is fysiek zonder meer een uitdaging, een indrukwekkende gang door de prachtige heuvelachtige Franse velden en bossen bovendien, maar vooral een indringende katholieke geloofservaring. De pelgrimage rondom Pinksteren is mariaal en missionair. Zij brengt allen die het sociale koningschap van Christus willen bevorderen bijeen en biedt ieder persoonlijk de gelegenheid zijn of haar roeping als kind van God te verdiepen. Tijdens de bedevaart worden de Missen in de buitengewone vorm van de Romeinse ritus gecelebreerd.

De Franse organisatie van de bedevaart is in handen van Notre-Dame de Chrétienté. De pelgrimage heeft een sober karakter. Ofschoon je bagage onderweg in vrachtwagens wordt vervoerd van kampement naar kampement, eventuele uitvallers door bezemwagens worden opgepikt en er zowel onderweg als op het kampement ruim professionele medische ondersteuning voorhanden is, dragen deelnemers bijvoorbeeld zelf zorg voor (het opzetten en afbreken van) hun tenten en voedsel en bestaat het dagelijks opfrissen enkel uit stromend koud water (met hooguit voor dames wat extra faciliteiten).

Voor informatie over aanmelding en kosten bij deelname vanuit Nederland, zie de website van de Nederlandse organisator.

20 maart 2017

Heilige Jozef, bruidegom van de heilige maagd Maria, patroon van de Kerk en van onze parochie, hoogfeest

Van de heilige Jozef is niet veel bekend. Slechts uit de periode dat hij verloofd was met de heilige maagd Maria en toen Jezus kind was komen wij de naam van Jozef tegen. Hij was een toegewijd echtgenoot en een liefdevolle vader.

Zijn eerste feestdag viert hij samen met Jezus en Maria (feest van de Heilige Familie). Juist door zijn eenvoud en liefdevolle zorg heeft hij in de loop der tijden veel verering gekregen bij de gelovigen, die in hem een voorbeeld zagen van oprechte naastenliefde.

In de 15e eeuw komt zijn verering op gang. Hij werd vooral bewonderd door de heilige Birgitta van Zweden en de heilige Bernardus van Siena. Zijn feestdag werd in het jaar 1621 definitief op 19 maart voorgeschreven. Paus Pius IX verhief Sint Jozef in 1870 tot patroon van de gehele Kerk. Paus Johannes XXIII heeft de naam van Jozef opgenomen in de Canon van de heilige Mis.

Sint Jozef is patroon van de stervenden en van een zalige dood, want bij zijn sterven waren Jezus en Maria aanwezig. Verder is hij patroon van echtparen, kinderen, christelijke gezinnen, jeugd, wezen, kuisheid, arbeiders, houthakkers, timmerlui, meubelmakers, ingenieurs, begrafenisondernemers, opvoeders, uitgestotenen en reizigers, en patroon bij oogaandoeningen en hopeloze zaken. Hij is tevens patroon tegen bekoringen en woningnood.

19 maart 2017

Derde zondag van de Vasten

Epistel
Ef. 5, 1-9
Broeders, weest navolgers van God, als Zijn veelgeliefde kinderen; en leeft in liefde, zoals ook Christus ons heeft liefgehad en Zichzelf voor ons heeft overgeleverd als een gave en een offer van welriekende geur voor God. Ontucht echter en onreinheid of hebzucht mag onder u zelfs niet genoemd worden, zoals het heiligen past; evenmin iets oneerbaars, onbehoorlijke scherts of dubbelzinnige taal, die niet te pas komt; maar veeleer gebeden van dankzegging. Want weet en beseft het wel: niemand, die zich overgeeft aan onkuisheid of onreinheid of aan hebzucht – wat afgodendienst is – zal een erfdeel ontvangen in het rijk van Christus en van God. Laat niemand u misleiden met ijdel gepraat; want om zulke dingen komt Gods toorn over de weerspannige mensen. Daarom moet gij met hen niet meedoen. Want vroeger waart gij duisternis; maar nu zijt gij licht, in de Heer. Gedraagt u dus als kinderen van het licht. De vrucht namelijk van het licht bestaat in louter goedheid en rechtvaardigheid en waarheid.

Evangelie
Lc. 11, 14-28
In die tijd dreef Jezus een duivel uit, die stom was. En toen Hij de duivel uitgedreven had, begon de stomme te spreken, en de menigte stond verbaasd. Maar sommigen onder hen zeiden: Door Beëlzebub, de vorst der duivels, drijft Hij de duivels uit! En anderen, die Hem op de proef wilden stellen, verlangden van Hem een teken uit de hemel. Maar Hij kende hun gedachten, en zei tot hen: Ieder rijk, dat innerlijk verdeeld is, zal ten gronde gaan, en het ene huis zal op het andere vallen. Wanneer dus ook de Satan innerlijk verdeeld is, hoe zal zijn rijk dan kunnen standhouden? Gij zegt immers dat Ik door Beëlzebub de duivels uitdrijf. Maar als Ik door Beëlzebub de duivels uitdrijf, door wie drijven uw zonen ze dan uit? Daarom zullen zij uw rechters zijn. Doch als Ik door de vinger Gods de duivels uitdrijf, dan is inderdaad het rijk van God onder u gekomen! Zolang een sterke man in volle wapenrusting zijn erf bewaakt, is geheel zijn bezit in veiligheid. Maar als er iemand komt, die sterker is dan hij, en hem overmeestert, dan ontneemt hij hem al zijn wapens, waarop hij vertrouwde, en verdeelt zijn buit. Wie niet mét Mij is, is tégen Mij, en wie niet verzamelt met Mij, verstrooit! Wanneer de onreine geest uit iemand is weggegaan, zwerft hij rond in dorre streken, waar hij zoekt naar rust. En als hij die niet vindt, zegt hij: Ik ga terug naar mijn huis, waar ik ben uitgegaan! En bij zijn komst vindt hij het schoongeveegd en in orde gebracht. Dan gaat hij zeven andere geesten halen, nog bozer dan hijzelf, en zij treden daar binnen, en vestigen er hun verblijf. Zo wordt de laatste toestand van die mens nog erger dan de eerste. En terwijl Hij zo sprak, verhief een vrouw uit de menigte haar stem en riep Hem toe: Welzalig de schoot, die U mocht dragen, en de borst, die U mocht voeden! Maar Hij zei: Ja, waarlijk zalig zij, die het woord Gods aanhoren en het bewaren!

Overweging
In de lezingen van deze derde zondag van de Vasten legt de Kerk wederom de nadruk op de heiligheid die ons christelijk leven moet kenmerken.

In de lezing aan de Efesiërs worden wij opgeroepen navolgers van God te zijn. Dat betekent, zo zegt de lezing, dat wij moeten leven in de liefde van Christus, zoals Hij ook ons heeft liefgehad, door ons oude aardse zondige leven af te leggen, dat bestaat uit onwaarheid en onzuiverheid; wij moeten voortaan leven als heiligen in Christus. Hierin raakt de lezing precies onze opdracht tot heiligheid aan, en geeft midden in de vastentijd ons opnieuw de kans om onze levenswandel te overwegen en om daarin eventueel correcties aan te brengen.

Die onaangename vragen over ons eigen leven zouden wij ons eens in alle eerlijkheid moeten stellen. Indien wij dat niet doen, dan blijven wij namelijk in de schaduw wandelen en kunnen wij God niet duidelijk zien. De lezing waarschuwt ons voor wat er zal gebeuren met degenen die in het oude leven van laster en onzuiverheid blijven hangen. Zij zullen geen erfdeel ontvangen in het rijk van Christus, zegt de apostel Paulus, omdat dit afgodendienst is.

Welk een opdracht is aan ons gegeven en welk een verandering zal er in ons leven moeten plaatsvinden als wij in de genade van God als Zijn kinderen willen leven. Het is goed dat wij de heilzame gewoonte aanleggen om dagelijks onze levenswandel in een kort gewetensonderzoek te beproeven. Op die manier kunnen wij bij de eerste tekenen van misleiding spoedig opnieuw ons leven richten op de liefde van God in Jezus Christus. Dat is ook de vermaning aan ons, waarmee de lezing wordt beëindigd: “Gedraagt u dus als kinderen van het licht”.

In het Evangelie van deze zondag wordt de gedachte over het oude leven in zonde en het nieuwe leven in de genade in alle duidelijkheid uitgebeeld. Wij zouden misschien kunnen denken dat beide met elkaar kunnen co-existeren, maar deze dodelijke illusie wordt eens en voor altijd door Christus Zelf ontmanteld. Hij zegt tot ons dat ieder rijk dat innerlijk verdeeld is te gronde zal gaan. Die verdeeldheid bestaat hierin dat het goede en het kwade niet in één-en-dezelfde persoon tegelijk kunnen bestaan. Voor ons betekent dit concreet en zonder twijfel dat wij in de genade óf in de zonde leven. Anders gezegd: dat wij deel hebben aan het eeuwig leven of dat wij door de zonde tot het hellevuur gevallen zijn.

Met dit Evangelie wil de Kerk ons sterken in de strijd tegen de duivel, die wij tijdens het vasten met nieuwe ijver aangaan. Dat Christus in het Evangelie een duivel uitdrijft toont aan de zondaar dat de genade sterker is dan de zonde. Het laat ook zien dat er voor de zondaars op aarde nog altijd hoop bestaat, die ligt namelijk in de onvoorwaardelijke overgave aan de wet van Christus. Wij moeten de moed opbrengen om onze ogen op Hem te fixeren. Als onze ogen altijd op Hem zijn gericht, dan worden wij zozeer verblind door Zijn heerlijkheid en dan wordt onze ziel zodanig bevangen door het verlangen om deel te hebben aan Zijn liefde dat zij niet meer aarzelt het kruis te omhelzen. Wij moeten Hem willen aanzien en onze geest terugbuigen, keer op keer, van het geschapene naar God, dus ons steeds afwenden van het aardse en omkeren naar God.

Aan het einde van dit zondagsevangelie horen wij uit de mond van een vrouw die haar stem verhief een zalige lofprijzing aan de heilige Moeder Gods: “Zalig de schoot die U mocht dragen en de borst die U mocht voeden”. Het antwoord van Christus hierop is voor ons een woord van hoop en bemoediging: “Ja waarlijk zalig zijn zij, die het Woord Gods aanhoren en het bewaren”. Nemen wij dus in de strijd van dit leven onze toevlucht bij de Zoete Moeder en bewaren wij, zoals zij dat deed, het Woord Gods. Het bewaren van Zijn Woord zal ons tot zaligheid en eeuwig leven dienen.

16 maart 2017

Programma Sint-Nicolaasacademie op zaterdag 18 maart 2017

Op zaterdag 18 maart houdt de heer Ernst Verduin, overlevende van de concentratiekampen, een lezing over de holocaust. Hij ziet het als zijn missie om de herinnering aan de verschrikkingen van de oorlog levend te houden. Hoe is het sindsdien de wereld vergaan?

De lezing wordt om 10.00 uur voorafgegaan door een H. Mis in de kerk.

Zie: De website van de academie.

15 maart 2017

Woensdag na 12 maart: Heilig Mirakel van Amsterdam, hoogfeest

Op 15 maart 1345 lag een man in een huis aan de Kalverstraat ziek op bed en vreesde te sterven. Hij liet een priester roepen om hem te bedienen en van het Heilig Sacrament te voorzien. Na het nuttigen van de hostie kreeg de zieke braakneigingen en moest tenslotte overgeven. Uit eerbied -- want in zijn braaksel zouden immers nog resten van het heilig Sacrament aanwezig kunnen zijn -- werd zijn braaksel in het brandende haardvuur geworpen. Na verloop van tijd bleek dat hij niet alleen de hostie onbeschadigd had uitgebraakt, maar dat het vuur bovendien het heilig Sacrament niet had aangetast.

De hostie werd door de priester van de Oude of Sint-Nicolaaskerk bij het huis van de zieke opgehaald en naar de kerk gebracht, maar keerde de volgende dag vanuit de kerk op wonderbaarlijke wijze in het huis van de man terug. Het was een nieuw mirakel dat zich daarna nog twee maal herhaalde.

De priester begreep dat het klaarblijkelijk Gods bedoeling was om de plaats waar het Mirakel had plaatsgevonden openbaar te maken. Daarop bracht hij de hostie in een grootse processie van het huis van de zieke naar de Oude kerk terug. Deze processie werd later feestelijk herhaald.

Amsterdam werd een populair pelgrims- of bedevaartsoord. Langs de Heiligeweg stroomden de bezoekers toe naar de Heilige Stede, om in de stad van het Mirakel verlichting te vragen bij ziekte en ander onheil. Een van de belangrijkste pelgrims was Maximiliaan van Oostenrijk, koning in Duitsland. Uit dank voor zijn genezing zou hij Amsterdam in 1489 het recht hebben verleend om de koningskroon op te nemen in het stadwapen. Toen Maximiliaan negentien jaar later tot Duits keizer werd gekozen, veranderde dat in de keizerskroon. Deze bekroont nog altijd de toren van de Westerkerk.

In 1578 zou de kapel in bezit genomen worden door de protestanten. Processies vonden niet meer plaats. Maar vanaf 1887 werd de traditie weer hervat; nu als een zwijgende processie, zonder kerkelijke versiering en gelopen in de nacht, want de katholieken wilden het Mirakel toch eerbied betonen en processies waren in die tijd verboden. Zo onstond de Stille Omgang die tot op de dag van vandaag jaarlijks wordt gelopen.

12 maart 2017

Tweede zondag van de Vasten

Epistel
1 Tess. 4, 1-7
Broeders, gij hebt van ons geleerd, hoe gij u moet gedragen en aan God welgevallig zijn; wij bidden u daarom en bezweren u bij de Heer Jezus uw levenswandel zo ook in te richten, om zodoende nog meer vooruit te gaan. Gij kent immers de geboden, die ik u gegeven heb namens de Heer Jezus. Dit toch is de wil van God: dat gij heilig wordt; gij moet u onthouden van onkuisheid; onder u moet ieder zich een vrouw weten te verwerven in heiligheid en ere, niet in hartstocht en begeerlijkheid, zoals de heidenen, die God niet kennen. Laat niemand zich te buiten gaan en in deze zaak de rechten schenden van zijn broeder. Immers de Heer zal dit alles wreken, zoals wij u vroeger reeds gezegd en verzekerd hebben. God immers heeft ons niet geroepen tot onreinheid, maar om heilig te worden, in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie
Mt. 17, 1-9
In die tijd nam Jezus Petrus, Jacobus en diens broeder Johannes met Zich mee, en bracht hen op een hoge berg, waar zij alleen waren. En Hij werd voor hun ogen van gedaante veranderd. Zijn aangezicht straalde als de zon, en Zijn klederen werden wit als sneeuw. En opeens verschenen hun Mozes en Elias, die met Hem spraken. Petrus nu nam het woord en zei tot Jezus: Heer, het is ons goed hier te zijn! Als Gij wilt, laten wij hier dan drie tenten bouwen: één voor U, één voor Mozes en één voor Elias. Terwijl hij nog sprak, overschaduwde hen op eenmaal een lichtende wolk; en plotseling klonk er uit de wolk een stem, die sprak: Deze is Mijn veelgeliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb; luistert naar Hem! Toen de leerlingen dit hoorden, vielen zij op hun aangezicht neer en werden zeer bevreesd. Maar Jezus kwam naar hen toe, raakte hen aan en zei: Staat op, en vreest niet! Toen sloegen zij hun ogen op, en zagen niemand meer dan Jezus alleen. En terwijl zij van de berg afdaalden, gebood Jezus hun: Spreekt met niemand over deze verschijning, voordat de Mensenzoon van de doden is opgestaan.

Overweging
De apostelen konden zich moeilijk verenigen met de gedachte aan het lijden en de dood van de Messias. Door Zijn glorievolle gedaanteverandering gaf Christus hun nogmaals het bewijs van Zijn godheid en een voorafbeelding van Zijn verrijzenis. Om ons aan te zetten tot hernieuwde ijver gedurende deze heilige vastentijd, toont de Kerk ons vandaag eveneens het beeld van de verheerlijkte Christus.

Het Evangelie van de gedaanteverandering des Heren bereikt zijn hoogtepunt in de woorden van de stem van God de Vader uit de wolk: “Deze is Mijn geliefde Zoon in Wie Ik Mijn welbehagen heb, luistert naar Hem.” Vanaf dat moment zal dus de stem van de Zoon weerklinken, en naar Hem moeten wij luisteren. De stem van de hemelse bruidegom is niet verstomd met het heengaan van Jezus van deze aarde; zij klinkt nog steeds door de verkondiging van Zijn heilige katholieke Kerk. Door deze Kerk -- Zijn mystieke Lichaam –- spreekt Hij nog steeds tot ons, en naar Zijn stem moeten wij luisteren.

Het is de stem die spreekt over het kruis en de vreugde van de geest; tegelijkertijd over zelfverloochening en hemelse beloften, over het rijk Gods en de Wil van God, over de liefde voor God en voor alle mensen. Laat het ook gezegd worden: deze hemelse stem is niet de luide stem die de wereld beheerst en die zo gemakkelijk wordt verstaan en zo gewillig begrip en gehoor vindt in onze moderne samenleving, omdat de donkere ondergrond van deze wereldse stem de lagere en onedele lusten van de mens aanspreekt: begeerlijkheid van het vlees en de ogen, rebellie tegen God en Zijn ordening. Achter deze wereldse stem staat degene die zich bij voorkeur hult in de gestalte van de engel van het licht en het gehele orkest van wereld en vlees blijft dirigeren, de satan.

De stem van de hemel is de stem die ons oproept om de wereld en haar lusten achter te laten en de hemelse vreugden reeds nu te beleven door het geloof en de dienst in de heilige Kerk. Het is de stem die ons oproept tot heilige zuiverheid in leven, woord en daad.

Dat is waartoe wij geroepen zijn om te bereiken: door het vasten de ziel te bevrijden van de tirannie van deze wereld, opdat onze ziel in staat is om te luisteren naar de stem vanuit de hemel. Om ons te bevrijden moeten wij de oude mens laten sterven en met haar alle verlangens van de wereld waarmee satan ons gebonden houdt. Wij moeten het hoge hemelse ideaal meer beminnen dan het kortzichtige aardse gevoel van plezier en het leven in het vlees van de oude mens. Weet dat de oude mens reeds veroordeeld is om eeuwig opgesloten te zijn in het hellevuur en dat alleen de nieuwe mens, die leeft door de rechtvaardigheid van de Godmens Jezus Christus, de hemelse vreugde kan binnentreden. Nu is er nog tijd om ons leven om te keren en daardoor deel te krijgen aan de belofte.

8 maart 2017

Quatertemperdagen in de Vasten

Dit jaar vallen de Quatertemperdagen in de Vasten - ter voorbereiding op het Paasfeest - op woensdag 8, vrijdag 10 en zaterdag 11 maart.

Quatertemperdagen komen voor op de liturgische kalender behorende bij het Tridentijns Missaal van 1962, dat wij in de personele parochie H. Jozef bij de Agneskerk volgen. (In 2005 hebben de bisschoppen van Nederland deze dagen opnieuw vastgesteld voor de gehele Kerkprovincie.) Het zijn dagen van boete, inkeer, gebed, vasten en (gedeeltelijke) onthouding bij de wisseling van de seizoenen of ter voorbereiding op een groot feest, zoals Pasen.

De woensdag en de zaterdag zijn gedeeltelijke onthoudingsdagen, dat wil zeggen dat het gebruik van vlees uitsluitend is toegestaan tijdens de hoofdmaaltijd. De vrijdag is sowieso een volledige onthoudingsdag, zoals alle vrijdagen in het jaar, met uitzondering van kerkelijke feestdagen.

Regelmatig vasten is een oude christelijke traditie. Het gaat erom onze geest te onthechten aan het aardse en te richten op de Heer, onze God. Vasten wapent ons bovendien tegen allerlei grote en kleine bekoringen waaraan we dagelijks zijn blootgesteld.

5 maart 2017

Eerste zondag van de Vasten

Christus (midden) stuurt de duivel (rechts) weg.

Epistel
2 Kor. 6, 1-10
Broeders, wij vermanen u te zorgen, dat gij Gods genade niet ontvangt zonder vrucht. Want er staat geschreven: "Op de tijd, die Mij behaagt, ga Ik u verhoren, en op de dag des heils, kom Ik u helpen." Zie, thans is het de tijd, die Hem behaagt, nu is het de dag van het heil. En aan niemand geven wij ook maar de minste aanstoot, opdat er geen smet geworpen worde op ons ambt; maar wij willen ons in alles tonen als dienaren van God, door veel geduld, in wederwaardigheden en noden en moeilijkheden, in geselslagen en gevangenschap en volksoploop, in zwoegen en waken en vasten; door reinheid en kennis - door lankmoedigheid en goedheid; door de Heilige Geest, door ongeveinsde liefde, door prediking van waarheid en door kracht van God; met de wapenen der gerechtigheid in rechter- en linkerhand; onder eer en smaad, - onder kwade of goede naam; als bedriegers, en toch waarachtig, - als onbekend, en toch welbekend; als bijna dood, en zie, wij leven; als geslagen en toch niet gedood; als bedroefde mensen, maar toch altijd blij; als arm, en toch maken wij velen rijk; als mensen, die niets hebben, en toch alles bezitten.

Evangelie
Mt. 4, 1-11
In die tijd werd Jezus door de Geest naar de woestijn gevoerd, om door de duivel bekoord te worden. En na veertig dagen en veertig nachten gevast te hebben, gevoelde Hij tenslotte honger. Toen kwam de bekoorder tot Hem en zei: Als Gij de Zoon van God zijt, zeg dan, dat deze stenen brood worden. Doch Hij gaf ten antwoord: Er staat geschreven: "De mens leeft niet van brood alleen, maar van ieder woord, dat voortkomt uit de mond van God!" Toen nam de duivel Hem mee naar de heilige stad, en plaatste Hem boven op de tinne van de tempel, en sprak tot Hem: Als Gij de Zoon van God zijt, werp U dan naar beneden; er staat immers geschreven: "Hij heeft over U bevelen gegeven aan Zijn engelen; en zij zullen U op de handen dragen, opdat Gij Uw voet niet zoudt stoten aan een steen." Maar Jezus zei tot hem: Oók staat er geschreven: "Gij zult de Heer, uw God, niet op de proef stellen!" Nogmaals nam de duivel Hem mee, naar een zeer hoge berg, en toonde Hem alle koninkrijken der wereld met hun heerlijkheid, en zei tot Hem: Dit alles zal ik U geven, als Gij neervalt en mij aanbidt. Toen sprak Jezus tot hem: Ga weg, Satan! Want er staat geschreven: "De Heer, uw God, zult gij aanbidden en Hem alleen dienen!" Toen ging de duivel van Hem weg, en er kwamen engelen, die Hem dienden.

Overweging
Aan het begin van Zijn openbare leven bracht Jezus veertig dagen door in de woestijn. Daar werd Hij bekoord door de duivel. Het nadenken over de bekoringen van Jezus in de woestijn is voor ons een uitnodiging om te antwoorden op een fundamentele vraag: wat is nu echt belangrijk in mijn leven? In de eerste bekoring doet de duivel aan Jezus het aanbod een steen in brood te veranderen om Zijn honger te stillen. Jezus antwoordt dat de mens van brood leeft, maar niet alleen van brood: Zonder een antwoord op de honger naar waarheid, de honger naar God, kan de mens niet gered worden.

In de tweede bekoring voert de duivel Jezus omhoog en biedt Hem de heerschappij over de wereld aan. Maar dat is niet de weg van God: Jezus is Zich volkomen bewust dat het niet de wereldse macht is die de wereld zal redden, maar de macht van het kruis, van de deemoed, van de liefde.

In de derde bekoring suggereert de duivel dat Jezus Zich van de bovenbouw van een tempelpoort naar beneden zou werpen, om dan door God gered te worden; dat wil zeggen, doe iets sensationeels om God Zelf op de proef te stellen; maar het antwoord is dat God geen object is om onze voorwaarden aan op te leggen: Hij is de Heer van het al.

Wat is nu de kern van de drie bekoringen waaraan Jezus werd blootgesteld? Het is het voorstel om God te instrumentaliseren, Hem te gebruiken voor de eigen interesses, de eigen glorie en het eigen succes. In wezen gaat het om zichzelf te stellen op de plaats van God, om Hem verwijderen uit Zijn Eigen bestaan en Hem daardoor overbodig te laten lijken. Iedereen dient zich dus af te vragen: welke plaats heeft God in mijn leven? En is Hij de Heer of ben ik dat?

Overwin de bekoring God te willen onderwerpen aan de eigen interesses en bekeer u tot de juiste orde door God de eerste plaats te geven; het is een weg die iedere christen steeds opnieuw dient te gaan. De uitnodiging tot bekering betekent: Jezus volgen en wel zo dat ons leven concreet wordt geleid door Zijn Evangelie; het betekent ons door God te laten veranderen; het betekent onszelf niet meer te zien als enige bouwer van het eigen bestaan; het betekent het feit te erkennen dat wij van God en van Zijn liefde afhankelijke schepsels zijn en dat wij alleen ons leven kunnen winnen door het in Hem te verliezen.

Dit vraagt om keuzen in het licht van het Woord van God. Vandaag de dag kan men niet langer christen zijn door deel uit te maken van een maatschappij die christelijke wortels heeft: Ook wie in een christelijk gezin is geboren en religieus werd opgevoed, dient de beslissing om christen te zijn dag na dag te hernieuwen. Dat betekent aan God de eerste plaats geven, ondanks alle bekoringen die gesuggereerd worden door een geseculariseerde cultuur, door de kritiek van veel tijdgenoten.

In feite staat de christen in de huidige maatschappij bloot aan vele beproevingen, die het persoonlijke en sociale leven raken. Het is niet gemakkelijk trouw te zijn aan het christelijk huwelijk; de barmhartigheid te praktiseren in het dagelijkse leven; ruimte te maken voor gebed en innerlijke stilte. Het is niet gemakkelijk openlijk keuzes af te wijzen, die velen voor lief nemen, zoals abortus bij ongewenste zwangerschap, euthanasie bij zware ziekte, of selectie van embryo's ter voorkoming van erfelijke ziektes. De bekoring het eigen geloof opzij te zetten is steeds aanwezig en bekering wordt dan een antwoord van het ik op God, dat in iemands leven verschillende keren bevestigd moet worden.

In deze Vastentijd hernieuwen wij onze verbondenheid met de weg van bekering. We kunnen zeggen dat de keuze tussen het opsluiten in ons egoïsme en het geopend zijn voor de liefde tot God, overeenkomt met de keuze waarvoor Jezus Zich gesteld ziet: de keuze tussen de menselijke macht en de liefde van het kruis; tussen een uitsluitend in het materiële welzijn geziene verlossing en een verlossing die volbracht wordt door het werk van God, aan Wie wij het primaat geven in ons bestaan. Zich bekeren betekent ervoor zorgen dat elke dag de waarheid, het geloof in God en de goddelijke liefde het belangrijkste zijn.

Paus Benedictus XVI
tijdens de algemene audiëntie op Aswoensdag 13 februari 2013