Website van de parochie van de H. Jozef, patroon van de H. Kerk, de Rooms-katholieke personele parochie voor de traditionele Latijnse liturgie bij de Agneskerk te Amsterdam

Vandaag in de Agneskerk

De kalender is bijgewerkt tot en met 31 maart 2017, onder voorbehoud van wijzigingen.

Doe mee aan actie Kerkbalans: stort uw bijdrage op bankrekening NL48 ABNA 0589 9700 89 t.n.v. R.-k. parochie H. Jozef

31 januari 2017

31 januari: Heilige Johannes Bosco, belijder

Giovanni (Johannes) Bosco werd geboren in het stadje Castelnuovo d’Asti (tegenwoordig: Castelnuovo Don Bosco) vlakbij Turijn (Italië) op 16 augustus 1815. Toen hij twee jaar oud was stierf zijn vader, Francesco Bosco, een arme boer. (Zijn moeder is Margherita Occhiena. In 2006 werd zij door paus Benedictus XVI eerbiedwaardig verklaard, een voorstadium van een zaligverklaring.)

Hoewel Johannes geen gemakkelijke jeugd had, lukte het hem in 1841 zijn studies af te ronden en de priesterwijding te ontvangen. Tijdens zijn priesterschap leerde Don Bosco de trieste levensomstandigheden van jongens kennen in de voorsteden van Turijn. Jonge mensen doolden door de straten, veelal werkloos dreigden zij verloren te lopen. Hij wilde een eind maken aan de sociale wantoestanden.

Het begon met een ontmoeting met een ontmoedigde jongen. De jongen bracht na een goed gesprek vrienden mee. Zo groeide een centrum waar de jongens terecht konden. Met zijn grote hartelijkheid en optimisme lukte het hem om groepjes jongens te onderwijzen in het geloof. Hij stichtte een bibliotheek voor de jeugd, en schreef een boek, getiteld ‘De verstandige jongen’, over de opvoeding van kinderen. Het werd een bestseller.

Johannes probeerde goede afspraken te maken tussen de jongens en werkgevers. Hij bouwde huizen, waar arme jongens konden uitgroeien tot geschoolde werkkrachten, eerlijke mensen en goede christenen.

Don Bosco liet zich niet meeslepen in de politieke en sociale twistpunten van die dagen. Hij streefde naar het onmiddellijk haalbare. Daarvoor had hij de steun en de medewerking van iedereen nodig. Dankzij de hulp van velen heeft hij de armen goed gedaan.

In 1859 stichtte hij de mannelijke congregatie der Salesianen, genoemd naar de heilige Franciscus van Sales, voor wie hij een grote bewondering had, en in 1872 stichtte hij voor vrouwen de Dochters van Maria.

In 1862 kreeg Don Bosco een visioen. Daarin ziet hij het schip van de Kerk met op de boeg de Paus door een woeste zee varen. Het schip kan zich alleen handhaven door zich vast te klampen aan twee grote zuilen. Op de ene zuil staat een grote hostie, op de andere zuil staat de heilige maagd Maria, als Hulp der Christenen.

Don Bosco had een grote liefde voor het Allerheiligste Sacrament des Altaars en voor de Moeder Gods, Maria. Zonder financiële middelen liet hij voor haar een kerk bouwen, ter ere van de Hulp der Christenen. De giften stroomden binnen, waarmee het werk voltooid kon worden.

Er zijn meerdere getuigenissen van mensen die hem hebben zien zweven toen hij na afloop van een heilige Mis in aanbidding was neergeknield voor het Allerheiligste Altaarsacrament. Toen hij na de consecratie in een heilige Mis eens merkte dat er veel te weinig hosties waren voor de talrijke menigte die wilde communiceren, sloeg hij zijn ogen op ten hemel, waarna hij de hosties in de ciborie zag vermeerderen. Er bleken genoeg hosties te zijn voor iedereen, zonder dat hij er ook maar een hoefde te breken. Later zei hij daarover: “De Macht Die het wonder van de transsubstantiatie kan volbrengen, zal ook een vermeerdering niet in de weg staan.”

Don Bosco stierf op 31 januari 1888, 72 jaar oud, in Turijn. Hij werd begraven in de kerk van de Salesianen in Turijn. Paus Pius XI verklaarde hem in 1934 heilig.
Hij is patroon van Castelnuovo Don Bosco; circusartiesten, dansers, leerjongens, schooljongens, jeugd en jongeren in het algemeen, jeugdzielzorgers en uitgevers.

In Vlaanderen bestaan vele Don-Bosco-scholen, waaronder enkele internaten. In Nederland staat in Volendam een scholengemeenschap die zijn naam draagt: het Don-Bosco-college.

30 januari 2017

Informatiebulletin voor de maand februari is verschenen

Het Informatiebulletin van de Sint-Jozefparochie bij de Agneskerk voor de maand februari is verschenen. Hierin onder meer aandacht voor de aanstaande voorvasten, de nachtelijke aanbidding voorafgaand aan Aswoensdag, de lezingen voor de Junior- en de Sint-Nicolaasacademie, de actie Kerkbalans en een bericht over zuster Berdine in de Verenigde Staten.

Het bulletin is op deze site te vinden onder het tabblad 'Informatiebulletin februari' of klik op onderstaande afbeelding. Ook bestaat de mogelijkheid om het blad elke maand gratis en in kleur per e-mail (klik hier) te ontvangen.

Informatiebulletin februari 2017

29 januari 2017

Vierde zondag na Driekoningen

Epistel
Rom. 13, 8-10
Broeders, gij moet elkander niets schuldig blijven, dan alleen maar wederzijdse liefde. Want wie de naaste liefheeft, heeft de wet volbracht. Immers het gebod: Gij zult geen echtbreuk plegen - gij zult niet doodslaan - gij zult niet stelen - gij zult geen vals getuigenis geven - gij zult niet begeren, of welk ander gebod ook, het komt alles neer op dit woord: gij zult uw naaste beminnen als u zelf. De liefde doet de naaste geen kwaad aan. Zo vervult de liefde de gehele wet.

Evangelie
Mt. 8, 23-27
In die tijd begaf Jezus Zich in het scheepje en Zijn leerlingen gingen met Hem mee. Plotseling werd de zee geweldig onstuimig, zodat de golven over het schip heensloegen. Hij echter lag te slapen. De leerlingen gingen naar Hem toe; zij maakten Hem wakker en zeiden: Heer, help ons, wij vergaan! Doch Jezus sprak tot hen: Waarom zijt gij bevreesd, kleingelovigen? Toen stond Hij op, gaf Zijn bevelen aan de wind en de zee, en het werd volkomen stil. De mensen nu stonden verbaasd en zeiden: Wat is dat toch voor iemand, dat zelfs de winden en de zee Hem gehoorzamen?

Overweging
Zeer dikwijls geeft Christus Zijn apostelen en ons allen een les in vertrouwen. Zo ook in het Evangelieverhaal van deze zondag. Het verhaal is heel kort, maar wel duidelijk. Alles is aan Christus onderworpen; de machten en krachten van de natuur zowel als de gehele geestelijke wereld. Alles is Hem onderdanig, Hij is de opperste Soeverein. Hij draagt zorg voor ons op grond van Zijn goddelijke, oneindige liefde. Hij kent al onze noden en ook dan, wanneer Hij schijnt te slapen, zoals in het bootje op het meer, is Hij bij ons, altijd bereid ons te helpen en ons te beschermen tegen de gevaren die ons bedreigen. Wat Hij van ons verlangt is vertrouwen. Dat wij nooit vergeten dat Hij de Goede Herder is.

Er zijn veel stormen in de wereld. Elke keer gaat het om een andere storm. Elk mensleven kent zijn eigen stormen. Dikwijls hebben wij die zelf beleefd. Het kan voorkomen dat we miskend worden, dat we worden tegengewerkt, of zelfs vervolgd en onrechtvaardig behandeld. Soms worden onze bedoelingen verkeerd begrepen, wordt ons werk niet gewaardeerd en bevinden wij onszelf midden in een grote storm van beproevingen en bekoringen. En dan kan iedereen zien hoe sterk zijn geloof is.

Geloven in Jezus zolang het ons goed gaat, zolang alles volgens ons plan verloopt, is niet moeilijk. maar dat is nauwelijks een waarachtig geloof. Zodra de dingen verkeerd lopen, zodra wij onze machteloosheid ervaren, verliezen wij moed en stort ons vertrouwen in. Dan begint pas het eigenlijke geloof, daar waar menselijke krachten en berekeningen vallen. Zodra wij ‘vergaan’, hoe dan ook, menen wij dat Christus ons verlaten heeft. Dan zien wij dat ons geloof op een voelbare aanwezigheid of op troost was gebouwd. Voelen wij dat niet meer, dan is ons geloof weg. Maar geloof is meer dan een gevoel dat God dicht bij ons is. Geloof in God betekent: op Hem vertrouwen, op Zijn wijsheid. Hij weet toch beter dan ik wat voor mijn verlossing het beste is. Als wij geloven, dan moeten wij vertrouwen op Zijn liefde en voorzienigheid – waarin Hij ons nooit verlaat – ook in het midden van een storm, midden in schijnbaar onoplosbare situaties.

Ons geloof moet steeds gezuiverd worden. Een ziel die echt gelooft en zich uitsluitend aan God hecht, blijft onwankelbaar. Bekoringen, lijden en beproevingen bereiken slechts de oppervlakte van zijn wezen; in de diepte heerst vrede. De oppervlakte van de zee kan hevig worden bewogen bij een storm, maar de diepe wateren blijven onberoerd. Deze innerlijke vrede hangt slechts van één ding af, namelijk van onze houding tegenover God. Christus is de Heer. Als wij dat erkennen en Zijn woorden onvoorwaardelijk aanvaarden, dan blijven wij altijd veilig bij Hem Die alle kwaad heeft overwonnen.

27 januari 2017

Lezing over oecumenisch patriarch Athenagoras

Op zondag 29 januari om 13.00 uur (na de Hoogmis) zal professor Gregory Kazakov PhD uit Moskou in de grote zaal van de pastorie een lezing verzorgen - in het Engels - over oecumenisch patriarch Athenagoras die in 1965 een historsiche ontmoeting had met de zalige paus Paulus VI (zie foto).

Deze ontmoeting heeft veel invloed gehad op het Tweede Vaticaans Concilie dat toendertijd in Rome werd gehouden.

De lezing gaat zowel over de persoonlijkheid van deze bijzondere patriarch als over zijn oecumenische activiteiten.

Iedereen is van harte welkom.

22 januari 2017

Derde zondag na Driekoningen

Heer, ik ben niet waardig, dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord, dan zal mijn knecht genezen.

Epistel
Rom. 12, 16-21
Broeders, meent niet, dat gij de wijsheid bezit. Vergeldt niemand kwaad met kwaad, maar weest bedacht op het goede, niet alleen voor het oog van God, maar ook voor het oog van alle mensen. Als het mogelijk is, leeft dan met iedereen in vrede, voor zover het van u afhangt. Geliefden, oefent zelf geen wraak; maar laat dat over aan de gramschap Gods; want er staat geschreven: "Aan Mij de wraak: Ik zal vergelden, zegt de Heer." Integendeel, als uw vijand honger heeft, geef hem dan te eten; als hij dorst heeft, geef hem te drinken; want als gij dat doet, stapelt gij vurige kolen op zijn hoofd. Laat u niet overwinnen door het kwaad; maar overwin het kwade door het goede.

Evangelie
Mt. 8, 1-13
In die tijd, toen Jezus van de berg was afgedaald, volgde Hem een talrijke menigte, en zie, daar kwam een melaatse tot Hem, die zich voor Hem neerwierp en zei: Heer, zo Gij wilt, kunt Gij mij reinigen. En Jezus strekte de hand uit, raakte hem aan, en sprak: Ik wil het; word gereinigd. En terstond was hij van de melaatsheid gereinigd. Dan zei Jezus tot hem: Zorg, dat gij het aan niemand zegt, maar ga u vertonen aan de priester en de gave offeren, die Mozes heeft voorgeschreven; dan hebben zij een bewijs. Toen Hij nu in Capharnaum kwam, trad er een honderdman op Hem toe met de bede: Heer, mijn dienstknecht ligt thuis verlamd en lijdt hevige pijnen. En Jezus zei tot hem: Ik zal komen om hem te genezen. Doch de honderdman antwoordde: Heer, ik ben niet waardig, dat Gij onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord, dan zal mijn knecht genezen. Immers ik sta zelf ook onder gezag, maar ik heb weer soldaten onder mij; en tot de een zeg ik: Ga, en hij gaat; en tot een ander: Kom, en hij komt; en tot mijn dienstknecht: Doe dit, en hij doet het. Toen Jezus dat hoorde, stond Hij verwonderd, en Hij zei tot die Hem volgden: Voorwaar Ik zeg u: zo'n groot geloof heb Ik in Israël niet gevonden. Doch Ik zeg u, velen zullen er komen van Oost en West, en met Abraham, Isaak en Jacob aanzitten in het rijk der hemelen; maar de kinderen van het rijk zullen buiten geworpen worden in de duisternis; daar zal het zijn: geween en geknars der tanden. Dan sprak Jezus tot de honderdman: Ga heen, en u geschiede overeenkomstig uw geloof. En op hetzelfde uur werd de knecht weer gezond.

Overweging
De teksten van de Mis van de derde, vierde, vijfde en zesde zondag na Driekoningen getuigen van de godheid van onze Heer, van het feit dat Hij wonderen deed, en van de verering die wij Hem verschuldigd zijn. In deze tijd na Driekoningen houdt de Kerk niet op om ons te wijzen op de godheid van de Heer en daarmee op Zijn koningschap over de mensheid. Hij is de Koning der joden en tegelijkertijd Koning der heidenen. De Kerk houdt ons vandaag een Evangelielezing voor met twee wonderen, waarmee de Heer Zijn goddelijk Zoonschap bewijst aan beiden. Het eerste wonder wordt verricht aan een melaatse uit het uitverkoren volk der joden, die werd gebonden door de wet van Mozes; het tweede wonder aan een honderdman, die - zoals de Heer Zelf reeds aangeeft - niet afkomstig is uit Israël.

De melaatse wordt gereinigd door een woord van Jezus. Hij krijgt de opdracht zich te vertonen aan de priester als getuigenis van de godheid van Christus. De honderdman getuigt zelf dat onze Heer Jezus Christus God is door zijn vertrouwen en door zijn nederige woorden, die de Kerk dagelijks legt op de lippen van de gelovigen tijdens de heilige Mis. Door zijn geloofsgetuigenis verkrijgt hij van Jezus het wonder waarom hij vroeg.

Alle volkeren zullen delen in het hemelse feest waarbij de godheid van onze Heer het voedsel van hun ziel zal zijn. Zoals in een feestelijke bruiloftszaal zal het daar licht en warm zijn. In schril contrast daarmee staan de pijnen van de hel en de straffen van hen die de godheid van Christus afwijzen. Zij zullen verkeren in kou en duisternis.

Laten ook wij door onze daden getuigenis geven van de godheid van Christus, opdat wij Zijn koninkrijk mogen binnengaan. Laten wij, door goedheid te betonen aan wie ons haten, vurige kolen stapelen op hun hoofden, zoals het epistel van vandaag ons voorhoudt. Dat betekent dat onze grootmoedigheid hen in verwarring brengt, waardoor ze geen rust zullen krijgen totdat ze het onrecht dat ze ons hebben aangedaan hebben rechtgezet. Op die manier maken we het mysterie van de Openbaring van de Heer tot een werkelijkheid in ons eigen leven. Christus' Koningschap manifesteert zich over alle mensen die in Hem verenigd zijn door hun gemeenschappelijk geloof in Zijn godheid; zij zullen elkaar liefhebben als broeders en zusters. De heilige Augustinus zegt het als volgt: "Liefdadigheid is het gevolg van de genade van het geloof in Jezus Christus."

21 januari 2017

21 januari: Heilige Agnes, maagd en martelares, patrones van ons kerkgebouw, hoogfeest

Het mozaïek met een afbeelding van de H. Agnes boven het voorportaal van ons kerkgebouw.

De oudste bronnen over Agnes vertellen dat zij in problemen was geraakt doordat ze geweigerd had met de zoon van de Romeinse stadsprefect te huwen. Ze wilde haar maagdelijkheid niet prijsgeven omdat ze zichzelf als bruid aan Christus had toegewijd. De stadsprefect leverde haar daarom over aan antichristelijke rechters.

Onder bedreiging van gruwelijke lijfstraffen werd ze gedwongen haar geloof af te zweren. Agnes hield stand en werd veroordeeld tot verkrachting en een bestaan als seksslavin. In het bordeel werd ze opgezocht door de zoon van de stadsprefect. Toen hij haar wilde aanraken, werd hij door een bovennatuurlijke kracht teruggeworpen waardoor hij dood neerviel. Daarop liet de prefect haar als heks veroordelen. Ze werd in het stadion van Domitianus in een groot vuur geworpen. Omdat de vlammen haar lichaam intact lieten, werd Agnes uiteindelijk onthoofd.

Agnes werd na haar dood geroemd door tal van kerkvaders en dichters. Zo maakte paus Damasus I (366-384) haar grafschrift. Zij werd bijgezet in de Cappella di Sabina in Rome.
Ook Sint Ambrosius van Milaan (339-379) schreef over haar. Habetis igitur in una hostia duplex martyrium, pudoris et religionis: et virgo permansit et martyrium obtinuit (‘Aanschouwt daarom in dit slachtoffer een dubbel martelaarschap: van bescheidenheid en van godsvrucht. Zij bleef maagd en verkreeg de kroon van het martelaarschap’), schreef Ambrosius in zijn homilie De virginibus. De bekende dichter Prudentius (348-405) roemde haar moed en haar trouw aan Christus in hymne 14 in zijn Peristephanon.

Op de locatie waar Agnes de marteldood stierf, staat nu de naar haar vernoemde Sant’Agnese in Agone. Deze barokkerk staat aan de Piazza Navona, waar in heidense tijden het stadion van Domitianus stond.

Jaarlijks worden op 21 januari in de grafkerk van de martelares twee lammeren gezegend. De reden hiervoor schuilt in de betekenis van haar naam. Agnus is Latijn voor ‘lam’ en agnos is Grieks voor 'rein'. De zuivere lamswol wordt gebruikt voor het pallium (kerkelijk rangonderscheidingsteken in de vorm van een schouderstool) van de aartsbisschoppen.

Agnes behoort met Felicitas, Perpetua, Agatha, Lucia, Cecilia en Anastasia tot de maagd-martelaressen die worden genoemd in de Canon (Eucharistisch gebed) van de Romeinse Ritus.

19 januari 2017

Nieuwjaarsreceptie op zondag 22 januari 2017

Op zondag 22 januari wordt de traditionele Nieuwjaarsreceptie gehouden met de inmiddels bekende veiling van (religieuze) artikelen, waarvan de opbrengst ten goede komt aan de restauratie van het kerkgebouw. Er kan onder meer worden geboden op een gouden herenhorloge en enkele damesfauteuils.

Tussen 12.30 en 15.00 uur bent u van harte welkom in de grote zaal van de pastorie. Als iedereen een kleine (koude) schotel meebrengt, dan genieten we samen van een heerlijk buffet.

18 januari 2017

18 januari: Heilige Prisca, maagd en martelares

De heilige Petrus, met de sleutels in zijn hand, doopt de heilige Prisca van Rome.
Prisca knielt voor een doopvont met gevouwen handen. Petrus giet water over
haar hoofd. Een tweede vrouw knielt achter Prisca en wacht haar beurt af.
(Gravure door Cornelis Galle - Rijksmuseum, Amsterdam)

16 januari 2017

Van het seminarie

Drie maanden geleden, op 1 oktober 2016, mocht ik beginnen op het seminarie van de Sint-Petrusbroederschap in Wigratzbad, Duitsland. In de Sint-Agneskerk is mijn liefde voor de overgeleverde vorm van de Romeinse ritus zeer gegroeid. Nu ik vakantie heb en weer voor een korte tijd in Nederland ben, kan ik terugkijken en vooruitzien.

Na ongeveer een week van Geestelijke Oefeningen in de stijl van de heilige Ignatius van Loyola ben ik met dertien anderen vol overtuiging, goede moed en vertrouwen begonnen. Mijn cours bestaat uit zes Fransen, een Amerikaan, drie Duitsers, een Oostenrijker, een Noor, een Zwitser en een Nederlander.

Ver van huis kan ik mij met behulp van een vaste dagorde toeleggen op de voorbereiding op het priesterschap, die vooral bestaat uit studie en gebed. De liturgie en de lessen nemen een groot deel van de tijd in beslag, maar tijd voor zelfstudie en tijd met mijn medeseminaristen zijn ook voorzien. Met het heilig Misoffer als bron en hoogtepunt van de dag en onder begeleiding van een ervaren geestelijk leidsman kan ik een goed geestelijk leven opbouwen dat onmisbaar is voor een priester. Een dieper begrip van het priesterschap en het veelvuldig overwegen van het Hogepriesterschap van Christus zorgen voor een bestendiging van mijn roeping en een groter verlangen naar het gewijde priesterschap.

Als God het wil, zal ik volgend jaar de tonsuur ontvangen en ingekleed worden. Met deze eerste grote stap richting de priesterwijding wijd ik mijzelf geheel toe aan God. De priesterwijding is nog ver, maar aan de hand van de allerheiligste maagd Maria ga ik deze weg in vertrouwen.

Ik vraag u om uw gebed voor mij en voor mijn medebroeders opdat wij allen volharden mogen in deze bijzondere navolging van de Heer. Het antwoorden op de stem van de Heer is een stap die liefde en vertrouwen vergt, een stap die kan beangstigen. Daarom is het nodig dat u voor roepingen blijft bidden en dat u hen ondersteunt die overwegen deze stap te zetten.

Hierbij dank ik u natuurlijk ook voor al uw steun in gebed en op andere wijzen. Alle jonge mannen die het priesterschap overwegen zijn van harte uitgenodigd om eens naar Wigratzbad te komen. Het doen van de wil van de Heer is de weg van het heil en van de ware vreugde.

Geloofd zij Jezus Christus in alle eeuwigheid. Zijn Rijk kome!

Kevin Hoogeveen

15 januari 2017

Tweede zondag na Driekoningen

De bruiloft te Kana.

Epistel
Rom. 12, 6–16
Broeders, de gaven die wij bezitten, zijn verschillend overeenkomstig de genade, die ons is geschonken. Is het de gave van de profetie, gebruik ze dan volgens de eisen van het geloof; is het een of ander dienstwerk, geef u aan dat ambt; hebt gij te onderrichten, wijd u aan het onderricht; moet gij prediken, leg u toe op de prediking. Wie de armen bedeelt, laat hij het doen in eenvoud; wie in de overheid gesteld is, doe het met zorg; wie barmhartigheid beoefent, laat hij dat doen met blijmoedigheid. De liefde moet zijn zonder huichelarij. Hebt een afschuw van het kwade, en blijft gehecht aan het goede. Bemint elkander met broederlijke liefde. Gij moet voorkomend zijn in hoogachting voor elkander. Wilt in uw ijver niet verslappen; weest vurig van geest en dient de Heer. Laat de hoop u blijmoedig maken. Gij moet geduldig zijn in lijden, blijft volharden in het gebed. Helpt de gelovigen in alle nood, en beoefent de gastvrijheid. Zegent hen, die u kwaad doen; zegent hen, en vloekt hen niet. Wilt blij zijn met de blijden en wenen met hen, die wenen. Blijft eensgezind onder elkander; wilt niet streven naar wat groot schijnt, maar weest tevreden met het kleine.

Evangelie
Joh. 2, 1–11
In die tijd, werd er te Kana in Galilea bruiloft gevierd; ook de Moeder van Jezus was daar tegenwoordig; en Jezus werd met Zijn leerlingen eveneens op de bruiloft genodigd. Nu kwam er gebrek aan wijn, en de Moeder van Jezus zei Hem: “Zij hebben geen wijn meer.” Jezus antwoordde haar: “Vrouw, wat wilt gij van Mij? Mijn uur is nog niet gekomen.” Zijn Moeder zei dan tot de bedienden: “Doet alles, wat Hij u zal zeggen.” Nu stonden daar vanwege de joodse reinigingsgebruiken zes stenen kruiken, elk met een inhoud van twee of drie metreten. Jezus sprak tot hen: “Vult de kruiken met water.” En zij vulden ze tot boven toe. Dan zei Hij tot hen: “Schept er nu wat uit en brengt het naar de hofmeester.” Dat deden zij. De hofmeester proefde van het water, dat wijn was geworden; en daar hij niet wist, waar deze vandaan kwam, - de bedienden, die het water geschept hadden, wisten het wel – riep hij terstond de bruidegom en zei tot hem: “Iedereen begint met de goede wijn op te zetten, en wanneer er goed gedronken is, komt men met een mindere soort; maar gij hebt de beste wijn bewaard tot nu toe.” Zo deed Jezus Zijn eerste wonder te Kana in Galilea, en openbaarde er Zijn heerlijkheid. En Zijn leerlingen werden bevestigd in hun geloof in Hem.

Overweging
Het Evangelie van vandaag, dat ons laat zien hoe Christus voor de eerste keer Zijn goddelijke macht toont door water in wijn te veranderen op de bruiloft te Kana, staat enigszins in het licht van de Openbaring van de Heer. Want zij vertelt ons over de derde openbaring van Jezus’ heerlijkheid, die eerder ook al op de feesten van Epifanie en van de doop in de Jordaan herdacht werd. En dat is ook precies wat het Evangelie van vandaag wil weergeven: Jezus deed Zijn eerste wonder te Kana in Galilea. Hij openbaarde Zijn heerlijkheid en Zijn leerlingen geloofden in Hem.

Jezus openbaart Zijn heerlijkheid. Dat is een uitdrukking van de heilige Johannes, evangelist. Niet alleen Zijn heerlijkheid maar ook Zijn goedheid werd in Kana tastbaar. Want het is niet zonder betekenis dat Hij Zijn heilige Moeder inschakelt. In Zijn voorzienigheid heeft Hij ervoor gezorgd dat zij om de gunst van het wijnwonder zou vragen. En tot in alle eeuwen is het wonderbaarlijk treffende woord van de Moedermaagd tot leidraad geworden: “Doet alles wat Hij u zeggen zal.” Maria zal onze voorspreekster zijn en onze noden aan Jezus openbaren. Maar zelf richt zij zich tot ons met de vermaning toch vooral stipt te zijn in het vervullen van de wensen van Jezus.

Dit leidt ons in de sfeer van Jezus en Maria. Zij leidt ons tot Hem en vraagt van ons een grote trouw en ijver in alles wat Hij verlangt. Pas dan komt het onbegrijpelijke en onverklaarbare wonder. Zonder enige moeite, zonder een enkel gebaar, slechts op de wenk van zijn god-menselijke Wil verandert Hij het water in wijn. Hij is tot alles in staat, ook bij ons en in ons, nu nog en alle dagen. Dit wonder voltrekt zich tot op heden in de heilige Mis bij de verandering van de elementen en het bezit de kracht om ook ons te veranderen als wij het toelaten.

De les die wij uit dit verhaal moeten trekken is geen andere dan te luisteren naar Christus en Zijn woorden op te volgen. God heeft Zich in Christus aan ons geopenbaard. Wie hiervan doordrongen is, weet dat dit een onuitsprekelijk geluk is. De voltrekking van de openbaring, door het toepassen van de helende kracht van God, wordt aan ons medegedeeld in de heilige liturgie, door de sacramenten en door toepassing van het zedelijk leven dat uit ons geloof voortvloeit.

Doet alles wat Hij u zegt!

13 januari 2017

13 januari: Doop van de Heer

Op deze dag, een week na de Openbaring des Heren, vieren wij het Doopsel van de Heer. Het was de eerste daad van Zijn openbaar leven, die door de vier Evangeliën vermeld wordt. Tot de leeftijd gekomen van ongeveer dertig jaar, verliet Jezus Nazareth, ging naar de rivier de Jordaan en liet zich te midden van vele mensen door Johannes dopen. De Evangelist, de heilige Marcus, schreef: “Op hetzelfde ogenblik dat Hij uit het water opsteeg, zag Hij de hemel openscheuren en de Geest als een duif op Zich neerdalen. En er kwam een stem uit de hemel: “Gij zijt Mijn Zoon, Mijn Veelgeliefde; in U heb Ik welbehagen.” (Mc. 1, 10-11). Deze woorden “Gij zijt Mijn Zoon, Mijn Veelgeliefde” openbaren wat het eeuwige leven is: de kinderlijke band met God, zoals Jezus die beleefd heeft. Hij heeft ons deze kinderlijke band geopenbaard en gegeven.

Geliefde vrienden, hoe groot is de gave van het Doopsel! Als wij ons daar ten volle rekenschap van geven, zou ons leven een ononderbroken “dank U” zijn. Wat een vreugde voor christelijke ouders die uit hun liefde een nieuwe mens zagen geboren worden en hem naar de doopvont dragen en in de schoot van de Kerk zien herboren worden voor een leven dat geen einde kent! Gave, vreugde, maar ook verantwoordelijkheid! De ouders, peters en meters moeten hun kind namelijk opvoeden volgens het Evangelie.

Paus Benedictus XVI

11 januari 2017

Rozenkransnoveen voor parlementsverkiezingen 2017

In 1884 deed onze lieve Vrouw van de Rozenkrans de volgende belofte aan een jong maar ongeneeslijk ziek meisje, genaamd Fortuna Agrelli: “Wie dan ook een genade van mij verlangt, moet drie novenen van de Rozenkrans bidden en daarbij drie novenen van de Rozenkrans uit dankbaarheid.” In wanhoop is het meisje met haar familie de zes gevraagde novenen gaan bidden en de gezegende Maagd genas haar van al haar kwalen.

In geloof aan de Koningin van de Allerheiligste Rozenkrans willen wij iedereen uitnodigen deze 54-daagse Rozenkransnoveen mee te bidden voor de komende parlementsverkiezing op 15 maart. Het zal geen uitleg nodig hebben waarom we dit zouden moeten doen. We bidden voor de volgende intenties:

  • Terugkeer van christelijke waarden en normen in het parlement,
  • in het bijzonder respect voor al het leven,
  • en voor uw eigen intenties.

Wat kunt u doen?
We beginnen op vrijdag 13 januari en bidden dan gedurende 27 opeenvolgende dagen elke dag een rozenhoedje voor bovenstaande intenties.
Vervolgens bidden we 27 opeenvolgende dagen elke dag een rozenhoedje uit dankbaarheid. De eerste dag overwegen we de Blijde Geheimen, de tweede dag de Droevige Geheimen, de derde dag de Glorievolle Geheimen. De vierde dag opnieuw de Blijde Geheimen en zo door... U kunt ook enkele 'tientjes' of enkele Weesgegroetjes bidden gedurende 54 dagen achter elkaar, net wat u lukt. Iedere Weesgegroet telt. Laten we de hemel bestormen met onze rozenhoedjes gedurende deze 54 dagen. De heilige Maagd heeft met de genezing van Fortuna en van zovele anderen bewezen dat geen enkele ziekte voor haar ongeneeslijk is, dus ook niet de ziekte van ons parlement. Laten we de leden van onze volksvertegenwoordiging in alle liefde opdragen aan God.

Een volk dat niet bidt voor zijn overheid heeft ook geen recht op een stil en rustig leven. (vgl. 1 Tim. 2)

“Geef mij een leger van Rozenkransbidders en ik zal de wereld overwinnen”, aldus de zalige paus Pius IX.

10 januari 2017

Zuster Berdine

Op vrijdag 6 januari, het hoogfeest van de openbaring des Heren, is een van onze parochianen, Berdine Zoonen, zuster geworden in het klooster van de Benedictinessen van Maria, Koningin van de Apostelen in de Verenigde Staten.

Zij verbleef al twee maanden in dit klooster als 'kandidaat' en heeft nu met vier andere jonge vrouwen de postulantenjurk met korte kap en de wonderdadige medaille ontvangen. Ze is nu een van de zeven postulanten in dit klooster. Nu zij postulant is mag zij gedurende een maand geen contact hebben met familie en vrienden. Tijdens het postulaat leert zij de geestelijke en leerstellige basisprincipes en alles over het reilen en zeilen in en om het klooster.

Tot aan haar echte inkleding, die waarschijnlijk in de komende zomer zal plaatsvinden, zal zij zuster Berdine heten (vooraan op de foto). Zij zal dan, als bruid van Christus, een trouwjurk dragen, die zij tijdens die plechtigheid verruilt voor het traditionele habijt van de Benedictinessen met een witte kap. Daarbij zal zij ook haar nieuwe kloosternaam ontvangen. Op dat moment wordt zij novice en zal zij aan het echte kloosterleven beginnen.

In een eerdere bijdrage van zuster Berdine zelf riep zij ons op tot gebed. Laten wij haar met gebed begeleiden op de weg naar haar inkleding, dat haar kloosterroeping vruchtbaar mag zijn voor de Kerk en voor haarzelf.

8 januari 2017

Feest van de heilige Familie

Epistel
Kol. 3, 12-17
Broeders, wilt u als heilige en veelgeliefde uitverkorenen Gods toerusten met een medelijdend hart, met goedheid en bescheidenheid, met zachtmoedigheid en geduld. Verdraagt elkander, en vergeeft elkander, als gij soms over iemand te klagen hebt. Zoals de Heer u vergeven heeft, zo moet ook gij vergeven. Maar draagt over dat alles heen de liefde; want deze is de band der volmaaktheid. Laat de vrede van Christus heersen in uw harten; want daartoe zijt gij ook geroepen, als leden van één lichaam. Weest daarenboven dankbaar. Moge het woord van Christus onder u wonenen in volle rijkdom, zodat gij in alle wijsheid elkander onderricht en vermaant. En zingt dankbaar God van harte lof in psalmen en gezangen en geestelijke liederen. Alles wat gij doet met woord of werk, doet alles in de Naam van de Heer Jezus Christus, om aan God, de Vader, dank te brengen door Jezus Christus, onze Heer.

Evangelie
Lc. 2, 42-52
Toen Jezus twaalf jaar oud geworden was, gingen zij op reis naar Jeruzalem, zoals met het Hoogfeest gewoonte was. Maar toen zij na afloop van die dagen terugkeerden, bleef het Kind Jezus te Jeruzalem achter, zonder dat Zijn ouders het wisten. In de veronderstelling, dat Hij Zich bij het gezelschap bevond, reisden zij één dag door; dan vroegen zij naar Hem bij familie en bekenden. Maar toen zij Hem niet vonden, keerden zij naar Jeruzalem terug en zochten Hem. Eerst na drie dagen vonden zij Hem in de tempel, waar Hij midden tussen de leraren gezeten, naar hen luisterde en hun vragen stelde. Allen nu, die Hem hoorden, waren verbaasd over Zijn wijsheid en over Zijn antwoorden. Toen zij dit zagen, stonden zij verwonderd. En Zijn Moeder sprak tot Hem: Mijn Kind, waarom hebt Gij ons dit aangedaan? Zie, Uw vader en ik zochten U met smart. Hij echter gaf hun ten antwoord: Waarom zocht gij Mij? Wist gij dan niet, dat Ik moet zijn bij de aangelegenheden van Mijn Vader? Maar zij begrepen niet, wat Hij tot hen zei. Dan reisde Hij met hen af en kwam te Nazareth. En Hij was hun onderdanig. Zijn Moeder nu bewaarde dit alles zorgvuldig in haar hart. En Jezus nam toe in wijsheid en jaren en in welgevallen bij God en bij de mensen.

Overweging
De Kerk viert vandaag geen bepaald mysterie uit het leven van de Zaligmaker, maar wij herdenken – nog in het licht van Kerstmis – de kinderjaren van de mensgeworden Verlosser, die Hij in het verborgene doorbracht met de heiligen Maria en Jozef in het heilig Huisgezin te Nazareth.

Als het Evangelie spreekt over het leven van Jezus in het gezelschap van Maria en Jozef te Nazareth, dan vermeldt het slechts dit: “Hij was hun onderdanig, en Zijn Moeder bewaarde al die dingen in haar hart, en Jezus nam toe in wijsheid, in jaren en in welgevallen bij God en de mensen”. Dat is alles wat over de eerste dertig jaren van Jezus’ leven wordt gezegd. Ondanks hun beknoptheid schilderen deze woorden een helder beeld van orde en vrede, van gezag, onderdanigheid, afhankelijkheid en onderlinge eerbied. In het heilige Huisgezin van Nazareth kunnen wij het voorbeeld van het christelijk gezin in al zijn volmaaktheid aanschouwen.

De bedoeling van de Kerk, die ons dit feest nog steeds in Kerstsfeer laat vieren en ons het ideaal van de heilige Familie voor ogen stelt, lijdt geen twijfel. Het is een model waarvan wij moeten leren en dat ons moet inspireren. Het is een ideaal waarnaar elke familie moet streven.

In onze dagen wordt het steeds moeilijker om daarover nog te kunnen spreken. Een gezin dat bestaat uit een man en een vrouw, die door het sacrament van het huwelijk aan elkaar zijn verbonden, en waaruit kinderen zijn geboren, wordt niet meer als enige mogelijkheid beschouwd. De huidige maatschappij probeert ons ook alternatieve vormen van samenleving voor te houden, soms zeer bizarre vormen, maar altijd in tegenspraak met Gods scheppingsorde. Wie het daarmee niet eens is, wordt afgedaan als intolerant en ouderwets. Kritiek op moderne samenlevingvormen is niet gewenst, want die lijkt een veroordeling te zijn. En niemand heeft het recht om te veroordelen, zelfs de Kerk niet. Zo staat de maatschappij bijna alles toe en de meest heilige wetten van huwelijk en gezinsleven worden veronachtzaamd en belachelijk gemaakt, zelfs door en onder christenen. De meeste mensen willen niets weten van de christelijke normen rond huwelijk en gezin. Zij luisteren niet naar Christus en Zijn geboden, maar veel meer naar de wereld en richten hun leven naar de norm van een grenzeloze vrijheid. Een dergelijk onchristelijk leven is zo algemeen geworden dat bijna iedereen eraan gewend is en het goedkeurt. Zo wordt onze maatschappij steeds zieker, en zij beschikt zelf niet over krachten en mogelijkheden tot genezing. Alleen een terugkeer naar de wetten van de schepping kan haar op het juiste spoor brengen.

God Zelf wilde in een gezin geboren worden. Dat was niet alleen de bevestiging van de scheppingsorde, maar ook een aansporing voor alle gezinnen van alle tijden. Hij heeft het gezinsleven geheiligd. Uit de heilige Familie straalt een machtig licht dat ons leven verlicht en ons bemoedigt om verder te gaan. Daar kan iedereen kracht vinden om, te midden van alle moeilijkheden en persoonlijke zwakheden, zijn roeping te vervullen.

Bidden wij vandaag om goede, katholieke gezinnen: dat zij aan de heilige Familie gelijkvormig mogen zijn.

6 januari 2017

6 januari: Openbaring des Heren (Driekoningen), hoogfeest

Toen Jezus te Bethlehem in Juda geboren was, ten tijde van koning Herodes, kwamen er te Jeruzalem Wijzen uit het Oosten en vroegen: Waar is de pasgeboren Koning der Joden? Want wij hebben Zijn ster in het oosten gezien en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen. Toen koning Herodes dit hoorde, werd hij verontrust en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en legde hun de vraag voor waar de Christus geboren moest worden. Zij antwoordden hem: Te Bethlehem in Juda. Zo immers staat er geschreven bij de profeet: En gij Bethlehem, landstreek van Juda, gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman te voorschijn treden, die herder zal zijn over Mijn volk Israël. Toen ontbood Herodes in het geheim de Wijzen en vroeg hun nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. Daarop zond hij hen naar Bethlehem met de opdracht: Gaat een zorgvuldig onderzoek instellen naar het Kind, en wanneer gij Het gevonden hebt, bericht het mij dan, opdat ook ik Het hulde kan gaan brengen.
Na de koning aanhoord te hebben, vertrokken zij. En zie, de ster die zij in het Oosten gezien hadden, ging voor hen uit, totdat ze boven de plaats waar het Kind Zich bevond stil bleef staan. Op het zien van de ster werden zij vervuld van grote vreugde. Zij gingen het huis binnen, zagen er het Kind met Zijn moeder Maria en op hun knieën neervallend betuigden zij Het hun hulde. Zij haalden hun schatten te voorschijn en boden Het geschenken aan: goud, wierook en mirre.
En in een droom van Godswege gewaarschuwd niet meer naar Herodes terug te keren, vertrokken zij langs een andere weg naar hun land.
(Mt. 2, 1-12)

Het feest van de Openbaring des Heren ontstond in de tweede of derde eeuw en is dus ouder dan Kerstmis, dat pas in de vierde eeuw werd ingevoerd. Het was van oorsprong een oosters feest dat de Griekse naam Epiphaneia (Επιφανεια) droeg, dat 'verschijning' of 'manifestatie' betekent. Epifanie herdacht oorspronkelijk alleen de doop van Jezus in de Jordaan. In de Evangeliën staat dat bij die gebeurtenis sprake was van een goddelijke openbaring: de Heilige Geest daalde als een duif op Jezus neer en God de Vader sprak tot Hem: 'Gij zijt Mijn Zoon, Mijn Veelgeliefde' (Marcus 1:11).

In sommige kerken uit de oudheid werden op Epifanie ook andere manifestaties van Christus’ godheid herdacht, zoals de Aanbidding der Wijzen en het wijnwonder op de Bruiloft van Kana. Ook de geboorte van Christus als de eerste verschijning van Gods incarnatie was erin vervat, maar daar werd minder aandacht aan besteed.

In de orthodoxe en katholieke kerken van de oosterse riten is de Doop des Heren het centrale thema van Epifanie gebleven. Daar wordt het gevierd als de eerste manifestatie van God als Drie-eenheid. Het feest wordt er ook wel Theofanie genoemd, van het Griekse theophaneia ('godsverschijning').

Driekoningen
De Kerken van het Westen namen Epifanie in de 4e eeuw van de oosterse zusterkerken over, maar dan wel in gewijzigde vorm. Het geboortefeest van Christus werd afzonderlijk gevierd op 25 december. De Kerk van Rome maakte van Epifanie vooral het feest van de Aanbidding der Wijzen. In de Middeleeuwen vertelde een legende dat die wijzen of magiërs de gedaante hadden van drie oosterse koningen: Caspar, Melchior en Balthasar.

De geschenken die zij meenamen voor de pasgeboren Koning zijn de aardse symbolen waarmee Christus wordt bekleed:
- Goud: voor de wijsheid van de nieuwe Koning.
- Wierook: voor het gebed en offer van de nieuwe Koning.
- Mirre: voor de zalving (duidend op Zijn bijzonder sterven).
Jezus omvat al deze eigenschappen en tijdens Zijn aardse leven komen deze drie geschenken duidelijk tot uitdrukking.

Het verdere leven van de drie koningen berust op legenden. Zij zouden door de apostel Thomas tot bisschop zijn gewijd. Hun sterfdag valt nagenoeg op dezelfde datum. Keizerin Helena zou de stoffelijke resten van de drie koningen aan de bisschop van Milaan geschonken hebben. In de Dom van Keulen staat de reliekschrijn van de drie koningen.

Zij zijn patronen van reizigers, pelgrims en bontwerkers en patronen tegen epilepsie en onweer.

Drie verschijningsmomenten
Dat de westerse versie van Epifanie vooral in het teken stond van de Aanbidding der Wijzen, neemt niet weg dat de teksten van de Latijnse liturgie ook altijd verwezen hebben naar de Doop des Heren en de Bruiloft van Kana. Hieronder volgt een korte bespreking van die momenten.

De Aanbidding der Wijzen
In de aanbidding van de wijzen uit het Oosten ziet de Kerk de vervulling van de profetie van Jesaja: ‘Sta op, word licht, Jeruzalem! De Heer zal Zijn licht doen stralen in Jeruzalem, zodat de heidenvolken er heen zullen optrekken’. Volgens het christelijk geloof is de goddelijke liefde inderdaad verschenen in Jeruzalem en wel in de persoon van Jezus. Het Evangelie van Mattheüs meldt dat enkele heidense magiërs uit het oosten op basis van een joodse profetie een ster achterna reizen die in Bethlehem bij Jeruzalem bleef stilstaan. Als zij bij de kribbe zijn gearriveerd, aanbidden zij het Kerstkind. Dit verhaal maakt duidelijk dat de God van Israël alle volkeren van de wereld tot zich geroepen heeft. Jezus is niet alleen de Verlosser van Israël, maar van de gehele mensheid, zo luidt de boodschap van Epifanie.

Doop van Jezus
In het verhaal van Jezus' doop door Johannes de Doper wordt de ware identiteit van de zoon van Jozef en Maria onthuld: Jezus is de Messias, de Gezalfde van God. 'Nadat Jezus gedoopt was, steeg Hij terstond uit het water. En zie, de hemel opende zich en Hij zag de Geest van God op Hem neerdalen in de gedaante van een duif. Een stem uit de hemel sprak: Dit is Mijn veelgeliefde Zoon in Wie Ik welbehagen heb' (Mattheüs 3, 16-17). Dit goddelijk verschijningsmoment heeft een eigen feestdag gekregen.

Bruiloft van Kana
Dit verhaal staat in het Johannes-evangelie, hoofdstuk 2, verzen 1-12. Jezus was in het dorp Kana in Galilea te gast op een bruiloft. Toen daar de wijn opgeraakt was, veranderde Hij op verzoek van Zijn moeder Maria water in wijn. 'Zo maakte Jezus te Kana in Galilea een begin met de tekenen en openbaarde Hij Zijn heerlijkheid. En Zijn leerlingen geloofden in Hem.' Wijn is in de Bijbel het symbool van de hemelse vreugde; water is onder andere het symbool van de aardse werkelijkheid. De betekenis van Jezus' wonder is dat Hij het aardse verheft tot het goddelijke; het sterfelijke onsterfelijk maakt. In die zin is de Bruiloft van Kana een voorafspiegeling van het mysterie van Pasen.

4 januari 2017

Kerkelijke tradities aan de vooravond van Driekoningen

Op 6 januari viert de Kerk het hoogfeest van de Openbaring des Heren, ook bekend als Driekoningen. In de buitengewone vorm van de Romeinse ritus (de Tridentijnse ritus), die wij in de Jozefparochie bij de Agneskerk volgen, vindt op de vooravond van deze feestdag een aantal eeuwenoude wijdingen plaats, namelijk van Driekoningenwater, wierook, goud en kalk.

De kalk wordt gewijd om daarmee de initialen van de drie Wijzen (de Traditie heeft hun de namen Caspar, Melchior en Balthasar toegekend) boven de deuren van kerken en huizen te schrijven. De lettercombinatie CMB staat ook voor 'Christus mansionem benedicat' ofwel 'Moge Christus dit huis zegenen'.

20 * C + M + B + 17

Dit gebruik vindt vooral in katholieke landen en streken plaats. Het opschrift moet blijven staan tot het feest van Pinksteren als uitdrukking van het christelijk geloof van de bewoners van het huis en als bescherming tegen de machten van het kwaad.

Volgens oud gebruik maakte de priester op deze dag de Paasdatum bekend. In vroeger tijden had men geen gedrukte kalenders, en de Kerk wilde de Paasdatum publiceren omdat vele feestdagen in het kerkelijke jaar daaraan gerelateerd zijn.

In 1955 schafte paus Pius XII alle octaven in het kerklijk jaar af, behalve die van Kerstmis, Pasen en Pinksteren. Tot dat jaar had ook het feest van Driekoningen een octaaf, dat duurde van 6 tot en met 13 januari. Op de zondag in dat octaaf werd (wordt) het feest van de Heilige Familie gevierd. Voorafgaand aan het feest van Driekoningen werden de twaalf dagen van Kerstmis gevierd, met als laatste dag 5 januari, voorheen de Vigilie van de Openbaring des Heren.

Behalve kalk, goud en wierook wordt op deze avond ook het Driekoningenwater gewijd. Dit bijzonder sterke wijwater is geliefd onder het katholieke kerkvolk. Het wordt vooral aan ouderen en zieken gegeven. Het volksgeloof zegt dat de demonen dit wijwater in het bijzonder vrezen vanwege de vele exorcismen die tijdens de plechtige wijding van het water worden gezongen. Daarom ook wordt het graag door de gelovigen mee naar huis genomen om op de feestdag van Driekoningen alle vertrekken in het huis ermee te zegenen. Zo mogelijk dient dit door een priester gedaan te worden, anders door het hoofd van het gezin. Na het feest van Driekoningen kan het als gewoon wijwater worden gebruikt.

Kalk en Driekoningenwater zijn dus sacramentaliën die men gebruikt ter bescherming tegen de duivel en andere boze geesten. Het is daarom goed om hierbij het gebed tot de heilige aartsengel Michaël te bidden. Hij is de aanvoerder van de hemelse legerscharen en een sterke beschermer tegen het kwaad.

3 januari 2017

Informatiebulletin voor de maand januari is verschenen

Het Informatiebulletin van de Sint-Jozefparochie bij de Agneskerk voor de maand januari is verschenen. Hierin onder meer aandacht voor alle liturgische plechtigheden in deze Kersttijd, een oproep om mee te bidden met een Rozenkransnoveen voor de komende Tweede-Kamerverkiezingen, en een verslag van het seminarie in Wigratzbad.

Het bulletin is op deze site te vinden onder het tabblad 'Informatiebulletin januari' of klik op onderstaande afbeelding. Ook bestaat de mogelijkheid om het blad elke maand gratis en in kleur per e-mail (klik hier) te ontvangen.

Informatiebulletin januari 2017

2 januari 2017

Feest van de Allerheiligste Naam Jezus

Epistel
Hand. 4, 8-12
In die dagen sprak Petrus, vervuld van de Heilige Geest: Oversten van het volk en oudsten, luistert: Indien ons heden wegens een weldaad aan een ongelukkig mens gerechtelijk gevraagd wordt, waardoor deze is genezen, dan zij het aan u allen en aan heel het volk van Israël bekend, dat door de Naam van Jezus Christus van Nazareth, Die gij aan het kruis geslagen hebt, maar Die God van de doden heeft opgewekt - dat door Zijn Naam deze hier gezond voor u staat. Hij is de steen, die door u, de bouwlieden, werd verworpen; maar Hij is de hoeksteen geworden; en geen heil is er, tenzij in Hem. Want er is aan de mensen geen andere naam onder de hemel gegeven, waarin wij zalig moeten worden.

Evangelie
Lc. 2, 21
In die tijd, toen er acht dagen verstreken waren, moest het Kind besneden worden; en men gaf Hem de naam Jezus, die de engel reeds genoemd had, voordat Zijn Moeder Hem had ontvangen.

Overweging
Reeds bij de boodschap van de engel aan Maria bij de aankondiging van haar moederschap, en nog vóór de geboorte aan de heilige Jozef (Mt. 1, 21), liet God Zijn besluit kennen, dat de Verlosser Die Hij aan de mensheid wilde schenken de naam Jezus zou dragen. Jezus betekent Verlosser, Heiland. Alleen door deze Naam kunnen wij gered worden en buiten Hem is er geen andere naam onder de hemel gegeven, waardoor wij zalig kunnen worden.

Laten we die Naam altijd met groot geloof en eerbied zowel op onze lippen als in ons hart nemen. God de Vader Die alles in de Zoon ziet, heeft alles in de Zoon lief, want Hij is geheel voor Hem. Wij zijn aangenaam in Zijn ogen in de mate dat Hij de Zoon in ons herkent. Een klein ding, gedaan in de Naam van Jezus, uit liefde tot Hem, is in het oog van God meer waard dan de meest buitengewone zaken, gedaan in eigen naam. Door Hem en met Hem en in Hem zij alle eer en glorie aan de Vader.

De heilige Bernardinus van Siena heeft in de 15e eeuw als eerste voor dit feest geijverd. Door hem is ook het gebruik ingevoerd om de Heilige Naam van Jezus voor te stellen als een monogram van drie beginletters IHS, in het midden van een stralenkrans. Deze devotie verspreidde zich snel in Italië en vond een ijverig propagandist in de persoon van de heilige Jan van Capistrano, evenals de heilige Bernardinus van de orde der Minderbroeders. De Heilige Stoel hechtte zijn plechtige goedkeuring aan deze hulde van de Naam van de Heiland der mensen en in de eerste jaren van de 16e eeuw schonk paus Clemens VII op herhaald verzoek aan de orde van Sint Franciscus het voorrecht om de zoete Naam van Jezus met een eigen feest te vieren.

In het jaar 1721 besloot paus Innocentius XIII dit feest in de gehele Kerk te vieren en stelde de datum daartoe vast op de tweede zondag na Driekoningen, de zondag van de bruiloft van Kana. Op de dag van het huwelijk gaat namelijk de naam van de Bruidegom (Jezus) over op de Bruid (de Kerk), als teken dat zij voortaan aan Hem toebehoort. Bij de invoering van het feest van de heilige Familie is het feest van Zijn verheven Naam verplaatst naar de zondag zo kort mogelijk na de dag waarop Jezus Zijn Naam gekregen heeft, dat is 8 dagen na Zijn geboorte (of - zoals dit jaar - op 2 januari).

1 januari 2017

1 januari: Octaafdag van Kerstmis (Nieuwjaarsdag)

Besnijdenis van de Heer

Epistel
Tit. 3, 4-7
Veelgeliefde, verschenen is de goedertierenheid en mensenliefde van God, onze Zaligmaker. Hij heeft ons gered - niet om werken van gerechtigheid, door ons verricht, maar louter uit barmhartigheid van Zijn kant - door een doopsel waarin wij werden herboren en vernieuwd door de Heilige Geest. Hij heeft Die immers overvloedig over ons uitgestort door Jezus Christus, onze Zaligmaker, opdat wij door Zijn genade gerechtvaardigd, erfgenamen zouden zijn met de hoop op eeuwig leven, in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie
Lc. 2, 21
In die tijd, toen er acht dagen verstreken waren, moest het Kind besneden worden; en men gaf Hem de naam Jezus, die de engel reeds genoemd had, voordat Zijn moeder Hem had ontvangen.

Overweging
Het geheim dat wij vandaag vieren ligt volledig in lijn met de menswording, als een eerste consequentie van Zijn gehoorzaamheid die Hij tot op het kruis heeft volgehouden. Op de achtste dag werd Hij besneden, zoals de wet van Mozes voorschrijft voor alle joodse jongetjes.

Ook onze Heer en Zaligmaker volgt vanaf het begin de weg van de gehoorzaamheid aan Gods wet, als Zijn dienaar en eigendom, ofschoon Hij naar Zijn diepste wezen het goddelijk bestaan Zijn eigen mocht noemen. Het is dezelfde gehoorzaamheid aan de goddelijke wil, die Hem het doopsel van Johannes zal doen vragen, want zoals Hij Zelf zegt: “Zo past het ons alle gerechtigheid te vervullen”. En diezelfde gehoorzaamheid stelt Hem in staat de bekoring van satan soeverein af te wijzen. Satan had geen andere bedoeling dan Hem weg te houden van de door God gewilde kruisweg, die Hem tenslotte aan het kruis zou slaan; het kruis dat voor ons de verlossing zou brengen.

Het goddelijk Woord is niet in het algemeen mens geworden, maar in het bijzonder. Het is een bepaalde mens geworden: Jezus Christus. De besnijdenis vormt het onopvallende begin van een leven, dat geen andere geestelijke spijze zal kennen dan de Wil van de Vader. Het eerste Bloed van het Lam wordt geplengd, in onbekendheid, bij de besnijdenis, in een uithoek van de wereld. Het is hetzelfde Bloed dat de wereld zal verlossen op het kruis.

Mocht de wereld slechts erkennen wat haar tot heil strekt en putten uit de volheid van de genade. Want God trekt Zijn gave – de genade van Kerstmis – niet terug, maar de mens bezit wel de mogelijkheid om zich er voor af te sluiten. Kerstmis is het mysterie van Gods genade en liefde, die in het kind Jezus voor alle mensen tastbaar en bereikbaar zijn geworden. Wij moeten echter goed tot ons laten doordringen dat de genade van God een aanbod is dat vraagt om een antwoord van de menselijke vrijheid: geloof, overgave en liefde. Daarom moet het Kerstfeest en zijn Octaaf voor katholieken – Gods geliefde geroepenen – ook het feest zijn van het antwoord op die liefde die God de wereld heeft bewezen door Zijn geboorte. Het antwoord daarop is aan God te gehoorzamen.