1919 - 2019: 100 jaar Sint-Agnesparochie

Sint-Agneskerk Amsterdam

Website van de parochie van de H. Jozef, patroon van de H. Kerk, de Rooms-katholieke personele parochie voor de traditionele Latijnse liturgie bij de Agneskerk te Amsterdam

Vandaag in de Agneskerk

De kalender is bijgewerkt tot en met 31 juli 2019, onder voorbehoud van wijzigingen.

17 juli 2019

Bedevaart naar Tancrémont en Banneux

Op zaterdag 28 september 2019 organiseert het Legioen Kleine zielen, afdeling Amsterdam,
een bedevaart-busreis *) naar de bedevaartplaatsen Tancrémont en Banneux in België.

Datum: zaterdag 28 september 2019
Kosten deelname: kinderen tot 12 jaar: € 25; volwassenen: € 30 **)





Programma
08.15 uur: Vertrek vanaf Sint-Nicolaasbasiliek, Prins Hendrikkade 73, 1012 AD Amsterdam
08.30 uur: Vertrek vanaf Sint-Agneskerk, Amstelveenseweg 161, 1075 XA Amsterdam
10:00 uur: Tussenstop bij VVV-kantoor Eindhoven
13:00 uur: Tridentijnse heilige Mis in Tancrémont; na de heilige Mis reizen we naar Banneux
15:00 uur: Lof en ziekenzegening in Banneux
17:30 uur: Vertrek vanuit Banneux naar Amsterdam


Overige informatie
Het vriendelijke verzoek om uw eigen lunchpakket mee te nemen. Vergeet u niet om uw eigen fles mee te nemen voor water te Banneux. Onderweg bidden wij de blijde, de droevige en de glorievolle geheimen van de rozenkrans. Mocht u in het bezit zijn van de grijze zangbundel, het vriendelijke verzoek deze mee te nemen.

*) Doorgang bij voldoende aanmeldingen.
**) Contante betaling vóór 20 september 2019 bij Betsy Macnac.

Voor meer informatie en aanmeldingen bij
Hoofdcontactpersoon: Betsy Macnac, telefoon 020-7861951 of 06-26642599
Overige contactpersonen: Anki, telefoon 020-4278879 - Ilse Stuger, telefoon 06-46677069

16 juli 2019

16 juli: Onze Lieve Vrouw van de berg Karmel

Het feest van Onze Lieve Vrouw van de berg Karmel werd ingesteld in het jaar 1726. Het gedenkt de dag waarop de heilige Simon Stock, de eerste generale overste van de Karmelietenorde, een verschijning kreeg van Onze Lieve Vrouw op 16 juli 1251. Maria beloofde bijzondere zegen voor allen die in de loop der eeuwen haar scapulier zouden dragen. De Kerk heeft plechtig en herhaaldelijk deze Mariadevotie, ontstaan in Engeland, goedgekeurd, zodat de pausen aan allen die het scapulier dragen talrijke geestelijke voorrechten hebben verleend.

Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel is de patrones van de zeelieden. Zij is de veilige haven, waarin wij onze toevlucht moeten nemen te midden van alle stormen van het leven.

De devotie en verering van de Maagd van de berg Karmel gaat terug tot de oorsprong van de orde der Karmelieten: de oudste traditie van deze orde brengt die in verband met die kleine wolk die uit zee opsteeg, zo groot als de palm van een hand en die zichtbaar was vanaf de top van de Berg Karmel, terwijl de profeet Elia de Heer smeekte een einde te maken aan een lange periode van droogte. De wolk bedekte spoedig de hemel en bracht overvloedige regen over het land, dat al zo lange tijd uitgedroogd was. In die wolk vol weldaden zag men een beeltenis van Maria, die als schenkster van de Heiland aan de wereld de draagster was van het levendmakende water waarnaar heel de mensheid dorstte. Zij brengt ons voortdurend ontelbare weldaden.

Op 16 juli 1251 verscheen de allerheiligste Maagd aan de heilige Simon Stock, de generale overste van de Orde der Karmelieten: zij beloofde bijzondere genade en zegen voor hen die het scapulier zouden dragen. Deze devotie stortte over de wereld een waterrijke rivier van geestelijke en tijdelijke genaden uit. De Kerk heeft deze verschijning herhaaldelijk goedgekeurd met talrijke geestelijke voorrechten. Eeuwenlang hebben de christenen zich onder deze bescherming van Onze Lieve Vrouw gesteld, onder meer door het dragen van het heilig scapulier van de berg Karmel op hun borst. Er zijn veel uitstekende manieren om Maria te vereren, maar weinige hebben zo diep wortel geschoten bij de gelovigen, en weinige werden zo vaak door de pausen gezegend. Hoe moederlijk is bovendien het hieraan verbonden zaterdags privilege!

De heilige Maagd beloofde aan hen die tijdens hun leven en bij hun dood het scapulier droegen -- ofwel de gezegende medaille met het Heilig Hart en de Maagd van de Berg Karmel, die dezelfde rol vervult -- de genade om de 'volharding ten einde toe' te verkrijgen; dat wil zeggen, een bijzondere bijstand opdat degenen die niet in staat van genade verkeren, berouw krijgen in de laatste ogenblikken van hun leven. Aan deze belofte moet het zogeheten 'zaterdags privilege' worden toegevoegd; dit bestaat in de bevrijding uit het vagevuur op de zaterdag na de dood en vele andere genadegaven en aflaten. Waarlijk draagt Maria met moederlijke liefde zorg voor de broeders van haar Zoon die nog op pelgrimstocht zijn en in gevaren en angsten verkeren, totdat zij het gezegend vaderland bereiken... Laten wij daarom dagelijks vele malen tot haar gaan, opdat zij ons mag helpen en beschermen. Juist het scapulier kan ons dikwijls eraan herinneren, dat wij toebehoren aan onze Moeder in de hemel en dat zij ons toebehoort, want wij zijn haar kinderen, voor wie zij zich zozeer heeft ingespannen.

In deze devotie brengen wij een bijzondere toewijding aan Onze Lieve Vrouw van onszelf en al het onze tot uiting, want in de verschijning van de allerheiligste Maagd en de overhandiging van het scapulier aan de heilige Simon Stock openbaart de Moeder van God zich als Vrouwe van de genade; en tegelijk als allerbeminnelijkste Moeder, die haar kinderen tijdens hun leven en bij de dood beschermt.

Het christenvolk heeft de Maagd van de Berg Karmel met name door het heilig scapulier vereerd als de Moeder van God en onze Moeder, die zich aan ons toont met deze geloofsbrieven: 'Tijdens het leven bescherm ik; bij de dood help ik; en na de dood red ik'. Zij is ons leven, onze zoetheid en onze hoop, zoals wij zo vaak tot haar zeggen bij het bidden van het Salve Regina.

De devotie tot het heilig scapulier van de Berg Karmel toont ons aan, dat wij zeker kunnen zijn van de moederlijke bijstand van de Maagd. Zoals men trofeeën en medailles gebruikt om betrekkingen van vriendschap, herinnering of zege aan te duiden, zo geven wij een innige betekenis aan het scapulier om ons heel vaak te herinneren aan onze liefde voor de Maagd en aan haar gezegende bescherming. Zij neemt ons bij de hand en leidt ons, alle dagen van ons leven hier op aarde, over een veilige weg, zij helpt ons moeilijkheden en bekoringen te overwinnen: zij laat ons nooit in de steek, want zij is gewoon hen te begunstigen die zich onder haar bescherming willen stellen.

Eens komt voor ons het uur van onze definitieve ontmoeting met de Heer. Dan zullen we meer dan ooit haar bescherming en bijstand nodig hebben. De devotie tot de Maagd van de Berg Karmel en tot haar heilig scapulier is een onderpand van hoop op de hemel, want de allerheiligste Maagd zet haar moederlijke bescherming voort tot over de dood heen. Dit voorrecht vervult ons van troost. Maria leidt ons naar die eeuwige toekomst; zij doet ons ernaar verlangen en deze ontdekken; zij schenkt ons haar hoop, haar zekerheid, haar verlangen. Bemoedigd door zulk een stralende werkelijkheid, met onuitsprekelijke vreugde, verandert onze nederige en vermoeiende pelgrimstocht op aarde, verlicht door Maria, in een veilige weg -- iter para tutum -- naar het paradijs. Daar zullen wij, met Gods genade, haar mogen zien.

In 1605 werd kardinaal De Medici tot paus gekozen; hij nam de naam van Leo XI aan. Toen men hem bekleedde met de pauselijke gewaden, wilde men hem een groot scapulier van de Berg Karmel afnemen, dat hij onder zijn kleding droeg. Toen sprak de paus tot hen die hem hielpen met kleden: "Laat mij Maria houden, opdat Maria mij niet in de steek laat." Ook wij willen haar niet in de steek laten, want wij hebben haar ten zeerste nodig. Daarom dragen wij altijd haar scapulier. En wij zeggen thans tot haar dat wij ons in haar armen leggen, wanneer ons laatste uur gekomen is. Zo dikwijls hebben wij haar gevraagd voor ons te bidden 'nu en in het uur van onze dood', dat zij dat niet zal vergeten!

Tijdens zijn bezoek aan Santiago de Compostela wenste paus Johannes Paulus II allen toe: "Dat de Maagd van de Berg Karmel [...] u altijd moge vergezellen. Moge zij de ster zijn die u leidt, die nooit uit uw horizon zal verdwijnen. Dat zij u tot God moge leiden, naar de veilige haven." Aan haar hand zullen wij voor het aanschijn van haar Zoon treden. En als er in ons nog iets gezuiverd zou moeten worden, dan zal zij het moment bespoedigen waarop wij, geheel en al gereinigd, God kunnen zien.

Oudtijds werd de Maagd van de berg Karmel afgebeeld met aan haar voeten een groep van zielen in de vlammen van het vagevuur, om haar bijzondere voorspraak aan te geven in dit oord van loutering. "De Maagd is goed voor hen die in het vagevuur verblijven, want door haar verkrijgen zij verlichting", predikte de heilige Vincentius Ferrer dikwijls. Haar liefde zal ons helpen ons in dit leven te zuiveren om direct na de dood bij haar Zoon te zijn.

Het scapulier is ook het teken van het bruidskleed, de goddelijke genade die de ziel altijd moet kleden. In een toespraak tot jongeren in een parochie te Rome, gewijd aan de Maagd van de berg Karmel, maakte paus Johannes Paulus II vertrouwelijk gewag van de bijzondere hulp en bijstand die hij had gekregen van zijn devotie tot de Maagd van de berg Karmel. "Ik moet jullie zeggen", legde hij hun uit, "dat zij mij heeft geholpen in mijn jeugdjaren, toen ik nog zo was als jullie nu. Ik zou niet kunnen zeggen in welke mate, maar ik denk in enorm grote mate. Zij heeft mij geholpen om de genade te vinden die bij mijn leeftijd hoorde, bij mijn roeping." En hij voegde eraan toe: "de opdracht van de Maagd, die voorafgebeeld is en zijn begin heeft op de Berg Karmel, in het Heilige Land, is verbonden aan een kleed. Dit kleed heet het heilig scapulier. Ik heb in mijn jeugdjaren veel aan dit scapulier van de Karmel te danken. Dat de moeder altijd bezorgd is, zich bekommert om de kleren van haar kinderen, dat ze er netjes opstaan, dat is iets moois. Maar als die kleren stuk gaan, probeert de moeder de kleren van haar kinderen te herstellen. De Maagd van de Karmel, de Moeder van het heilig scapulier, spreekt ons over deze moederlijke zorg, over haar bezorgdheid om ons te kleden. Ons te kleden in geestelijke zin. Ons te bekleden met de genade van God en ons te helpen dit kleed altijd smetteloos te houden." De paus maakte melding van het witte kleed dat de doopleerlingen uit de eerste eeuwen droegen, als symbool van de heiligmakende genade die zij bij het doopsel ontvingen. Daarna spoorde hij hen aan om de ziel altijd rein te houden en besloot: "Weest ook jullie bezorgd, in samenwerking met de goede Moeder die zich om jullie kleren bekommert, en heel bijzonder om het kleed van de genade, dat de ziel van haar zonen en dochters heiligt." Dat kleed waarin wij ooit op het bruiloftsmaal zullen verschijnen.

Het scapulier van de Karmel kan een machtige hulp zijn om onze Moeder in de hemel nog meer te beminnen, een bijzondere herinnering aan het feit, dat wij aan haar zijn toegewijd en in ogenblikken van nood, te midden van bekoringen, op haar hulp kunnen rekenen. Zij is ons zeer nabij en dat stelt ons in staat sterk te zijn. Met de woorden van het Graduale voor het feest van vandaag, bidden wij tot Onze Lieve Vrouw: Recordare Virgo Mater... ut loquaris pro nobis bona. Herinner u, Maagd en Moeder van God, wanneer gij voor het aanschijn van de Heer staat, dat gij dan goede dingen over ons tot Hem spreekt, ook in die dagen dat wij niet zo trouw geweest zijn als God van Zijn kinderen verwacht.

15 juli 2019

15 juli: Heilige Henricus, keizer en belijder

Hendrik de Goede werd in 973 in het Zuid-Duitse Beieren geboren. Zijn opleiding kreeg hij bij Wolfgang van Regensburg. In 1002 beklom hij de troon en in 1014 werd hij door de paus in Rome tot keizer gekroond.

Zijn huwelijk met keizerin Cunigonde bleef kinderloos. Mede daardoor besteedde hij veel aandacht aan het geloofsleven van zijn onderdanen, aan de levenswandel van de geestelijken en aan de bevordering van het kloosterleven. Hij stichtte het bisdom Bamberg en liet er op zijn kosten de beroemde domkerk bouwen. Daar werd hij ook begraven. Het beroemde grafmonument, waarin hij en zijn vrouw Cunegonde, zijn bijgezet, trekt tot op de dag van vandaag duizenden bezoekers.

Hij werd in 1146 heilig verklaard. Paus Pius X riep hem uit tot patroon van de oblaten der benedictijnen.

14 juli 2019

Vijfde zondag na Pinksteren

Triomf van de Kerk over woede, verdeeldheid en haat (schilderij van Rubens, 1628)

Epistel
1 Petr. 3, 8-15
Veelgeliefden, blijft allen één in het gebed; weest medelijdend, vol liefde voor uw broeders; weest barmhartig, welwillend en bescheiden. Vergeldt geen kwaad met kwaad, of verwensing met verwensing; maar wenst daarentegen elkander zegen toe; want daartoe zijt gij geroepen, om aldus zelf zegen te beërven. Want: "wie een gelukkig leven wil hebben en goede dagen wil zien, hij moet zijn tong afhouden van het kwade, en zijn lippen geen bedrog laten spreken. Laat hij het kwaad vermijden, en het goede doen; de vrede moet hij zoeken en daarnaar streven. Want de ogen des Heren rusten op de rechtvaardigen, en Zijn oor is gericht op hun smeken; maar het aanschijn des Heren is tegen degenen, die kwaad doen." Bovendien, wie kan u kwaad doen, als gij ijverig streeft naar het goede? - Maar al hebt gij ook iets te lijden om wille van de gerechtigheid, gelukkig zijt gij dan! Maakt u echter niet bevreesd voor hen, en laat u niet verontrusten; maar heiligt in uw hart Christus de Heer.

Evangelie
Mt. 5, 20-24
In die tijd sprak Jezus tot Zijn leerlingen: Als uw gerechtigheid niet groter is dan die van de schriftgeleerden en farizeën, zult gij het rijk der hemelen niet binnengaan! Gij hebt gehoord, dat tot de ouden gezegd is: "Gij zult niet doodslaan"; en wie doodslag begaat, is strafbaar voor het gerecht. Maar Ik zeg u: ieder die toornig wordt op zijn broeder, is strafbaar voor het gerecht; en wie tot zijn broeder zegt: Gij dwaas, hij is strafbaar voor de hoge raad; en wie zegt: Gij goddeloze, hij is strafbaar met het vuur van de hel. Als gij dus uw offergave naar het altaar brengt, en u daar herinnert, dat uw broeder iets tegen u heeft, laat dan uw offergave daar bij het altaar achter, en ga u eerst met uw broeder verzoenen; en kom dan terug om uw gave te offeren.

Overweging
Waarom is de gerechtigheid van de farizeeën niet groot genoeg om het rijk der hemelen te mogen binnengaan? Waarom eist Christus meer van Zijn leerlingen? De woorden van het Evangelie van deze zondag klinken hard. Zij zijn gericht tegen de schriftgeleerden en farizeeën, maar zij zijn ook toepasbaar op ons eigen leven. Onze Heer stelt hoge eisen waaraan wij moeten voldoen als wij de hemel willen binnengaan. De geboden van het Oude Testament worden niet alleen behouden, maar zelfs verscherpt. Niet alleen hij die iemand vermoordt is strafbaar met het vuur van de hel, maar zelfs hij die toornig wordt en zijn medemens dwaas noemt. Christus geeft aan gerechtigheid en naastenliefde de ware, oorspronkelijke, betekenis terug.

De rechtvaardigheid en de vroomheid van de schriftgeleerden en farizeeën waren vals, omdat zij uit een verkeerd motief voortkwamen. Het was meer eigenliefde dan liefde tot God. Zeker, zij beoefenden verschillende deugden en zij zochten de volmaaktheid, maar zij deden het niet voor God. Zij hoopten eer voor zichzelf te ontvangen en niet voor God, Die de bron van alle goedheid is. Ook hun gerechtigheid was vals, want deze was slechts schijn. De nauwkeurige vervulling van alle voorschriften en regels was er alleen om gezien te worden. Zij wilden beschouwd worden als voorbeeld voor anderen. En precies dat zochten zij: hun eigen eer, en niet de glorie van God. Daarom werden zij zo hard door Christus beoordeeld. Zij deden alle uitwendige oefeningen van het geloof uit liefde tot zichzelf en niet uit liefde tot God. Een dergelijke oppervlakkigheid schept de mentaliteit die altijd vraagt: ben ik verplicht dit of dat te doen? En hoe zwaar weegt deze verplichting? Met andere woorden: hoe ver kan ik nog gaan in mijn zelfzucht en toch niet de wet overtreden? Deze mentaliteit plaatst niet de liefde in het middelpunt van het leven, van alles wat de mensen doen, maar – integendeel – zij wil een grens stellen aan deze liefde, die naar Jezus’ gebod en uit haar aard geen beperkingen verdraagt.

Van de leerlingen van Christus wordt meer verlangd. Niet alleen onze daden moeten met de wet van het Evangelie overeenstemmen, maar ook de gedachten en de houding van onze ziel. Zo wordt de wet niet afgeschaft, maar tot vervulling gebracht. Het is niet genoeg uiterlijk ons geloof te tonen, maar het innerlijk leven moet door de liefde tot God bezield worden. En de ware liefde verdraagt niet alleen geen misdaad, zij eist van ons dat wij zelfs de eerste bewegingen van de toorn trachten te bedwingen. Zij moet het motief zijn dat geheel ons leven beweegt. Geestelijke hoogmoed verblindt vaak ons hart. Zo zijn velen van ons, christenen, van buiten vroom en rechtvaardig, van binnen ver van God verwijderd en op zichzelf gericht. In plaats van anderen tot God te brengen, worden wij voor hen soms een argument om buiten de Kerk te blijven.

De liefde maakt het verschil tussen de rechtvaardigheid van de farizeeën en die van de volgelingen van Christus. En deze liefde is nieuw. Zij mag zich niet uitsluitend beperken tot onze vrienden en degenen die ons het goede wensen; zij moet verder gaan en zich uitstrekken tot alle mensen, zelfs tot onze vijanden. Zij moet niet alleen onze uiterlijke daden beheersen, maar ook ons innerlijk leven doordringen. Deze eisen van onze Heer zijn niet slechts een optie, ze zijn niet vrijblijvend. De ware liefde is de voorwaarde van ons toekomstig geluk.

13 juli 2019

10 jaar www.agneskerk.org

De Sint-Agnesparochie viert dit jaar haar honderdjarig bestaan, maar ook haar website is jarig. In de zomer van 2009 werd het kerkelijk webportaal www.agneskerk.org geopend.

In de afgelopen tien jaar zijn er ruim 900.000 bezoekers geweest. Het aantal bezoekers neemt nog steeds toe. Het zijn er nu al meer dan 400 per dag. Daarmee is onze website een van de drukst bezochte religieuze websites in Nederland. Meest populair zijn de wekelijkse overwegingen bij het zondagsevangelie, de digitale edities van het Informatiebulletin en foto- en videoverslagen van bijzondere gebeurtenissen in onze kerk.

12 juli 2019

12 juli: Heilige Johannes Gualbertus, abt

Johannes Gualbertus werd geboren in Florence rond het jaar 1000. Hij leidde een frivool leven totdat hij op een Goede Vrijdag de moordenaar van zijn broer ontmoette en aan hem vergiffenis schonk. Er verscheen hem toen een crucifix dat het hoofd goedkeurend naar hem toe boog. Daarna trad hij in in het benedictijnenklooster San Miniato del Monte in Florence. Hij dreigde hier abt te worden en vertrok naar Camaldoli, het centrale klooster van de camaldulenzers, waar Sint Romualdus van Ravenna aan kloosterhervormingen werkte. In 1039 stichtte hij op een rustiger plek het klooster van Vallombrosa bij Florence en werd zo stichter van de congregatie van benedictijnen van Vallombrosa, een tak van de camaldulenzers.

Hij gold als een bestrijder van simonie en concubinaat van de geestelijkheid

Op 12 juli 1073 stierf hij in het door hemzelf gestichte klooster San Michele Arcangelo in Paasignano (bij Florence). Hij werd heiligverklaard in 1193.

Johannes Gualbertus is patroon van de houtvesters en wordt aangeroepen tegen bezetenheid.

11 juli 2019

100 jaar Sint-Agnesparochie: Zes pastoors

Sinds haar oprichting hebben veel priesters gedurende korte of langere tijd in de Sint-Agnesparochie gewerkt of op de pastorie gewoond. De pastoors bleven vaak decennialang op hun post:
1921-1926: L.Th.M. Snelders
1926-1937: H.W. van Beek
1937-1964: A. Kokkelkoren
1964-1984: H.B.M. Bertels
1984-2008: A.Th.F.M. Braam
2008-heden: M. Kromann Knudsen FSSP

10 juli 2019

Bijeenkomst Legioen Kleine Zielen op woensdag 10 juli

De gebedsgroep Amsterdam van het Legioen Kleine Zielen van Jezus’ Barmhartig Hart komt elke tweede woensdag van de oneven maanden (januari, maart, mei, juli, september en november) bijeen in onze kerk en pastorie; de eerstvolgende bijeenkomst is op woensdag 10 juli. Het programma is als volgt:
10.30 uur: Rozenkransgebed
11.00 uur: Gelezen H. Mis
11.45 uur: Rozenkrans van de goddelijke Barmhartigheid en toewijdingsgebed
12.30 uur: Conferentie met koffie en thee in de pastorie (tot circa 14.00 uur).

Een ieder is van harte uitgenodigd om kennis te komen maken en te komen meebidden met de gebedsgroep. Niemand is te groot of te klein, wij zijn allemaal aan het oefenen. Voor meer informatie kunt u terecht op de website van het legioen.

10 juli: De zeven heilige broers, martelaren, en heilige Rufina en Secunda, maagden en martelaressen

Felicitas was een christenweduwe op het moment dat zij tijdens de christenvervolgingen onder keizer Marcus Aurelius (161-180) met haar zeven zonen werd gearresteerd. Zij had haar jongens opgevoed in de liefde tot Christus. Een rechter dreigde haar met folteringen, als zij haar geloof niet verloochende. Omdat zij geen krimp gaf, probeerde men haar hart te vermurwen door voor haar ogen haar kinderen te martelen. Maar zij spoorde ze aan standvastig en trouw te blijven in hun geloof. Met als gevolg dat ze een voor een een gruwelijke dood stierven. 'Haar geloof in de waarde van het geestelijke won het van haar natuurlijke moederliefde', aldus een oud verslag.

Misschien heeft zij haar zoons wel op dezelfde manier bemoedigd als de Makkabeese moeder van wie het tweede boek der Makkabeeën vertelt. Ook daar wordt verteld hoe een moeder moet toezien dat haar zeven zoons stuk voor stuk worden omgebracht, omdat zij trouw zijn aan hun joodse geloof. Daar zegt de moeder tot een van haar kinderen: "Mijn jongen, God, onze Heer, heeft jou op wonderbaarlijke wijze een lichaam geweven in mijn schoot. Zal Hij dan ook niet in staat zijn om voor jou een lichaam te bereiden na de dood?"

Van de zeven jongens werd Januarius gegeseld, Felix en Filippus werden doodgeknuppeld, Alexander, Vitalis en Martialis werden onthoofd, terwijl Sylvanus van de rotsen werd geworpen. Net zoals de moeder in het bijbelverhaal moest tenslotte ook Felicitas zelf de marteldood ondergaan; ze werd onthoofd door het zwaard.

De heiligen Rufina en Secunda (rechts) waren zussen van elkaar. Zij waren ieder verloofd met een christelijke man, maar deze mannen verloochenden hun geloof toen zij vervolgd werden. De beide zussen bleven het christelijk geloof trouw. Om die reden ondergingen zij de marteldood tijdens de vervolgingen onder de keizers Valerianus (253-260) en Gallienus (260-269).

Paus Damasus I liet op hun graf in de buurt van Rome een basiliek bouwen.

9 juli 2019

9 juli: Heilige Martelaren van Gorcum

De geschiedenis van de Martelaren van Gorcum speelde zich af ten tijde van de opstand tegen Spanje. Een strijd voor onafhankelijkheid, maar er liepen ook religieuze stellingnamen doorheen die verhard waren aan de vooravond van de Tachtigjarige Oorlog. De Beeldenstorm raasde in 1566 door de Nederlanden. In 1567 stelde Alva de gehate Raad van Beroerten in, die de opstandelingen en beeldenstormers streng berechtte.

Op 1 april 1572 werd Brielle ingenomen door de watergeuzen, onder aanvoering van Lumey. Door dit succes kreeg de opstand voet aan de grond in de noordelijke Nederlanden. Vooral de clerus en de katholieke godsdienst waren het mikpunt van de geuzen. Kloosters werden gesloten. In verschillende plaatsen werden priesters en religieuzen vermoord. Velen van hen zochten daarom een veilig heenkomen als de geuzen in aantocht waren.

Toen de geuzenvloot op 26/27 juni Gorcum innam, werd een groepje geestelijken gevangen genomen. Bijna twee weken lang werden ze gefolterd, getreiterd en verleid om hun geloof in de werkelijke aanwezigheid van Christus in het Allerheiligst Sacrament en hun trouw aan het opperste leergezag in de Kerk, de Paus, af te zweren. Op 5 juli 1572 werden ze per vrachtschuit naar Brielle vervoerd waar Lumey hen opwachtte. Bij hun gezelschap kwamen nog vier priesters van andere plaatsen. In totaal waren ze toen met 23. Bij de verhoren in Brielle vielen drie van hen af, bij de terechtstelling nog een.

In de nacht van 9 juli zijn ze naar Rugge gebracht, even buiten Brielle naar een klooster dat in april al gesloten was. Daar zijn de 19 martelaren opgehangen aan de balken van de turfschuur. Hun geschiedenis is goed bekend omdat iemand uit Gorcum die familie was van een van hen de gebeurtenissen van dichtbij heeft meegemaakt, daarbij nog getuigenissen van anderen verzameld heeft en daarover een boek geschreven. Zo weten we van al deze mensen de namen, waar ze vandaan kwamen, en wat ze deden. En van de meesten ook hun levensloop en leeftijd.

Het gaat om de volgende negentien heiligen:
- Adriaan Janszen van Hilvarenbeek
- Andries Woutersz
- Antonius van Hoornaar ofm
- Antonius van Weert ofm
- Claes Pieck ofm
- Claes van Poppel
- Cornelis van Wijk
- Dirk van der Eem
- François de Roye ofm
- Govaert van Duynen
- Govaert van Melver ofm
- Jacques Lacops o.praem.
- Jan van Hoornaar op
- Jan Lenaertsz van Oisterwijk, augustijner koorheer
- Jeronymus van Weert ofm
- Lenaert van Vechel
- Nicasius van Heeze ofm
- Pieter van Assche ofm
- Willehad de Deen ofm

In de 19e eeuw hebben katholieken de grond gekocht, er een houten kapel gebouwd en een binnenplaats, het zogenaamde martelveld. Later is er een grote stenen kerk gezet. Op het martelveld zijn met een betonnen rand de omtrekken van de turfschuur aangegeven. In de kerk staat een reliekschrijn met beenderen van deze mensen. Al heel lang trekken gelovigen naar deze plaats om er te bidden en de gedachtenis van de martelaren in ere te houden.

Op 14 november 1675 werden de martelaren door paus Clemens X zalig verklaard. Bijna tweehonderd jaar later, op 29 juni 1867, volgde de heiligverklaring door paus Pius IX.

De 19 martelaren zijn patroons van de Missievereniging 'China' te Weert.

Ieder van hen wordt afgebeeld in de passende geestelijke kledij en met een strop om de hals; soms met kelk of monstrans in de hand (teken van hun geloof in het Altaarsacrament).