Gezamenlijke website van de parochies H. Agnes en H. Jozef, beide gevestigd in de Sint-Agneskerk, centrum voor de traditionele Latijnse liturgie

Vandaag in de Agneskerk

De kalender is bijgewerkt tot en met 30 september 2021, onder voorbehoud van wijzigingen.

30 april 2021

30 april: Heilige Catharina van Siena, maagd en Kerklerares, co-patrones van Europa

Catharina werd geboren op 25 maart 1347 in Siena, in Toscane, als dochter van de vooraanstaande wolwever Jacopo Benincasa. Zij was het vijfentwintigste kind in het gezin. Zij was klein van gestalte maar groot in geest en waardigheid. Zij wordt de grootste vrouw van het christendom genoemd.

Vanaf haar zevende jaar stortte zij zich volledig op de godsdienst; vooral de devotie tot Jezus en in het bijzonder Zijn lijden werd de leidraad van haar leven. Zij werd na aanvankelijke weerstand lid van de derde orde van de heilige Dominicus en betrok tussen haar zestiende en negentiende levensjaar zelfs een kluis in de werkplaats van haar vader. Haar moeder deed toen, anno 1354, een smalende uitspraak die veel 'moderne mensen' bekend in de oren zou moeten klinken: "Tegenwoordig zijn er toch geen heiligen meer?"

Het kleine meisje in haar 'bezemkast' had toch duidelijk een andere uitstraling dan een door fantasie op hol geslagen kind, want al snel kwamen er horden belangstellenden om naar haar te luisteren en haar te helpen met haar liefdadige werken, haar bella compagnia. Ze zamelde voedsel en kleding in voor de allerarmsten, bezocht gevangenen en verpleegde lijders aan besmettelijke zieken bij wie anderen niet in de buurt durfden te komen. De zalige Raymundus van Capua werd in 1374 haar geestelijk leidsman. Als magister-generaal van de Dominicanen zou hij later haar biograaf worden, zodat we veel gegevens van haar leven uit de eerste hand hebben.

Ze begon zich te bemoeien met de politiek, eerst en vooral met de eindeloze conflicten tussen de vele steden in haar omgeving, maar later ook met de wereldpolitiek. Vooral het feit dat de paus sinds 1309 in Avignon resideerde in plaats van in Rome, waar hij thuishoorde, zat Catharina buitengewoon dwars. De vele Franse kardinalen hadden een terugkeer naar Rome eindeloos weten te vertragen, maar Catharina bleek sterker dan zij.

In 1376 ging Catharina op reis naar Avignon. Mede dankzij haar eindeloze preken aan het adres van paus Gregorius XI liet deze zich uiteindelijk overhalen zijn hof weer naar Rome te verplaatsen. Ze had dan ook een intimiderende persoonlijkheid. Als ze haar zin niet kreeg riep ze eenvoudigweg, maar met de nodige uitwerking: "Voglio" ("Ik wil het!") Dit deed ze niet alleen tegen de paus, maar ook tegen allerlei wereldlijke vorsten en hooggeplaatste figuren.

Helaas werkte haar streven soms ook averechts: toen paus Gregorius XI terug naar Rome ging, kozen de kardinalen in Avignon gewoon een nieuwe paus. Dit was het begin van het zogeheten Westers Schisma, dat Catharina veel verdriet heeft gedaan.

Catharina had in 1375 stigmata terwijl ze in Pisa verbleef. Daarbij ontving ze de genade van het mystieke huwelijk, en aan het eind van haar leven Jezus' Hart zelf: Hij ruilde het tijdens een verschijning voor het hare. Haar laatste jaren bracht Catharina op uitnodiging van Urbanus VI door in Rome waar zij op 29 april 1380 verzwakt en verlamd overleed.

Van Catharina van Siena zijn 381 brieven bekend. Zij correspondeerde niet enkel met kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders, maar ook met gewone mannen en vrouwen van allerlei rang en stand. Haar hoofdwerk is de Dialoog van de goddelijke voorzienigheid uit 1378. In een visioen werd zij aangezet tot het schrijven van dit boek. Zij schrijft hierin in vaak beeldende taal over het zoeken naar waarheid, Christus' mededogen met de wereld, het mystieke leven van de Kerk en het volbrengen van Gods voorzienigheid. Daarnaast zijn er 26 gebeden van haar overgeleverd.

Catharina werd in 1461 door paus Pius II heiligverklaard. Haar lichaam ligt in een schrijn onder het hoogaltaar van de Santa Maria sopra Minerva in Rome, maar haar hoofd wordt bewaard achter gouden tralies in een nis binnen de San Domenico in Siena. Ook het huis van haar jeugd in Siena is tegenwoordig een kerk.

Samen met de heilige Teresia van Avila werd zij in 1970 door paus Paulus VI als eerste vrouw verheven tot Kerklerares. In 1999 benoemde de heilige paus Johannes Paulus II haar met Birgitta van Zweden en Theresia-Benedicta van het Kruis (Edith Stein) tot patrones van Europa. Voorts is zij de patroonheilige van de Dominicanessen van de Derde Orde, wasvrouwen en stervenden.

29 april 2021

29 april: Heilige Petrus van Verona, martelaar

Petrus werd geboren rond 1205. Zijn ouders waren aanhangers van de Katharen. Deze ketterij beheerste het geestesleven van die tijd. (Het woord 'ketterij' is zelfs afgeleid van 'Katharen'.) Petrus genoot echter een katholieke opvoeding. Op 16-jarige leeftijd trad hij in bij de Dominicanen, een nieuwe orde die toen pas vijf jaar bestond en die door prediking een actief aandeel had in de bestrijding van de ketterij. Hun eigenlijke naam luidde dan ook de Orde der Predikheren. Als predikheer deed hij de naam van zijn orde alle eer aan, want hij was een populair predikant, die zijn woorden soms zelfs met wonderen kracht wist bij te zetten. Bovendien werd hij aangesteld als inquisiteur om de ketterij van de Katharen in Como en Milaan te bestrijden.

Zo geliefd als hij was bij zijn eigen mensen, zo gehaat was hij bij de Katharen. Onderweg van Como naar Milaan werd hij op 6 april 1252 door twee huurmoordenaars om het leven gebracht. Stervend schreef hij met zijn eigen bloed op de grond het woord 'Credo'. Hij werd bijgezet in de kerk van San Eustorgio te Milaan. Een jaar later - op 24 maart 1253 - werd hij reeds heiligverklaard door paus Innocentius IV.

Petrus van Verona (of Sint Petrus Martelaar) is patroon van Lombardije, het hertogdom Modena, de Italiaanse steden Como en Cremona, van de inquisitie, van de Dominicanen en de kraamvrouwen. Zijn voorspraak wordt ingeroepen tegen hoofdpijn, bliksem, onweer en storm en voor het verkrijgen van een goede oogst.

28 april 2021

Informatiebulletin voor de maand mei is verschenen

Het Informatiebulletin is een gezamenlijke uitgave van de parochies H. Agnes en H. Jozef, gevestigd in de Sint-Agneskerk, centrum voor de traditionele Latijnse liturgie. In het mei-nummer aandacht voor de Mariamaand mei, een bijeenkomst van het Legioen Kleine Zielen en voor het hoogfeest van Pinksteren.

Het bulletin is op deze site te vinden onder het tabblad 'Informatiebulletin mei' of klik op onderstaande afbeelding. Ook bestaat de mogelijkheid om het blad elke maand gratis en in kleur per e-mail (klik hier) te ontvangen.

Klik op het symbool in de rechterbovenhoek van onderstaande afbeelding voor een vergrote weergave en om te kunnen bladeren.

28 april: Heilige Paulus van het Kruis, belijder

Paulus van het Kruis werd op 3 januari 1694 geboren in Ovada, Piemonte als Paolo Francesco Danei.

Na een tijd bij zijn vader in de handel te hebben gewerkt, besloot Paolo zijn leven in dienst van Christus te stellen. Het besef van Jezus’ martelgang en wrede kruisdood hadden hem zo zwaar aangegrepen dat hij kluizenaar werd om dieper tot de zin ervan door te dringen. Al spoedig kwam hij tot het inzicht dat bezinning op het Lijden van Christus leidt tot compassie met de mensen die in ellendige omstandigheden verkeren. Hij deed afstand van al zijn bezittingen en begon een leven van ascese, boete en naastenliefde.

Op een zeker moment kreeg hij een verschijning van de heilige maagd Maria, die - gekleed in een zwart habijt - hem opdroeg om een gemeenschap te stichten die permanent rouwt om de dood van haar Kind. Paolo verbleef toen in het stadje Castallazzo in het bisdom Alessandria. Hij vertelde de plaatselijke bisschop, Arborio di Gattinara, wat hij had ervaren. Die bekleedde hem op 22 november 1720 met het zwarte habijt dat Maria hem had opgedragen te dragen uit rouw om haar zoon. Vanaf dat moment droeg hij de naam Paolo della Croce (Paulus van het Kruis).

Aangemoedigd door bisschop Arborio trok Paolo zich in de maanden november en december 1720 terug in een torenkamertje van de kerk van Castallazzo voor een veertigdaagse retraite. Daar schreef hij een leefregel voor zijn toekomstige communiteit: de door hem gestichte Congregatie van het Lijden van Jezus Christus, beter bekend onder de naam Passionisten. Deze leefregel vormde de basis van zijn kloosterregel, die in 1741 door paus Benedictus XIV zou worden goedgekeurd. Ook schreef hij in Castallazzo zijn geestelijke ervaringen op in een soort dagboek, dat onder de klassieke teksten van de mystiek wordt gerekend.

Paolo werd in 1727 tot priester gewijd. Een jaar later trok hij zich met zijn broer, Giovanni Battista, terug op de berg Argentaro op het Toscaanse schiereiland Orbetello. Daar stichtte hij samen met enkele volgelingen het eerste passionistenklooster. Steeds meer begonnen de eerste passionisten zich toe te leggen op de prediking onder de armen in de toenmalige Pauselijke Staten en Toscane. Paus Clemens XII bevestigde hen daarin en verleende hun de titel 'apostolisch missionaris'; dat betekende dat zij in diens naam het Evangelie verkondigden. In 1771 stichtte Paolo de vrouwelijke en zuiver comtemplatieve tak van de congregatie: de Passionistinnen.

Paulus van het Kruis staat bekend als een groot mysticus. Meer dan 45 jaar ging hij de spirituele weg van de Verlatenheid om uiteindelijk steeds meer verenigd te raken met de gekruisigde Christus. Als geestelijk leidsman en biechtvader oefende hij veel invloed uit op het leven van geestelijken en leken. Paulus van het Kruis stierf op 18 oktober 1775 in Rome. Zijn lichaam ligt begraven in de Romeinse basiliek SS. Giovanni e Paolo, de kerk van het gelijknamige klooster dat door paus Clemens XIV aan hem geschonken was. Paus Pius IX verklaarde hem in 1852 zalig en in 1867 heilig.

27 april 2021

Domine, salvum fac regem (Guillaume-Gabriel Nivers)

27 april: Heilige Petrus Canisius, belijder en kerkleraar

Peter Canisius werd op 8 mei 1521 te Nijmegen geboren. Hij was de zoon van de burgemeester van deze stad. Hij studeerde in Keulen, waar de jezuïetenorde de eerste vestiging buiten Frankrijk stichtte. De orde van Ignatius van Loyola werd voor Petrus het middelpunt van zijn leven. Hier vond de geleerde filosofiedoctor wetenschap en apostolische bezigheden in harmonie verenigd.

Hij heeft zich ingezet voor het behoud en de vernieuwing van het katholiek geloof. In woord en geschrift werd hij een alom gewaardeerd persoon. Hij was de pauselijke theoloog tijdens het concilie van Trente (1545-1564), universiteitsrector en theologieprofessor in Ingolstadt, dompredikant in Wenen, studeerde in Messina (Sicilië) en werkte in Milaan, Praag, München, Augsburg en Innsbruck.

Tot driemaal toe werd hem de bisschopszetel van Wenen aangeboden en even zoveel keer heeft hij deze geweigerd. Hij was een persoon in aanzien in de katholieke wereld. In bijna alle kerkelijk-politieke ontwerpen en beslissingen is zijn aanwezigheid tastbaar. Hij werkte stichtend voor zijn orde. Het bekendste werk dat Petrus Canisius heeft geschreven is de grote catechismus (Canisius-catechismus), reeds bij zijn dood was men toe aan de 200e druk.

In 1580 werd hij naar Fribourg in Zwitserland verplaatst, waar hij het tegenwoordige Sint-Michaelscollege stichtte. Op 21 december 1597 stierf hij in deze stad en werd onder het hoofdaltaar van de Sint-Michaelskerk begraven.

Een deel van zijn relieken is naar Nijmegen overgebracht. Op 21 mei 1925 werd hij door paus Pius XI heilig verklaard en tot kerkleraar verheven. Petrus Canisius wordt ook wel de tweede apostel van Duitsland genoemd.

26 april 2021

26 april: H.H. Cletus en Marcellinus, pausen en martelaren

Paus Cletus (linkerfoto, uit de Sint-Pietersbasiliek in Rome) is tot het christendom bekeerd door de heilige Petrus en is ook door hem tot priester gewijd. Hij is mogelijk de Cletus over wie de heilige Augustinus heeft geschreven. Cletus was de derde paus en trad aan in het jaar 76. Hij stierf als martelaar rond het jaar 89. Zijn relieken worden bewaard in de kerk toegewijd aan de heilige Linus in Rome.

Paus Marcellinus (rechterfoto, eveneens uit de Sint-Pietersbasiliek in Rome) was de 29e paus. Van hem is niet veel meer bekend dan dat hij de Romeinse catacomben uitbreidde. Hij trad aan als paus in het jaar 296 en stierf als martelaar in Rome in het jaar 304.

Beide pausen worden genoemd in de Canon van de heilige Mis. Zij worden gezamenlijk gevierd omdat hun beider pontificaat in het teken stond van zware Kerkvervolging onder het Romeinse rijk.

25 april 2021

25 april: Bidprocessie (Litaniae majores)

Op 25 april viert de Kerk twee plechtigheden die niets met elkaar te maken hebben, de bidprocessie 'Litaniae majores' en het feest van de heilige Marcus.

De bidprocessie in Rome kwam in de plaats van een soortgelijke heidense ommegang, die van oudsher op 25 april buiten de stad gehouden werd, om de gunst van de heidense goden over de veldvruchten af te smeken en allerlei onheil af te wenden. De christelijke bidprocessie bestond waarschijnlijk al voor Gregorius de Grote. De gelovigen in Rome verzamelden zich in de kerk van de heilige Laurentius en gingen in processie buiten de stad om daarna via de kerk van de heilige Valentinus naar de Sint-Pietersbasiliek te trekken. In de basiliek werd de litanie van alle heiligen gezongen.

Dat de bidprocessie samenvalt met het feest van de heilige evangelist Marcus is louter toeval. Daarom geldt dat als het feest van de heilige Marcus verplaatst wordt, dat de processie niet op een andere dag wordt gehouden. Alleen als Paaszondag op 25 april valt, dan wordt de processie op de dinsdag daarna gehouden.

De christelijke ommegang wordt geacht vandaag met meer plechtigheid te geschieden (vandaar: Litaniae majores dan op de Kruisdagen (Litaniae minores). Na aanroeping van alle heiligen wordt de litanie als volgt besloten:


Propitius esto, Parce nobis, Domine.
Propitius esto, Exaudi nos, Domine.

Ab omni malo, Libera nos, Domine
Ab omni peccato, Libera nos, Domine.
Ab ira tua, Libera nos Domine.
A subitanea et improvisa morte, Libera nos, Domine.
Ab insidiis diaboli, Libera nos, Domine.
Ab ira, et odio et omni mala voluntate, Libera nos, Domine.
A spiritu fornicationis, Libera nos, Domine.
A fulgure et tempestate, Libera nos, Domine.
A flagello terræmotus, Libera nos, Domine.
A peste, fame et bello, Libera nos, Domine.
Ab imminentibus periculis, Libera nos, Domine.
A morte perpetua, Libera nos, Domine.

Per mysterium sanctæ Incarnationis tuæ, Libera nos, Domine.
Per Adventum tuum, Libera nos, Domine.
Per Nativitatem tuam, Libera nos, Domine.
Per Baptismum et sanctum Ieiunium tuum, Libera nos, Domine.
Per Crucem et Passionem tuam, Libera nos, Domine.
Per Mortem et Sepulturam tuam, Libera nos, Domine.
Per sanctam Resurrectionem tuam, Libera nos, Domine.
Per admirabilem Ascensionem tuam, Libera nos, Domine.
Per adventum Spiritus Sancti Paraclyti, Libera nos, Domine.
In die Iudicii, Libera nos, Domine.

Peccatores, Te rogamus, audi nos!
Ut nobis parcas, Te rogamus, audi nos.
Ut nobis indulgeas, Te rogamus, audi nos.
Ut ad veram pœnitentiam nos perducere digneris, Te rogamus, audi nos.
Ut Ecclesiam tuam sanctam regere et conservare digneris, Te rogamus, audi nos.
Ut Domnum Apostolicum et omnes ecclesiasticos ordines in sancta Religione conservare digneris, Te rogamus, audi nos.
Ut inimicos sanctæ Ecclesiæ humiliare digneris, Te rogamus, audi nos.
Ut regibus et principibus christianis pacem et veram concordiam donare digneris, Te rogamus, audi nos.
Ut cuncto populo christiano pacem et unitatem largiri digneris, Te rogamus, audi nos.

Ut omnes errantes ad unitatem Ecclesiæ revocare, et infideles universos ad Evangelii lumen perducere digneris, Te rogamus, audi nos.
Ut nosmetipsos in Tuo sancto servitio confortare et conservare digneris - Te rogamus, audi nos.
Ut mentes nostras ad cælestia desideria erigas, Te rogamus, audi nos.
Ut omnibus benefactoribus nostris sempiterna bona retribuas, Te rogamus, audi nos.

Ut animas nostras, fratrum, propinquorum et benefactorum nostrorum ab æterna damnatione eripias, Te rogamus, audi nos.
Ut fructus terræ dare et conservare digneris, Te rogamus, audi nos.

Ut omnibus fidelibus defunctis requiem æternam donare digneris, Te rogamus, audi nos.

Ut nos exaudire digneris, Te rogamus, audi nos.
Fili Dei, Te rogamus, audi nos

Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, parce nobis, Domine.
Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, exaudi nos, Domine.
Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, miserere nobis.

Christe, audi nos.
Christe, exaudi nos.
Kyrie, eleison.
Christe, eleison.
Kyrie, eleison.

Derde zondag na Pasen

Gedachtenis van de Kruisdagen

De Verrijzenis

Epistel
1 Petr. 2, 11-19
Veelgeliefden, ik bid u, als pelgrims en vreemdelingen, dat gij u verre houdt van de vleselijke lusten, die strijd voeren tegen de ziel. Temidden van de heidenen moet gij een voorbeeldig leven leiden, opdat zij juist in die dingen, waarom zij u voor boosdoeners uitmaken, bij nader toezien om wille van uw goede werken God gaan verheerlijken op de dag der bezoeking. Daarom, weest onderdanig aan ieder menselijk gezag, om wille van God; zowel aan de keizer, omdat hij boven allen staat, alsook aan de landvoogden, omdat zij door hem zijn gezonden om de misdadigers te straffen en de goeden waardering te schenken. Want aldus is het de wil van God, dat gij door goed te leven het onverstand van de kortzichtige mensen tot zwijgen brengt. Als vrije mensen - en niet als mensen, die de vrijheid beschouwen als een dekmantel voor het kwaad - maar als dienstknechten van God. Hebt achting voor een ieder; bemint uw medebroeders; vreest God; eert de keizer. Gij, dienstknechten, weest in alle eerbied onderdanig aan uw meesters, niet slechts als zij goed zijn en welwillend, maar evenzeer als zij lastig zijn. Want dat is een welgevallige daad, in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie
Joh. 16, 16-22
In die tijd sprak Jezus tot Zijn leerlingen: Een korte tijd, en gij zult Mij niet meer zien; en wéér een korte tijd, en gij zult Mij terugzien; want Ik ga heen naar de Vader. Sommigen van Zijn leerlingen zeiden dan tot elkander: Wat betekent dat toch, wat Hij ons zegt: Een kort tijd, en gij zult Mij niet meer zien; en wéér een korte tijd, en gij zult Mij terugzien; en: Ik ga heen naar de Vader? Wat bedoelt Hij toch met: een korte tijd? Wij begrijpen niet, wat Hij zegt. Jezus nu wist, dat zij Hem iets wilden vragen; en Hij sprak tot hen: Gij raadpleegt elkander over Mijn gezegde: Een korte tijd, en gij zult Mij niet meer zien; en wéér een korte tijd, en gij zult Mij terugzien? Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: gij zult schreien en jammeren maar de wereld zal zich verblijden. Gij zult wel bedroefd zijn doch uw droefheid zal verkeren in vreugde. Als een vrouw moeder gaat worden, is zij bedroefd, omdat haar uur gekomen is; maar zodra zij het kind ter wereld heeft gebracht, denkt zij niet meer aan haar smart, van blijdschap, dat er een mens ter wereld is gekomen. Zo zijt ook gij nu wel bedroefd; maar Ik zal u weerzien; dat zal uw hart zich verblijden, en die blijdschap zal niemand u ontnemen.

Overweging
De woorden van Jezus “nog een korte tijd en gij zult Mij niet meer zien; en weer een korte tijd, dan zult gij Mij weer zien, want Ik ga heen naar de Vader” waren voor de apostelen onduidelijk en geheimzinnig. Zij vroegen zich af wat Jezus ermee bedoelde, maar zij durfden hun Meester er niet naar te vragen. Misschien zijn deze woorden ook tot ons gericht. Blijkbaar bevatten zij een tegenstrijdigheid. Hoe kon Hij tegelijkertijd bij Zijn Vader en bij de apostelen zijn? En wat bedoelt Hij met ‘een korte tijd’?

Deze woorden komen uit de lange afscheidsrede uit het Evangelie van Johannes, die op Witte Donderdag plaatsvond. Op de vooravond sprak Christus over Zijn kruisdood en opstanding en toch bleken de apostelen het niet begrepen te hebben. Bij deze woorden dacht onze Heer aan het kortstondig heengaan na Zijn lijden en aan de terugkeer bij Zijn verrijzenis. Maar dit heengaan en deze terugkeer waren slechts een beeld van een ander heengaan en een andere wederkomst. Zonder twijfel kunnen wij daar het opstijgen tot Zijn Vader bij de hemelvaart in zien en het weerzien van de apostelen in de eeuwigheid. Maar – zoals zo vaak in het Evangelie – moeten wij deze woorden ook op onszelf toepassen. Wij zijn degenen aan wie Christus een weerzien belooft. En dat weerzien is niets anders dan de hemelse vreugde: Wij zullen de verheerlijkte Heer dan zien in Zijn hemelse heerlijkheid.

De Verlossing en de Paasvreugde brengen ons, katholieken, in herinnering dat wij een oprecht christelijk leven moeten lijden, dat wij God en Zijn Kerk moeten blijven dienen, ook als wij daarom vervolgd zouden worden. Wij moeten bezield blijven door het weten dat wij in deze wereld geen blijvend thuis hebben; wij zijn in dit leven slechts op doortocht, op weg naar het hemelse Vaderland, het Vaderland dat Christus voor ons opnieuw heeft geopend. Om dit Vaderland te kunnen bereiken hebben wij de Kerk nodig, omdat zij de weg en de verkondiger is van dit hemelse doeleinde van ons bestaan.

De Kerk beschikt over de noodzakelijke middelen om het hemelse leven binnen te kunnen gaan. Door haar moraal wordt onze menselijke natuur gezuiverd van de begeerlijkheden, door haar geloofsleer wordt ons de kennis van God ingegeven en door haar sacramenten wordt de gezuiverde mens, die God als zijn levensdoel erkend heeft, geheiligd. De Kerk is dus niet louter een gemeenschap van allerlei mensen die een bepaalde liturgie of ritueel aanhangen, maar zij is het heilsinstrument dat door haar moraal, haar geloof en haar sacramenten ons tot God brengt. De heilige Paulus maant ons in het epistel voor de vleselijke lusten die strijd voeren tegen de ziel. Wij zien daarin dat een geloof dat zonder moraal blijft een zelfbedreiging en een groot gevaar is.

24 april 2021

24 april: Heilige Fidelis van Sigmaringen, martelaar

De heilige Fidelis van Sigmaringen werd op 1 oktober 1577 geboren als Marc Roy. Zijn medestudenten noemden hem de christelijke filosoof. Hij was vroom, bekommerde zich om de armen en de zieken en bad en mediteerde veel. Hij studeerde recht in Freiburg im Breisgau, werd advocaat in Colmar en kreeg er de bijnaam advocaat van de armen. Hij wilde echter zijn leven aan God wijden en aan de verkondiging van het Evangelie. Hij trad in 1612 in bij de Capucijnen in Freiburg im Breisgau en nam de naam Fidelis aan.

De eerste jaren van zijn kloosterleven waren moeilijk en hij viel ten prooi aan diepe twijfel en zware verleidingen. Hij verkocht zijn bezittingen en vond opnieuw rust. Hij leefde in een zeer bescheiden inboedel, droeg versleten kleding en deed veel boete en verstervingen.

Fidelis was geliefd om zijn naastenliefde, zijn geleerdheid en zijn geloof. Hij werd door de Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren naar Graubünden gezonden om er het protestantisme te bestrijden. Hij vervulde zijn taak met volle ijver en leidde een streng en heilig leven, waardoor hij vele bekeerlingen maakte. Hij werd echter verraden en doodgeslagen door een groep mannen die zijn activiteiten bestreden. Zo stierf hij op 24 april 1622 in Seewis im Prättigau (Zwitserland) als martelaar.

Fidelis werd in 1729 door paus Benedictus XIII zalig verklaard en in 1746 heilig verklaard door paus Benedictus XIV.

23 april 2021

23 april: Heilige Georgius, martelaar

De heilige Georgius, of Sint Joris, werd oorspronkelijk in Lydda in Palestina vereerd. Zijn Passio (uit de vijfde eeuw) is in tal van varianten overgeleverd. Hij was een officier, afkomstig uit Cappadocië (een landstreek in Klein-Azië, Turkije), die diende onder keizer Diocletianus.

In 305 werd de heilige Joris door de christenvervolgers vastgenomen en gefolterd. Hij werd op een rad gelegd en in ongebluste kalk gedrenkt. Hij liep echter geen letsel op. Onder de indruk van dit wonder liet de keizerin zich dopen. Omdat ze zich tot het christelijk geloof bekeerde werd ze - samen met Sint Joris - op de toren van de stadsmuur onthoofd. Dit alles zou gebeurd zijn in het Beloofde Land.

Rond zijn persoon ontstonden zowel in het oosten als in het westen vele legenden; de meest bekende is die van zijn gevecht met de draak. Het draaksteken is op deze legende terug te voeren.

Te zijner tijd werd het land door een draak getiranniseerd. Dagelijks verslond hij twee schapen, die hem geofferd werden zodat hij zich rustig houden zou. Toen de laatste schapen op deze manier verdwenen waren eiste de draak mensenoffers. Het lot viel op de dochter van de koning. In bruidskleren trad zij haar dood tegemoet. Maar Sint Joris viel de draak met een lans aan en verwondde het gedrocht. Hij beloofde de koning en het volk dat hij het ondier doden zou als iedereen zich zou laten dopen. Toen koning en volk akkoord gingen, doodde hij het ondier en op die dag lieten zich 15.000 mensen dopen.

Sint Joris werd de beschermheilige van de ridders, vooral van de kruisvaarders, van de cavalerie, de padvinders en verkenners. Ook de boeren kozen hem als patroon wegens zijn naam (Grieks geoorgos = landman). De nationale synode van Engeland verklaarde hem in het jaar 1222 tot patroon van Engeland. Hij wordt voorgesteld als een geharnaste ridder met lans of zwaard of een standaard met kruisvaan, meestal te paard de draak bevechtend.

In het kasteel Konopiste (circa 40 km ten zuidoosten van Praag) bevindt zich een grote collectie Sint-Jorisbeelden en -schilderijen, die door aartshertog Frans Ferdinand van Oostenrijk verzameld zijn.

De heilige Georgius, of Sint Joris, wordt gerekend tot de veertien noodhelpers. In het Oosten wordt hij vereerd als aartsmartelaar (megalomarturos).

Sint Joris is patroon van Engeland, padvinders, verkenners, boeren, mijnwerkers, kuipers, zadelmakers, toeristen, ziekenhuizen, soldaten, militairen, gevangenen, ruiters, vee, het weer, en strijd in elke vorm. Hij is patroon tegen oorlogsgevaar, bekoringen, koorts en pest. Bovendien is hij helper in nood.

18 april 2021

O Filii et Filiae (O Zonen en Dochters)

Tweede zondag na Pasen - Zondag van de Goede Herder

Epistel
1 Petr. 2, 21-25
Veelgeliefden, Christus heeft voor ons geleden en u een voorbeeld nagelaten, opdat gij Zijn voetstappen zoudt volgen. Want zonde heeft Hij nooit bedreven, en er werd geen bedrog gevonden in Zijn mond; en toen Hij gescholden werd, schold Hij niet terug; toen Hij leed, uitte Hij geen bedreiging; maar Hij gaf Zich over aan degene, die Hem onrechtvaardig veroordeelde. Hij heeft onze zonden in Zijn lichaam gedragen tot op het kruishout, opdat wij afgestorven zouden zijn aan de zonde, en voor de gerechtigheid zouden leven. Door Zijn striemen zijt gij genezen. Want gij waart als ronddolende schapen, maar nu zijt gij teruggebracht tot de herder en de bewaker van uw zielen.

Evangelie
Joh. 10, 11-16
In die tijd zei Jezus tot de farizeën: Ik ben de goede Herder. De goede herder geeft zijn leven voor zijn schapen. Maar iemand, die huurling is en geen herder - aan wie de schapen niet toebehoren - hij laat, als hij de wolf ziet aankomen, de schapen in de steek, en gaat op de vlucht. En de wolf rooft en verstrooit de schapen. Een huurling nu neemt de vlucht, omdat hij maar een huurling is, en geen hart heeft voor de schapen. Ik ben de goede Herder, en Ik ken Mijn schapen en Mijn schapen kennen Mij, evenals de Vader Mij kent, en Ik de Vader ken. En Ik geef Mijn leven voor Mijn schapen. Ook nog andere schapen heb Ik, die niet van deze schaapstal zijn; ook die moet Ik er heen voeren, en zij zullen luisteren naar Mijn stem; en zo zal het worden: één Schaapstal en één Herder.

Overweging
Deze zondag wordt terecht de zondag van de goede Herder genoemd. Het beeld uit het Evangelie van de Herder Die Zijn leven geeft voor Zijn schapen wordt nog duidelijker door het Paasfeest dat wij nog maar net gevierd hebben en door de lezing van deze zondag, waarin de heilige Petrus ons aan hetzelfde feit herinnert, namelijk hoe Christus, Die Zelf nooit enige zonde bedreef, onze zonden op Zich nam en Zich heeft overgeleverd aan de kruisdood om ons van onze schuld te bevrijden.

Door de bevrijding die wij door Zijn Verlossingswerk hebben mogen ervaren, heeft Hij ons opnieuw toegang verleend tot de kudde, waarvan Hijzelf Herder en Bewaker is. Het epistel van vandaag stelt ons de waarheid voor ogen dat wij verloren schapen zijn geweest, want Petrus schrijft “gij waart als rondlopende schapen maar nu zijt gij teruggebracht tot de Beheerder en Bewaker van uw zielen”.

In het Evangelie zegt de goede Herder, Jezus: “Ik ken de mijnen en de mijnen kennen Mij”. Het is een kostbaar inzicht dat wij slechts kunnen verwerven door Gods genade. Hij is de enige Vriend, de enige Toevlucht, en de Raadsman bij uitstek die de mens heeft. De goede Herder geeft Zijn leven voor Zijn schapen. In het Evangelie is dat een beeld, maar wel een beeld dat ons weer de oude, vertrouwde waarheid voor ogen stelt. Hij heeft voor mij Zijn leven prijsgegeven. Anderen doen dat niet. De huurling slaat op de vlucht als de wolf komt. Hij laat zijn kudde in de steek; de schapen gaan hem niet echt ter harte en omdat hij slechts huurling is en geen herder, laat hij ze door de wolf verscheuren. Met Christus is dat anders. Hij kent Zijn schapen zoals de Vader Hem kent en zoals Hij de Vader kent. Zo diep, zo volledig, zo vol van liefde is het feit dat Hij Zijn leven geeft.

Kon de goede Herder nog duidelijker zeggen dat Hij ons liefheeft? Hij bemint ons tot het uiterste toe. Geen enkele Herder kan het bij Hem halen in hartelijkheid, in diepte, in tederheid en fijngevoeligheid. Hij heeft als Herder alles voor ons over gehad.

15 april 2021

Votiefmis ter ere van Jezus Christus, eeuwige Hogepriester

Als de heilige Mis wordt gevierd, dan opent zich de hemel,
en Jezus Christus, onze Eeuwige Hogepriester,
is aanwezig met Zijn geofferde Lichaam,
met Zijn vergoten Bloed,
met Zijn barmhartig Hart waarin zonder ophouden de vlam van Zijn totale overgave
aan de Vader voor de redding van de mensheid brandt.
Dus tijdens deze Mis kijken we spiritueel naar de levende Christus
met Zijn wonden, Zijn heerlijke en stralende wonden
als goddelijke diamanten.
Het mysterie van de heilige Mis toont ons de waarheid
dat Jezus Christus onze Hogepriester is,
Die eeuwig leeft om onze Middelaar te zijn. (Hebr. 7, 25)

11 april 2021

Paasconcert in Rome (met Montserrat Caballé en Montserrat Marti)

Beloken Pasen - Feest van de goddelijke Barmhartigheid

"Thomas, kom hier met uw hand en leg ze in Mijn zijde."

Epistel
1 Joh. 5, 4-10
Veelgeliefden, al wat uit God is geboren, is overwinnaar van de wereld; en dit is de zegevierende macht, waardoor de wereld overwonnen wordt, ons geloof. Wie anders is er overwinnaar van de wereld, dan hij die gelooft, dat Jezus is de Zoon van God? Deze is het, Die gekomen is in water en in bloed, Jezus Christus; niet alleen in het water, maar in het water én in het bloed. En het is de Geest, Die getuigt, dat Christus de waarheid is. Want het zijn er drie, Die getuigenis geven in de hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze Drie zijn één. En het zijn er drie, die getuigenis geven op de aarde: de Geest, en het water, en het bloed; en deze drie zijn het eens. Indien wij het getuigenis van mensen aannemen, Gods getuigenis heeft groter waarde; inderdaad hebben wij hierin dat getuigenis van God met die grotere waarde, dat Hij getuigenis heeft gegeven omtrent Zijn Zoon. Wie gelooft in de Zoon van God, draagt het getuigenis van God in zich.

Evangelie
Joh. 20, 19-31
In die tijd, toen de avond van die dag, de eerste dag der week, reeds was gevallen, en de deuren van de plaats, waar de leerlingen samen waren, uit vrees voor de joden waren gelosten, kwam Jezus, en stond plotseling in hun midden; en Hij sprak tot hen: Vrede zij u! En na dit gezegd te hebben toonde Hij hun Zijn handen en Zijn zijde. En de leerlingen waren zeer verheugd, toen zij de Heer zagen. Vervolgens sprak Hij andermaal tot hen: Vrede zij u! Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u. En na deze woorden blies Hij over hen en zei hun: Ontvangt de Heilige Geest. Aan wie gij de zonden vergeeft, hun zijn ze vergeven, en aan wie gij de zonden laat houden, zij blijven ze houden. Maar Thomas, één van de Twaalf, ook wel Didymus genoemd, was niet bij hen, toen Jezus kwam. Daarom zeiden de andere leerlingen tot hem: Wij hebben de Heer gezien! Maar hij antwoordde hun: Als ik niet in Zijn handen de wonden der nagelen zie, en mijn vinger niet in de plaats van de nagelen kan steken, en mijn hand niet kan leggen in Zijn zijde, zal ik niet geloven. En acht dagen later waren Zijn leerlingen weer daarbinnen bijeen; en ook Thomas was bij hen. En terwijl de deuren gesloten bleven, kwam Jezus binnen; en plotseling stond Hij in hun midden, en sprak: Vrede zij u! Daarop zei Hij tot Thomas: Steek uw vinger hierin, en bezie Mijn handen; en kom hier met uw hand, en leg ze in Mijn zijde; en wees niet meer ongelovig, maar gelovig! Thomas gaf Hem ten antwoord: Mijn Heer en mijn God! Toen sprak Jezus tot hem: Omdat gij Mij gezien hebt, Thomas, daarom gelooft gij; zalig zij, die niet zien, en toch geloven. Nog vele andere tekenen, heeft Jezus voor het oog van Zijn leerlingen verricht, die in dit boek niet staan opgetekend. Maar deze zijn opgetekend, opdat gij zoudt geloven, dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en opdat gij door dat geloof het leven moogt bezitten in Zijn Naam.

Overweging
Op deze octaafdag van Pasen, die tevens het feest van de goddelijke Barmhartigheid is, zouden wij met de apostel Thomas van harte een van de allermooiste en meest hoopvolle gebeden kunnen uitspreken, en daardoor iedere twijfel, die wellicht nog in ons leeft, uitroeien: “Mijn Heer en mijn God”. Daar gaat het in het christelijke leven om: om God. En omdat het in ons leven om God gaat, moeten wij bereid zijn om alles wat met God verbonden is, dus de Kerk van God en haar bevrijdende en tot zaligheid noodzakelijke geloofsleer, innig en volledig te omhelzen.

God is mens geworden en heeft op het Kruis de wereld Zijn barmhartigheid getoond, een barmhartigheid die ieder van ons zou kunnen omvatten als wij maar bereid zijn om ons hart in volledig vertrouwen aan Hem over te geven. In deze overgave, die een bekering inhoudt, ligt het begin van het leven met God, een leven dat als het ernstig wordt genomen, zich openbaart als een leven door God. Door de goddelijke barmhartigheid en genade mogen wij leven en eens de hemelse zaligheid aanschouwen. De deur tot dit bovennatuurlijke leven heeft Christus geopend door Zijn heilswerk, het heilswerk dat door de tijden heen wordt voortgezet door de katholieke Kerk. Daar wacht Hij ook nu op de zielen om Zijn liefde te tonen aan degenen die de duisternis en het bedrog van de wereld verlaten.

Octaafdag van Pasen: Feest van de goddelijke Barmhartigheid

Jezus, ik vertrouw op U


Op 25 augustus 1905 wordt in het Poolse dorpje Glogowiec een meisje geboren: Helena Kowalska. Op 20-jarige leeftijd treedt ze in bij de zusters van Onze Lieve Vrouw van Barmhartigheid in Warschau. Ze krijgt de kloosternaam Maria Faustina (‘begunstigde’). Al heel vroeg heeft ze bovennatuurlijke ontmoetingen. Jezus Zelf geeft haar aanwijzingen wat ze moet doen. Twijfel, angst en verwijten van haar medezusters achtervolgen haar als Jezus haar opdraagt de devotie van de goddelijke Barmhartigheid openlijk te verspreiden. Opvallend is haar grote gehoorzaamheid aan haar oversten en aan haar biechtvader, zoals Jezus dat van haar verlangt.

Vanaf 1933 lijdt ze aan tuberculose, met heftige pijnen. Daarnaast lijdt zuster Faustina onbeschrijflijke geestelijke pijnen door onzichtbare stigmata, Godverlatenheid en het verdriet om de zondaars, maar toch kent ze een diepe, innerlijke vreugde. Ze weet dat de prijs van haar liefde het lijden is. Ze wil alles doen om zielen te redden. En Jezus laat haar lijden, bijna 13 jaar in het klooster. Op 5 oktober 1938 sterft zuster Faustina, 33 jaar oud, net zo oud als haar goddelijke Vriend.

In 1965 leidt de Poolse aartsbisschop Karol Wojtyla het zaligverklaringsproces in. Op de eerste zondag na Pasen in 1993 verklaart hij als paus Johannes Paulus II haar zalig en in het heilig jaar 2000, op de zondag van de goddelijke Barmhartigheid, verklaart hij haar heilig.

Uit haar dagboek komt naar voren hoe graag Jezus wil dat de mensen in de hemel komen. Geen mens, hoe groot zijn zonden ook zijn, hoeft verloren te gaan. God wil de dood van de zondaar niet. Het enige dat wij hoeven te doen is ons vol vertrouwen, en berouwvol, aan Zijn eindeloze Barmhartigheid over te geven.

Bij Zijn eerste verschijning aan zuster Faustina geeft Jezus haar de opdracht: “Schilder een afbeelding die overeenkomt met het voorbeeld dat je ziet, met het onderschrift: Jezus, ik vertrouw op U. Ik wil dat deze afbeelding vereerd wordt, eerst in jouw kapel en daarna over de hele wereld. Ik beloof je dat de ziel die deze afbeelding zal vereren, niet verloren zal gaan.”

Jezus heeft aan zuster Faustina gezegd dat Hij wil dat op de zondag na Pasen het feest van de goddelijke Barmhartigheid wordt gevierd: “Op die dag staan de diepste diepten van Mijn tedere barmhartigheid open. Ik stort een hele oceaan van genaden uit over die zielen die tot de fontein van Mijn barmhartigheid naderen. De ziel die te biechten zal gaan en de heilige communie zal ontvangen, zal volledige vergeving van zonden en straf ontvangen. Op die dag staan alle sluizen van de hemel, waardoor de genade vloeit, open.”

10 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 9

“Breng vandaag de zielen bij Mij die lauw geworden zijn en dompel hen in de afgrond van Mijn barmhartigheid. Deze zielen wonden Mijn Hart uitermate pijnlijk. Mijn ziel leed de vreselijkste walging in de hof van Olijven vanwege de lauwe zielen. Zij waren er de oorzaak van dat Ik uitschreeuwde: “Vader, als het Uw wil is, neem deze kelk van Mij weg.” Voor hen is de laatste hoop op redding dat zij naar Mijn barmhartigheid vluchten.”

Allerbarmhartigste Jezus, U bent het medelijden Zelf. Ik breng de lauwe zielen naar de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart. Laat in dit vuur van Uw zuivere liefde deze lauwe zielen, die U met zo’n diepe walging vervulden alsof het lijken waren, opnieuw ontvlammen. O, allermededogendste Jezus, maak gebruik van de almacht van Uw barmhartigheid en trek hen binnen in de gloed van Uw liefde en verleen hun de gave van heilige liefde, want niets gaat Uw macht te boven.

Vuur en ijs kunnen niet worden samengevoegd,
het vuur gaat uit of het ijs smelt,
maar door Uw barmhartigheid, o God,
kunt U alles aanvullen wat ontbreekt.

Eeuwige Vader, wend Uw barmhartige blik naar de lauwe zielen die desondanks door het allermededogendst Hart van Jezus omhuld zijn. Vader der barmhartigheid, ik smeek U door het bitter lijden van Uw Zoon en door Zijn drie uren durende doodsstrijd op het kruis: laat ook hen de afgrond van Uw barmhartigheid verheerlijken. Amen.

Vastenactie 2021

In de vastenactie ondersteunen wij ook dit jaar een project in Syrië. Hulporganisatie Christian Solidarity International (CSI), geleid door pater Fuchs, vraagt uw hulp voor een project onder leiding van de katholieke arts dr Nabil Antaki uit Aleppo.

Door economische sancties van Westerse landen en de coronapandemie dreigt er in Syrië een hongersnood te ontstaan. Dr Antaki heeft een groep jonge vrouwen uitgenodigd om dagelijks warme maaltijden te koken voor 125 kinderen, ouderen, zieken en mensen zonder familie. CSI financiert het voedsel, maar ook medicijnen en levert een bijdrage aan levensreddende operaties. De situatie voor de gewone man is in dit door oorlog verscheurde land bijzonder schrijnend.

U kunt uw vastenbijdrage storten op bankrekening NL48 ABNA 0589 9700 89 ten name van parochie H. Jozef onder vermelding van 'Vastenactie 2021'.

Veel dank voor uw hulp aan de Syrische bevolking!

9 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 8

“Breng vandaag de zielen die in de gevangenis van het vagevuur zijn bij Mij en dompel hen in de afgrond van Mijn barmhartigheid. Laat de stromen van Mijn Bloed de verschroeiende vlammen afkoelen. Al deze zielen worden door Mij zeer bemind. Zij schenken genoegdoening aan Mijn rechtvaardigheid. Het ligt in jouw macht om hun verlichting te brengen. Benut alle aflaten uit de schat van de Kerk en bied die ten behoeve van hen aan. O, als je de kwellingen waaraan zij lijden eens kende zou je voortdurend geestelijke aalmoezen voor hen opdragen en hun schuld aan Mijn rechtvaardigheid afbetalen.”

Allerbarmhartigste Jezus, U hebt Zelf gezegd dat U barmhartigheid verlangt. Dus breng ik de zielen in het vagevuur naar de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart. Zielen die U zeer dierbaar zijn en die toch genoegdoening aan Uw rechtvaardigheid moeten schenken. Mogen de stromen van het bloed en water die uit Uw hart vloeiden de vlammen van het zuiverend vuur doven zodat ook in die plaats de macht van Uw barmhartigheid geprezen zal worden.

Vanuit de verschrikkelijke hitte van het reinigend vuur
stijgt een weeklacht op tot Uw barmhartigheid.
Zij ontvangen troost, verfrissing, verlichting
in de stroom van bloed en water vermengd.

Eeuwige Vader, wend Uw barmhartige blik naar de zielen die in het vagevuur lijden en die omgeven worden door het allermededogendst Hart van Jezus. Ik smeek U door het bitter lijden van Jezus, Uw Zoon, en door alle bitterheid waardoor Zijn allerheiligste Ziel overstroomd werd, toon Uw barmhartigheid aan de zielen die Uw rechtvaardige onderzoek ondergaan. Zie op hen op geen andere wijze neer dan door de wonden van Jezus, Uw zeergeliefde Zoon. Want wij geloven vast dat er geen grens is aan Uw goedheid en medelijden. Amen.

8 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 7

“Breng vandaag de zielen bij Mij die Mijn barmhartigheid bijzonder vereren en verheerlijken en dompel ze in Mijn barmhartigheid. Deze zielen waren het meest bedroefd over Mijn lijden en drongen het diepst in Mijn Geest door. Zij zijn levende afbeeldingen van Mijn medelijdend Hart. Deze zielen zullen met een bijzondere glans schitteren in het hiernamaals. Niet een van hen zal naar het vuur van de hel gaan. Ik zal ieder van hen op bijzondere wijze verdedigen op het uur van de dood.”

Allerbarmhartigste Jezus, Wiens Hart de liefde zelf is, ontvang in de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart de zielen van hen die Uw barmhartigheid in het bijzonder verheerlijken en vereren. Deze zielen zijn machtig met de kracht van God Zelf. Temidden van alle verdriet en tegenspoeden gaan ze voorwaarts, vertrouwend op Uw barmhartigheid. Deze zielen zijn met Jezus verenigd en dragen de hele mensheid op hun schouders. Deze zielen zullen niet streng geoordeeld worden, maar Uw barmhartigheid zal ze omhelzen als zij uit dit leven scheiden.

Een ziel die de goedheid van de Heer prijst
wordt bijzonder door Hem bemind.
Zij is altijd dicht bij de levende fontein
en onttrekt genaden aan de goddelijke Barmhartigheid.

Eeuwige Vader, wend Uw barmhartige blik naar de zielen die Uw grootste eigenschap, Uw onpeilbare barmhartigheid, verheerlijken en vereren en die besloten zijn in het allermededogendst Hart van Jezus. Deze zielen zijn een levend evangelie. Hun handen zijn vol daden van barmhartigheid en hun geest die overvloeit van vreugde zingt een loflied van barmhartigheid tot U, o Allerhoogste! Ik smeek U, o God, toon hen Uw barmhartigheid overeenkomstig de hoop en het vertrouwen door hen op U gesteld. Laat in hen de belofte van Jezus vervuld worden die tegen hen zei: “Ik zal Zelf die zielen die Mijn onpeilbare barmhartigheid zullen vereren gedurende hun leven en in het bijzonder in het uur van de dood als Mijn eigen eer verdedigen." Amen.

7 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 6

“Breng vandaag de zachtmoedige en nederige zielen en de zielen van de kleine kinderen bij Mij en dompel hen in Mijn barmhartigheid. Deze zielen lijken het meest op Mijn Hart. Zij sterkten Mij gedurende Mijn bittere doodsstrijd. Ik zag hen als aardse engelen die de nachtwaken zouden houden bij Mijn altaren. Ik stort hele stromen van genade over hen uit. Alleen de nederige ziel is in staat om Mijn genade te ontvangen. Ik begunstig nederige zielen met Mijn vertrouwen.”

Allerbarmhartigste Jezus, U hebt Zelf gezegd: “Leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart”.
Ontvang alle zachtmoedige en nederige zielen en de zielen van de kleine kinderen in de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart. Deze zielen brengen de hele hemel in verrukking en zij zijn de gunstelingen van de hemelse Vader. Zij zijn een zoetgeurend boeket voor de troon van God. God Zelf schept behagen in hun geur. Deze zielen hebben een vaste verblijfplaats in Uw allermededogendst Hart, o Jezus, en zij zingen zonder ophouden een loflied van liefde en barmhartigheid.

Een werkelijk zachte en nederige ziel
ademt reeds hier op aarde de lucht van het paradijs in.
In de geur van haar nederig hart
verheugt Zich de Schepper Zelf.

Eeuwige Vader, wend Uw barmhartige blik naar de zachtmoedige en nederige zielen en de zielen van de kleine kinderen die omhuld worden in de schuilplaats die het allermededogendst Hart van Jezus is. Deze zielen lijken het meest op Uw Zoon. Hun geur stijgt van de aarde op en bereikt Uw troon. Vader van barmhartigheid en van alle goedheid, ik smeek U door de liefde die U deze zielen toedraagt en door de vreugde die U in hen schept, zegen de hele wereld opdat alle zielen samen de lofprijs van Uw barmhartigheid mogen zingen in de eindeloze eeuwen der eeuwen. Amen.

Van de pastoor: Jezus heeft definitief zonde en dood overwonnen door Zijn kruisdood en verrijzenis

Beminde gelovigen,

Midden in deze treurige tijd vol maatschappelijke onzekerheden is het ons, katholieken, gegeven om het hoogfeest van Pasen te vieren. Deze onzekere tijden kunnen ons niet beroven van de zekerheid van Jezus’ definitieve overwinning op zonde en dood door Zijn kruisdood en verrijzenis.

Als wij dicht bij Christus blijven, dan hoeven wij de onzekerheid van ons aardse leven niet met angst te laten vervullen. In plaats daarvan mogen wij ons richten op datgene dat Christus met zekerheid en onomkeerbaar op het Kruis heeft bewerkstelligd. Alleen dan zullen wij de kracht vinden om ons aardse bestaan tot een goed einde te brengen en te komen tot de glorievolle staat waarin Christus ons zal opnemen in de hemelse woning die Hij voor Zijn uitverkorenen heeft bereid.

Al een jaar lang is ons kerkelijk leven ingrijpend veranderd. Toch is er ook dit jaar een grote groep kinderen, afkomstig uit onze trouwe families, die hun eerste heilige communie zullen doen op Beloken Pasen. Bidden wij voor de meer dan tien kinderen dat de grote genade van het Allerheiligste Sacrament hun een diep verlangen tot heiligheid zal schenken.

Ook is er een groep van zeven jongemannen die dit jaar het heilig doopsel zullen ontvangen, waarschijnlijk met Pinksteren. Ook voor hen wordt uw gebed gevraagd als ondersteuning op weg naar het bad van de wedergeboorte.

Met mijn priesterlijke zegen,
Pater M. Kromann Knudsen FSSP, pastoor

6 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 5

“Breng vandaag de zielen van de afgescheiden broeders bij Mij en dompel hen in de oceaan van Mijn barmhartigheid. Tijdens Mijn bitter lijden verscheurden zij Mijn Lichaam en Mijn Hart. Dat is Mijn Kerk. Wanneer zij terugkeren tot eenheid met de Kerk genezen Mijn wonden en zo verlichten zij Mijn lijden.”

Allerbarmhartigste Jezus, U Die de goedheid Zelf bent, U weigert het licht niet aan hen die het bij U zoeken. Ontvang de zielen van onze afgescheiden broeders in de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart. Trek hen door Uw licht tot de eenheid van de Kerk en laat hen niet ontsnappen uit de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart, maar maak dat ook zij de edelmoedigheid van Uw barmhartigheid zullen prijzen.

Zelfs voor hen die het gewaad van Uw eenheid hebben verscheurd
vloeit de bron van barmhartigheid uit Uw Hart.
De almacht van Uw barmhartigheid, o God,
kan deze zielen ook uit de dwaling leiden.

Eeuwige Vader, wend Uw blik op de zielen van de afgescheiden broeders die Uw zegeningen hebben verkwist en Uw genaden hebben misbruikt door koppig in hun dwalingen te volharden. Zie niet op hun dwalingen, maar op de liefde van Uw eigen Zoon en op Zijn bitter lijden dat Hij omwille van hen onderging aangezien ook zij een plaats hebben in het allermededogendst Hart van Jezus. Maak dat ook zij Uw grote barmhartigheid mogen prijzen in de eindeloze eeuwigheid. Amen.

5 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 4

“Breng mij vandaag degenen die nog niet in Mij geloven en die Mij nog niet kennen. Tijdens mijn bitter lijden dacht Ik ook aan hen en hun ijver in de toekomst troostte Mijn Hart. Dompel hen in de oceaan van Mijn barmhartigheid.”

Allerbarmhartigste Jezus, U bent het licht van de hele wereld. Ontvang de zielen van hen die nog niet in U geloven en die U nog niet kennen in de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart. Laat de stralen van Uw genade hen verlichten zodat ook zij samen met ons Uw heerlijke barmhartigheid mogen verhogen. Laat hen niet uit de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart ontsnappen.

Moge het licht van Uw liefde
de zielen die in duisternis zijn verlichten.
Geef dat deze zielen U zullen kennen
en samen met ons Uw barmhartigheid zullen verhogen.

Eeuwige Vader, wend Uw barmhartige blik naar de zielen van hen die nog niet in U geloven en naar hen die U nog niet kennen, maar die omsloten zijn door het allerbarmhartigst Hart van Jezus. Trek hen naar het licht van Uw Evangelie. Deze zielen weten niet wat het voor een groot geluk is om U lief te hebben. Geef dat ook zij de edelmoedigheid van Uw barmhartigheid in de eindeloze eeuwigheid mogen prijzen. Amen.

Maandag onder het Octaaf van Pasen

Zijt gij dan de enige vreemdeling, die in Jeruzalem is geweest, en die niet weet wat daar gebeurd is dezer dagen?

Epistel
Hand. 10, 37-43
In die dagen stond Petrus te midden van het volk en sprak: Mannen, broeders, gij hebt gehoord van hetgeen er in geheel het joodse land, van Galilea uit, gebeurd is, na het doopsel, dat Johannes predikte: van Jezus van Nazareth, hoe God Hem heeft gezalfd met Heilige Geest en kracht, en hoe Hij weldoende rondging, en allen genas, die in de macht waren van de duivel, omdat God met Hem was. En wij zijn getuigen van alles, wat Hij in het land der joden en in Jeruzalem heeft gedaan. Maar men heeft Hem aan het kruishout gehangen en gedood. God echter heeft Hem opgewekt op de derde dag, en Hem gegeven, zichtbaar te verschijnen, niet aan geheel het volk, maar aan getuigen, die God te voren daartoe had uitgekozen, namelijk aan ons, die met Hem gegeten en gedronken hebben, nadat Hij van de doden was opgestaan. Ook heeft Hij ons bevel gegeven, aan het volk te prediken en te getuigen, dat Hij het is, Die door God is aangesteld als rechter van levenden en doden. Van Hem getuigen al de profeten dat allen, die in Hem geloven, in Zijn Naam vergiffenis van zonden verkrijgen.

Evangelie
Lc. 24, 13-35
In die tijd gingen twee van Jezus' leerlingen diezelfde dag naar een dorp, dat zestig stadiën van Jeruzalem gelegen was en Emmaus heette. En zij spraken met elkander over alles, wat er gebeurd was. Terwijl zij nu in gesprek waren en van gedachten wisselden, kwam Jezus zelf bij hen, en ging met hen mee; maar hun ogen werden verhinderd, opdat zij Hem niet zouden herkennen. Hij vroeg hun: Wat voor gesprek voert gij samen onderweg, dat gij zo bedroefd zijt? De ene nu, die Cleophas heette, gaf Hem ten antwoord: Zijt Gij dan de enige vreemdeling, die in Jeruzalem is geweest en die niet weet, wat daar gebeurd is dezer dagen? Doch Hij antwoordde hun: Wat dan? En zij zeiden: Met Jezus van Nazareth, Die een profeet was, machtig in werk en in woord, voor God en geheel het volk; en hoe onze opperpriesters en oversten Hem ter doodstraf hebben overgeleverd en gekruisigd hebben. Wij nu hadden de hoop, dat Hij het was, Die Israël zou verlossen; maar met dat al is het nu reeds de derde dag sinds deze dingen zijn gebeurd. Bovendien hebben enige vrouwen uit onze kring, die vóór het daglicht reeds bij het graf waren, ons doen ontstellen, want zij vonden er Zijn lichaam niet; en toen zij terugkwamen, vertelden zij ook nog, dat zij een verschijning van engelen hadden gehad, die zeiden, dat Hij weer leefde. Toen zijn enigen van ons naar het graf gegaan, en hebben het juist zo bevonden, als de vrouwen gezegd hadden maar Hemzelf vonden zij niet. Toen sprak Hij tot hen: O gij onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet beter geloof hecht aan alles, wat de profeten hebben gezegd. Moest dan de Christus dit alles niet lijden, en zó zijn glorie binnengaan? En te beginnen met Mozes en de andere profeten, verklaarde Hij hun, wat in heel de Schrift over Hem was voorspeld. Intussen waren zij bij het dorp gekomen, waar zij heengingen; en Hij hield Zich, alsof Hij verder wilde gaan. Maar zij drongen bij Hem aan, en zeiden: Blijf bij ons, want het wordt avond en de dag loopt reeds ten einde. Hij ging dan met hen naar binnen. Toen Hij nu met hen aan tafel was, nam Hij het brood, sprak een dankgebed uit, brak het, en reikte het hun toe. Toen gingen hun de ogen open, en zij herkenden Hem. Maar Hij verdween uit hun ogen. En zij zeiden tot elkander: Brandde ons hart niet in ons, toen Hij onderweg tot ons sprak en ons de Schriften verklaarde? Onmiddellijk stonden zij op, en keerden naar Jeruzalem terug; daar vonden zij de elf met hun gezellen bijeen; en dezen zeiden: De Heer is waarlijk verrezen, en verschenen aan Simon. Toen verhaalden ook zij, wat er onderweg was gebeurd, en hoe zij Hem hadden herkend bij het breken van het brood.

4 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 3

“Breng vandaag alle vrome en gelovige zielen bij Mij en dompel hen in de oceaan van Mijn barmhartigheid. Deze zielen brachten Mij vertroosting op de kruisweg. Zij waren die druppel troost midden in een oceaan van bitterheid.”

Allerbarmhartigste Jezus, uit de schatkamer van Uw barmhartigheid deelt U in grote overvloed Uw genaden mee aan iedereen en allen. Ontvang ons in de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart en laat ons er nooit uit ontsnappen. Wij smeken U dit door die zeer wondervolle liefde voor de hemelse Vader waarmee Uw Hart zo vurig brandt.

De wonderen van de barmhartigheid zijn ondoorgrondelijk,
noch de zondaar noch de rechtvaardige zal ze peilen.
Wanneer U een medelijdend oog op ons slaat,
trekt U ons allemaal dichter tot Uw liefde.

Eeuwig Vader, wend Uw barmhartige blik naar de getrouwe zielen als op de erfenis van Uw Zoon. Verleen hun omwille van Zijn bitter lijden Uw zegen en omgeef hen met Uw voortdurende bescherming. Zo zullen zij nooit in liefde tekortschieten of de schat van het heilig geloof verliezen, maar veeleer met alle engelenscharen en heiligen Uw grenzeloze barmhartigheid verheerlijken in de eindeloze eeuwigheid. Amen.

Koningin des Hemels / Regina caeli

In de Paastijd (dus tot en met de zaterdag onder het Octaaf van Pinksteren)
bidden we het Koningin des Hemels in plaats van het Engel des Heren,
's morgens, 's middags (12.00 uur) en aan het begin van de avond.




Regina caeli, laetare, alleluia,
quia quem meruisti portare, alleluia,
resurrexit sicut dixit, alleluia;
ora pro nobis Deum, alleluia.
Gaude et laetare, virgo María, alleluia.
Quia surrexit Dominus vere, alleluia.

Oremus.
Deus qui per resurrectionem Filii tui,
Domini nostri Iesu Christi,
mundum laetificare dignatus es,
praesta, quaesumus,
ut per eius Genetricem Vírginem Mariam
perpetuae capiamus gaudia vitae.
Per eundem Christum Dominum nostrum. Amen.
Koningin des hemels, verheug u, alleluia!
Omdat Hij, Die gij waardig geweest zijt te dragen, alleluia!
Verrezen is, zoals Hij gezegd heeft, alleluia!
Bid God voor ons, alleluia!
Verheug en verblijd u, maagd Maria, alleluia!
Want de Heer is waarlijk verrezen, alleluia!

Laat ons bidden.
God, Gij hebt U gewaardigd de wereld te verblijden
door de verrijzenis van Uw Zoon,
onze Heer Jezus Christus;
wij smeken U:
Geef dat wij door Zijn Moeder, de maagd Maria,
de vreugden van het eeuwig leven verwerven.
Door dezelfde Christus, onze Heer. Amen.

Hoogfeest van Pasen - Verrijzenis van onze Heer Jezus Christus

Christus is waarlijk verrezen, alleluia!

Epistel
1 Kor. 5, 7-8
Broeders, doet het oude zuurdeeg weg, om aldus een nieuw deeg te zijn. Gij zijt toch immers ongedesemd. Want ook ons Paaslam is geslacht, dat is Christus. Laten wij daarom ons feestmaal vieren, niet met oude zuurdesem, dat wil zeggen: niet met zuurdesem van slechtheid en boosheid; maar met ongedesemd brood van zuiverheid en waarheid.

Evangelie
Mc. 16, 1-7
In die tijd kochten Maria Magdalena en Maria van Jacobus en Salóme reukwerken, om Jezus te gaan balsemen. En zeer vroeg in de morgen, op de eerste dag der week, kwamen zij bij het graf, toen de zon reeds was opgegaan. En zij zeiden tot elkander: Wie zal ons de steen voor de ingang van het graf wegrollen? Maar toen zij gingen zien, bemerkten zij, dat de steen reeds weggerold was. Deze nu was buitengewoon groot. Zij gingen dan het graf binnen, en zagen aan de rechterkant een jongeling zitten, gekleed in een wit gewaad; en zij ontstelden hevig. Maar deze sprak tot haar: Weest niet ontsteld. Gij zoekt Jezus van Nazareth, Die gekruisigd is. Hij is verrezen; Hij is hier niet meer; ziet hier de plaats, waar men Hem had neergelegd. Maar gaat heen, en zegt aan Zijn leerlingen, met name aan Petrus, dat Hij weer voor u uitgaat naar Galilea; daar zult gij Hem zien, zoals Hij u gezegd heeft.

Overweging
Vandaag viert de Kerk haar gloriedag, het ‘feest der feesten’, omdat zij de overwinning van Jezus Christus, haar Stichter, viert. Het Paasfeest is het jubelfeest om de verlossing. De redding is een feit geworden. Gods belofte, lang geleden gegeven, werd op Paasdag vervuld. Jezus, voor ons gestorven, vernietigde de schuld en de angst en Hij gaf ons de hemel terug. Na Zijn verschrikkelijk lijden, dat Hij uit liefde op Zich had genomen, is Hij nu doorstraald van licht en heerlijkheid.

“Vreest niet! Gij zoekt Jezus van Nazareth Die gekruisigd is. Hij is verrezen. Hij is niet hier. Ziet de plaats waar men Hem had neergelegd.” Deze woorden van een engel hoorden de heilige vrouwen die naar het graf van Jezus gingen om Zijn lichaam te balsemen. Hij is verrezen – met deze woorden nodigt de Kerk ook ons in de gehele Paasliturgie uit tot een innige blijdschap. “Hij is waarlijk verrezen.” Zijn lijden en dood waren voor Hem geen ondergang: zij waren de hoge losprijs voor de zielen, voor onze zielen. Dit was het herstel uit de zonde, de prijs van de nieuwe vriendschap tussen God en de mensen.

Geheel de Kerk is vol van blijdschap en dankt God. Wat kunnen wij anders doen dan blij zijn zowel inwendig als naar buiten om dit grote geluk, deze vernieuwing van het leven, om deze glorie vooral van onze Heer en Redder, Jezus Christus? Maar niet alleen blijdschap regeert in deze tijd in de Kerk. Zij is ook enorm dankbaar voor alles wat Christus voor ons heeft gedaan. En dit is: ons de hemel teruggegeven en Gods liefde.

Met dankbaarheid en vreugde moeten ook onze harten vervuld worden. “Dit is de dag die de Heer gemaakt heeft; laat ons heden juichen en blij zijn” – zingen wij in het graduale. Naast de blijdschap brengt het feest van Pasen ons de hoop, de hoop dat wij op een dag ook zullen verrijzen om met God eeuwig te leven. En dit leven zal een heel ander leven zijn, een nieuw leven.

Hoogfeest van Pasen

Christus, de Heer, is waarlijk verrezen!

"O waarlijk heilige nacht", zingt het Exsultet, "de enige die tijd en uur mocht kennen waarop Christus uit de doden verrees!" Niemand is immers ooggetuige geweest van de gebeurtenis zelf van de verrijzenis en geen enkele evangelist beschrijft haar. Niemand heeft kunnen zeggen hoe zij fysiek gezien tot stand gekomen is. En het diepste wezen ervan, de overgang naar een ander leven, was nog minder zintuiglijk waarneembaar.

Hoewel de verrijzenis een historische gebeurtenis is, die door het teken van het lege graf en de werkelijkheid van de ontmoetingen van de apostelen met de verrezen Christus vast te stellen is, blijft ze, in zoverre ze de geschiedenis te boven gaat en daarboven uitstijgt, ten diepste een geloofsmysterie. Daarom toont de verrezen Christus Zich niet aan de wereld (vgl. Joh. 14, 22), maar wel aan Zijn leerlingen, "aan degenen die Hem van Galilea naar Jeruzalem hadden vergezeld, juist aan degenen die nu getuigen van Hem zijn voor het volk" (Hand. 13, 31).

3 april 2021

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 2

“Breng vandaag de zielen van priesters en religieuzen bij Mij en dompel hen in Mijn ondoorgrondelijke barmhartigheid. Zij waren het die Mij de kracht gaven om Mijn bitter lijden te verdragen. Door hen vloeit Mijn barmhartigheid als door kanalen uit over de mensheid.”

Allerbarmhartigste Jezus, van Wie alles komt wat goed is, vermeerder Uw genade in ons zodat wij waardige daden van barmhartigheid mogen verrichten en dat allen die ons zien de Vader der barmhartigheid - Die in de hemel is - mogen verheerlijken.

De fontein van Gods liefde
woont in zuivere harten
die gereinigd zijn in de zee van barmhartigheid,
stralend als sterren, helder als de dageraad.

Eeuwige Vader, wend Uw barmhartige blik naar de kring van uitverkorenen in Uw wijngaard. Vestig die op de zielen van priesters en religieuzen en begiftig hen met de kracht van Uw zegen. Omwille van de liefde van het Hart van Uw Zoon waarin zij gehuld zijn, deel aan hen Uw kracht en licht mee zodat zij in staat zullen zijn om anderen op de weg van de zaligheid te leiden en Uw grenzeloze barmhartigheid in de eindeloze eeuwigheid eenstemmig lof toe te zingen. Amen.

Adoramus Te, Christe (Monteverdi)



Adoramus te, Christe, et benedicimus tibi,
quia per sanguinem tuum pretiosum
redemisti mundum, miserere nobis.


Wij aanbidden U, Christus, en loven U,
omdat Gij door Uw kostbaar Bloed
de wereld verlost hebt, ontferm U over ons.

Paaszaterdag: Nedergedaald ter helle

De icoon toont ons het Gelaat van de gestorven Jezus. De Man van Smarten heeft - in uiterste gehoorzaamheid aan Zijn hemelse Vader - de marteldood aan het Kruis doorstaan. Hij heeft voor ons de prijs betaald die wij zelf nooit hadden kunnen betalen.

Christus heeft de duivel en de dood voor alle mensen overwonnen, ook voor de mensen die leefden voordat het Kruisoffer werd gebracht. De Kerk leert dat Christus op deze dag 'nedergedaald is ter helle'. Alle mensen die vóór het offer van de Kruisdood rechtvaardig waren geworden, heeft Christus - voorafgaand aan Zijn Verrijzenis - bevrijd uit het dodenrijk.

De dood van Jezus is de poort geworden tot het eeuwige leven, zowel voor Hem als voor ons. God heeft namelijk een sterfelijk lichaam aangenomen om met dit lichaam strijd te leveren tegen de dood en over de dood te zegevieren. Volgens de kerkvaders heeft de dood zich op Christus geworpen en Hem willen verslinden, zoals dat bij alle mensen gebeurt. Maar de dood kon Christus niet verteren, omdat God in Hem was. En zo is de dood zelf vernietigd. Christus heeft de dood gedood met de Geest Die niet kon sterven. Zo heeft Hij onze dood teniet gedaan. Sinds de dood van Christus is de menselijke dood niet meer als voorheen. Dat kon alleen geschieden doordat God op aarde kwam.

Wij zijn in verbinding met die mensgeworden God, met Zijn lijden en met Zijn dood, weliswaar op mystieke wijze, maar die is niet minder reëel. Wij hebben daar in zo grote mate deel aan, dat de apostel op grond van dit geloof durft te verkondigen: "Gij zijt gestorven. En uw leven is nu met Christus verborgen in God." (Kol. 3, 3)

Het altaar is leeg, de Kerk viert vandaag geen heilig Misoffer, maar omdat wij weten dat de dood is overwonnen, zien wij vandaag reeds hoopvol uit naar de Verrijzenis van Pasen.

2 april 2021

Gebed tot de gekruisigde Christus

O Jezus,
ik bid U door al Uw smarten
en Uw bittere dood,
door Uw doornagelde handen,
doorboorde voeten,
doorstoken zijde,
en al Uw gezegende wonden,
ontferm U over mij,
en druk Uw heilig lijden zó in mijn hart,
dat mij niets anders behaagt dan Gij, mijn Jezus,
Die voor mij gekruisigd zijt.
Amen.

Noveen tot de goddelijke Barmhartigheid, dag 1

Zuster Faustina werd heilig verklaard op 30 april 2000. Op diezelfde dag stelde paus Johannes Paulus II voor de gehele Kerk het feest van de goddelijke Barmhartigheid in op de eerste zondag na Pasen (Beloken Pasen), zoals Jezus aan zuster Faustina had verzocht.

Bij Zijn eerste verschijning aan zuster Faustina geeft Jezus haar de opdracht: “Schilder een afbeelding die overeenkomt met het voorbeeld dat je ziet, met het onderschrift: Jezus, ik vertrouw op U. Ik wil dat deze afbeelding vereerd wordt, eerst in jouw kapel en daarna over de hele wereld. Ik beloof je dat de ziel die deze afbeelding zal vereren, niet verloren zal gaan.

Jezus vraagt ons de noveen tot de goddelijke Barmhartigheid te bidden op de negen dagen voorafgaand aan het feest van Zijn Barmhartigheid (Beloken Pasen). Deze noveen begint dus vandaag, op Goede Vrijdag.

Jezus zegt tot zuster Faustina:

"Ik ben Heilig, en de geringste zonde is Mij een afschuw. Maar wanneer de zondaars berouw hebben, is Mijn erbarmen zonder grenzen. Ik vervolg hen met Mijn Barmhartigheid op al hun wegen. Wanneer zij de weg tot Mij vinden, vergeet Ik elke bitterheid en verheug Me in hun terugkeer. Zeg hun, dat Ik niet ophoud op hen te wachten: Ik luister hun hart af, om de kleinste hartslag, die op Mij gericht is, op te vangen. Ik vervolg hen met gewetenswroeging en met beproevingen, met storm en bliksem en met de lokroep van de Kerk: wanneer zij echter al Mijn genaden afwijzen, laat Ik hen aan zichzelf over en geef hun nog wat zij voor zichzelf wensen.

Wie niet door de deur van Mijn Barmhartigheid wil ingaan, moet voor Mijn rechtvaardigheid verschijnen."


De Heer zei me de rozenkrans of het kroontje te bidden op de negen dagen vóór het feest van Zijn barmhartigheid, te beginnen op Goede Vrijdag. Hij beloofde mij: “Door deze noveen zal Ik alle mogelijke genaden aan de zielen verlenen”.

“Ik wil dat je gedurende deze negen dagen zielen naar de bron van Mijn barmhartigheid brengt opdat zij daaruit kracht en verkwikking mogen putten en welke genaden zij ook maar nodig hebben in de moeilijkheden van het leven en in het bijzonder op het uur van de dood.

Op iedere dag zul je een andere groep zielen naar Mijn hart brengen en hen onderdompelen in deze oceaan van Mijn barmhartigheid. Ik zal al deze zielen in het huis van Mijn Vader brengen. Je zult dit in dit leven doen en in het volgende. Ik zal niets weigeren aan een ziel die jij naar de fontein van Mijn barmhartigheid zult brengen. Op iedere dag zul je Mijn Vader omwille van Mijn bitter lijden om genaden voor deze zielen smeken”.

Eerste dag
“Breng vandaag de hele mensheid bij Mij, in het bijzonder alle zondaren en dompel hen in de oceaan van Mijn barmhartigheid. Op deze wijze zul je Mij troosten in het bittere verdriet waarin het verlies van zielen Mij stort”.

Allerbarmhartigste Jezus, Wiens diepste aard het is om medelijden met ons te hebben en ons te vergeven, zie niet op onze zonden maar op het vertrouwen dat wij in Uw oneindige goedheid stellen. Ontvang ons allen in de schuilplaats van Uw allermededogendst Hart en laat ons er nooit uit ontsnappen. Wij smeken dit van U door Uw liefde die U met de Vader en de Heilige Geest verenigt.

O, almacht van de goddelijke Barmhartigheid,
Zaligheid van zondige mensen,
U bent een zee van barmhartigheid en medelijden,
U staat hen bij die U nederig smeken.

Eeuwige Vader, keer Uw barmhartige blik naar de hele mensheid en in het bijzonder naar de arme zondaren die allemaal door het allermededogendst Hart van Jezus omvat worden. Toon ons omwille van Zijn bitter lijden Uw barmhartigheid, zodat wij de almacht van Uw barmhartigheid mogen prijzen in de eeuwen der eeuwen.

Adoramus Te, Christe (Da Palestrina)

Goede Vrijdag

Vandaag heeft God de Vader Zich met ons verzoend.
De prijs voor die verzoening is niet door ons betaald, maar door de Vader Zelf.
En Hij betaalde niet de laagste prijs, maar de hoogste:
Het offer van Zijn enige Zoon, Die Hij zo innig liefheeft,
onze Heer Jezus Christus.


Mijn volk, wat heb Ik u gedaan
of waarmee heb Ik u bedroefd?
Antwoord mij.
Wat had Ik voor u moeten doen
dat Ik niet gedaan heb?


1 april 2021

Witte Donderdag

Het Kruisoffer op Goede Vrijdag (l.) en het heilig Misoffer (r.): één en hetzelfde Offer aan de Vader.

“Dit is het heilsgeheim dat sinds de aanvang van de tijden en geslachten verborgen is geweest, maar dat thans aan Zijn heiligen is geopenbaard. Aan hen heeft God bekend willen maken hoe rijk aan glorie dit heilsgeheim onder de heidenen is, hoe Christus namelijk onder u is, de hoop op de glorie.”

Dit is de grote schat, de erfenis van liefde die Christus bij Zijn dood de wereld naliet, Zijn eigen Vlees en Bloed als offer en spijs voor onze zielen. Hij is door dit offer Zelf blijven zorgen voor Gods eer in de wereld en Hij is door dit heilig Sacrament Zelf blijven zorgen voor onze heiliging. Dit is het geheim van deze dag: Christus is blijvend onder ons aanwezig en zal aanwezig blijven tot aan het einde van de tijden, om alles tot Zich te trekken.