Gezamenlijke website van de parochies H. Agnes en H. Jozef, beide gevestigd in de Sint-Agneskerk, centrum voor de traditionele Latijnse liturgie

Vandaag in de Agneskerk

De kalender is bijgewerkt tot en met 31 augustus 2020, onder voorbehoud van wijzigingen.

Bidt u thuis ook mee?

Met de Rozenkransnoveen voor Kerk, gezin en vaderland: klik hier.
Om eerherstel te brengen aan Jezus in het Allerheiligste Sacrament: klik hier.


31 mei 2020

Herstel van de openbare liturgie

Vanaf 1 juni staan de Nederlandse bisschoppen toe dat het publieke kerkelijk leven wordt hervat, met enkele duidelijke restricties, onder meer wat betreft het aantal deelnemende gelovigen (maximaal 30) en het houden van 1,5 meter afstand. Dat betekent dat in onze kerk de dagelijkse heilige Mis van 11.00 uur weer toegankelijk is. Het vaste weekschema is als volgt (uitzonderingen vindt u terug in de kalender):
Zondag tot en met donderdag
11.00 uur: Gelezen H. Mis
Vrijdag
10.30 uur: Lof
11.00 uur: Gelezen H. Mis
Zaterdag
11.00 uur: Gelezen H. Mis
Samenkomsten op het kerkplein of in de pastorie zijn niet toegestaan. De dagelijkse heilige Mis zal ook via internet worden uitgezonden. U kunt de uitzending op ieder gewenst moment terugkijken. Elke dag wordt u vanaf onze website met een link doorverwezen.

Pinksteren: Veni Creator Spiritus

Zondag 31 mei: Gezongen H. Mis - Hoogfeest van Pinksteren

Hoogfeest van Pinksteren

Epistel
Hand. 2, 1-11
Toen de Pinksterdagen aanbraken, waren al de leerlingen op dezelfde plaats bijeen. En plotseling kwam er van de hemel een gedruis, als bij het opsteken van een hevige wind, en het vervulde geheel het huis, waar zij gezeten waren. En er verschenen hun tongen als van vuur, die uit elkander gingen en zich op ieder van hen nederzetten. En allen werden zij vervuld van de Heilige Geest, en zij begonnen te spreken in vreemde talen, naar gelang de Heilige Geest hun te spreken gaf. Nu waren er in Jeruzalem joden woonachtig, godvruchtige mannen uit alle volken, die er onder de hemel zijn. Toen nu dat geluid ontstond, liep de menigte te zamen, en men stond versteld, omdat een ieder hen in zijn eigen taal hoorde spreken. Allen waren buiten zichzelf van verbazing en zeiden: Ziet, zijn allen, die daar spreken, geen Galileërs? Hoe horen wij dan ieder de taal van ons geboorteland: Parthen en Meden en Elamieten, en bewoners van Mesopotamië, Judeau en Cappadocië, van Pontus en Azië, van Phrygië en Pamphylië, van Egypte en het gebied van Lybië bij Cyrene, alsook de Romeinen, die hier zijn, zowel joden als Proselieten, Cretenzers en Arabieren - wij horen hen in onze eigen taal verkondigen de grote werken van God.

Sequentie
Daal op ons, o Heil'ge Geest,
zend van uit der heem'len feest
van Uw licht een enk'le straal.

Die der armen Vader zijt,
gaven voor de ziel bereidt,
Licht der harten, kom en daal.

Trooster als geen ander is,
Gast der zielen, zoet en fris
dauwt Gij over ons gemoed.

Bij de arbeid zoete rust,
Gij, Die onze vlammen blust
en de tranen drogen doet.

Zalig, overzalig Licht,
dat Uw dienaars troost en sticht,
vul ons hart ten boorde dan.

Buiten Uw gewijde kracht
is er in der mensen macht
niets dan wat ons schaden kan.

Zuiver dus wat is vermengd,
overstroom wat is verzengd,
heel wie 's lichaams kracht verloor;

buig wat ongebogen staat,
koester wat van kou vergaat,
leid wie bijster werd Uw spoor.

Wie Gij tot Uw dienaars telt,
wie op U vertrouwen stelt,
deel Uw zeven gaven mee.

Geef wat deugd verdiende aan loon,
geef ons Uw genadekroon,
de eeuwige vreugd van 's hemels stee.
Amen. Alleluja.

Evangelie
Joh. 14, 23-31
In die tijd sprak Jezus tot Zijn leerlingen: Zo iemand Mij bemint, zal hij Mijn woord onderhouden, en Mijn Vader zal hem beminnen, en Wij zullen tot hem komen en Ons verblijf bij hem nemen. Wie Mij niet bemint, onderhoudt Mijn woorden niet. En het woord, dat gij gehoord hebt, is niet van Mij, maar van Hem, Die Mij gezonden heeft, van de Vader. Ik heb u daarover gesproken, zolang Ik bij u was; maar de Helper, de Heilige Geest, Die de Vader zal zenden in Mijn Naam, Hij zal u alles leren en u alles in herinnering brengen, wat Ik u gezegd heb. Vrede laat Ik u achter; mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld geeft, geef Ik u. Laat uw hart niet ontsteld worden, noch vrezen. Gij hebt gehoord, dat Ik tot u gezegd heb: Ik ga wel heen, maar Ik kom weer tot u terug. Als gij Mij liefhad, zoudt gij veeleer blij zijn, dat Ik naar de Vader ga; want de Vader is groter dan Ik. En nu heb Ik het u gezegd, vóórdat het gebeurt, opdat gij, wanneer het gebeurt, zoudt geloven. Ik zal niet veel meer met u spreken, want de vorst dezer wereld is op komst. Wel heeft hij over Mij geen macht. Maar de wereld moet inzien, dat Ik de Vader bemin en zó doe, als de Vader Mij heeft opgedragen.

Overweging
De Heilige Geest daalde over de apostelen neer onder geruis als van een hevige windvlaag. Vurige tongen vertoonden zich en zetten zich neer boven ieder van de aanwezigen. Deze neerdaling van de Heilige Geest over de apostelen was de plechtige openbaring waardoor God aan alle volken en alle tijden toonde, dat Hij het werk van Jezus Christus, dus de stichting van de Kerk, bekrachtigde. De neerdaling - met de wonderbare verschijnselen die haar begeleidden - was het zegel van de goddelijke almacht, dat de Kerk aanwees als een instelling van goddelijke oorsprong waardoor de Heilige Geest de mensen tot hun eindbestemming zou brengen langs de weg van de genade en de waarheid. De Geest daalt neer door tongen van vuur over de apostelen als een teken dat de Kerk de waarheid spreekt en dat deze waarheid alles verteert wat tegen haar gericht is, zoals vuur alles verteert dat kan branden.

Het geheim van het Pinksterfeest, namelijk dat de kracht, de moed en het weten wat te doen van boven komt doordat de Heilige Geest dit alles mededeelt, heeft de apostelen en hun optreden radicaal veranderd. Dit geheim, dat de apostelen ten deel is gevallen, moge ons helpen om de juiste houding in te nemen, de houding die een christenmens waardig is. Een christenmens weet namelijk door de mond van de Kerk, die op de apostelen is gebouwd en die door de Heilige Geest wordt geleid, wat hij moet doen om de stem van de Heilige Geest, Die ons tot heiligheid roept en wil voeren, te beantwoorden.

Na het Pinksterwonder treden de apostelen de wereld in, niet om deel van de wereld te zijn maar om deze te veranderen. Hun optreden zal hun lijden, vervolging en uiteindelijk de dood brengen, maar als ware dienaren Gods volharden zij tot het zoete eind, waar zij deelachtig zullen worden aan het lijden van onze bevrijder, Jezus Christus. Sinds de tijd van de apostelen is hun lot ook het lot van de Kerk geweest. Ook de Kerk deelt in het lijden van Christus, in haar strijd om de zielen uit de hand van de duivel te bevrijden. Bij de neerdaling van de tongen van vuur was de Kerk, die door de apostelen zou worden gedragen, reeds onder hen aanwezig, in de persoon van de heilige maagd Maria, Moeder van de Kerk, en Bruid van de Heilige Geest.

Wij mogen ons, als kinderen van God, niet in de war laten brengen. Blijven wij dan ook luisteren naar de stem van de Heiligmaker Die door de Kerk tot ons spreekt. En sluiten wij onze oren voor het geruis van de wereld die ons die zaligheid wil ontnemen. Moge de Heilige Geest ons daartoe verlichten.

30 mei 2020

Pinksternoveen, dag 9

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Zaterdag 30 mei: Gelezen H. Mis - Vigilie van Pinksteren

Vigilie van Pinksteren

De jaarkring brengt ons in zijn keer
de allerschoonste vreugde weer,
als weer de Geest des Heren wordt
op Zijn discipelen uitgestort.

Vlammen die op hun hoofden staan,
nemen de vorm van tongen aan,
opdat zij rijk aan woorden zijn
en vol van liefde, sterk en rein.

Juist vijftig dagen na het feest
van Pasen kwam de Heilige Geest,
de spanne tijds van ouds gesteld,
waarop de wet der vrijheid geldt.

Wij buigen ons ootmoedig neer,
en bidden U, getrouwe Heer,
geef dat vandaag ook ons doorstraalt
de Geest Die van de hemel daalt.

Aan God de Vader zij de eer
en aan de opgestane Heer
en aan de Geest Die troost en leidt
van eeuwigheid tot eeuwigheid.

29 mei 2020

Pinksternoveen, dag 8

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Vrijdag 29 mei: Gelezen H. Mis - H. Maria Magdalena Pazzi, maagd

28 mei 2020

Van de pastoor: Herstel openbare eredienst per 1 juni a.s.

Beminde gelovigen,

Eindelijk is de dag gekomen, waarop wij kunnen meedelen dat de kerken weer opengesteld mogen worden voor de publieke eredienst. De bisschoppen hebben bekendgemaakt dat vanaf maandag 1 juni (Tweede Pinksterdag) de liturgie weer openbaar gecelebreerd kan worden, al blijven er enkele restricties. Zo mogen er niet meer dan 30 mensen tegelijk de heilige Mis bijwonen, en moet de voorgeschreven regel van anderhalve meter afstand houden gegarandeerd worden. Desalniettemin is het een vooruitgang dat de openbare eredienst hervat kan worden.

Hoe smartvol zijn de afgelopen maanden geweest voor ons, gelovige mensen, die niet of nauwelijks de mogelijkheid hebben gekregen om de heilige sacramenten te kunnen ontvangen. De genade van God zal overvloedig ten deel vallen aan hen die trouw zijn gebleven. Ik weet dat velen van u hebben mogen ontdekken hoe essentieel het kerkelijke, liturgische en sacramentele leven is, en dat voor velen het besef is gekomen dat wij zonder Gods bijstand en aanwezigheid niet kunnen leven. Laten wij deze belangrijke les niet weer snel vergeten, maar laat het de leidraad worden van uw toekomstig bestaan.

Teneinde de kerk vanaf 1 juni open te kunnen stellen, moeten wij aan bepaalde eisen voldoen. Bij de ingang van de kerk staat een kerkwacht, wiens aanwijzingen opgevolgd moeten worden. De regels om op uw plaats te komen zijn als volgt: u loopt door het middenpad naar de kerkbank toe die u wordt aangewezen, en na de heilige Mis verlaat u de kerk door de zijpaden. De vrije plaatsen zijn gemarkeerd met een X en iedere tweede kerkbank is gesloten. Ik vraag u dringend om u aan deze regels te houden, opdat iedereen zich in de kerk veilig kan voelen.

Samenkomsten voor of na de Mis zijn nog steeds niet mogelijk. Er is dus geen gelegenheid om koffie te drinken na de zondagsmis of zich te groeperen op het kerkplein. Ik vraag u om ook deze regels te respecteren.

Als wij ons allen aan deze eenvoudige regels houden, dan mogen we verwachten dat het veilig is om in de kerk bijeen te komen, en kan op korte termijn een verdere versoepeling worden verwacht.

Moge God u allen zegenen,
pater M. Kromann Knudsen FSSP, pastoor

Pinksternoveen, dag 7

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Donderdag 28 mei: Gelezen H. Mis - H. Augustinus van Canterbury, bisschop en belijder

27 mei 2020

Pinksternoveen, dag 6

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Woensdag 27 mei: Gelezen H. Mis - H. Beda de Eerbiedwaardige, belijder en kerkleraar; gedachtenis: H. Johannes I, paus en martelaar

Misintenties

De katholieke Kerk belijdt dat de heilige Mis het voortdurende Offer van Christus is dat aan God de Vader wordt aangeboden voor de verlossing van de mensen.

Het is mogelijk om een heilige Mis te laten lezen voor een bepaalde intentie. De Mis wordt dan aan God opgedragen uit dankbaarheid, voor een zekere nood of voor de zielenrust van een overledene. God de Vader wordt gesmeekt om de vruchten van Christus’ Offer in het bijzonder toe te passen op deze intentie. Dat is een van de krachtige middelen waarmee wij de zielen in het vagevuur kunnen helpen om hun tijd daar te bekorten.

Op zondagen en kerkelijke feestdagen dient een priester (pastoor) de heilige Mis op te dragen voor het hem toevertrouwde volk (zogenaamde Missa pro populo). Daar kunnen geen persoonlijke intenties aan worden toegevoegd. Op andere dagen kan per heilige Mis één intentie worden aangenomen.

Er wordt een financiële bijdrage (stipendium) gevraagd als daadwerkelijk offer van degene die de intentie opgeeft. Deze bijdrage is voor het levensonderhoud van de priester die de Mis opdraagt.

Het opgeven van Misintenties kan, om misverstanden te voorkomen uitsluitend schriftelijk, rechtstreeks bij een van de priesters of per e-mail: fssp.nl@gmail.com. De richtprijs voor het stipendium bedraagt € 12 per heilige Mis, maar de hoogte van het bedrag mag nooit een belemmering vormen om uw intentie op te geven. Uw stipendium kunt u storten op bankrekening NL58 INGB 0005 4404 82 ten name van Stichting Sint-Petrusbroederschap Nederland onder vermelding van uw intentie(s) en aantallen, ter bevestiging van uw e-mail.

26 mei 2020

Pinksternoveen, dag 5

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Dinsdag 26 mei: Gelezen H. Mis - H. Philippus Neri, belijder; gedachtenis: H. Eleutherius, paus en martelaar

26 mei: Heilige Philippus Neri, belijder

Barones Dona Pompilia de Rossi heeft zojuist de communie ontvangen en wéér maakt zij aanstalten om de kerk uit te lopen. Verdrietig om zoveel gebrek aan eerbied zet de priester spontaan de ciborie op het altaar, rent naar de sacristie en duwt de misdienaars die klaar staan voor de volgende Mis brandende kaarsen in de handen: “Ren en ga naast de barones lopen.”
De vrouw weet niet wat haar overkomt als de misdienaars niet van haar zijde wijken. Geërgerd loopt zij met haar ‘schaduwen’ terug naar de kerk, waar de priester buiten wacht. Woest vraagt zij wat dit heeft te betekenen, waarop Philip Neri zegt: “De Kerk vraagt dat wanneer het Allerheiligste over straat wordt gedragen, Het met brandende kaarsen wordt begeleid. De misdienaars zullen u door de straten van de stad begeleiden totdat u thuis bent.” Verhit loopt Dona Pompilia terug de kerk in. Nooit meer zal zij die voortijdig verlaten.

Philippus Neri was in 1533, 18 jaar oud, van Florence naar Rome vertrokken. Kort daarvoor heeft hij afstand gedaan van een erfenis en zo komt hij berooid aan in de zogenoemde Heilige Stad, waar heiligheid soms ver te zoeken is. Hij geeft les in ruil voor een zolderkamertje en eten. Philip is opgewekt en recht door zee en zijn lessen, waarin humor en heiligheid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, worden door steeds meer jongeren bijgewoond. Hij bezoekt armen en zieken, organiseert pelgrimsreizen naar de zeven hoofdkerken van Rome en bedelt geld bijeen voor hen die dit niet kunnen betalen.

Op aandringen van zijn biechtvader wordt hij priester en creëert hij plaatsen van gebed, meditatie, muziek en voordrachten, voorlopers van de latere oratoria.

Bisschoppen, kardinalen en pausen komen bij hem om raad. Als paus Gregorius XIV hem de kardinaalshoed stuurt, dan stuurt Philippus die per kerende post terug.

Op 26 mei 1595 verzamelt Philip zijn leerlingen om hem heen. Zittend in zijn bed geeft hij na tachtig jaar het leven aan zijn Heer terug.

Op 12 maart 1622 wordt Philippus Neri heilig verklaard, tegelijk met zijn vriend Ignatius van Loyola, Franciscus Xaverius en Teresia van Avila.

25 mei 2020

Pinksternoveen, dag 4

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Maandag 25 mei: Gelezen H. Mis - H. Gregorius VII, paus en belijder; gedachtenis: H. Urbanus I, paus en martelaar

24 mei 2020

Aartsbisschop Fulton Sheen spreekt over het Onzevader (en over de Drievuldigheid)

Eerbiedwaardige dienaar Gods aartsbisschop Fulton Sheen verklaart de verschillende gebeden van het Onzevader. Aan het eind spreekt hij ook over de Allerheiligste Drie-eenheid.

Pinksternoveen, dag 3

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Zondag 24 mei: Gelezen H. Mis - Zondag na de Hemelvaart van onze Heer Jezus Christus

Zondag na de hemelvaart van de Heer

Epistel
1 Petr. 4, 7-11
Veelgeliefden, weest verstandig, en blijft waakzaam in het bidden. Maar vóór alles moet gij elkaar wederkerig een duurzame liefde toedragen; want de liefde bedekt een menigte van zonden. Weest gastvrij jegens elkander, zonder te klagen. Laat iedereen de genadegaven, zoals hij die heeft ontvangen, ook gebruiken tot elkanders nut, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God. Als iemand spreekt, laat het dan zijn als het woord van God; als iemand een ambt uitoefent, laat hij dat doen als uit de kracht, die God verleent; opdat in alles eer gegeven worde aan God door Jezus Christus, onze Heer.

Evangelie
Joh. 15, 26-27 en 16, 1-4
In die tijd sprak Jezus tot Zijn leerlingen: Wanneer de Helper komt, Die Ik u zal zenden van de Vader, de Geest der waarheid, Die van de Vader voortkomt, dan zal Hij van Mij getuigen; en ook gij zult getuigen, omdat gij van het begin af met Mij zijt. Ik heb over deze dingen tot u gesproken, om te voorkomen, dat gij geërgerd wordt. Men zal u buiten de synagogen sluiten; het uur komt zelfs, dat iemand, die u het leven ontneemt, zal menen een dienst te bewijzen aan God. En zij zullen u dit aandoen, omdat zij noch de Vader kennen, noch Mij. Maar Ik heb u dit alles voorzegd, opdat gij, als het uur daarvan komt, u zult herinneren, dat Ik het u gezegd heb.

Overweging
Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft en daardoor ook aan de bisschoppen en priesters die hen opvolgen. Maar daarmee houdt de belofte van de komst van de Heilige Geest niet op, want de Heilige Geest zal ook de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen. Wij zien dus dat de uitstorting van de Heilige Geest beloofd is aan de gehele Kerk van God, ook al is deze uitstorting verschillend naar stand en roeping.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

23 mei 2020

Pinksternoveen, dag 2

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Zaterdag 23 mei: Gelezen H. Mis (Onze Lieve Vrouw op zaterdag)

22 mei 2020

Pinksternoveen, dag 1

Christus heeft – vóór Zijn heengaan naar de Vader – aan de apostelen de komst van de Heilige Geest beloofd. Hij zou hun elke waarheid leren, Hij zou met hen en in hen zijn. Dit is de belofte die Christus aan Zijn apostelen geeft. De Heilige Geest zal de Kerk van Christus besturen en bewaren, en Hij zal ons allen leiding geven en bewaren. Juist in die mate waarin wij ons aan Hem overgeven, zal Hij ons heiligen.

Wat op aarde gebeurde, onmiddellijk na de hemelvaart van Jezus, was de vervulling van Zijn laatste wens, namelijk dat de apostelen en Zijn heilige Moeder eensgezind bleven in het gebed om de Heilige Geest af te roepen. Zij zetten als het ware het gebed van Christus op aarde voort door de Heilige Geest. En zo verenigt tot op heden het gebed van de Kerk zich met het gebed van Christus in de hemel.

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van Uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van Uw liefde.
Zend Uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanzien van de aarde vernieuwen.

God, Gij hebt de harten van de gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen.
Geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden.
Door Christus, onze Heer. Amen.

Vrijdag 22 mei: Gelezen H. Mis (Votiefmis ter ere van het H. Kruis)

21 mei 2020

Meimaand - Mariamaand: Ave Maria (César Franck)

Donderdag 21 mei: Gezongen H. Mis - Hemelvaart van onze Heer Jezus Christus, hoogfeest

Hemelvaart van onze Heer Jezus Christus, hoogfeest

Mozaïek van de hemelvaart van Jezus Christus in de Basilica di San Marco in Venetië.

Epistel
Hand. 1, 1-11
Mijn eerste boek heb ik geschreven, Theophilus, over al hetgeen Jezus heeft gedaan en geleerd van het begin af tot op de dag, dat Hij werd opgenomen, na door de Heilige Geest Zijn bevelen te hebben gegeven aan de apostelen, die Hij had uitgekozen. Aan hen ook heeft Hij na Zijn lijden door vele bewijzen getoond, dat Hij weer leefde, doordat Hij gedurende veertig dagen aan hen verscheen, en dan sprak over het rijk Gods. En terwijl Hij eens met hen maaltijd hield, beval Hij hen niet weg te gaan van Jeruzalem, maar de belofte van de Vader af te wachten, waarover gij - zo zei Hij - Mij hebt horen spreken; want Johannes doopte wel met water, maar gij zult gedoopt worden met Heilige Geest binnen enkele dagen. Daarom stelden de aanwezigen Hem de vraag: Heer, is dat de tijd, waarop Gij voor Israël het koninkrijk zult herstellen? Maar Hij gaf hun ten antwoord: Het komt u niet toe tijd en uur te kennen, die de Vader in Zijn macht heeft vastgesteld; maar gij zult kracht ontvangen van de Heilige Geest, Die over u zal komen, en gij zult Mij tot getuigen zijn in Jeruzalem, in geheel Judea en in Samaria, ja tot aan het einde der aarde. En toen Hij dit gezegd had, werd Hij voor hun ogen opgeheven, en een wolk onttrok Hem aan hun ogen. En terwijl zij Hem nog ten hemel nastaarden, stonden er opeens twee mannen bij hen in witte klederen; en deze zeiden: Mannen van Galilea, wat staat gij toch naar de hemel op te zien? Deze Jezus, Die van u ten hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze wederkomen, als gij Hem hebt zien opstijgen ten hemel.

Evangelie
Mc. 16, 14-20
In die tijd verscheen Jezus aan de elf leerlingen, terwijl zij aan tafel waren. En Hij berispte hen over hun ongelovigheid en verstoktheid van hart, omdat zij geen geloof geschonken hadden aan hen, die Hem na Zijn verrijzenis gezien hadden. Ook sprak Hij nog tot hen: Gaat uit over de gehele wereld, en verkondigt het Evangelie aan alle schepselen. Wie gelooft en zich laat dopen, zal zalig worden; maar wie niet gelooft, zal veroordeeld worden. En de volgende wondertekenen zullen hen, die geloven, vergezellen: In Mijn Naam zullen zij duivels uitdrijven, vreemde talen zullen zij spreken, slangen zullen zij opnemen; en al drinken zij dodelijk gif, het zal hun niet schaden; zieken zullen zij de handen opleggen en deze zullen genezen. Na aldus tot hen gesproken te hebben, is de Heer Jezus ten hemel opgenomen en zetelt Hij aan de rechterhand van God. Zij nu gingen uit en predikten overal, terwijl de Heer meewerkte en de prediking bekrachtigde door de wonderen, die er mee gepaard gingen.

Overweging
De vrucht van het mysterie dat wij vandaag vieren wordt heel duidelijk uitgedrukt in de oratie van de heilige Mis van vandaag: “Dat wij, die geloven dat Uw Eniggeboren Zoon, onze Verlosser, vandaag ten hemel is opgestegen, ook zelf met de geest in de hemel verwijlen”. Mente in caelestibus habitemus. Dat wij, terwijl wij nog op aarde verblijven, onze verheerlijkte Verlosser in de geest naar de hemel volgen en daar een geestelijke woning kiezen.

De bedoeling van de Kerk is niet een vluchtige gedachte aan de hemelse dingen te midden van onze aardse bezigheden, die toch voortdurend onze volle aandacht eisen, maar een vaste overtuiging dat wij niet van deze wereld zijn. Dat onze toekomst van een andere aard is. Het doel van ons christelijk leven ligt niet op deze aarde, maar in de hemel. Ons aardse leven is een pelgrimstocht naar de hemel, mits wij de weg van Christus gaan, in Zijn voetsporen treden en leven volgens Zijn woord. De Kerk neemt ons vandaag dus bij de hand en richt onze ogen en harten omhoog. Daar is ons vaderland en onze woning, daar is ons ware leven ‘met Christus verborgen in God’.

20 mei 2020

Woensdag 20 mei: Gelezen H. Mis - Vigilie van de Hemelvaart van de Heer; gedachtenis: H. Bernardus van Siena, belijder

Vigilie van de Hemelvaart van de Heer

Verheven Vorst der eeuwigheid,
Gij Die Uw kinderen bevrijdt,
de zege is aan U, o Heer,
de dood ligt aan Uw voeten neer.

Gij stijgt omhoog in het heelal,
waar U de Vader noden zal
te zitten aan Zijn rechterhand,
te heersen over zee en land.

Al wat er in de hemel leeft,
wat op de aarde woning heeft,
de diepte der verborgenheid,
het buigt zich voor Uw Majesteit.

U, Jezus, zij de heerlijkheid,
Die stralend opgevaren zijt,
met Vader en met Geest tezaam
zij eeuwig lof Uw grote Naam.

19 mei 2020

Maandag, dinsdag en woensdag voor Hemelvaartsdag: Kruisdagen - Litanie van alle heiligen

Op 25 april en op de maandag, dinsdag en woensdag voor Hemelvaartsdag viert de Kerk de Kruisdagen. Op 25 april wordt de bidprocessie ofwel de Litaniae majores in Rome gehouden, op deze drie dagen voor Hemelvaartsdag zijn de processies ofwel de Litaniae minores (de minder plechtige litanie) van Franse oorsprong. Sinds jaren werd Zuid-Frankrijk geteisterd door vreselijke plagen. Bisschop Mamertus vatte het plan op om op deze drie dagen voorafgaand aan Hemelvaartsdag een algemene bidprocessie te houden. Dit gebruik vond al snel navolging in andere steden, rond het jaar 800 ook in Rome. De Nederlandse naam 'kruisdagen' is afkomstig van de oude gewoonte dat de priester daarbij een kruis of kruisreliek in de handen hield. Deze biddagen hebben nog altijd een tweeledig doel: het afwenden van de door onze zonden verdiende straffen en de zegen van God over de vruchten van de aarde, over de gelovigen en over de gehele Kerk af te smeken. De litanie van alle heiligen en de daarbij behorende gebeden dragen het karakter van smeekgebeden. In de gezangen van de Mis van de Kruisdagen loven wij reeds bij voorbaat de Heer om Zijn barmhartigheid, die niet zal uitblijven na vurige en algemene oefeningen van gebed en boete.

De Mis van deze drie Kruisdagen heet in het Latijn Missa Rogationum (In Litaniis Minoribus). Het Latijnse werkwoord 'rogare' betekent 'vragen'. Voorafgaand aan de heilige Mis van de Kruisdagen wordt de litanie van alle heiligen gezongen. Drie dagen lang vraagt de strijdende Kerk (op aarde) aan God en aan alle heiligen (de zegepralende Kerk) om alle goederen te mogen verkrijgen die wij nodig hebben en om bescherming tegen alle onheil, ziekte, rampen en kwaad. Luisteren wij naar en vertrouwen wij op de woorden van onze Heer Jezus Christus uit het Evangelie van afgelopen zondag (vijfde zondag na Pasen), waarin Hij Zelf zegt: "Vraagt en gij zult verkrijgen, opdat uw vreugde volkomen zij." Bidden wij, zeker in deze Mariamaand, dagelijks de rozenkrans, het krachtige gebed tot onze Lieve Heer en Zijn Moeder, en vragen wij Onze Lieve Vrouw om ons in ons voortdurend gebed te begeleiden.

Dinsdag 19 mei: Gelezen H. Mis - H. Petrus Coelestinus, paus en belijder; gedachtenis: H. Pudentiana, maagd

18 mei 2020

Maandag 18 mei: Gelezen H. Requiemmis (met absoute) voor de zielenrust van mevrouw Irena Ostaszewska

18 mei: Heilige Venantius, martelaar

Venantius was een jongeman die leefde tijdens de christenvervolgingen door keizer Decius (249-251) in het Romeinse rijk. Na zware folteringen onderging hij de marteldood omwille van Christus.

Hij werd gegeseld, met brandende fakkels gebrandmerkt, en boven een vuur gehangen; zijn tanden werden uit zijn mond geslagen en zijn kaken gebroken. Daarna werd hij voor de leeuwen geworpen, maar deze lieten hem ongemoeid (zie afbeelding). Toen niets hem leek te deren werd hij van een steile rots naar beneden geworpen en uiteindelijk met een zwaard onthoofd.

Twaalf getuigen raakten zo onder de indruk van de standvastigheid van Venantius, dat zij zich tot Christus bekeerden. Vervolgens trof hen een soortelijke marteldood.

Zijn relikwieën werden overgebracht naar Camerino. Zo werd hij patroon van deze Italiaanse stad. Hij heeft sedert vele eeuwen een kerk in Rome. Paus Clemens X was voor zijn verkiezing tot paus bisschop van Camerino en uit devotie tot de heilige Venantius verhoogde hij de rang van zijn feest en gaf hem een eigen officie. In de Novus Ordo (1970) werd Venantius van de heiligenkalender afgevoerd.

Behalve als patroon van de stad Camerino wordt de heilige Venantius ook aangeroepen bij oorpijn.

Gebed
O God, Die deze dag door de zegepraal van de heilige Venantius, Uw martelaar, hebt geheiligd, verhoor de gebeden van Uw volk, en verleen dat wij, die zijn verdiensten eren, ook zijn standvastigheid in het geloof zouden navolgen. Amen.

17 mei 2020

Het wonder dat in uw rozenkrans verborgen ligt

Zuster Emmanuel Maillard vertelt over twee wonderen, verkregen door het bidden van de rozenkrans,
een over haar vader tijdens de Tweede Wereldoorlog en een ander over een karmelietessenklooster.


Zondag 17 mei: Gelezen H. Mis - Vijfde zondag na Pasen

Vijfde zondag na Pasen

De Verrijzenis, omgeven door de vier evangelisten.

Epistel
Jac. 1, 22-27
Veelgeliefden, gij moet het woord volbrengen en niet alleen aanhoren; want dan zoudt gij uzelf misleiden. Want iemand, die het woord aanhoort, maar niet volbrengt, is te vergelijken met een man, die zijn eigen gelaat in de spiegel ziet; immers hij ziet zichzelf en gaat heen, en aanstonds is hij weer vergeten, hoe hij er uitzag. Maar wie het oog gericht houdt op de volmaakte wet van de vrijheid, en zich daaraan houdt - wie dus niet alleen luistert en weer vergeet, maar de daad volbrengt - hij zal door dat volbrengen zalig zijn. Maar als iemand soms meent, dat hij godsdienstig is, terwijl hij zijn tong niet in bedwang houdt, en zo zichzelf misleidt, diens godsdienstigheid is zonder waarde. Reine en vlekkeloze godsdienstigheid in het oog van God de Vader is dit: Wezen en weduwen te ondersteunen in hun nood, en zichzelf onbesmet te bewaren voor deze wereld.

Evangelie
Joh. 16, 23-30
In die tijd zei Jezus tot Zijn leerlingen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: al wat gij de Vader in Mijn Naam zult vragen, zal Hij u geven. Tot nu toe hebt gij nog niets in Mijn Naam gevraagd; vraagt en gij zult verkrijgen, opdat uw vreugde volkomen zij. Over al deze dingen heb Ik in beelden tot u gesproken; het uur komt, dat Ik niet meer in beelden tot u zal spreken, maar u in duidelijke taal over de Vader mededelingen zal doen. Op die dag zult gij in Mijn Naam bidden; en Ik zeg u niet, dat Ik de Vader voor u zal vragen; want de Vader Zélf heeft u lief, omdat gij Mij liefhebt en omdat gij gelooft, dat Ik van God ben uitgegaan. Ik ben van de Vader uitgegaan en in de wereld gekomen; weer verlaat Ik de wereld en ga heen naar de Vader. Zijn leerlingen zeiden Hem: Zie, nu spreekt Gij duidelijke taal, zonder enige beeldspraak te gebruiken. Nu zien wij, dat Gij alles weet en dat het niet nodig is, dat iemand U ondervraagt; daarom geloven wij, dat Gij van God zijt uitgegaan.

Overweging
De Paastijd is bijna voorbij. Elke zondag en elke dag in deze liturgische tijd zong de Kerk in de Paasprefatie de volgende woorden: “Die onze dood door Zijn sterven heeft vernietigd en ons leven door Zijn verrijzenis heeft hersteld.” Met deze woorden belijden wij dat er in de dood en verrijzenis van onze goddelijke Verlosser ook met onze dood een verandering heeft plaatsgevonden. Het is niets anders dan dat wat wij in het Credo bidden: Ik verwacht de verrijzenis der doden en het eeuwige leven.

Als wij ons afvragen wat de dood is van de mens, losgemaakt van Christus’ dood en verrijzenis, dan luidt het eenvoudigste antwoord: de dood is een einde. Wat tevoren levend was, zich roerde en bewoog, wat werkte, wat liefhad en lachte, ligt daar nu koud en stijf, klaar om te vervallen en teniet te gaan. Buiten het christendom weet niemand wat er dan vervalt en in het niets oplost. Is het de gehele mens, is het alleen zijn lichaam? Als het de gehele mens is, dan is op het moment van de dood een ding zeker: de totale zinloosheid van het leven. Het maakt niet uit of iemand heeft geleefd of niet. De dood is een einde.

De Kerk, trouw aan het getuigenis en de boodschap van de apostelen, leert iets anders over het leven en de dood. Christus is uit de doden verrezen. De Zoon van God heeft door Zijn eigen dood de dood vernietigd. Hij was de eerste mens, Die wel als ieder ander mens de dood inging, maar Die niet in de dood bleef steken. En het leven dat Hij veroverde is ook voor ons. Hij heeft ons van de dood bevrijd en daarom zullen ook wij niet in de dood blijven steken. Dat is de leer die de Kerk aan elke mens verkondigt. Dat is wat God geopenbaard heeft. Wij moeten het geloven, ook als het in deze moderne wereld moeilijk wordt. Het ongeloof is zo aanstekelijk en zo verbreid. De geest van de wereld trekt zo veel aan ons en verlokt ons om de ware verlossing al in deze wereld te zoeken, om onvoorwaardelijk te geloven in de mens en in zijn ontplooiing. Of om dit leven maximaal te gebruiken voor plezier omdat wij slechts één keer mogen leven.

Hoewel de Paastijd bijna voorbij is mogen wij de bevrijdende heilsboodschap van dit feest niet vergeten. Wij zijn geroepen om met Christus te leven. Maar om met Hem te kunnen leven moeten wij eerst aan de zonde sterven. En dit sterven en tegelijk herleven door de genade moet zich van dag tot dag verdiepen en voortzetten en heel ons christelijk leven bepalen tot onze laatste ademtocht toe. Vandaag zouden wij aan de zonde, de begeerte van het vlees en het verlangen naar levensvervulling in dit aardse bestaan, meer afgestorven moeten zijn dan op de dag van ons doopsel. Vandaag zouden de hemelse verlangens naar een vervulling uit de levensbronnen van Christus in ons sterker geworden moeten zijn dan gisteren. Wij moeten vaak tot deze grondwaarheid van ons geloof terugkeren – wij zijn tot het eeuwige leven met God geroepen. Ons bestaan hier op aarde is maar een korte tijd, waarna er een ander leven zal beginnen. Maar van deze korte tijd hangt onze eeuwigheid af. Als ik mij nu in mijn volle bewustzijn aan God overgeef, dan kan ik in volledige rust de eeuwigheid verwachten.

De grote heilsgaven zijn voor ons tegelijkertijd ook opgaven. Als wij nu niet vastbesloten zijn deze opnieuw aan te pakken, dan begrijpen wij de zin van heel ons leven niet. Met Christus sterven om met Hem te verrijzen tot het eeuwige leven, dat is een taak die alle dagen van ons leven moet vervullen. Het moet heel concreet worden, daar waar wij leven. Onze roeping moet op deze manier zichtbaar worden. Door onze daden, door het voorbeeld dat wij aan anderen geven. Zo vermaant ons ook de apostel Jacobus in zijn brief: “Gij moet het woord volbrengen en niet alleen aanhoren”. Een duidelijke en krachtige vermaning.

16 mei 2020

Elektronische collecte

Nu de openbare H.H. Missen zijn opgeschort ontvangt de parochie al een tijd geen collectegelden meer. De vaste lasten lopen echter gewoon door en we hebben extra uitgaven gedaan om de dagelijkse live-uitzendingen mogelijk te kunnen maken.

Uw bijdrage is voor de parochie noodzakelijk om aan haar financiële verplichtingen te kunnen blijven voldoen. Het zou enorm helpen als u het bedrag dat u anders in de collecteschaal deponeert, nu per bank wilt geven. Met de QR-code bij dit bericht kunt u via uw telefoon of tablet gemakkelijk een bedrag naar keuze overmaken. Of maak gebruik van de bankrekeningnummers van de Agnes- (NL96 INGB 0000 3113 11) of Jozefparochie (NL48 ABNA 0589 9700 89).

Alvast hartelijk dank voor uw gave(n)!

Zaterdag 16 mei: Gelezen H. Mis - H. Ubaldus, bisschop en belijder

16 mei: Heilige Ubaldus, bisschop en belijder

Ubaldus werd geboren in Gubbio, Umbrië, uit een adellijk geslacht. Hij kreeg een vrome opvoeding en werd al vroeg onderwezen in de letteren.

Reeds op jonge leeftijd spoorde men hem aan tot een huwelijk, maar hij week nooit af van zijn voornemen om de maagdelijkheid te bewaren. Na zijn priesterwijding schonk hij zijn erfdeel aan de armen en aan enkele kerken. Hij trad in bij de reguliere kanunniken van Sint Augustinus.

Door zijn toedoen kreeg deze orde een vestiging in zijn vaderstad. Paus Honorius II wijdde hem, tegen zijn zin, tot bisschop en stelde hem aan het hoofd van de kerk te Gubbio. Als een toonbeeld voor zijn kudde bleef hij precies zo leven als hij vóór zijn bisschopswijding deed. Hij blonk uit in alle deugden. Van hem wordt verteld dat de heilige Schrift zijn grootste genoegen was. Lange tijd werd hij door ziekte gekweld, maar dat verhinderde hem niet om God steeds te blijven danken. Nadat hij vele jaren de hem toevertrouwde kerk uitstekend had bestuurd, stierf hij in 1160, beroemd om zijn goede daden en vanwege de wonderen die hij verricht had.

Ubaldus is patroon van Thann in de Franse Elzas.

15 mei 2020

Vrijdag 15 mei: Gelezen H. Mis - H. Johannes Baptista de la Salle, belijder

15 mei: Heilige Johannes Baptista de la Salle, belijder

Johannes Baptiste de la Salle werd geboren in het jaar 1651 in Reims, Frankrijk, uit een adellijk geslacht. Hij studeerde letteren en wijsbegeerte. Op 17-jarige leeftijd werd hij opgenomen onder de kanunniken van Reims. Later meldde hij zich bij het seminarie van Saint-Sulpice in Parijs.

Na zijn priesterwijding werd hij rector van de zusters van het Kindje Jezus, die zich wijdden aan de opvoeding van meisjes. Hij bestuurde en beschermde deze congregatie met wijsheid. Om ook de jongens uit het volk godsdienstzin en goede zeden bij te kunnen brengen, stichtte hij, ondanks veel tegenstand, een congregatie van broeders: Broeders van de christelijke scholen (Fratres Scolarum Christianorum, FSC). Paus Benedictus XIII keurde zijn orderegel goed.

Hij deed daarna afstand van zijn positie als kanunnik, verdeelde zijn goederen onder de armen en uit nederigheid legde hij zelfs het bestuur van de door hem gestichte congregatie neer. Johannes stierf op 7 april 1719 in Saint-Yon, Rouen, 72 jaar oud. In 1888 werd hij zalig verklaard; paus Leo XIII verklaarde hem op 24 mei 1900 heilig. In 1950 riep paus Pius XII hem uit tot patroon van onderwijzers en van opvoeders.

14 mei 2020

Donderdag 14 mei: Gelezen H. Mis - H. Bonifatius, martelaar

14 mei: Heilige Bonifatius, martelaar

Bonifatius was een Romeinse jongeman die leefde in de derde eeuw te Rome. Hij was welgesteld, maar deelde zijn rijkdom met de armen. Hij was verloofd met Aglaë, een mooie jonge vrouw. Zij spoorde Bonifatius aan om in het oosten (Tarsus) relieken van martelaren te gaan zoeken.

Toen Bonifatius met eigen ogen de folteringen zag waaraan de martelaren werden onderworpen, en de moed die zij daarbij toonden, bekeerde hij zich openlijk tot het christelijke geloof. Dat leidde ertoe dat hij ook zelf gemarteld werd. Hij stierf op 14 mei 307. Zijn stoffelijke resten werden later teruggebracht naar Rome en zo ontving Aglaë alsnog de relieken van een martelaar.

Bonifatius is de laatste van de vier ijsheiligen. De andere drie zijn Mamertius (11 mei), Pancratius (12 mei) en Servatius (13 mei). Zij worden ijsheiligen genoemd omdat op deze dagen het gevaar bestaat van koud voorjaarsweer terwijl het gewas in volle bloei staat. Na 14 mei is de kans op nachtvorst nog maar heel klein.

Een oude weerspreuk die naar deze ijsheiligen verwijst luidt: Pancraas, Servaas, en Bonifaas brengen sneeuw en ijs helaas!

11 mei 2020

O Naam, zo zoet in d'oren

O Naam, zo zoet in d'oren
van wie Maria mint.
O Naam, zo innig dierbaar
aan 't harte van haar kind.

Refrein
Geef dat uw Naam, Maria,
steeds in mijn ziele leev',
en stervend op mijn lippen,
uw Naam, o Moeder, zweev'.

O Naam, die d'Onbevlekte
in al haar grootheid prijst.
O Naam, die op de Moeder
der zeven smarten wijst.

O Naam, die ons de liefde
der Lieve Vrouwe noemt.
O Naam, die 't alvermogen
der Koninginne roemt.

O krijgsleus in het strijden,
o hulpkreet in de nood,
o onderpand der zege
in leven en in dood!

Maandag 11 mei: Gelezen H. Mis - H.H. Philippus en Jacobus de Mindere, apostelen (gedachtenis: H. Gangulfus, martelaar)

11 mei: H.H. Philippus en Jacobus de Mindere, apostelen

Philippus en Jacobus de Mindere worden op dezelfde dag gevierd om twee redenen: ze waren beiden apostel én hun relieken rusten op dezelfde plek, namelijk in de kerk van de Twaalf Apostelen (Dodici Apostoli) in Rome.

Philippus, afkomstig uit de stad Betsaïda en leerling van Johannes de Doper, was als prediker actief in het westelijke deel van Klein-Azië en in Frygië. In dat land, meer bepaald in de stad Hiërapolis, stierf hij rond 80 de marteldood. Op bevel van keizer Domitianus werd hij gekruisigd met het hoofd naar beneden. Later werd hem een apocrief (niet als gezaghebbend erkend) evangelie toegeschreven, dat een lange lofzang op de maagdelijkheid is.

Jacobus de Mindere, ook de rechtvaardige genoemd, was een zoon van een zus van de heilige maagd Maria en dus een neef van Jezus, die een paar jaar jonger was. Het toevoegsel ‘de Mindere’ kreeg hij om hem te onderscheiden van de andere apostel Jacobus (de Meerdere). Het predikaat verwijst naar het feit dat hij later dan zijn naamgenoot apostel werd, namelijk in het jaar 31. Jacobus de Mindere werd de eerste bisschop van Jeruzalem en leidde een nogal zonderling bestaan. Zo zou hij zijn haar en baard nooit hebben laten knippen, waste hij zich nooit en liep hij blootsvoets. Het grootste deel van zijn tijd bracht hij al biddend door. Hij hoefde, naar verluidt, zijn armen maar naar de hemel uit te strekken om het te laten regenen. Hij schreef in 59 een epistel, waarvan de hoofdstelling luidt dat geloven alleen maar mogelijk is wanneer men ook goede werken doet. In 62 werd hij valselijk beschuldigd door de hogepriester Ananus, die hem aan het joodse volk uitleverde. Nadat hij had geweigerd zijn geloof af te zweren, werd Jacobus de Mindere van op het dak van de tempel naar beneden geworpen. Hij overleefde de val en vroeg de Heer om zijn moordenaars te vergeven. Daarop werd hij gestenigd en uiteindelijk doodgeslagen met een knuppel.

10 mei 2020

Oefening van hoop

Oneindig goede God,
ik hoop, door de verdiensten van Jezus Christus,
van U te verkrijgen:
de eeuwige zaligheid
en alle genaden, die ik daarvoor nodig heb.

Dat hoop ik met een vast vertrouwen,
omdat Gij het hebt beloofd, Die almachtig zijt,
oneindig goed voor ons en getrouw in Uw beloften.

Heer, versterk mijn hoop!

Zondag 10 mei: Gelezen H. Mis - Vierde zondag na Pasen

Vierde zondag na Pasen

De Heilige Geest

Epistel
Jac. 1, 17-21
Veelgeliefden, ieder goede gave en ieder volmaakte gift komt van boven, afdalend van de Vader van het licht, bij Wie er geen verandering is of verduistering door onbestendigheid. Want uit vrije wil heeft Hij ons het leven geschonken door de prediking van de waarheid, opdat wij in zeker opzicht eerstelingen zouden zijn onder Zijn schepselen. Gij weet dat, mijn veelgeliefde broeders. Laat iedereen nu vlug bereid zijn om te luisteren, maar niet haastig om te spreken, en niet haastig met toornig te worden. Want een toornig mens volbrengt niet de gerechtigheid Gods. Verwijdert daarom ieder smet en alle verkeerde uitwas, en aanvaardt in zachtmoedigheid het woord, dat in u is uitgezaaid en dat de kracht bezit om uw zielen zalig te maken.

Evangelie
Joh. 16, 5-14
In die tijd sprak Jezus tot Zijn leerlingen: Ik ga heen tot Hem, Die Mij gezonden heeft; en niemand van u vraagt Mij: Waar gaat Gij heen? Maar de droefheid heeft Uw hart vervuld, omdat Ik u dit heb meegedeeld. Doch Ik zeg u de waarheid: het is goed voor u, dat Ik wegga. Want zo Ik niet wegga, zal de Helper niet tot u komen; als Ik echter heenga, zal Ik Hem tot u zenden. En wanneer Hij komt, zal Hij aan de wereld bewijzen, dat zij ongelijk heeft wat betreft zonde, gerechtigheid en veroordeling. Wat betreft zonde: omdat zij niet in Mij geloofd hebben. Wat betreft gerechtigheid: omdat Ik heenga tot de Vader, en gij Mij niet meer zult zien. Wat betreft veroordeling: omdat de vorst dezer wereld reeds geoordeeld is. Nog veel heb Ik u te zeggen, doch gij kunt het nu nog niet verdragen. Maar wanneer Hij komt, de Geest der waarheid, dan zal Hij u de volle waarheid leren. Want Hij zal niet spreken uit Zichzelf, maar Hij zal spreken, al wat Hij hoort; en Hij zal u de komende dingen verkondigen. Hij zal Mij verheerlijken, want van het mijne zal Hij ontvangen en het aan u verkondigen.

Overweging
Vorige week zondag sprak het Evangelie over de ‘korte tijd’ die voor ons een aansporing tot waakzaamheid en gereedheid moet zijn. Maar de kortheid van de tijd is ook bron van de christelijke hoop die ons leven moet bezielen. De deugd van de hoop is ook te vinden in de teksten van deze heilige Mis, zo ook in de oratie van deze vierde zondag na Pasen: “God, Die de gelovigen een van geest en wil doet zijn, doe Uw volk datgene liefhebben wat Gij voorschrijft, datgene verlangen wat Gij belooft, opdat te midden van de wisselvalligheden van deze wereld onze harten daar verblijven waar de echte vreugde is."

“Te verlangen wat Gij belooft”, dat is een van de beden die deze oratie bevat. Deze gaat over de deugd van hoop, de deugd die bij uitstek ons christelijke bestaan kenmerkt. Wij verlangen, wij moeten verlangen naar hetgeen God ons belooft.

Wat is eigenlijk de christelijke hoop? Wat bedoelt een christen als hij daarover spreekt? De hoop is een verlangen naar een moeilijk, maar toch bereikbaar goed, met het vaste vertrouwen dit goed te zullen verkrijgen. Hopen is dus verlangen en vertrouwen. Waar geen verlangen is, daar is ook geen hoop. Waar het vertrouwen ontbreekt, daar is ook alle hoop verbannen. Wij spreken over de natuurlijke hoop (die naar de natuurlijke goederen streeft) en over de bovennatuurlijke hoop, en dat is de christelijke hoop, dat is wat wij in de oratie vragen: de deugd van hoop.

“Te verlangen wat Gij belooft.” Wat is dat, wat God ons belooft? De onzichtbare goederen, het volmaakte kindschap van God, het lichaam der verrijzenis, gelijkvormig aan Christus’ Lichaam. De verlossing en het eeuwig leven met God Zelf, dat voor ons bestemd is, dat is wat de trouwe dienaars van God mogen verwachten. God Zelf is dus het fundament van de hoop. En die hoop is een gave van Hem, die Hij ons tegelijkertijd met Zijn genade schenkt. Daarin kunnen wij zien dat God eigenlijk de bron, de ondersteuning en het doel van onze hoop is. Hij is de bron, omdat de hoop alleen uit Zijn pure goedheid aan ons wordt geschonken. Uit onszelf kunnen wij ze niet verkrijgen. Hij is de ondersteuning, want Hij geeft ons onophoudelijk de noodzakelijke middelen om ons einddoel te bereiken. Uiteindelijk is Hij Zelf dit doel, Hij Die alles omvat en al onze verlangens vervult.

“In hoop zijn wij gered.” (Rom. 8, 24), zegt de apostel Paulus tegen de Romeinen en tegen ons. De waarborg van onze hoop is de goddelijke liefde die zichtbaar geworden is door de Menswording van Zijn Woord. Door Zijn dood en verrijzenis geeft Christus ons de zekerheid dat onze hoop in vervulling gaat. Deze zekerheid hebben wij door de belofte van de Heilige Geest en door Zijn aanwezigheid in de Kerk. Maar deze hoop wordt ons niet zo maar gegeven. Door de hoop, te midden van de wisselvalligheden van deze wereld, kunnen onze harten gevestigd blijven waar de ware vreugde is. Dan wordt het duidelijk dat wij op aarde vreemdelingen en pelgrims op doorreis zijn. Wij zoeken hier geen vaste woonplaats. Wij gaan de aarde verlaten en moeten er niet aan denken ons hier blijvend te vestigen. Dat zou ons moeten helpen om een gezonde afstand te houden tot alles wat er in ons leven gebeurt, het lijden en de mislukkingen christelijk te beleven, en ons niet te binden aan de goederen van deze wereld.

8 mei 2020

Vrijdag 8 mei: Gelezen H. Mis - Verschijning van de H. Aartsengel Michaël

8 mei: Verschijning van de heilige aartsengel Michaël

Beeld van de heilige aartsengel Michaël in Monte Sant'Angelo.

In het jaar 390 is de heilige Aartsengel Michaël enkele keren verschenen op de berg Garganus (Monte Gargano). Dat is een berg in Apulië, vlakbij de stad Sypontus. Er woonde een man, die Garganus heette. De berg was dan ook naar hem genoemd. Hij had een onafzienbare kudde runderen en schapen. Toen deze eens op de flanken van de berg liepen te grazen, dwaalde een stier af van de rest en klom langzaam naar de top van de berg. Bij thuiskomst van het vee miste men hem. De herder nam een hele groep knechten mee en zocht de stier op de onmogelijkste paadjes. Tenslotte vond hij hem helemaal boven op de top van de berg voor de ingang van een grot. Omdat de man geïrriteerd was over het feit dat die stier zo helemaal zijn eigen gang was gegaan en omdat hij niet bij het dier kon komen vanwege het ondoordringbare struikgewas, schoot hij een vergiftigde pijl op hem af. Maar de pijl kwam naar de schutter terugvliegen, alsof hij door de wind in tegengestelde richting was gestuurd. De burgers waren er zo van geschrokken dat ze de bisschop gingen vragen of hij iets van dat wonder begreep. Die kondigde een driedaagse vasten af en zei dat iedereen in gebed aan God om opheldering moest vragen, wat dit alles te betekenen had.

Toen verscheen Sint Michaël aan die bisschop in de vroege morgen van 8 mei met de woorden: "U moet weten dat die man door mijn toedoen het slachtoffer is geworden van zijn eigen pijl; want ik ben de aartsengel Michaël, en ik heb besloten om deze plek als mijn verblijfplaats op aarde uit te kiezen om van daaruit des te beter mijn beschermende taak te kunnen uitoefenen. Ik heb dus met deze tekenen willen duidelijk maken dat ikzelf behoeder en wachter wil zijn van deze plek." Daarop trok de bisschop tezamen met de inwoners van de stad in processie naar die plek om met veel devotie voor de ingang van de grot te gaan bidden. Maar niemand durfde er naar binnen te gaan.

Men bracht paus Felix op de hoogte van de bijzondere gebeurtenissen. Hij liet ze overal bekend maken. Keizer Zeno van Byzantium was zo onder de indruk dat hij zelfs wijgeschenken liet aanvoeren ter ere van de grote engel.

In de tijd erna vielen de Germanen herhaaldelijk Italië binnen om de macht over te nemen. Daarbij liep ook Siponto meer dan eens gevaar. Toen de situatie al maar nijpender werd, bedacht de bisschop plotseling hoe de aanvoerder van de hemelse legerscharen ruim twee jaar geleden zijn hulp en bijstand had toegezegd. Dus wendde hij zich in zijn gebed tot hem om bescherming af te smeken. En zie, in de vroege morgen van de 19e september verscheen de aartsengel daar voor de tweede keer: nu aan de bisschop. Hij zegde hem zijn steun toe. De gevechten waren nog niet begonnen, of de hemel boven de Monte Gargano begon inktzwart te kleuren. Zowel de plek waar de engel verbleef, als de stad Siponto werden door dichte wolken omgeven. Onophoudelijk deden de donderslagen de aarde beven; bliksemschichten schoten telkens weer uit de pikzwarte wolkenmassa tevoorschijn. Door dit geweld aan de hemel werd de vijand zo afgeschrikt dat ze in paniek op de vlucht sloegen, waarbij de inwoners van Siponto in de zekerheid dat ze onder Michaëls bescherming stonden, hen met vaandels waarop hun heilige engel stond afgebeeld, wel tot Napels achterna joegen.

Na deze overwinning trok de bisschop met alle gelovigen weer naar de berg om de engel te bedanken. Toen hij na lang aarzelen het er toch op waagde om de grot te betreden, vond hij daar een bewijs dat de engel daar verbleef: een voetafdruk.

Na zoveel zegeningen wilden de inwoners van Siponto een gedenkteken oprichten ter ere van hun geliefde aartsengel. De bisschop vroeg toestemming aan de paus om de grot tot kerkruimte te wijden. De paus antwoordde dat het niet aan de Siponters toekwam de dag van inwijding vast te stellen; ze moesten maar bidden en vasten, en wachten op het moment dat de engel met tekenen duidelijk zou maken wat zijn verlangen was. Inderdaad verscheen de aartsengel Michaël in de nacht voorafgaand aan de 29e september aan de bisschop: "U bent het niet die mijn grot tot heiligdom zult wijden. Immers degene die dit alles heeft geopenbaard, heeft haar al ingewijd. Ikzelf, de 'Heer van de Grot' roep jullie bijeen in mijn heiligdom om daar onbevreesd de heilige eredienst te kunnen vieren. Want ik heb deze grot tot basilica gewijd met de bedoeling dat in dit Godshuis de zonden van de mensen mogen worden vergeven en alle schuld afgewassen."

De volgende morgen togen de bisschop en de bevolking naar de berg ter bedevaart. Terwijl zij nog aarzelend de berg betraden, troffen ze het teken van de wijding aan: de grillig gevormde rots met de voetafdruk van de engel erin was door Michaël tot altaar gemaakt. Over de rots was een rode doek gespreid, zoals in de Griekse Kerk gebruikelijk is bij een altaarwijding.

De kerk zou bekend worden onder de naam 'Sancti Angeli usque ad coelos'.

De laatste verschijning van de Aartsengel Michaël vond plaats in 1656. In heel Zuid-Italië heerste een agressieve pestepidemie. De mensen stonden machteloos. Daarom riep de toenmalige bisschop van Siponto een driedaagse vasten af. Vervolgens trok hij aan het hoofd van zijn al zijn geestelijken en het gehele gelovige volk op naar de grot, terwijl ieder een strop om de hals had gehangen. Er werden psalmen gezongen en litanieën gebeden. Pas na drie dagen van boetedoening en nederig gebed, gaf de engel een teken van zijn aanwezigheid. Het was op een vrijdag, de 22e september, precies een week voor zijn feestdag. Om vijf uur in de morgen - aldus een brief uit 1658 van de bisschop aan paus Alexander VII - werd hij wakker van een ontzettend geraas; het leek wel of er een aardbeving aan de gang was. In het oosten zag hij een machtig licht; het leek op een zondoorschenen kristal. Hij hoorde een stem die zei: "U, herder van deze kudde, u moet weten dat ik het bij de heilige Drie-eenheid gedaan gekregen heb dat ieder die een steen afbrokkelt van de wanden van mijn grot en die devoot en wel bij zich houdt, voor de pest gevrijwaard zal blijven. Ja, alle huizen, dorpen en steden waar zo'n steen wordt bewaard, zullen aan de pest ontkomen. Maak deze genadegave maar aan iedereen bekend. En op het moment dat u die stenen op mijn voorspraak zegent, moet u ze tekenen met een kruis en mijn naam erin krassen. Zo zal Gods toorn worden afgewend."

Zielsgelukkig en dankbaar viel de bisschop op zijn knieën. Hij riep zijn dienaren bij zich en vertelde hun over de belofte van de engel. De volgende dag, op 23 september dus, maakte hij aan het volk bekend dat ze niets meer van de pest te vrezen hadden. Hij beval nu de stenen uit de wanden van de grot te breken, liet er een monogram in krassen (S † M) en sprak er een zegen over uit waarvoor hij zelf de tekst had opgesteld. Nadat hij de stenen onder het volk had laten verdelen, verdween de pest binnen een paar dagen uit het hele land.

Uit deze legendenserie kan men opmaken welke zorgen en kwaliteiten aan Sint Michaël worden toegedicht. Het zijn er vijf: hij is herder en beschermt de kudde; hij is aanvoerder in de strijd en beheerst de kosmische krachten; hij is priester en draagt zorg voor de eredienst; hij is de heer van de grot, dat wil zeggen begeleider der doden en vorst over het dodenrijk; hij is arts en geneesheer van alle aandoeningen naar ziel en lichaam, en kent de verborgen geneeskracht van de aarde en water.

Michaël van de Monte Gargano wordt op 8 mei gevierd. Volgens dit verhaal, omdat de eerste verschijning van de aartsengel er plaatsvond op die dag in het jaar 390. Er zijn andere versies die weten te vertellen dat de kerk die er ter ere van Michaël werd gebouwd, op 8 mei 493 zou zijn ingewijd.

Sindsdien wordt die berg ook wel genoemd de Monte Sant'Angelo.

6 mei 2020

Woensdag 6 mei: Gelezen H. Mis - H. Johannes, apostel en evangelist, voor de Latijnse Poort

6 mei: H. Johannes, apostel en evangelist, voor de Latijnse Poort

In het jaar 95 bracht de heilige apostel en evangelist Johannes het Evangelie naar de stad Efese. Hij was de laatstovergebleven apostel, en stond aan het hoofd van alle kerken in Klein-Azië, het tegenwoordige Turkije. In Efese werd hij gevangen genomen en gedwongen tot offers aan de heidense goden. Maar hij weigerde dat. Bij keizer Domitianus werd hij aangeklaagd als tempelschenner, een verachter van de goden en een dienaar van Jezus, de gekruisigde. Domitianus liet hem overbrengen naar Rome. Daar aangekomen werd hij kaalgeschoren en voor een van de stadspoorten, de zogenoemde Latijnse Poort, neergelaten in een ketel vol kokende olie. Het deerde hem niet en hij kwam er ongeschonden uit.

De christenen van Efese bouwden in die stad een kerk ter ere van dit wonder. Toen keizer Domitianus bemerkte dat hij ook op deze manier Johannes niet kon stoppen om het Evangelie te verkondigen, zond hij hem in ballingschap naar het eiland Patmos. Daar ontving hij een aantal visioenen op basis waarvan hij, aan de hand van een uitleg door een engel, zijn boek Apokalyps of Openbaring schreef. Tijdens het veel mildere bewind van keizer Nerva (96-98) kon hij weer terugkeren naar Efese.

De datum van 6 mei hangt zeer waarschijnlijk samen met feesten ter ere van Johannes in de Syrische (7 mei) en Byzantijnse (8 mei) Kerk. In 1960 werd de rang van dit feest in de Romeinse ritus verlaagd naar vierde klas, een gedachtenis. Bij de liturgievernieuwing na het Tweede Vaticaans Concilie verdween het van de liturgische kalender.

De heilige Johannes onderging het martelaarschap in liefde. Hij was meer dan een martelaar, want hij stond onder het kruis van zijn goddelijke Meester. Hij nam het lijden van de Heer op in zijn ziel en deelde erin. Als wij ons dreigen te verzetten tegen het lijden dat ons overkomt, dan mogen wij de woorden van onze Heer Jezus Christus gericht aan de heilige Petrus in gedachten nemen: "Wat Ik doe, begrijpt ge nu nog niet; maar later zult ge het inzien." (Joh. 13, 7)

5 mei 2020

Vrijheid

Want aldus is het de wil van God, dat gij door goed te leven
het onverstand van de kortzichtige mensen tot zwijgen brengt.
Als vrije mensen - en niet als mensen, die de vrijheid beschouwen als een dekmantel voor het kwaad -
maar als dienstknechten van God.


(1 Petr. 2, 15-17)



Wilhelmus van Nassouwe
ben ik, van Duitsen bloed,
den vaderland getrouwe
blijf ik tot in den dood.
Een prinse van Oranje
ben ik, vrij, onverveerd,
den koning van Hispanje
heb ik altijd geëerd.

Mijn schild ende betrouwen
zijt Gij, o God, mijn Heer,
op U zo wil ik bouwen,
verlaat mij nimmermeer.
Dat ik doch vroom mag blijven,
Uw dienaar t'aller stond,
de tirannie verdrijven
die mij mijn hart doorwondt.

Dinsdag 5 mei: Gelezen H. Mis - H. Pius V, paus en belijder

5 mei: Heilige Pius V, paus en belijder

Pius V werd op 17 januari 1504 te Bosco nabij Allessandria geboren als Michele Ghislieri. Al op 14-jarige leeftijd trad hij in bij de Dominicanen. Hij werd in 1528 tot priester gewijd. In 1556 benoemde paus Paulus IV hem tot bisschop van de Italiaanse diocesen Nepi en Sutri, nadat hij Ghislieri eerder al (in 1551) had benoemd in de leiding van de Romeinse inquisitie. Dezelfde paus verhief hem in 1557 tot kardinaal.

Na zijn verkiezing tot paus in 1566 heeft Pius V zich volledig ingezet voor de realisering van de bepalingen van het Concilie van Trente (1545-1563). Hij verpersoonlijkt de katholieke contra-reformatie. Meteen in 1566 liet hij de Catechismus Romanus verschijnen. In 1568 verscheen het herziene Romeins brevier en in 1570 een herzien missaal, dat vanaf 1570 tot 1969, het jaar van de invoering van een vernieuwde liturgie (Novus Ordo Missae) door Paus Paulus VI, de enige ordo was die wereldwijd door katholieke priesters op alle continenten gebruikt werd. Het gebruik van deze Liturgie van Pius V, de zogenaamde 'Tridentijnse heilige Mis', werd echter nooit afgeschaft en staat in de Rooms-katholieke Kerk nu bekend als de buitengewone vorm van de Romeinse ritus (cf. Motu Proprio 'Summorum Pontificum' uit 2007 van paus Benedictus XVI).

In 1567 verhief hij de heilige Thomas van Aquino tot kerkleraar.

In 1569 benoemde Pius V een commissie ter herziening van de tekst van de Vulgata, de officiële Latijnse Bijbelvertaling.

Pius V sprak in 1570 de excommunicatie uit over koningin Elizabeth I van Engeland.

In 1570 bedreigden de oprukkende Turken het Italiaanse schiereiland. Met de grootst mogelijke moeite wist de paus de christenstaten te bewegen de krachten te bundelen en een gezamenlijk leger op de been te brengen. Zo voer op 7 oktober 1571 een Spaans-Italiaanse vloot, onder leiding van Don Juan van Oostenrijk († 1578) de Turken tegemoet voor een beslissend treffen. Deze zeeslag is de geschiedenis ingegaan als de Slag bij Lepanto (dit is het huidige Navpaktos, ten noorden van de Griekse stad Patras aan de Golf van Korinte).
Intussen had de paus de christenen opgeroepen tot een onophoudelijk bidden van de Rozenkrans om zo Maria's voorspraak af te smeken. Als de christenen zouden winnen - zo beloofde hij - zou hij een officieel feest van de Rozenkrans instellen. En zo geschiedde. Sindsdien staat het feest van Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans op 7 oktober op de Romeinse Kalender.

Pius V voerde de gewoonte in dat pausen een witte soutane dragen, oorspronkelijk het witte dominicaanse habijt, echter zonder de bijbehorende zwarte mantel die door de dominicanen wordt gedragen.

Pius V overleed op 1 mei 1572 in Rome. In 1672 werd hij zaligverklaard door paus Clemens X en in 1712 volgde zijn heiligverklaring door paus Clemens XI.

4 mei 2020

Requiem aeternam (Duruflé)

Maandag 4 mei: Gelezen H. Mis - H. Monica, weduwe

4 mei: Heilige Monica, weduwe

Monica werd in het jaar 332 geboren in de Numidische plaats Thagaste, gelegen in het huidige Algerije. Zij was een dochter van christelijk ouders. Op 18-jarige leeftijd werd zij uitgehuwelijkt aan Patricius. Hij hield het bij de traditionele Romeinse goden. Van karakter was hij driftig en eigenzinnig. Pas vlak voor zijn dood in 371 zou hij zich tot het christendom bekeren, ongetwijfeld door Monica's onophoudelijk gebed. Monica schonk hem drie kinderen onder wie Augustinus, de latere heilige en kerkvader.

Zij probeerde haar kinderen vertrouwd te maken met de christelijke levensopvatting en de daarbij behorende deugden. Maar juist bij Augustinus, haar meeste getalenteerde kind, moet ze constateren dat hij het karakter van zijn vader had geërfd. Later zal Augustinus in zijn boek 'Confessiones' (= Belijdensissen) zelf over zijn jongelingsjaren vertellen. Tijdens zijn studies tot redenaar (destijds de baan om hogerop te komen in de maatschappij) deed hij alles wat christenen niet zouden moeten doen; hij ging om met slechte vrienden en zocht zijn levensgeluk bij filosofieën die veel spectaculairder waren dan die van zijn moeder. Vooral de boerse en rauwe verhalen uit het Oude Testament konden volgens hem nog niet in de schaduw staan van de fijnbesnaarde gedachten van de Griekse en Romeinse filosofen.

Monica leed daar onder. Eens kwam er een christelijke bisschop op doorreis door haar woonplaats. Zij stortte haar hart bij hem uit en bezwoer hem dat hij eens met haar zoon moest praten: hij zou de goede antwoorden op de scherpzinnige redeneringen van haar zoon wel weten. Maar die bisschop had allang begrepen dat Augustinus op dat moment juist genoot van zijn levensopvatting: daar zou zelfs een vreemde bisschop niets aan kunnen veranderen. Vermoeid door haar drammerige aanhouden zei hij tenslotte: "Een kind van zoveel tranen kan niet verloren gaan".

Augustinus ontvluchtte zijn moeder, zijn woonplaats en zijn wereld en stak over naar Italië om daar carrière te maken aan het keizerlijk hof als redenaar. Maar zijn moeder kwam achter hem aan, eerst naar Rome en vervolgens naar Milaan, waar het hof van de keizer op dat moment gevestigd was en waar haar zoon intussen leraar was geworden.
Intussen hadden al de filosofieën waarbij Augustinus zijn levensgeluk had gezocht, hem niets opgeleverd. Op zijn zoektocht naar een houvast in het leven ging hij regelmatig in de christelijke kerk naar de preken luisteren van de heilige bisschop Ambrosius († 397). Daar hoorde hij hoe Ambrosius juist schatten van filosofie en levensinzicht tevoorschijn wist te halen uit uit de door hem zo verachte verhalen van het Oude Testament.

Uiteindelijk zal hij zich na een lang en heftig innerlijk verzet laten dopen. Dit alles natuurlijk tot grote vreugde van zijn moeder met wie hij zich verzoende. Nu haar hartenwens was vervuld, besloot zij naar huis in Afrika terug te gaan. Augustinus reisde met haar mee. In Rome's havenstad Ostia overleed zij.

In 1162 werden haar relieken overgebracht naar het augustinessenklooster van Arrouaise bij Arras. Op 9 april 1430 werd haar stoffelijk overschot plechtig overgebracht naar Rome; daar werd zij tot de eer der altaren verheven en naast haar zoon bijgezet in de kerk van San Agostino, gelegen bij de Piazza Navona. Dat gaf een nieuwe opleving aan haar verering.

Het concilie van Trente (1570) bepaalde haar feestdag op 4 mei, de dag voordat Augustinus' bekering werd gevierd: die stond op 5 mei.
Zij is patrones van Santa Monica (Californië); van moeders en moederbonden, christenvrouwen en christelijke echtgenotes; van de Keulse 'gordelbroederschappen' (religieuze gemeenschappen die een gordel dragen); ook wordt haar voorspraak ingeroepen voor het zielenheil van kinderen die verkeerde wegen gaan.

3 mei 2020

Zondag 3 mei: Gelezen H. Mis - Derde zondag na Pasen

Derde zondag na Pasen

De Verrijzenis

Epistel
1 Petr. 2, 11-19
Veelgeliefden, ik bid u, als pelgrims en vreemdelingen, dat gij u verre houdt van de vleselijke lusten, die strijd voeren tegen de ziel. Temidden van de heidenen moet gij een voorbeeldig leven leiden, opdat zij juist in die dingen, waarom zij u voor boosdoeners uitmaken, bij nader toezien om wille van uw goede werken God gaan verheerlijken op de dag der bezoeking. Daarom, weest onderdanig aan ieder menselijk gezag, om wille van God; zowel aan de keizer, omdat hij boven allen staat, alsook aan de landvoogden, omdat zij door hem zijn gezonden om de misdadigers te straffen en de goeden waardering te schenken. Want aldus is het de wil van God, dat gij door goed te leven het onverstand van de kortzichtige mensen tot zwijgen brengt. Als vrije mensen - en niet als mensen, die de vrijheid beschouwen als een dekmantel voor het kwaad - maar als dienstknechten van God. Hebt achting voor een ieder; bemint uw medebroeders; vreest God; eert de keizer. Gij, dienstknechten, weest in alle eerbied onderdanig aan uw meesters, niet slechts als zij goed zijn en welwillend, maar evenzeer als zij lastig zijn. Want dat is een welgevallige daad, in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie
Joh. 16, 16-22
In die tijd sprak Jezus tot Zijn leerlingen: Een korte tijd, en gij zult Mij niet meer zien; en wéér een korte tijd, en gij zult Mij terugzien; want Ik ga heen naar de Vader. Sommigen van Zijn leerlingen zeiden dan tot elkander: Wat betekent dat toch, wat Hij ons zegt: Een kort tijd, en gij zult Mij niet meer zien; en wéér een korte tijd, en gij zult Mij terugzien; en: Ik ga heen naar de Vader? Wat bedoelt Hij toch met: een korte tijd? Wij begrijpen niet, wat Hij zegt. Jezus nu wist, dat zij Hem iets wilden vragen; en Hij sprak tot hen: Gij raadpleegt elkander over Mijn gezegde: Een korte tijd, en gij zult Mij niet meer zien; en wéér een korte tijd, en gij zult Mij terugzien? Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: gij zult schreien en jammeren maar de wereld zal zich verblijden. Gij zult wel bedroefd zijn doch uw droefheid zal verkeren in vreugde. Als een vrouw moeder gaat worden, is zij bedroefd, omdat haar uur gekomen is; maar zodra zij het kind ter wereld heeft gebracht, denkt zij niet meer aan haar smart, van blijdschap, dat er een mens ter wereld is gekomen. Zo zijt ook gij nu wel bedroefd; maar Ik zal u weerzien; dat zal uw hart zich verblijden, en die blijdschap zal niemand u ontnemen.

Overweging
De woorden van Jezus “nog een korte tijd en gij zult Mij niet meer zien; en weer een korte tijd, dan zult gij Mij weer zien, want Ik ga heen naar de Vader” waren voor de apostelen onduidelijk en geheimzinnig. Zij vroegen zich af wat Jezus ermee bedoelde, maar zij durfden hun Meester er niet naar te vragen. Misschien zijn deze woorden ook tot ons gericht. Blijkbaar bevatten zij een tegenstrijdigheid. Hoe kon Hij tegelijkertijd bij Zijn Vader en bij de apostelen zijn? En wat bedoelt Hij met ‘een korte tijd’?

Deze woorden komen uit de lange afscheidsrede uit het Evangelie van Johannes, die op Witte Donderdag plaatsvond. Op de vooravond sprak Christus over Zijn kruisdood en opstanding en toch bleken de apostelen het niet begrepen te hebben. Bij deze woorden dacht onze Heer aan het kortstondig heengaan na Zijn lijden en aan de terugkeer bij Zijn verrijzenis. Maar dit heengaan en deze terugkeer waren slechts een beeld van een ander heengaan en een andere wederkomst. Zonder twijfel kunnen wij daar het opstijgen tot Zijn Vader bij de hemelvaart in zien en het weerzien van de apostelen in de eeuwigheid. Maar – zoals zo vaak in het Evangelie – moeten wij deze woorden ook op onszelf toepassen. Wij zijn degenen aan wie Christus een weerzien belooft. En dat weerzien is niets anders dan de hemelse vreugde: Wij zullen de verheerlijkte Heer dan zien in Zijn hemelse heerlijkheid.

De Verlossing en de Paasvreugde brengen ons, katholieken, in herinnering dat wij een oprecht christelijk leven moeten lijden, dat wij God en Zijn Kerk moeten blijven dienen, ook als wij daarom vervolgd zouden worden. Wij moeten bezield blijven door het weten dat wij in deze wereld geen blijvend thuis hebben; wij zijn in dit leven slechts op doortocht, op weg naar het hemelse Vaderland, het Vaderland dat Christus voor ons opnieuw heeft geopend. Om dit Vaderland te kunnen bereiken hebben wij de Kerk nodig, omdat zij de weg en de verkondiger is van dit hemelse doeleinde van ons bestaan.

De Kerk beschikt over de noodzakelijke middelen om het hemelse leven binnen te kunnen gaan. Door haar moraal wordt onze menselijke natuur gezuiverd van de begeerlijkheden, door haar geloofsleer wordt ons de kennis van God ingegeven en door haar sacramenten wordt de gezuiverde mens, die God als zijn levensdoel erkend heeft, geheiligd. De Kerk is dus niet louter een gemeenschap van allerlei mensen die een bepaalde liturgie of ritueel aanhangen, maar zij is het heilsinstrument dat door haar moraal, haar geloof en haar sacramenten ons tot God brengt. De heilige Paulus maant ons in het epistel voor de vleselijke lusten die strijd voeren tegen de ziel. Wij zien daarin dat een geloof dat zonder moraal blijft een zelfbedreiging en een groot gevaar is.