Vandaag in de Agneskerk

De kalender is bijgewerkt tot en met 31 maart 2015, onder voorbehoud van wijzigingen.

3 maart 2015

Van de pastoor: Vasten, de voorbereidingstijd op onze verlossing

Beminde gelovigen,

Met de heilige Vastentijd bereiden wij ons voor op het hoogfeest van onze verlossing. De Vastentijd is een bezinning op het meest waardevolle dat wij kunnen ontvangen, namelijk de barmhartigheid van God. Door het vasten ruimen wij op wat deze barmhartigheid in ons belemmert en scheppen wij ruimte voor de heiliging die in ons wil opbloeien. Dit is een kerkelijke gebeurtenis, want in de Kerk zullen wij als heilige bruid Christus tegemoet treden op de hemelse bruiloft.

Bij onze heiliging hoort het vragen van vergeving voor onze zonden. Dit gebeurt in het sacrament van de biecht, zeker wanneer het om zware zonden gaat. In de heilige Vastentijd bereiden wij ons dan ook mede voor op onze verlossing door het afleggen van een goede biecht. Een goede biecht is meestal niet spontaan en zou niet op ons gevoel gebaseerd moeten zijn, maar goed voorbereid door een gewetensonderzoek, dat is gericht op hetgeen wij hebben misdaan. Een goede biecht is kort en helder. Het tijdstip waarop gebiecht kan worden is dagelijks voor de heilige Mis(sen). In de Goede Week wordt ruimere gelegenheid geboden.

In het algemeen is onze kerk op weekdagen geopend wanneer er voldoende mensen (minimaal twee) op de pastorie aanwezig zijn om de veiligheid te garanderen. Af en toe is de kerk gesloten op tijdstippen dat zij eigenlijk geopend zou moeten zijn. Dat komt dan door de afwezigheid van de priester of een pastoriewacht. De tijden worden steeds onrustiger en de criminaliteit stijgt. Daarom is deze maatregel noodzakelijk, niet alleen voor de veiligheid van personen, maar ook voor de veiligheid van het gebouw en in het bijzonder van het heilig Sacrament. Indien u het ongemak van een gesloten kerkdeur hebt meegemaakt, dan weet u nu waardoor dat soms voorkomt.

Wilt u biechten op een ander tijdstip dan voor of na de H. Mis, dan dient u vooraf altijd telefonisch contact op te nemen met de pastorie. Doet u dit alstublieft niet op de dag waarop u wilt gaan biechten, maar enkele dagen eerder, anders bestaat de kans dat de priester reeds andere afspraken heeft. Ik schrijf dit niet om u te ontmoedigen, maar omdat ik bemerk dat er een zekere discipline ontbreekt in de wijze waarop velen om pastorale bijstand vragen. Wanneer de priester voortdurend moet ingaan op toevallige aanvragen, dan wordt het maken van afspraken onmogelijk gemaakt. Dat frustreert niet alleen de priester maar doet ook onrecht aan degenen die wel een afspraak hebben gemaakt. Uitwendige discipline is altijd een noodzakelijke ondersteuning van de inwendige discipline, die geldt als natuurlijk fundament van het bovennatuurlijke leven.

Ik wens u een zegenrijke Vastentijd toe.

Met mijn priesterlijke zegen,

Pater M. Kromann Knudsen FSSP, pastoor

2 maart 2015

Informatiebulletin voor de maand maart is verschenen

Het Informatiebulletin van de Sint-Jozefparochie bij de Agneskerk voor de maand maart is verschenen. Daarin wordt onder meer aandacht besteed aan de Vastentijd, een goede biecht, de Vastenactie, en aan de lezing van de Sint-Nicolaasacademie.

Het bulletin is op deze site te vinden onder het tabblad 'Informatiebulletin maart'. Ook bestaat de mogelijkheid om het blad elke maand gratis en in kleur per e-mail (klik hier) te ontvangen.

1 maart 2015

Tweede zondag van de Vasten

Epistel
1 Tess. 4, 1-7
Broeders, gij hebt van ons geleerd, hoe gij u moet gedragen en aan God welgevallig zijn; wij bidden u daarom en bezweren u bij de Heer Jezus uw levenswandel zo ook in te richten, om zodoende nog meer vooruit te gaan. Gij kent immers de geboden, die ik u gegeven heb namens de Heer Jezus. Dit toch is de wil van God: dat gij heilig wordt; gij moet u onthouden van onkuisheid; onder u moet ieder zich een vrouw weten te verwerven in heiligheid en ere, niet in hartstocht en begeerlijkheid, zoals de heidenen, die God niet kennen. Laat niemand zich te buiten gaan en in deze zaak de rechten schenden van zijn broeder. Immers de Heer zal dit alles wreken, zoals wij u vroeger reeds gezegd en verzekerd hebben. God immers heeft ons niet geroepen tot onreinheid, maar om heilig te worden, in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie
Mt. 17, 1-9
In die tijd nam Jezus Petrus, Jacobus en diens broeder Johannes met Zich mee, en bracht hen op een hoge berg, waar zij alleen waren. En Hij werd voor hun ogen van gedaante veranderd. Zijn aangezicht straalde als de zon, en Zijn klederen werden wit als sneeuw. En opeens verschenen hun Mozes en Elias, die met Hem spraken. Petrus nu nam het woord en zei tot Jezus: Heer, het is ons goed hier te zijn! Als Gij wilt, laten wij hier dan drie tenten bouwen: één voor U, één voor Mozes en één voor Elias. Terwijl hij nog sprak, overschaduwde hen op eenmaal een lichtende wolk; en plotseling klonk er uit de wolk een stem, die sprak: Deze is Mijn veelgeliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb; luistert naar Hem! Toen de leerlingen dit hoorden, vielen zij op hun aangezicht neer en werden zeer bevreesd. Maar Jezus kwam naar hen toe, raakte hen aan en zei: Staat op, en vreest niet! Toen sloegen zij hun ogen op, en zagen niemand meer dan Jezus alleen. En terwijl zij van de berg afdaalden, gebood Jezus hun: Spreekt met niemand over deze verschijning, voordat de Mensenzoon van de doden is opgestaan.

Overweging
De apostelen konden zich moeilijk verenigen met de gedachte aan het lijden en de dood van de Messias. Door Zijn glorievolle gedaanteverandering gaf Christus hun nogmaals het bewijs van Zijn godheid en een voorafbeelding van Zijn verrijzenis. Om ons aan te zetten tot hernieuwde ijver gedurende deze heilige vastentijd, toont de Kerk ons vandaag eveneens het beeld van de verheerlijkte Christus.

Het Evangelie van de gedaanteverandering des Heren bereikt zijn hoogtepunt in de woorden van de stem van God de Vader uit de wolk: “Deze is Mijn geliefde Zoon in Wie Ik Mijn welbehagen heb, luistert naar Hem.” Vanaf dat moment zal dus de stem van de Zoon weerklinken, en naar Hem moeten wij luisteren. De stem van de hemelse bruidegom is niet verstomd met het heengaan van Jezus van deze aarde; zij klinkt nog steeds door de verkondiging van Zijn heilige katholieke Kerk. Door deze Kerk -- Zijn mystieke Lichaam –- spreekt Hij nog steeds tot ons, en naar Zijn stem moeten wij luisteren.

Het is de stem die spreekt over het kruis en de vreugde van de geest; tegelijkertijd over zelfverloochening en hemelse beloften, over het rijk Gods en de Wil van God, over de liefde voor God en voor alle mensen. Laat het ook gezegd worden: deze hemelse stem is niet de luide stem die de wereld beheerst en die zo gemakkelijk wordt verstaan en zo gewillig begrip en gehoor vindt in onze moderne samenleving, omdat de donkere ondergrond van deze wereldse stem de lagere en onedele lusten van de mens aanspreekt: begeerlijkheid van het vlees en de ogen, rebellie tegen God en Zijn ordening. Achter deze wereldse stem staat degene die zich bij voorkeur hult in de gestalte van de engel van het licht en het gehele orkest van wereld en vlees blijft dirigeren, de satan.

De stem van de hemel is de stem die ons oproept om de wereld en haar lusten achter te laten en de hemelse vreugden reeds nu te beleven door het geloof en de dienst in de heilige Kerk. Het is de stem die ons oproept tot heilige zuiverheid in leven, woord en daad.

Dat is waartoe wij geroepen zijn om te bereiken: door het vasten de ziel te bevrijden van de tirannie van deze wereld, opdat onze ziel in staat is om te luisteren naar de stem vanuit de hemel. Om ons te bevrijden moeten wij de oude mens laten sterven en met haar alle verlangens van de wereld waarmee satan ons gebonden houdt. Wij moeten het hoge hemelse ideaal meer beminnen dan het kortzichtige aardse gevoel van plezier en het leven in het vlees van de oude mens. Weet dat de oude mens reeds veroordeeld is om eeuwig opgesloten te zijn in het hellevuur en dat alleen de nieuwe mens, die leeft door de rechtvaardigheid van de Godmens Jezus Christus, de hemelse vreugde kan binnentreden. Nu is er nog tijd om ons leven om te keren en daardoor deel te krijgen aan de belofte.

25 februari 2015

Quatertemperdagen in de Vasten

Dit jaar vallen de Quatertemperdagen in de Vasten - ter voorbereiding op het Paasfeest - op woensdag 25, vrijdag 27 en zaterdag 28 februari.

Quatertemperdagen komen voor op de liturgische kalender behorende bij het Tridentijns Missaal van 1962, dat wij in de personele parochie bij de Agneskerk volgen. (In 2005 hebben de bisschoppen van Nederland deze dagen opnieuw vastgesteld voor de gehele Kerkprovincie.) Het zijn dagen van boete, inkeer, gebed, vasten en (gedeeltelijke) onthouding bij de wisseling van de seizoenen of ter voorbereiding op een groot feest, zoals Pasen.

De woensdag en de zaterdag zijn gedeeltelijke onthoudingsdagen, dat wil zeggen dat het gebruik van vlees uitsluitend is toegestaan tijdens de hoofdmaaltijd. De vrijdag is sowieso een volledige onthoudingsdag, zoals alle vrijdagen in het jaar, met uitzondering van kerkelijke feestdagen.

Regelmatig vasten is een oude christelijke traditie. Het gaat erom onze geest te onthechten aan het aardse en te richten op de Heer, onze God. Vasten wapent ons bovendien tegen allerlei grote en kleine bekoringen waaraan we dagelijks zijn blootgesteld.

22 februari 2015

Nieuwe dirigent


Op zaterdag 21 februari 2015 bereikte een van onze oudste parochianen, mevrouw H.A.W. de Rijk-van der Moolen, de gezegende leeftijd van 90 jaar. Na een heilige Mis in onze kerk, die op deze dag tot haar intentie werd opgedragen, was er een gezellig samenzijn in de pastorie, waarbij de taart niet mocht ontbreken. Als moeder van acht kinderen weet ze als geen ander dat je zelf de regie moet houden om in het goede ritme te blijven...

Met dank aan de koster voor het maken van de video.

Eerste zondag van de Vasten

Christus (midden) stuurt de duivel (rechts) weg.

Epistel
2 Kor. 6, 1-10
Broeders, wij vermanen u te zorgen, dat gij Gods genade niet ontvangt zonder vrucht. Want er staat geschreven: "Op de tijd, die Mij behaagt, ga Ik u verhoren, en op de dag des heils, kom Ik u helpen." Zie, thans is het de tijd, die Hem behaagt, nu is het de dag van het heil. En aan niemand geven wij ook maar de minste aanstoot, opdat er geen smet geworpen worde op ons ambt; maar wij willen ons in alles tonen als dienaren van God, door veel geduld, in wederwaardigheden en noden en moeilijkheden, in geselslagen en gevangenschap en volksoploop, in zwoegen en waken en vasten; door reinheid en kennis - door lankmoedigheid en goedheid; door de Heilige Geest, door ongeveinsde liefde, door prediking van waarheid en door kracht van God; met de wapenen der gerechtigheid in rechter- en linkerhand; onder eer en smaad, - onder kwade of goede naam; als bedriegers, en toch waarachtig, - als onbekend, en toch welbekend; als bijna dood, en zie, wij leven; als geslagen en toch niet gedood; als bedroefde mensen, maar toch altijd blij; als arm, en toch maken wij velen rijk; als mensen, die niets hebben, en toch alles bezitten.

Evangelie
Mt. 4, 1-11
In die tijd werd Jezus door de Geest naar de woestijn gevoerd, om door de duivel bekoord te worden. En na veertig dagen en veertig nachten gevast te hebben, gevoelde Hij tenslotte honger. Toen kwam de bekoorder tot Hem en zei: Als Gij de Zoon van God zijt, zeg dan, dat deze stenen brood worden. Doch Hij gaf ten antwoord: Er staat geschreven: "De mens leeft niet van brood alleen, maar van ieder woord, dat voortkomt uit de mond van God!" Toen nam de duivel Hem mee naar de heilige stad, en plaatste Hem boven op de tinne van de tempel, en sprak tot Hem: Als Gij de Zoon van God zijt, werp U dan naar beneden; er staat immers geschreven: "Hij heeft over U bevelen gegeven aan Zijn engelen; en zij zullen U op de handen dragen, opdat Gij Uw voet niet zoudt stoten aan een steen." Maar Jezus zei tot hem: Oók staat er geschreven: "Gij zult de Heer, uw God, niet op de proef stellen!" Nogmaals nam de duivel Hem mee, naar een zeer hoge berg, en toonde Hem alle koninkrijken der wereld met hun heerlijkheid, en zei tot Hem: Dit alles zal ik U geven, als Gij neervalt en mij aanbidt. Toen sprak Jezus tot hem: Ga weg, Satan! Want er staat geschreven: "De Heer, uw God, zult gij aanbidden en Hem alleen dienen!" Toen ging de duivel van Hem weg, en er kwamen engelen, die Hem dienden.

Overweging
Aan het begin van Zijn openbare leven bracht Jezus veertig dagen door in de woestijn. Daar werd Hij bekoord door de duivel. Het nadenken over de bekoringen van Jezus in de woestijn is voor ons een uitnodiging om te antwoorden op een fundamentele vraag: wat is nu echt belangrijk in mijn leven? In de eerste bekoring doet de duivel aan Jezus het aanbod een steen in brood te veranderen om Zijn honger te stillen. Jezus antwoordt dat de mens van brood leeft, maar niet alleen van brood: Zonder een antwoord op de honger naar waarheid, de honger naar God, kan de mens niet gered worden.

In de tweede bekoring voert de duivel Jezus omhoog en biedt Hem de heerschappij over de wereld aan. Maar dat is niet de weg van God: Jezus is Zich volkomen bewust dat het niet de wereldse macht is die de wereld zal redden, maar de macht van het kruis, van de deemoed, van de liefde.

In de derde bekoring suggereert de duivel dat Jezus Zich van de bovenbouw van een tempelpoort naar beneden zou werpen, om dan door God gered te worden; dat wil zeggen, doe iets sensationeels om God Zelf op de proef te stellen; maar het antwoord is dat God geen object is om onze voorwaarden aan op te leggen: Hij is de Heer van het al.

Wat is nu de kern van de drie bekoringen waaraan Jezus werd blootgesteld? Het is het voorstel om God te instrumentaliseren, Hem te gebruiken voor de eigen interesses, de eigen glorie en het eigen succes. In wezen gaat het om zichzelf te stellen op de plaats van God, om Hem verwijderen uit Zijn Eigen bestaan en Hem daardoor overbodig te laten lijken. Iedereen dient zich dus af te vragen: welke plaats heeft God in mijn leven? En is Hij de Heer of ben ik dat?

Overwin de bekoring God te willen onderwerpen aan de eigen interesses en bekeer u tot de juiste orde door God de eerste plaats te geven; het is een weg die iedere christen steeds opnieuw dient te gaan. De uitnodiging tot bekering betekent: Jezus volgen en wel zo dat ons leven concreet wordt geleid door Zijn Evangelie; het betekent ons door God te laten veranderen; het betekent onszelf niet meer te zien als enige bouwer van het eigen bestaan; het betekent het feit te erkennen dat wij van God en van Zijn liefde afhankelijke schepsels zijn en dat wij alleen ons leven kunnen winnen door het in Hem te verliezen.

Dit vraagt om keuzen in het licht van het Woord van God. Vandaag de dag kan men niet langer christen zijn door deel uit te maken van een maatschappij die christelijke wortels heeft: Ook wie in een christelijk gezin is geboren en religieus werd opgevoed, dient de beslissing om christen te zijn dag na dag te hernieuwen. Dat betekent aan God de eerste plaats geven, ondanks alle bekoringen die gesuggereerd worden door een geseculariseerde cultuur, door de kritiek van veel tijdgenoten.

In feite staat de christen in de huidige maatschappij bloot aan vele beproevingen, die het persoonlijke en sociale leven raken. Het is niet gemakkelijk trouw te zijn aan het christelijk huwelijk; de barmhartigheid te praktiseren in het dagelijkse leven; ruimte te maken voor gebed en innerlijke stilte. Het is niet gemakkelijk openlijk keuzes af te wijzen, die velen voor lief nemen, zoals abortus bij ongewenste zwangerschap, euthanasie bij zware ziekte, of selectie van embryo's ter voorkoming van erfelijke ziektes. De bekoring het eigen geloof opzij te zetten is steeds aanwezig en bekering wordt dan een antwoord van het ik op God, dat in iemands leven verschillende keren bevestigd moet worden.

In deze Vastentijd hernieuwen wij onze verbondenheid met de weg van bekering. We kunnen zeggen dat de keuze tussen het opsluiten in ons egoïsme en het geopend zijn voor de liefde tot God, overeenkomt met de keuze waarvoor Jezus Zich gesteld ziet: de keuze tussen de menselijke macht en de liefde van het kruis; tussen een uitsluitend in het materiële welzijn geziene verlossing en een verlossing die volbracht wordt door het werk van God, aan Wie wij het primaat geven in ons bestaan. Zich bekeren betekent ervoor zorgen dat elke dag de waarheid, het geloof in God en de goddelijke liefde het belangrijkste zijn.

Paus Benedictus XVI
tijdens de algemene audiëntie op Aswoensdag 13 februari 2013

20 februari 2015

Programma Sint-Nicolaasacademie op zaterdag 21 februari 2015

Zaterdag 21 februari zal mevrouw Machteld Allen, historica, arabiste en docente Rechtsfilosofie te Leiden, een lezing houden over het natuurrecht aan de hand van Thomas van Aquino. De lezing begint rond 11.00 uur in de grote zaal van de pastorie. Voorafgaand wordt er in de kerk om 10.00 uur een gelezen H. Mis opgedragen.

Zie: De website van de academie.

18 februari 2015

Deelgenoten aan Zijn vasten

Jezus heeft er velen die
Zijn hemels rijk liefhebben,
maar weinigen die
Zijn kruis dragen.

Hij heeft er velen die
verlangend zijn naar troost,
maar weinigen die
de beproeving wensen.

Hij vindt er heel wat die
Zijn tafel delen,
maar weinig
deelgenoten aan Zijn vasten.

Thomas a Kempis

15 februari 2015

Zondag Quinquagesima

Epistel
1 Kor. 13, 1-13
Broeders, al spreek ik ook de talen van de mensen en de engelen, maar ik zou de liefde missen, dan ben ik als schallend koper of als een schetterend bekken. En al heb ik ook profetengave, en al ken ik alle geheimen en alle wetenschap, zelfs al heb ik een volmaakt geloof, zodat ik bergen kan verzetten, maar ik zou de liefde missen, dan ben ik niets. En al deel ik mijn gehele vermogen uit tot voedsel voor de armen, el al geef ik mijn lichaam prijs om te worden verbrand, maar ik zou de liefde missen, dan baat het mij niets. De liefde is lankmoedig, - zij is goedig, - de liefde is niet afgunstig; de liefde handelt niet onbehoorlijk, - zij is niet verwaand, - zij is niet eerzuchtig; zij zoekt niet zichzelf, - zij wordt niet verbitterd, - het kwaad blijft zij niet indachtig; zij is niet verheugd over de ongerechtigheid, maar zij verblijdt zich met de waarheid; alles verdraagt zij; alles gelooft zij; - alles hoopt zij; alles verduurt zij. De liefde vergaat nooit, al zullen profetengaven ook verdwijnen, al zullen talen ook verstommen, al zal de kennis ook te niet gaan. Want onvolmaakt slechts is ons kennen, en onvolmaakt slechts is ons profetere; als echter het volmaakte komt, dan zal wat onvolmaakt is, zonder meer verdwijnen. Toen ik nog kind was, sprak ik als een kind, dacht ik als een kind, redeneerde ik als een kind; maar nu ik man geworden ben, heb ik aan het kinderlijke een eind gemaakt. Nu zien wij in een spiegel, vaag als in een raadsel; dan echter van aangezicht tot Aangezicht. Nu ken ik slechts onvolmaakt; dan echter zal ik volledig kennen, zoals ik zelf gekend werd. Nu blijven nog: geloof, hoop en liefde, deze drie; de grootste echter van deze is de liefde.

Evangelie
Lc. 18, 31-43
In die tijd nam Jezus de Twaalf afzonderlijk bij Zich, en zei hun: Zie, wij gaan op naar Jeruzalem en alles zal vervuld worden, wat door de profeten over de Mensenzoon geschreven is; want Hij zal worden overgeleverd aan de heidenen, en Hij zal worden bespot, mishandeld en bespuwd; en zij zullen Hem geselen en doden; - maar op de derde dag zal Hij verrijzen. Doch zij begrepen er niets van; dat woord was voor hen duister, en zij verstonden niet, wat er gezegd werd. Toen Hij nu Jericho naderde, zat er een blinde aan de weg te bedelen. Deze hoorde de menigte voorbij gaan, en vroeg, wat er te doen was. En men zeide hem: Jezus van Nazareth komt voorbij. Toen begon hij te roepen: Jezus, Zoon van David, ontferm U mijner! De mensen echter, die vooraan liepen, gaven hem dreigend te verstaan, dat hij moest zwijgen. Maar hij riep nog veel harder: Zoon van David, ontferm U mijner! Toen bleef Jezus staan, en liet hem bij Zich brengen. En toen hij bij Hem gekomen was, stelde Hij hem de vraag: Wat wilt gij, dat Ik voor u zal doen? En hij antwoordde: Heer, dat ik toch moge zien! Toen zeide Jezus hem: Word ziende! Uw geloof heeft u redding gebracht. En terstond kon hij zien, en hij volgde Hem, terwijl hij God verheerlijkte. En toen het volk dit zag, brachten zij allen lof aan God.

Overweging
Op de laatste zondag voor de Vasten brengt de Kerk ons, met de woorden van Jezus Zelf, in herinnering wat wij in deze tijd gaan herdenken: Zijn heilig lijden, dood en verrijzenis.

De apostelen wisten heel goed wat Jezus zei. Het was trouwens niet de eerste keer dat Hij over Zijn aanstaande lijden had gesproken. Maar zij hebben het niet begrepen. Drie keer herhaalt de heilige Lucas dat zij ontoegankelijk waren voor het begrip van Jezus’ lijden. “Zij begrepen er niets van… dat woord was voor hen duister… en zij verstonden niet wat er werd gezegd.” Zij konden het niet inpassen in hun denken. Vol van hun eigen idealen en vervuld van wereldse verlangens droomden zij van een nieuw Israël en van de eerste plaatsen die zij daarin zouden innemen.

Het is niet zonder reden dat de evangelist onmiddellijk op de lijdensvoorspelling de genezing van de blinde van Jericho beschrijft. Het gold als nog een ander teken voor de apostelen, namelijk dat Christus de Heer is en blijft, ondanks Zijn toekomstig lijden. Maar zij waren geestelijk nog blind en hun geloof was te zwak om dat alles te begrijpen. De blinde die uit geloof om genezing bad, werd genezen en kon zien. De apostelen waren zo ver nog niet.

Het is niet zo gemakkelijk om het lijden te waarderen, vooral niet ons eigen lijden. Het is zelfs niet eenvoudig besef te hebben van wat Jezus' lijden voor ons betekent. Hier moet Gods genade werken; hier is een bijzonder licht nodig, het licht van de Heilige Geest. Het is opvallend dat de apostelen na de neerdaling van de Heilige Geest ook in dit opzicht zijn veranderd. Met het Licht van boven begrepen zij alles.

Wij zijn zo gemakkelijk blind voor het mysterie van het lijden; wij zijn verblind en soms willen wij niet zien en niet begrijpen. Als het lijden ons treft in datgene wat ons het meest dierbaar is, als het ons raakt in ons diepste wezen, dan is het zo moeilijk daarin de hand van de Heer te zien. Dan komen er vele vragen: Waarom bestaat het lijden eigenlijk? Waarom treft het mij? Waar blijft God met Zijn vaderlijke voorzienigheid? De wereld tracht ons tot wantrouwen te brengen, tot twijfel, tot ongeloof zelfs. Voor de wereld heeft het lijden geen betekenis en geen waarde; het is zinloos. Maar niet voor een christen. Niet voor iemand die in de voetsporen van Christus wil stappen. En daartoe zijn wij allen, als gedoopten, geroepen. Wij zijn vanaf ons doopsel met het teken van het kruis bestempeld. Wij worden door Zijn lijden en Zijn kruis gered. Wij moeten er ook deel aan hebben. Er is geen verlossing zonder kruis, geen verlossing zonder lijden. Wij weten pas hoe moeilijk het is de gekruisigde Christus te volgen als het lijden aan onze deur klopt. Het aanvaarden, opofferen en beleven van dat lijden is ons christelijk lot; dat is onze christelijke roeping. Maar omdat wij zo vaak blind zijn, moeten wij herhaaldelijk tot Christus roepen en Hem vragen om het diep-inwendige licht van de Heilige Geest. In dat Licht mogen wij zien en begrijpen wat Zijn heilig lijden betekent voor mij, voor de Kerk en voor de wereld. Dat moeten wij ontdekken of herontdekken tijdens de komende Vasten.

13 februari 2015

13/14 februari 1945: Bombardement op Dresden

In het laatste oorlogsjaar 1945 werd in twee nachtelijke luchtaanvallen de Duitse stad Dresden door de geallieerden vernietigd. De mensen in de stad waren volledig onvoorbereid op de bombardementen, want het betrof geen militair doel. Er waren op dat moment zo'n 700.000 vluchtelingen in de stad aanwezig. De afgeworpen brandbommen waren zeer explosief. Circa 300.000 burgers kwamen in die twee nachten op gruwelijke wijze in de vlammen om het leven. Op 15 februari werden overlevenden van deze inferno vanuit laagvliegende vliegtuigen op de oevers van de rivier de Elbe doodgeschoten. De slachtoffers waren vrouwen en kinderen, ouderen en verpleegsters, brandweerlieden en artsen, allen gewone burgers. Bidden we ook voor hun zielenrust.

Het betreft hier een van de grootste barbaarse massamoorden in de Tweede Wereldoorlog, waarvan we dit jaar herdenken dat deze 70 jaar geleden werd beëindigd.